23 minute read

Van het bestuur

BEVLOGENHEID/VAN HET BESTUUR

De kerk in tijden van Corona

Advertisement

Als gevolg van de coronapandemie zijn vanaf maart alle samenkomsten van de kerk opgeschort om verspreiding van het virus te voorkomen. Van de ene op de andere dag ging de kerk in Nederland online. De kerkgebouwen staan sinds die tijd leeg. Ik zag laatst een cartoon waarin de duivel vergenoegd tegen God zegt: 'Zie, ik heb al je kerken gesloten.' Waarop God antwoordt: 'Nee hoor, je hebt ervoor gezorgd dat ieder huisgezin nu een kerk is geworden.' Ondanks de beperkingen is het werk van de kerk niet stil komen te staan. Want de kerk bestaat niet alleen uit gebouwen, maar uit mensen die geroepen zijn om te getuigen van de liefde van God. En die er voor elkaar willen zijn. Maar laten we eens zien hoe dat kerk-zijn in coronatijd gestalte heeft gekregen.

De plaatselijke gemeenten S inds half maart moeten de plaatselijke gemeenten anders kerk-zijn. Alle activiteiten worden vanaf dat moment digitaal ingevuld. Denk daarbij bijvoorbeeld aan vergaderingen, bijbelstudies, het geven van catechisatie, overdenkingen van predikanten op YouTube, korte gedachten op Facebook, interactieve sabbatschool en online erediensten.

Ook kwamen er belgroepen,

WhatsAppgroepen, zoombijeenkomsten. Op deze manier worden de Bijbel en andere publicaties samen gelezen en beproken. Maar er zijn ook digitale sabbatopeningen en gebedsgroepen en zelfs digitale aandacht voor spanningen binnen gezinnen.

Een aantal opmerkelijke initiatieven wil ik apart benoemen. Alle jonge ouders met kleine kinderen kregen in de gemeente RotterTekst/Rob de Raad

dam Noord een exemplaar cadeau van de Voorleesbijbel om uit voor te lezen. De online overdenkingen worden goed bekeken, niet alleen door kerkleden, maar ook door ex-leden en andere belang

/Vooral nu is het ontzettend belangrijk dat mensen het gevoel krijgen dat ze belangrijk zijn voor de kerk en dat ze niet vergeten worden

stellenden. Er ontstaan contacten en mensen vragen de kerk onder andere om lectuur. In verschillende gemeenten kregen leden en bezoekers bloemen thuisbezorgd. Vooral nu is het ontzettend belangrijk dat mensen het gevoel krijgen dat ze belangrijk zijn voor de kerk en dat ze niet vergeten worden. De predikanten van Zuid-Nederland organiseerden een paasinitiatief. Op vrijdagavond, sabbatmorgen en zondagmorgen stonden het lijden en sterven en de opstanding van Christus centraal. Dit initiatief is bijzonder gewaardeerd. Een van de predikanten deed aan Drive-by pastoraat: hij reed bij leden langs, belde aan en sprak en bad kort buiten aan de deur, alles op anderhalve meter afstand. Mijn vrouw en ik zijn lid van de gemeente Apeldoorn, de gemeente waar ik predikant was voordat ik in 2017 landelijk voorzitter werd. Wij zijn in de afgelopen periode door de diaconie gebeld die wilde weten hoe het met ons ging. Maar op zondag 21 juni werden wij wel bijzonder verrast toen de

VAN HET BESTUUR/BEVLOGENHEID

deurbel ging en een zuster van de gemeente Apeldoorn voor de deur stond om ons even te bezoeken en een presentje van de gemeente te geven. Zij was hiervoor helemaal naar het noorden gereden en ging daarna door richting Amsterdam en via Zuid-Holland weer terug naar huis. Dat was een initiatief dat veel verder ging dan wat je normaliter van iemand of van een gemeente kan verwachten en wij hebben het zeer gewaardeerd. En zo zijn er meer voorbeelden van uitzonderlijke zorg die predikanten en gemeenteleden voor elkaar hebben en voor de mensen in hun directe omgeving.

De landelijke kerk

Vanuit het Landelijk Kantoor hebben wij getracht om u zoveel mogelijk op de hoogte te houden van de ontwikkelingen en wat deze voor de kerk betekenen.

Iedere keer na de persconferentie van de minister-president over de coronamaatregelen, plaatsten wij een videoboodschap op de website van de kerk over wat deze maatregelen voor ons als kerk betekenen en dit gekoppeld aan een bemoedigende boodschap. De crisis is een moeilijke periode voor de kerk, maar toch ook een tijd van nieuwe mogelijkheden. Vanuit de departementen van de Nederlandse Unie is er veel gedaan. Prachtig om te zien was het nieuwe initiatief vanuit de jeugdafdeling om een speciaal poppenspel voor de tieners op te zetten dat iedere sabbatmorgen om 10.00 uur op het internet beschikbaar werd gesteld: de Cor & Ona show.

Financiën

Nu we niet meer fysiek samenkomen is er natuurlijk de zorg of gemeenten genoeg giften binnenkrijgen om aan hun verplichtingen te kunnen voldoen. Denk daarbij bijvoorbeeld aan de huur van het kerkgebouw. Over het algemeen lijkt het in de meeste gemeenten goed te gaan. In een aantal gevallen is er een regeling getroffen met

Piti Tangchawalit/Shutterstock.com

de verhuurder van het gebouw omdat er ook geen diensten plaatsvinden. Veel leden geven maandelijks een bepaald percentage aan de plaatselijke gemeente via automatische afschrijvingen. Als landelijke kerk zijn wij ontzettend dankbaar dat we in de periode van januari tot en met mei meer tienden hebben mogen ontvangen dan vorig jaar. Ik wil u ontzettend bedanken voor uw trouw en loyaliteit om de kerk te blijven gedenken. Alle eer komt toe aan onze hemelse Vader die zijn zegen uitstort over de kerk.

Hoe ziet de toekomst eruit?

Deze coronapandemie heeft de wereld op zijn kop gezet. Veel mensen zijn bang geworden en uit hun doen geraakt. We zien dat in de samenleving mensen nu meer dan ooit openstaan voor zingeving en spiritualiteit. Velen denken na welke dingen nu werkelijk belangrijk zijn en veelal is dat de relatie met mensen. Maar ook de relatie met het Hogere, met God. We gaan langzamerhand weer de goede kant op en na 1 juli zijn de samenkomsten weer voorzichtig opgestart. Maar het gevaar bestaat dat wij als kerk na corona weer terugkeren naar oude patronen en gewoonten. Daar moeten wij voor waken. We moeten vasthouden

aan wat wij altijd hebben gedaan, maar de dingen die wij nieuw hebben geleerd verder uitbouwen en toe blijven passen. Misschien dat wij voorzichtig enkele conclusies kunnen formuleren. Wij zullen ook na de crisis onze digitale aanwezigheid moeten vasthouden en zelfs vergroten en professionaliseren. Het aantal mensen dat de uitzendingen bekijkt, is vele malen groter dan het aantal dat onze diensten bezoekt. Ook zullen we de vele trainingen en toerustingen binnen de kerk moeten gaan digitaliseren. Wij moeten veel meer materialen, lezingen en seminars van eigen bodem online gaan aanbieden. Daarnaast is het van belang om met mensen die digitaal onze uitzendingen bekijken, in contact te komen om hen verder te helpen met hun geestelijke ontwikkeling. Uitzendingen lijken met name op lokaal niveau veel kijkers te trekken. Daar kunnen we op inspelen door niet alleen programma’s digitaal aan te bieden, maar ook door promotie te maken voor plaatselijke initiatieven en PR in het algemeen.

Ik ben ervan overtuigd dat God zijn kerk leidt, juist in moeilijke tijden. En ik ben dankbaar dat zevendedagsadventisten bevlogen mensen zijn met passie voor hun kerk.

BEVLOGENHEID/BEVLOGEN BEHEERDERS

Betrouwbare beheerders zijn bevlogen beheerders

De Bijbel maakt ons God bekend die de mensheid zo liefheeft, dat Hij alles heeft gedaan en nog steeds doet om ons zowel tijdelijk als eeuwig geluk te schenken. Een heel bekend vers in de Bijbel luidt: ‘Want alzo lief heeft God de wereld gehad, dat Hij zijn eniggeboren Zoon gegeven heeft, opdat eenieder, die in Hem gelooft, niet verloren ga, maar eeuwig leven hebbe’ (Johannes 3:16). De Christus, de Messias, is Gods grootste geschenk aan ons en de persoon aan wie Jezus dit mededeelde – de Schriftgeleerde Nicodemus - kon het op dat moment maar moei- lijk begrijpen. Uit het gesprek tussen Jezus en Nicodemus blijkt onder meer hoe God uit liefde aan de mens geeft. Hij maakt immers door betrouwbare beheerders zijn boodschap aan de wereld bekend.

Maar op welke wijze? Dat is de vraag die gelovigen van alle tijden en generaties zich stellen. Hoe zal ik de Here ‘betalen’ voor al het goede dat Hij mij schenkt?” (Psalm 116:12) Wat verwacht God terug voor wat Hij mij dagelijks geeft?

Niets en alles. Dit laatste wordt hieronder nader toegelicht. Tekst/Ingrid Wijngaarde

God vraagt niets

Teruggeven of betalen aan God.

Veel christenen denken hierbij aan de rol van een rentmeester. Ik gebruik liever het woord ‘beheerder’ omdat deze term de bredere context en lading van het woord rentmeester meer tot uitdrukking brengt. Het uitgangspunt bij deze gedachte is de tekst: ‘Mijn zoon, geef mij uw hart, laten uw ogen behagen hebben in mijn wegen’ (Spreuken 23:26). Sommige mensen denken dat de Heer het beste is terug te betalen door vrome daden of wat zij daarvoor door laten gaan. Toch begrijpen we uit verschillende bijbelteksten dat het niet daden, maar gaven uit een zuiver hart zijn die de Schepper van ons vraagt.

BEVLOGEN BEHEERDERS/BEVLOGENHEID

/Bevlogenheid is tegenwoordig een herontdekt, oud concept van betrokkenheid en voldoening hebben in de dingen die je doet

Een voorbeeld hiervan is het verhaal over Elifaz. Deze Temaniet zat naast de diep teleurgestelde Job en vertelde hem dat zijn vroomheid en nauwgezette godsdienstoefeningen geen vergelding waren voor Gods goedheid. Wie wijs is, beseft dat hij met God in de eerste plaats een relatie is aangegaan en dat dankbaarheid en godsvrucht daar een logisch gevolg van zijn. Elifaz wist: de verstandige bewijst zichzelf een dienst en als hij blij is met Gods gaven dan heft hij zijn aangezicht op tot God als hij bidt, en ‘betaalt’ hij terug wat hij aan God heeft beloofd (Job 22:2,26,27). Deze goede gewoonte van doen wat je hebt beloofd, vinden we op veel plaatsen terug in de Bijbel (Psalm 22:22; 56:13; 66:13; 116:12,14,18; Jesaja 19:21; Jona 2:9; Matteüs 12:14,17). Geef gaven uit een zuiver hart, want je kunt niet terugbetalen of vergelden wat God voor je doet. Dus wat moeten wij God geven voor zijn grote geschenk van verlossing? Wat kunnen wij doen en wat wil God van ons? Onbaatzuchtige gaven van lof uit ons hart zodat wij de beloften nakomen die wij Hem dagelijks doen. Dan hebben we het dus niet over geschenken die we bij de Bijenkorf of Rituals kopen. Het is teruggeven van de geestelijke gaven die God zelf in ons hart heeft uitgestort, omdat Hij ervan houdt zijn kinderen te zegenen en omdat Hij er ook van houdt dat wij dat zien en erkennen (Ezechiël 36:26). Wat kost ons dat? Een vernieuwde instelling.

God vraagt alles

Voor mij gaat het ‘beheer’ waar de Bijbel over spreekt terug op zes kerngaven die God aan ons toevertrouwt. Als het goed is beheersen die ons leven in zijn totaliteit: relaties, tijd, geestelijke gaven, gezondheid, het evangelie en geld en materiële middelen. Als kerkleden of belangstellenden klagen dat God veel vraagt, dan bedoelen ze vaak geld en tijd. Ik denk dat geloofspunt 21 te veel nadruk legt op geld. Begrijp me niet verkeerd, geld is belangrijk om bijvoorbeeld de kerkelijke organisatie draaiende te houden. Het is daarom niet verkeerd dat geld de motivatie achter dit geloofspunt over rentmeesterschap is. Tienden en gaven stellen de kerk in staat onafhankelijk te blijven zodat wij ons geloof zonder afhankelijkheid van de overheid of andere instanties of kerken vrij kunnen uitdragen. Wij mogen trots zijn op wat wij samen met God bereiken. De andere aspecten van beheer zitten naar mijn mening in de andere geloofspunten, vanwege praktische redenen.

BEVLOGENHEID/BEVLOGEN BEHEERDERS

Beheerder en de relatie met God

De beheerdersrol heeft echter de relatie met de Heer als basis. God zegt: Geef mij je hart; ga een liefdesrelatie met Mij aan, houdt van

Mij en niet allereerst van de tijdelijke en stoffelijke dingen die Ik je geef. Erken dat Ik er voor je was, ben en zal zijn; erken dat je niet bang voor Mij hoeft te zijn, want Ik

Ben er.

Bevlogenheid is tegenwoordig een herontdekt, oud concept van betrokkenheid en voldoening hebben in de dingen die je doet, het doel waar je je voor inzet en het resultaat waarvoor je gaat. Je met alles wat je bent en hebt inzetten voor de taak en positie die je hebt aanvaard. Bevlogenheid in de kerk is vooral een geestelijke uitstraling van wat er in het hart zit. Het bepaalt hoe wij tegen beheer aankijken. Bevlogen beheerders zijn in de eerste plaats betrouwbare beheerders, schrijft Paulus aan de liberale Korintiërs in 1 Korintiërs 4:2. Men moet christenen herkennen, zegt hij, ‘als dienaren van Christus, aan wie het beheer van de geheimenissen Gods is toevertrouwd’ (vers 1). Betrouwbare beheerders over alle geestelijke goederen die hen zijn toevertrouwd - relaties, tijd, geestelijke gaven, gezondheid en het evangelie. En daarnaast ook geld.

Beheerder en teruggeven

De instelling van beheerders is die van geven. Jezus zei: ‘Geef dan aan de keizer wat des keizers is, en

Gode wat Gods is’ (Markus 12:17).

We betalen God niet, want wat Hij voor ons gedaan heeft, doet en zal doen is onbetaalbaar. We geven slechts terug en we houden ons aan een belofte die wij vrijwillig hebben afgelegd: dat alles wat we zijn en hebben, God toebehoort. In heel de natuur zien wij deze overvloedige gaven Het kan echter voorkomen dat wij in ons persoonlijk leven minder kunnen geven dan we zouden willen. Toch accepteert God onze blijde overgave met genoegen. De tijd en moeite die wij steken in de relatie met Hem en in zijn gemeente. God is blij met onze inzet voor de verlorenen; voor de geestelijke gaven die wij inzetten in zijn dienst, de inspanningen die wij doen om zover het van ons afhangt, gezond te blijven. God ziet met genoegen naar de creativiteit en inventiviteit die wij inbrengen in de evangelieverkondiging en ten slotte de 10% die Hij Zichzelf toe-eigent en de 90% die wij voor Hem in ons leven mogen beheren. Daarmee hebben we voldoende om ons leven, onze gezondheid en ons welzijn voor Hem in stand te houden, ter ere van Hem. Zo geeft Hij ons het beheer over ons eigen leven door ons beheerders te maken over al zijn bezit. Dit is de beste motivatie voor kerk-zijn.

Ingrid Wijngaarde, Groningen

God ziet met genoegen naar de die Hij Zichzelf toe eigent en de die wij voor Hem in ons leven mogen beheren

BLOG/ARNOUD VAN DEN BROEK

Wooden shoe, wooden head and wouldn’ listen!

Als je Nederland wat meer wilt waarderen, kun je het beste een tijdje naar het buiten- land gaan. Elke keer als we de grens passeren en Nederland weer binnenrijden, waardeer ik de zichtbare lijnen op de weg en het kuilenvrije asfalt, dat zwerfvuil opgeruimd wordt en de straten van tijd tot tijd geveegd worden, de molens en het open landschap.

Als ik dan de eerste Nederlan- der weer spreek, dan moet ik altijd even gniffelen om die manier van communiceren van de Hollanders: het nuchtere, de humor en vooral de directheid.

Ja, zelfs de manier waarop de overheid georganiseerd is kan ik dan weer waarderen. Ik ben wel blij met Nederland. OK, het is niet perfect, maar vergeleken met veel andere landen doen we het hier lang niet slecht.

Eigenwijs

De Engelsen hebben, net als wij, de nodige grappen over de buren. Maar over de Nederlanders hoor je ze niet.

Behalve dan deze: ‘Wooden shoe, wooden head and wouldn’ listen!’ En als echte Hollander beschouw ik dat nog als een compliment ook. Want eigenwijs zijn we zeker en zonder dat waren we waarschijnlijk nooit gekomen waar we nu staan. Ik moest daaraan denken toen ik een tijdje geleden over de Afsluitdijk reed. Die brede, lange, rechte dijk: ben ik daar als Nederlander nu trotst op of niet?

De schoonheid van die dijk zit ‘m wat mij betreft zeker niet in de vormgeving. Maar die dijk staat wel echt voor de Nederlandse mentaliteit: ‘verstand op nul en gaan’, ‘niet zeuren maar poetsen’ en ‘met de poten in de klei’. Tekst/Arnoud van den Broek

Cornelis Lely

Dijken zijn er in Nederland al sinds het begin van de jaartelling, maar onder invloed van de Verlichting gaat het vanaf de 19e eeuw ineens hard. Als ir. Cornelis Lely 37 jaar is, wordt zijn plan voor het droogleggen van de Zuiderzee voorgelegd aan de regering. Zijn voorstel is controversieel en het gaat een hoop geld kosten. Maar hij geeft niet op. Het duurt dan nog bijna 30 jaar voordat daadwerkelijk wordt begonnen met de aanleg van de

Afsluitdijk. Lely overlijdt in 1929 op 74-jarige leeftijd, drie jaar voordat het laatste stukje van de dijk wordt gedicht. De bevlogenheid van zo’n man als Lely, dat maakt die saaie

Afsluitdijk een stuk mooier.

Niet voorzien

Toen ik aan einde van de dijk het land weer op reed, bedacht ik dat er eigenlijk verschillende overeenkomsten zitten tussen die dijk en onze kerk: het lijkt inmiddels aardig af te zijn. Het grote werk is gedaan.

En het is nu vooral een kwestie van onderhouden en bijschaven. Maar toen ik het bord zag staan, waarop vermeld ‘Groot onderhoud tot eind 2022’, drong zich nog een overeenkomst op: ir. Lely had in zijn plannen geen rekening gehouden met een klimaatverandering en een stijgende zeespiegel. Nieuwe ingenieurs hebben daarom een plan gemaakt voor een aangepaste dijk, aangepast aan de nieuwe omstandigheden. Die wordt zo’n twee meter hoger dan voorheen zodat die in ieder geval weer tot 2050 meekan..

Een bevlogen kerk

Als adventisten hadden we ook iets niet voorzien: dat we in 2020 nog steeds zouden wachten op de wederkomst van Jezus. Je kunt je daarom afvragen of onze kerk ook aan groot onderhoud toe is, zodat die weer een tijdje meekan. Dat is geen andere kerk, het is nog steeds dezelfde, maar dan aangepast aan de omstandigheden. Zodat die kan blijven doen, waarvoor die gemaakt is: het brengen van het eeuwig evangelie aan een voortdurend veranderende wereld. Oftewel: een visie voor de komende 30 jaar...

Een beetje bevlogenheid over de toekomst van de kerk. Dat zou wel echt Nederlands zijn.

Arnoud van den Broek studeert theologie aan Newbold College

BEVLOGENHEID/OVERDENKING

Passie, gedrevenheid en doel

Fer Gregory/Shutterstock.com

OVERDENKING/BEVLOGENHEID

Hoe kun je zien of je geloof en spirituele leven echt wordt gekenmerkt door passie en gedrevenheid? Hoe ontwikkel je het en hoe kun je jezelf onderzoeken dat het zo is? Wat als de vonken er niet vanaf springen? En hoe zorg je ervoor dat je je ware passie en gedrevenheid niet verliest en hoe voed je ze?

Tekst/Jason O’Rourke

Dit zijn de vragen die ik meekreeg voor het schrijven van dit artikel. Het idee is om stil te staan bij passie en gedrevenheid. Voordat we de bovenstaande vragen beantwoorden, moeten we ons eerst afvragen wat passie is en wat gedrevenheid inhoudt.

Passie

Hoe je passie laat zien of ervaart, heeft tegenwoordig een kromme, geromantiseerde en intense interpretatie gekregen. Heel vaak bedoelt men met passie de emotionele hevigheid van verlangen en intimiteit tussen twee mensen die een relatie hebben. In de klassieker Romeo en Julia herken je de menselijke passie en onredelijkheid. Beide families koesterden een diepgaande en onoverbrugbare haat voor elkaar. De twee jonge geliefden ‘leden’ aan een passie die oplaaide door hun hormonen en werd aangewakkerd door de verboden aard van hun relatie. Uiteindelijk leidde dit tot hun zelfdoding, ze zagen geen andere weg.

BEVLOGENHEID/ONVERANTWOORD

Het ontbreekt de menselijke passie vaak aan redelijkheid en terughoudendheid. Omdat de redelijkheid ontbreekt zal deze passie ofwel zichzelf opbranden, ofwel iedereen meeslepen op zijn verwoestende pad . Het verhaal van David is daar een goede illustratie van. Zijn passie stond niet in verband met zijn taak maar was gericht op Batseba, de vrouw van een ander (2 Samuël 11). De gevolgen van deze zonde kostte onder andere het leven van haar man Uria, de loyaliteit van Davids naasten, het leven van de baby die hij met Batseba had en zijn recht om voor de Heer een huis te bouwen (1 Koningen 1:5-53; 2; 13-26).

Gedrevenheid

Gedrevenheid heeft veel mensen tot nieuwe hoogten en prestaties gebracht. Het woord gedrevenheid geeft je het idee van het opdrijven van schapen of van vee. Gedrevenheid zorgt ervoor dat zaken die niet van nature in beweging willen komen, hetzij door ziekte, vermoeidheid of gewoon vanwege een koppige weigering, toch vooruitgaan.

Individueel gezien is een gedreven persoon iemand die zichzelf opjaagt voorbij de grenzen die de gezondheid stelt. Het kan ook zijn dat die persoon verder gaat dan zijn/haar fysieke of intellectuele mogelijkheden. Het gaat vaak ten koste van gezinsrelaties en het persoonlijke welzijn.

De uitdaging bij gedreven mensen is dat hun gedrevenheid vaak geen richting heeft en dat ze alleen kijken naar wat zich recht voor hun neus bevindt. Ze zijn bezig met een eindeloze zoektocht naar een doel dat niet is omschreven. Deze menselijke gedrevenheid kent geen grenzen en kent geen rust. De

Prediker zegt het zo: ‘Welk voordeel heeft de mens van alles wat hij moeizaam heeft verworven?

Hij jaagt het na en zwoegt ervoor onder de zon, maar alle dagen van zijn leven brengen hem verdriet, alles wat hij onderneemt brengt

hem niets dan smart. Zelfs ’s nachts vindt hij geen rust. Ook dat is leegte’ (Prediker 2:22-23).

De Prediker over lucht en leegte

Waarom lopen menselijke passie en gedrevenheid zo vaak op niks uit? Naar mijn mening komt dit omdat ze geen identiteit hebben en ook geen doel. De Prediker zei terecht het volgende van menselijke passie en gedrevenheid:

Prediker 2:1 ‘Ik zei tegen mezelf:

Kom, laat ik proberen de genoegens van het leven te smaken en te genieten van het goede. Maar ook dat, ontdekte ik, is enkel leegte.’

Merk op dat de Prediker zowel de volgeling noemt van passie (genot), als de volgeling van gedrevenheid/ bezit (Prediker 2:22-23), en ook als de volgeling van het verstand (Prediker 7:25). Hedonisme, ijver en wijsbegeerte schieten allemaal tekort, en niemand kan in eigen behoefte voorzien of in die van degenen die hem volgen. Salomo wordt wel de meest wijze man ter wereld genoemd, maar hij laat ook zien dat menselijke passie en menselijke gedrevenheid zinloos

/Het ontbreekt de menselijke passie vaak aan redelijkheid en terughoudendheid

zijn, want ze hebben geen doel voor ogen en hebben geen identiteit ... kortom, ze missen God. Daarom eindigt hij met de aansporing om je Schepper te gedenken als je nog jong bent, en om je in je leven te houden aan de simpele taak om ontzag te hebben voor God en om zijn geboden na te leven (Prediker 12:1, 12:13-14). Wat mensen zich niet realiseren is dat ethiek en gedrag voortvloeien uit moraal en waarden. Moraal en waarden vloeien voort uit doel en dat vloeit weer voort uit identiteit. Het innerlijke leven van een mens brengt werkelijke tevredenheid voort. Een tevredenheid die ontstaat wanneer zijn passies worden geaccepteerd en zijn gedrevenheid in de praktijk wordt gebracht.

ONVERANTWOORD/BEVLOGENHEID

Identiteit en doel van Jezus

We vinden dit principe terug in het leven van Jezus. Het eerste dat we in zijn dienstwerk zien, is de doop.

Daar bevestigt God in het openbaar zijn identiteit als de Zoon van God. Deze identiteit wordt kort daarop in de woestijn direct al in twijfel getrokken door Gods tegenstander. Tweemaal probeert hij Christus zover te krijgen dat

Hij zijn eigen identiteit in twijfel trekt en Hem zo te verleiden iets egoïstisch te doen. In beide gevallen gaat het om het principe van zelfbehoud. De gemiddelde mens kan behoorlijk gepassioneerd en weinig rationeel zijn als het gaat om zelfbehoud. Tel daar de menselijke neiging bij op tot eigen roem en je hebt een krachtig mengsel van gericht zijn op het eigen ik. Deze verleidingen staan op gespannen voet met zijn identiteit.

Jezus houdt echter stevig vast aan zijn identiteit. Hij hoeft zichzelf niet te bewijzen.

Tijdens de derde verzoeking wordt

Jezus naar een zeer hoge berg gebracht, waar de tegenstander

Hem vraagt om voor hem neer te buigen. Deze verleiding is in de eerste plaats een aanval op Jezus’ identiteit en in de tweede plaats een aanval op het doel dat Jezus nastreeft. Gods tegenstander is een in zonde gevallen schepsel, terwijl Jezus de Zoon van God is.

Als Hij zich voor hem had neergebogen, zou Jezus zijn eigen identiteit als de Zoon van God in twijfel hebben getrokken. Hij zou de tegenstander hebben bevorderd tot een hogere positie dan die welke Hij zelf innam. Maar Jezus is zo zeker van zijn identiteit dat Hij niet buigt voor een schepsel dat ondergeschikt is aan Hem.

Jezus wordt ook wel het Lam van

God genoemd. Dat is een beschrijving die verwijst naar een doel.

Zijn doel is om de zonden van de wereld te dragen. Jezus verlost de wereld door het Lam te zijn dat wordt geofferd. De tegenstander biedt Hem de hele wereld aan zonder dat Hij zich daarvoor hoeft op te offeren. Hier is opnieuw sprake van de verleiding tot zelfbehoud.

Onze identiteit

Zonder God hebben we geen identiteit. De mens heeft zijn identiteit altijd van boven gekregen. Als God het ons niet geeft, maken we iets anders tot onze god. Dan kunnen we namelijk in ons gedrag volharden. Jezus hield vast aan zijn relatie met zijn Vader. Hij hield vast aan wat God had gezegd, namelijk dat Hij de geliefde Zoon was in wie God vreugde vond. Dit stelde Hem in staat de verleidingen te weerstaan. Hij had een identiteit en een doel. Wanneer Jezus begint te prediken in Matteüs 5, openbaart Hij zijn moraal en wat de waarden zijn van het koninkrijk.

Gelukkig wie nederig van hart is.

/Een echte door

God gegeven identiteit, zorgt voor een doel, passie, gedrevenheid en betekenis

Gelukkig zijn de treurenden. Gelukkig zijn de vredestichters. Jezus spreekt vanuit zijn besef van wie Hij is en wat zijn doel is. Op grond daarvan spreekt Hij over zijn moraal en waarden en op grond daarvan geeft Jezus vorm aan zijn ethiek door daarnaar te handelen. Lucas 4 laat ons enkele genezingen zien en wijst op de prediking die past bij de ethiek van Jezus om bijvoorbeeld gevangenen vrij te laten. Als we naar het leven van Jezus kijken, dan nemen zijn passie en gedrevenheid nooit af, behalve in de tuin van Getsemane. De reden dat Hij bij zijn passie en gedrevenheid blijft, is dat Hij zijn doel kende en dat Hij wist wie Hij was. Dit vergt enige persoonlijke reflectie. Wie ben je? Wat zijn de kenmerken die je altijd en overal weer laat zien? Wat vind je leuk om te doen? Wat komt als vanzelf voor jou? Welke thema’s worden telkens weer zichtbaar in je leven? Vraag het eens aan de mensen die je kennen: gezin, vrienden, collega’s, buren, enz. en luister vervolgens naar wat ze zeggen.

Gaven en talenten

We moeten ook rekening houden met onze talenten, vaardigheden en gaven. Onze talenten zijn dingen die vanzelf komen, waarmee we geboren worden. Daar word je van nature toe aangetrokken. Vaardigheden zijn dingen die we aanleren. We kunnen leren om ze goed of slecht te doen. We kunnen ze ook weer afleren en soms leren we het helemaal niet.

Is het mogelijk dat een talent of vaardigheid ook een gave is? Ja, en ware gaven komen alleen van God.

Hij besluit wanneer, waar en hoe

Hij ze wil geven en aan wie Hij ze wil geven (Romeinen 12; 1 Korintiërs 12; Efeziërs 4). Deze gaven worden gegeven voor de duur van het dienstwerk dat iemand doet in verbondenheid met de Geest.

Conclusie

We keren terug naar onze vragen uit de inleiding over passie en gedrevenheid. Voor mij is het antwoord simpel: begin met je identiteit. Alle nieuwtestamentische brieven van Paulus gaan over identiteit voordat ze ingaan op gedrag of op emoties. Identiteit vormt karakter, moraal en waarden. Waarden zijn de basis voor ethiek en gedrag. Identiteit, een echte door God gegeven identiteit, zorgt voor een doel, passie, gedrevenheid en betekenis. Als je identiteit vaststaat, gaat het niet langer om vasthouden aan je gedrevenheid en passie, want je doet deze dingen vanzelf, waar je ook bent. Vind je identiteit, ontdek het goddelijke doel en dan valt de rest vanzelf op zijn plaats.

Dus, wie ben jij ... en waarom ben je hier?

This article is from: