
27 minute read
Nieuws uit de wereldkerk
2 ADVENTISTEN HERKOZEN/ AMERIKAANSE CONGRES
Bij de Amerikaanse verkiezingen werd niet alleen de nieuwe president gekozen, maar stonden ook de namen van een deel van de leden van het Congres op de stembiljetten. De twee adventistische congresleden die al langer deel uitmaakten van de
Advertisement
Amerikaanse volksvertegenwoordiging werden beiden herkozen.
Sheila Jackson Lee zit al sinds 1995 in het Congres en vertegenwoordigt een district in Texas. Ze studeerde rechten en werkte een aantal jaren als rechter, voordat zij de politiek in ging. Dr. Raul Ruiz, evenals Mrs. Lee van Afro-Amerikaanse afkomst, zit in het Congres namens een district in Zuid-Californië, niet ver van Loma Linda.
Hij werd in 2012 voor het eerst in die functie gekozen en werd nu herkozen met 59 procent van de stemmen. Dr. Ruiz heeft een medische achtergrond. Beiden zijn lid van de Democratische partij.
ADVENTISTISCHE MARTELAARS/ VOORMALIGE SOVJET-UNIE
Dr. Daniel Heinz, hoofd van het archief voor de adventgeschiedenis aan de adventistische Friedensau Universiteit in Duitsland, onderzoekt al jaren het lot van onderdrukte en vervolgde adventistische kerkleden in de voormalige Sovjet-Unie. Hij doet dit samen met
Russisch sprekende afgestudeerde studenten,
Het onderzoeksteam in Friedensau probeert de adventistische slachtoffers van de Goelag te identificeren door de oude ledenlijsten van plaatselijke Sovjet-gemeenten in het hele land te vergelijken met gegevens in de archieven die nu toegankelijk zijn.
Uit het onderzoek blijkt dat meer dan 4000 adventisten destijds door onderdrukking en vervolging het leven hebben verloren. Dit aantal is ongeveer een derde van het totale aantal kerkleden in de voormalige Sovjet-Unie. EEN NIEUWE START/ PRIŠTINA (KOSOVO)
De 250.000 inwoners tellende stad Priština in Kosovo heeft een uitzonderlijk jonge bevolking van gemiddeld 25 jaar. De meeste inwoners zijn Albanezen.
Te midden van de hoofdzakelijk islamitische bevolking probeert de christelijke minderheid niet al te veel op de voorgrond te treden.
De leden van de plaatselijke gemeente hebben echter, met steun van de divisie, besloten om hun gebouw een nieuwe rol te geven. Het strategisch in het centrum gelegen gebouw wordt een Urban Centre of Influence (UCI). De financiering wordt verzorgd door de unie en divisie waartoe Kosovo behoort. Een belangrijk aspect van het plan is de deelneming van de
Adventist Frontier Missions organisatie, die een zendelingenechtpaar vanuit Brazilië in Kosovo heeft geplaatst.
Met het oog op de jonge bevolking van
Priština omvat het plan de oprichting van een kinderdagverblijf, Engelse taallessen, gezondheidsvoorlichting en bijbelstudiegroepen. Het uiteindelijke doel is een aantal adventgemeenten te stichten in en rondom Priština.
2000 KERKEN/INDIA
In 1998 benaderde ds. Ron Watts, de toenmalig voorzitter van de Adventkerk in India, de leider van Maranatha Volunteers met een verzoek dat nogal onrealistisch leek. Hij vertelde dat hij binnen enkele jaren een miljoen nieuwe leden aan de kerk in India wilde toevoegen en dat daarvoor zo’n 10.000 nieuwe kerkgebouwen nodig zouden zijn. Tweeëntwintig jaar later is Maranatha Volunteers nog steeds intensief bij de groei van de kerk in India betrokken. Inmiddels is het ledental met meer dan een miljoen gegroeid en heeft Maranatha Volunteers het tweeduizendste kerkgebouw voltooid.
De Maranatha Volunteers zijn een onafhankelijke organisatie die sinds 1969 met een groot aantal vrijwilligers de kerk in tachtig landen in de zich ontwikkelende wereld heeft geholpen met de bouw van kerken en scholen.
Tekst/Reinder Bruinsma
ADRA-WERKERS ONTVOERD/ WEER VRIJGELATEN
Twee hulpverleners van ADRA en een andere persoon keerden terug uit het vluchtelingenkamp Mulongwe in het oosten van de provincie Zuid-Kivu van de Democratische Republiek Congo nadat ze waren ontvoerd en tegen hun wil werden vastgehouden. De chauffeur van de groep was de vierde ontvoerde persoon, maar hij werd kort daarna vrijgelaten. ADRA werkte nauw samen met de lokale autoriteiten om met de ontvoerders te communiceren en bleef in contact met familieleden. Na vier dagen werden alle drie overgebleven gijzelaars ongedeerd vrijgelaten. Het komt regelmatig voor dat hulpverleners worden ontvoerd. In 2009 kwam daarbij een medewerker van ADRA om het leven. ADRA is sinds het midden van de jaren negentig actief in Congo en verleent door middel van diverse programma’s steun aan terugkerende vluchtelingen. ADRA speelde eerder een belangrijke rol bij het minimaliseren van de verspreiding van Ebola.
UIT DE WERELDKERK/NIEUWS
NIEUWE OPZET/ NEWBOLD COLLEGE
OOp 1 oktober maakte de Trans-Europese Divisie van de Adventkerk bekend dat Newbold College—het instituut voor hoger onderwijs voor deze divisie waartoe ook de Nederlandse kerk behoort— ingrijpend zal worden gereorganiseerd.
Newbold zal zich in de toekomst uitsluitend gaan richten op de opleiding van predikanten en het aanbod van theologische cursussen.
Newbold gaat stoppen met de afdelingen voor Engels en Business en een aantal andere studieprogramma’s. Inmiddels zijn de details voor deze veranderingen nader ingevuld en van een tijdpad voorzien. De ingeschreven studenten voor de afdelingen die worden opgeheven, zullen geen nadeel ondervinden.
Zij kunnen overstappen naar andere instellingen waarmee een overeenkomst is gesloten.
Newbold bepaalt op korte termijn welk deel van de campus en van de gebouwen in de nieuwe opzet nodig zal zijn en welke bestemming het overige deel van de campus en van de gebouwen zal krijgen. Al vele jaren kampt Newbold College met ernstige financiële problemen en waren zeer substantiële subsidies van de divisie nodig. De problemen werden dit jaar nog acuter door de coronacrisis. De divisie vindt het echter van groot belang dat het College haar kerntaak blijft vervullen, namelijk het opleiden van predikanten, evangelisten en ander kerkelijk personeel voor de twaalf unies die onder de zorg van de divisie vallen. De toekomstplannen zijn gebaseerd op 80-100 studenten die deels op de campus en deels online zullen studeren.


RELEVANT/KERST
Pogorel ova O lg a / S hu t ters toc k. com
KERST De nabijheid van God
Wat hebben we het gemist en wat missen we het nog steeds! Elkaars nabijheid. Familie, vrienden, geloofsgenoten. Alles in ons verzet zich tegen een anderhalve-meter-samenleving. De mens is een sociaal wezen en heeft dus van nature moeite met social distancing. Het was overigens binnen jonge gezinnen aan het begin van de lockdown juist weer vaak te vol in huis. Keukentafels die werden gedeeld door thuiswerkende ouders en/of schoolgaande of studerende kinderen met soms vier of meer laptops op tafel. Zappend en zoomend op zoek. Dat leverde soms ongemakkelijke situaties op. Zeker in woningen met beperkte leefruimte.
Lockdown met mooi uitzicht Een voordeel van de lockdown voor mijzelf was dat ik alle gelegenheid had om vanaf mijn nieuwe woonplek aan de IJssel in Kampen mijn omgeving waar te nemen. Ik zag en zie er met enige regelmaat binnenvaartschepen passeren met prachtige religieuze namen: Soli deo gloria (Alleen aan God de eer), Deo gratias (God zij dank) of Deo volente (Zo God het wil). De schippers of reders van deze schepen komen veelal uit de bijbelgordel van Nederland en willen blijkbaar onderstrepen Tekst/Henk Koning
dat God een belangrijke rol speelt in hun werk en leven. Daarin ligt natuurlijk ook een wens om Gods nabijheid te ervaren in het dagelijks bestaan.
Wandelen
Voor de allereerste mensen was Gods nabijheid zo vanzelfsprekend en duidelijk dat er sprake was van een heel intense en directe omgang tussen God en de mens. God sprak met de eerste mensen, gaf hun instructies over het beheer en onderhoud van de aarde en over hun dieet en leefomgeving. Deze God-mensrelatie was zo close dat deze wordt omschreven als ‘wandelen’ (Genesis 3:8). Hoewel er door de zondeval een diepe breuk ontstond tussen God en de mens, kwam het ook daarna voor dat er mensen waren die zo’n innige vertrouwensband hadden met God dat ook deze werd omschreven als ‘wandelen’. Zowel van Henoch als van Noach wordt dat gezegd (Genesis 5:24 en 6:9). De Nieuwe Bijbelvertaling geeft het zo weer: dat zij leven ‘in nauwe verbondenheid met God’.
KERST/RELEVANT

Veelkleurige tent en veelzeggend schort
Veel later in de tijd werd de verbondenheid van God met zijn volk zichtbaar door een veelkleurige tent, de tabernakel, die als religieus centrum diende voor het volk Israël. God beloofde via Mozes: ‘Ik zal te midden van de
Israëlieten wonen, en Ik zal hun
God zijn’ (Exodus 29:45, vet toegevoegd). Het boek Exodus beschrijft op uitvoerige wijze het heiligdom: de ark, de tafel met broden, de lampenstandaard, allerlei soorten
offers. Ook de outfit van de priesters en met name de hogepriester, wordt zeer gedetailleerd weergegeven (zie Exodus 28). Het meest bijzondere en heiligste deel van het priestertenue is de priesterschort of de efod. De efod paste rond het bovenlichaam. Dit kleurrijke kledingstuk met schitterende edelstenen was een mooie illustratie van de veelkleurigheid van Gods volk. Op de schouder van de hogepriester zat aan beide kanten een onyxsteen. Op elke steen stonden zes namen van de twaalf stammen van Israël. De hogepriester als vertegenwoordiger van God droeg de twaalf stammen van Israël. Met andere woorden God draagt zijn volk. De IK BEN draagt en ondersteunt zijn volk.
RELEVANT/KERST
Nog indrukwekkender was de voorkant van de efod: een soort tas met daarop twaalf verschillende edelstenen opgebracht in prachtige kleuren. Op elk van deze stenen stond de naam van een van de twaalf stammen van Israël. Deze twaalf edelstenen vertegenwoordigden het hele volk Israël. Alle twaalf stammen. Ze laten de waarde zien van de mens door de ogen van de hemelse Vader. God beschouwt zijn kinderen als kostbare edelstenen in zijn hemelse bijouteriedoos (vergelijk Maleachi 3:17).
Gedragen op het hart van God
Aäron, de broer van Mozes, droeg de namen van de twaalf stammen niet alleen op zijn schouders, maar ook op de borstplaat van zijn efod. Daarover lezen we in Exodus 28:28-30:
‘Haal een blauwpurperen koord door de ringen van de borsttas en door die van de priesterschort en bind de tas daarmee stevig op de band van de priesterschort vast zodat hij niet kan verschuiven. Zo draagt Aaron telkens als hij het heiligdom binnengaat, de namen van Israëls zonen op zijn hart, op de borsttas voor de orakelstenen, om de HEER steeds opnieuw aan hen te herinneren’. Wat een schitterende symboliek! Elke keerals Aäron als hogepriester dienst deed in het heiligdom droeg hij als vertegenwoordiger van God de namen van de twaalf stammen op zijn hart. Natuurlijk hoefde God niet herinnerd te worden aan wie zijn kinderen zijn. God lijdt niet aan geheugenverlies. Zijn kennis, wijsheid en inzicht zijn boven alle twijfel verheven. Maar in deze priesterlijke outfit ligt eenrijke gedachte: God draagt ons. Hij draagt ons op zijn schouders. Hij draagt ons op zijn hart. Dat wil zeggen dat God heel dichtbij wil zijn. God kent geen social distancing. Hij blijft niet op afstand.
Nabij in zijn Zoon
God kwam niet alleen naderbij in profeten en de hogepriester. Hij sprak niet alleen via zieners en koningen, maar Hij sprak uiteindelijk door zijn Zoon. (Hebreeën 1:1-2). Eeuwenlang hebben vele Joodse moeders de wens gekoesterd de (draag)moeder te mogen zijn van de beloofde Messias. In de Messias zou God weer nabij zijn. Natuurlijk was de symboliek van de hogepriester met zijn kleurrijke efod indrukwekkend. Ook waren getuigenissen van zieners en profeten rijk en veelbelovend. Door veel tekenen en wonderen in de tijd van Elia en Elisa had God zijn zorg en aanwezigheid, zijn liefde en barmhartigheid overtuigend laten zien. Maar alleen als Maria haar zoon ter wereld heeft gebracht wordt hem de naam Immanuël: God met ons gegeven. In dit jonge mensenkind is God naderbij gekomen. God met ons!
Het Koninkrijk van de hemel nabij
Die eeuwenlange verwachting speelde ook een grote rol in de verkondiging van Jezus’ voorloper, de profeet Joahannes de Doper. Als hij in de woestijn


van Judea zijn indrukwekkende getuigenis begint, roept hij zijn luisteraars op met: ‘Kom tot inkeer, want het koninkrijk van de hemel is nabij!’ (Matteüs 3:1-2). Als enige tijd hierna Johannes gevangen wordt gezet, begint Jezus met zijn prediking. Hij herhaalt exact de woorden van zijn neef Johannes: ‘Kom tot inkeer, want het koninkrijk van de hemel is nabij!’ (Matteüs 4:17). Als weer later Jezus zijn twaalf leerlingen de wereld inzendt, klinkt opnieuw de oproep: ‘Het koninkrijk van de hemel is nabij!’ (Matteüs 10:7b). In Jezus van Nazaret is het koninkrijk van God naderbij gekomen. Het kind van Betlehem vertegenwoordigt niet alleen de hemel, maar Hij brengt de hemel, ja God zelf, naderbij. Eeuwenlang is dit mysterie van de geboorte van de Messias bezongen, uitgebeeld en onder woorden gebracht. De evangelist Matteüs laat zien hoe dichtbij de hemelse Koning gekomen is: Hij raakt mensen aan die Hij geneest (8:15; 9:29; 17:7), Hij eet bij Matteüs thuis met talloze zondaars en tollenaars (9:10. Hij reist stad en land af om mensen op te zoeken, te onderrichten en gezond te maken (9:35) en is oprecht en intens bewogen om hun zorgen en hulpeloosheid (9:3638). In verhalen en parabels laat Hij doorklinken dat in Jezus van Nazaret het koninkrijk van God bij de mens gekomen is.
Kerst 2020 - nabij God en anderen
Daar mag het met Kerst 2020 om gaan: de nabijheid van God. De coronapandemie is niet alleen een risico voor onze fysieke, sociale en mentale gezondheid en een enorme aanslag op onze economische welvaart, maar het heeft ook geleid tot een eenzaamheidsvirus. Zoals een eenzame single in Overvecht het in het begin van de lockdown verwoordde: ‘Ik heb geen hond, geen kat, zelfs geen goudvis.’ Meer dan de helft van

Alex and Maria photo/Shutterstock.com
KERST/RELEVANT
de Britten boven de 65 jaar zit ‘s avonds alleen met de hond en de televisie! Ondanks de mogelijkheden van appen, zoomen of bellen, zijn er bij velen – bij oud en jong /Laten wij anderen nabij zijn. Vooral diegenen die maar een klein netwerk hebben
– tijdens deze lockdown gevoelens van eenzaamheid. Sommigen lijden daar intens onder. Zij lijden door gebrek aan fysieke contacten aan ‘huidhonger’. De afstand naar de gemiste ander begint pijn te doen: huidpijn of huidhonger. Kerst laat zien dat God gelukkig geen social distancingkent.Hij blijft niet op afstand. Juist door die gebeurtenis in het dorpje Betlehem 2000 jaar geleden liet God zien dat Hij vooral nabij is. Naast ons staat. Met ons meereist. In Jezus en door de Geest. Bij de geboorte van Jezus werd het jonge kind daarom ook aangeduid als Immanuel = God met ons. Daarom is deze kersttijd, ondanks alle coronabeperkingen, een uitgelezen gelegenheid contact te zoeken met familie, vrienden, collega’s, buren en/of geloofsgenoten die je al lang niet meer gezien of gesproken hebt. God is in het kind van Betlehem nabij. Laten wij anderen nabij zijn. Vooral diegenen die maar een klein netwerk hebben. Misschien moeten we wat creatiever zijn dan voorgaande jaren, maar er zijn communicatiemogelijkheden te over. Ook God heeft op velerlei wijzen gesproken (Hebreeën 1:1-2)
Fijne kerstdagen!
DE PREDIKANT/TABITHA CEDENIO
De predikant Tabitha Cedenio
De 42-jarige Tabitha Cedenio is predikant van Heerlen, Eindhoven, online predikant, schrijver en creatief. Ze is Engelse, getrouwd en heeft drie kinderen. Energiek als ze is dwong een burn-out haar te stoppen. Ze vond zichzelf en God terug door journaling. ‘Het kan ook voor anderen werken,’ is haar idee.
Pastor Purple Na haar theologiestudie en zwanger van haar eerste kind bad Tabitha: ‘God, ik wil iets doen voor u, maar wat?’ Ze werd online predikant. God gaf haar de naam Pastor
Purple in. Paars is haar lievelingskleur. Door deze pseudoniem te gebruiken waarborgde ze de privacy van haar gezin. ‘Men merkt op dat mijn telefoon de verlenging is van mijn arm. Het heeft alles te maken met 100 mensen over de hele wereld die rekenen op mijn aandacht, hulp en steun. Ik ben predikant voor de wereld.’ Verandering van carrière
Tabitha studeerde voor en werkte in het bedrijfsleven, maar besteedde altijd de meeste tijd aan de kerk. ‘Ik werkte al jong mee aan kerkelijke activiteiten.’ Door de aanslagen op 9 september 2001 in New York twijfelde ze aan haar baan in het bedrijfsleven. Vijf collega’s werkten toen in een van die torens in New York. ‘We maakten ons zorgen, maar onze baas wilde dat we doorwerkten. Hoe konden we onze collega’s vergeten? Later Tekst/Irene van Valen
bleken ze ongedeerd. Ik besefte dat ik een baan ambieerde waar ik als mens met mensen werkte.’ Tabitha werd leerkracht op HAVO/VWO niveau.
Door God ingegeven
Ze werd afdelingshoofd tot ze het contact tussen de geestelijk verzorger en leerlingen zag. ‘Dat wilde ik, maar niet als predikant. Waar anderen me er zeer geschikt voor vonden, zei ik oeverloos: ‘nee!’. Predikanten waren in mijn ogen oude, saaie mannen. Ik was jong, kleurrijk en vrouw. Ik wilde werken waar onderwijs niet beschikbaar is en ging daarover in gesprek met een mentor.’ Plompverloren vroeg Tabitha: ‘Hoe word ik predikant?’ Ze schrok, want ze stelde die vraag buiten haar wil om. De mentor verwachtte die vraag en gaf alle informatie.
God wilde me
Werken in Nederland was geen optie. ‘Jullie taal is onlogisch en moeilijk. Ik leer gemakkelijk, maar geen talen.’ Toch reageerde ze op een vacature en stuurde haar slechtste sollicitatiebrief ooit. ‘God wilde me toch niet hier hebben, dacht ik. Tot een uitnodiging volgde. Mijn man moest het weekend weg, ik ving de kinderen op. Ik kon niet weg. Tot mijn man onverwacht thuis bleef en iemand een ticket stuurde. ‘God wilde me hier, nu worstel ik met de taal.’
Adventisten zijn raar
Tabitha’s familie was actief in de
Pinkstergemeente maar onderzocht alle geloofsrichtingen behalve de Jehova’s getuigen en zevendedagsadventisten, want die werden gezien als raar. Tabitha nam deel aan bijbelstudies van haar kerk in het gebouw van de adventisten. Een betrokken adventist zag haar leergierigheid en verwees haar naar een predikant. ‘Na ieder antwoord had ik een nieuwe vraag. Het dreef leraren tot wanhoop. Deze predikant begeleidde me tot aan mijn doop. Hij zei: ‘Nooit ontmoette ik iemand met zoveel vragen en zoveel enthousiasme.’ Tabitha’s moeder werd tegelijkertijd gedoopt. ‘Want als jij gedoopt wordt, dan doen we dat samen,’ zei ze. ‘Ik krijg nog steeds de schuld dat ze adventist is.’
TABITHA CEDENIO/DE PREDIKANT
/‘God wilde me hier, nu worstel ik met de taal.’

Burn-out
Hoewel Tabitha energie kreeg van haar activiteiten, volgde een burn-out. ‘Voor het eerst in 40 jaar, moest ik afremmen en was mezelf niet meer. Pas toen ik er niet meer tegen vocht werd ik beter.’ Door hulp en journaling herstelde het contact met God en haarzelf. Sinds de laatste maanden durft ze weer plannen te maken en krijgt weer nieuwe ideeën, waaronder het schrijven van een boek over journaling. ‘Wat mij helpt, kan anderen helpen. Ik wil hoop bieden vanuit mijn ervaring.’
Creatief schrijven
Journaling is op je eigen manier schrijven, tekenen en plakken in een notitieboek. Het is jouw proces en vraagt alleen om je tijd. Door te schrijven wat in je opkomt of aan de hand van vragen maak je connectie met jezelf, God, je beide hersenhelften, je hart en hoofd. ‘Onze creatieve God is daarin met ons bezig. Ik leerde door zijn ogen naar mijzelf te kijken en zag de beste versie van mezelf. Niet de persoon die door de wereld is bezeerd, maar de persoon die Hij schiep.’
Verschillen tussen Nederland en Engeland
Tabitha voelt zich thuis in de gemeenten Eindhoven en Heerlen. Hier leerde ze werk en privé te scheiden. ‘In Engeland liep alles door elkaar. Men leek te geloven dat ik tijd erbij toverde.’ Tabitha mist het zorgeloos praten in haar moedertaal. ‘Niemand kent mijn gevoel van paniek als ik Nederlands spreek. In het Engels ben ik wie ik werkelijk ben.’ Het koffiedrinken gaat hier anders. ‘Had ik net mijn kopje in handen, zag ik mensen al vertrekken. In Engeland bleven mensen eten of zelfs hele zaterdagen in de kerk. Het voordeel is dat mijn gezin weet wanneer we lunchen en dat mama een poosje vrij is.’
De toekomst en onze kerk
Tabitha ziet grote uitdagingen voor de kerk. ‘Mensen kennen de bijbelverhalen niet meer. Juist in de huidige crisis moeten we bedenken hoe we verder willen. Durven we toegeven dat we niet goed bezig waren en de afhankelijkheid van het instituut kerk loslaten? Het gaat om jou, mij en anderen. Om ontmoeting en investeringen in relaties, thuis of in kleine groepen. Zelfs op onverwachte plekken zoals de bibliotheek. Dat is kerk-zijn. Het gaat om mensen opbouwen. Alleen dan kan God hen vrijmaken.’
Irene van Valen-van Hoof is freelance schrijver en lid van de Adventkerk sinds 1985.
GELOOFSPUNTEN/DEEL 20
Ch ri sti na H em s l e y/ S hu tters toc k. com
Weten wat je gelooft

Adventisten hebben 28 geloofspunten afgesproken waar ze samen voor staan. Sommige geloofspunten komen regelmatig aan de orde in de kerk, andere wat minder. Advent bespreekt elke keer een paar geloofspunten. Zodat ze ons weer helder voor de geest staan. En zodat we weten wat we geloven. Dit keer geloofspunt 24: De dienst van Christus in het hemels heiligdom.
donatas1205/Shutterstock.com
Er is een heiligdom in de hemel, de echte tabernakel die is opgericht door de Heer, niet door een mens. Daarin doet Christus dienst voor ons. Zo maakt Hij de resultaten van zijn verzoenend offer, dat eens en voor altijd aan het kruis is gebracht, beschikbaar voor alle gelovigen. Bij zijn hemelvaart werd Hij als onze hooggeplaatste hogepriester ingewijd en begon Hij zijn middelaarswerk. Dit werk is gesymboliseerd door het werk van Tekst/Thijs de Reus
de hogepriester in het heilige van het aardse heiligdom. In 1844, aan het einde van het profetische tijdperk van 2300 dagen, begon Hij aan de tweede en laatste fase van zijn verzoeningswerk, dat werd verbeeld door het werk van de hogepriester in het allerheiligste van het aardse heiligdom. Dit is een werk van onderzoekend oordeel. Het maakt deel uit van de uiteindelijke oplossing voor alle zonde, uitgebeeld in de reiniging van het Hebreeuwse heiligdom uit de oudheid, op de grote verzoendag. In deze symbolische dienst werd het heiligdom gereinigd met bloed van dierenoffers. Maar de hemelse dingen worden gereinigd door het volmaakte offer van het bloed van Christus. Het onderzoekend oordeel openbaart aan de hemelse wezens welke doden in Christus zijn gestorven en daarom, in Hem, waardig zijn deel te hebben aan de eerste opstanding. Het maakt ook duidelijk wie van de levenden trouw blijven aan Christus, door de geboden van God en het geloof van Jezus te bewaren. Door Jezus zijn deze klaar om deel te worden van het eeuwig koninkrijk. Dit oordeel toont de gerechtigheid van God aan door hen die in Christus geloven te redden. Het verklaart dat wie God trouw is gebleven, het koninkrijk zal ontvangen. De voltooiing van dit dienstwerk van Christus luidt het einde in van de genadetijd voor de mens, vlak voor de wederkomst. (Leviticus 16; Numeri 14:34; Ezechiël 4:6; Daniël 7:9-27; 8:1314; 9:24-27; Hebreeën 1:3; 2:16, 17; 4:14-16; 8:1–5; 9:11-28; 10:19-22; Openbaring 8:3-5; 11: 19; 14:6, 7; 20:12; 14:12; 22:11, 12.)
max da llocco /Shutterstoc k. com
DEEL 20/GELOOFSPUNTEN

Wat voorafging
We komen bij de laatste onderwerpen van deze serie over de geloofspunten. We hebben stilgestaan bij de Bijbel als bron van inspiratie en van informatie. We hebben het wezen van God en de mens beschreven en ook de breuk die er door de zonde is ontstaan.
Daarna ging het om het verlossingsplan.
Het belangrijkste deel daarvan is het leven, de dood en de opstanding van Jezus Christus en hoe de mens die redding ervaart. Vervolgens zijn we ingegaan op de gemeente, want daar komen die verlosten met elkaar samen, worden ze gedoopt, vieren ze de maaltijd van de Heer en daarvoor zetten zij hun geestesgaven in. We
Eric Isselee/Shutterstock.com

hebben ook beschreven hoe de leden van de gemeente zich gedragen: trouw aan Gods richtlijnen, vieren de sabbat, zijn trouwe rentmeesters en zij gedragen zich op een godvruchtige manier.
We beginnen aan de laatste vier onderwerpen: Christus in het heiligdom, wederkomst, de opstanding, het 1000-jarig rijk en de nieuwe aarde.
Christus als priester en hogepriester
Het werk van onze Redder heeft kenmerken van het werk van een gewone priester en een hogepriester. In Daniël 8:14 staat dat het heiligdom in ere wordt hersteld. Door de zonde van de mens wordt het heiligdom onteerd en op een symbolische wijze werd dat eenmaal per jaar op grote verzoendag hersteld
Om dat werk van Christus als priester en hogepriester te begrijpen, moeten we ons verdiepen in wat er op grote verzoendag gebeurde en wat er dagelijks in het heiligdom werd gedaan. Dan zien we ook hoe dat in vervulling gaat in Jezus Christus en deel is van het verlossingsplan.
GELOOFSPUNTEN/DEEL 20
Reinigingsoffer/zondoffer
Vooral de rituelen die samenhangen met het reinigingsoffer (de NBG vertaling noemt dat het zondoffer) zijn zeer instructief. Daarbij worden vier groepen offeraars onderscheiden: de priester (Leviticus 4:3), de gehele gemeenschap (4:13), de leider van het volk (4:22) en iemand uit het volk (4:27). Voor de priester wordt de volgende procedure gevolgd: hij biedt een stier aan en legt zijn hand op de kop van het dier om zijn zonden te belijden. Dan wordt de stier geslacht. Het bloed wordt opgevangen en zevenmaal in de richting van het voorhangsel gesprenkeld. Hij doet ook wat bloed aan de horens van het reukofferaltaar. Deze procedure in het heiligdom is het belangrijkste onderdeel. Dat wordt tot tweemaal toe gezegd (4:6-7). God en de priester zijn dan alleen door het voorhangsel van elkaar gescheiden. Want God woont in de allerheiligste plaats tussen de cherubs en boven het verzoendeksel, dat direct achter het voorhangsel staat.
De bedoeling van dit offer is om de zonden voor God te brengen. Een priester kan met zijn zonden alleen naar Hem gaan. Hij kan er niet mee naar een middelaar, want dat is hijzelf. Dat geldt ook voor de zonde van het volk, want dat is tegelijkertijd een zonde van de priester. Ook daarmee kan men alleen direct naar God gaan. /Christus is ons lam dat voor ons als offer aan God wordt gebracht. Wij mogen onze zonden op Hem leggen en Hij gaat daarmee naar God
Datzelfde offer voor een leider en voor iemand anders uit het volk kent echter een iets ander ritueel. Men komt ook met dat offerdier naar het heiligdom, legt de handen op de kop van het dier en draagt zo zijn zonden over. Er wordt echter geen bloed gesprenkeld voor het voorhangsel. Er wordt bloed aan de horens van het brandofferaltaar gestreken. De zonde wordt dus niet in de onmiddellijke tegenwoordigheid van God gebracht. Toch is dat uiteindelijk wel de bedoeling. Alleen wanneer je je zonde voor God brengt, worden ze vergeven. Toch is dit het offer dat het meeste plaatsvond: de gewone Israëliet die zijn zonde belijdt.
Het grote verschil tussen het offer van een gewone Israëliet en een priester is dit: de priester eet een deel van het zondoffer van de gewone Israëliet op (6:25-26). Dat vlees is symbolisch beladen met de ongerechtigheid van de mens voor wie die priester de middelaar was. Een prachtige illustratie van het verzoeningsplan van God. De mens legt zijn zonden op het dier en het dier sterft. Daardoor is de mens met God verzoend en zijn priester neemt die zonde op zich en brengt ze met zijn eigen offerdier en de bediening van dat bloed voor God. Symbolisch liggen de zonden van de mens dan in het heiligdom.
Het offer op grote verzoendag
De hogepriester bereidt zich minutieus voor op het offer van die dag. Hij moest zijn lichaam in water baden en speciale linnen klederen aantrekken (wit!). Voordat hij kan optreden namens het volk moet de hogepriester voor zichzelf een stier als zondoffer bereiden. Met dat bloed gaat hij het heiligdom in. Dit keer verschijnt hij echter niet bij wijze van spreken voor God, met het voorhangsel ertussen. Neen, hij verschijnt letterlijk voor Gods aangezicht (16:11-14). Eerst alleen voor zichzelf en daarna voor het volk. Pas na alle voorbereidingen is hij naar de mens gesproken het volmaakte type van Christus.
Dan begint de hogepriester aan de procedure van het offer voor het volk. We moeten nu goed opletten
MEER WETEN?
Wilt u meer weten over de geloofspunten? Het bekende boek van dr. Reinder Bruinsma Wat zevendedags-adventisten geloven is in een nieuw jasje gestoken. Het boek is volledig in kleur en behandelt de in 2015 herziene geloofspunten. Te koop bij het servicecentrum (www.adventist.nl) voor slechts €5,95.
DEEL 20/GELOOFSPUNTEN
wat de hogepriester doet en wat hij niet doet. Hij doet geen verzoening voor het volk maar wel over het heiligdom! Want de verzoening van die zonden was al gebeurd toen de Israëlieten individueel hun offers brachten gedurende het /Om het werk van Christus te begrijpen moeten we ons verdiepen in wat er op grote verzoendag gebeurde en wat er dagelijks in het heiligdom werd gedaan
jaar. Toen heeft God hun de zonden vergeven. De prijs daarvoor is echter een verontreinigd heiligdom (16:15-16).
Bij de voorbereiding legt de priester zijn handen niet op de kop van het dier. Er worden geen nieuwe zonden overgedragen. Dat hadden de Israëlieten gedurende het jaar al gedaan. Het gaat nu om de plek waar zondaars hun zonden naartoe hebben gebracht: het heiligdom. Dat moet op grote verzoendag in ere worden hersteld.
Christus: hogepriester en offer
Het is niet zo moeilijk in te zien hoe dit in vervulling gaat in Christus. Deze ware hogepriester heeft geen voorbereidende offers voor zichzelf nodig. Hij is zonder zonde en kan dus direct het verzoenende offer brengen. Het is onmogelijk dat het bloed van stieren of bokken mensen kan bevrijden van de zonde (Hebreeën 10:4). Alleen Christus kan de zonden van de mens echt voor God brengen op basis van zijn eigen bloed. Alleen blijft het hemelse heiligdom dan verontreinigd achter. Dat maakt God op die grote hemelse verzoendag weer in orde.
Christus is ons lam dat voor ons als offer aan God wordt gebracht. Wij mogen onze zonden op Hem leggen en Hij gaat daarmee naar God. Hij is als priester onze middelaar en als hogepriester herstelt Hij het hemelse heiligdom in ere.
Dat symbool van die priester die van het met schuld en zonde beladen offerdier eet, illustreert op een bijzondere manier wat Christus als onze priester ook doet, namelijk onze zonde op zich nemen en zijn Vader om genade en vergiffenis voor ons vragen.
Thijs de Reus is emeritus predikant en woont in Emmen.
Geloofspunt

Onze hemelse hogepriester 130
131 ER IS EEN HEILIGDOM IN DE HEMEL, de echte tabernakel die is opgericht door de Heer, niet door een mens. Daarin doet Christus dienst voor ons. Zo maakt hij de resultaten van zijn verzoenend offer, dat eens en voor altijd aan het kruis is gebracht, beschikbaar voor alle gelovigen. Bij zijn hemelvaart werd hij als onze hooggeplaatste hogepriester ingewijd en begon hij zijn middelaarswerk. Dit werk is gesymboliseerd door het werk van de hogepriester in het heilige van het aardse heiligdom. In 1844, aan het einde van het profetische tijdperk van 2300 dagen, begon hij aan de tweede en laatste fase van zijn verzoeningswerk, dat werd verbeeld door het werk van de hogepriester in het allerheiligste van het aardse heiligdom. Dit is een werk van onderzoekend oordeel. Het maakt deel uit van de uiteindelijke oplossing voor alle zonde, uitgebeeld in de reiniging van het Hebreeuwse heiligdom uit de oudheid, op de Grote verzoendag. In deze symbolische dienst werd het heiligdom gereinigd met bloed van dierenoffers. Maar de hemelse dingen worden gereinigd door het volmaakte offer van het bloed van Christus. Het onderzoekend oordeel openbaart aan de hemelse wezens welke doden in Christus zijn gestorven en daarom, in hem, waardig zijn deel te hebben aan de eerste opstanding. Het maakt ook duidelijk wie van de levenden trouw blijven aan Christus, door de geboden van God en het geloof van Jezus te bewaren. Door Jezus zijn deze klaar om deel te worden van het eeuwig koninkrijk. Dit oordeel toont de gerechtigheid van God aan door hen die in Christus geloven te redden. Het verklaart dat wie God trouw is gebleven, het koninkrijk zal ontvangen. De voltooiing van dit dienstwerk van Christus luidt het einde in van de genadetijd voor de mens, vlak voor de wederkomst.