René van Seumeren - Geloof in beeldhouwkunst

Page 1

rené van

seumeren

1923 -1989

GELOOF IN BEELDHOUWKUNST
jaap versteegh

GELOOF IN BEELDHOUWKUNST

rené van seumeren

1923 -1989

Jaap Versteegh

Inhoud

4
5 Voorwoord – Jan Teeuwisse Leven en werk van René van Seumeren – Jaap Versteegh Eindnoten Oeuvrelijst Dankwoord Colofon 6 10 88 92 142 144

Voorwoord

6
Jan Teeuwisse

Lezing van de biografie over de ondernemer-beeldhouwer René van Seumeren doet je beseffen hoe extreem de wereld is veranderd sinds zijn overlijden in 1989. En zelfs tijdens zijn leven doen de opdrachten waaraan hij als kunstenaar heeft gewerkt en de wereld waarin hij leefde, enigszins anachronistisch aan. Terwijl her en der katholieke kerkgebouwen leeg kwamen te staan en de kunst zich vrijwel geheel ontdeed van zijn ambachtelijke jas, bleef de religieuze thematiek Van Seumerens gehouwen en gemodelleerd oeuvre bepalen. Dat zijn ontwerp voor de kerkdeuren in zijn laatste woonplaats niet werd uitgevoerd, is daarom veelzeggend.

Van Seumeren kreeg als gestaald Roomsch-Katholiek bij professor Bronner de artistieke vorming die hem paste als een handschoen. Voor Bronner was de sculpturale boodschap in steen, door anonieme beeldhouwers vertolkt aan de vroeg-gotische kathedralen van het Île de France, het hoogst haalbare en belangrijkste voorbeeld voor de vele tientallen jonge beeldhouwers die hij heeft opgeleid voor een dienend en zinvol bestaan in de moderne maatschappij. Onder die leerlingen waren alle gezindten die het twintigste-eeuwse Nederland kende, van orthodox-protestant tot atheïstisch communist, maar al deze jonge beeldhouwers kregen in de decennia voor en na de Tweede Wereldoorlog de kans hun maatschappelijke dienst te bewijzen. Daarvan getuigen de bouwplastiek van de Amsterdamse School van het interbellum en de talrijke oorlogsmonumenten uit de jaren 1945 –1960 die op hun beurt de weg vrijmaakten voor de autonome plastiek bij scholen, ziekenhuizen, fabrieken en andere gebouwen en situaties in het openbaar. In een land dat tussen de Rotterdamse Erasmus van Hendrick de Keyser uit 1622 en de Haagse Willem van Oranje van Emile De Nieuwerkerke uit 1845 in het geheel geen standbeelden had gekend, ontwikkelde zich in de jaren van de Wederopbouw een bloei van het autonome beeld aan de openbare weg die zijn weerga niet kende en zeker ook de beeldhouwersgeneratie waartoe Van Seumeren behoorde, heeft zijn steentje daaraan bijgedragen. Naast de vrije figuurplastiek werd het dier een geliefd onderwerp waarbij Theresia van der Pant

7

hoge ogen gooide terwijl haar klasgenoot Johan Sterenberg zich buiten de Randstad meer profileerde als beeldhouwer van het landleven van ooit. Van Seumeren deelde volop mee in de opdrachtenstroom waarmee de katholieke kerk aan zijn langdurig slotoffensief was begonnen. Beroepsverenigingen als de Nederlandse Kring van Beeldhouwers en de Algemene Katholieke Kunstenaars Vereniging roerden zich in deze jaren als belangenbehartiger, scheidsrechter en regelaar. Vanuit het heden van nu bezien, egocentrisch van aard, gedreven door de wetten van de markt en met een overheid die zweert bij liberale geheelonthouding, stemt dat verenigde en morele streven van die verzuilde kunstenaarswereld in de naoorlogse jaren enigszins melancholisch.

Van Seumeren behoort tot een generatie beeldhouwers die zijn vorming kreeg bij twee nogal tegengestelde vaders van de Nederlandse beeldhouwkunst. Jan Bronner, van boeren West-Friese komaf, was de middeleeuwer, de man van het instinct en het ambacht, die verwees naar Chartres en de Borobudur. Esser, stammend uit een Goois literair milieu, was de renaissancist, de intellectueel en modelleur, die zijn fascinatie voor de moderne helden als Rodin, Despiau, Laurens en Manzù deelde met zijn leerlingen. In die zin is de klas van Van Seumeren in twee helften te verdelen waarbij hij en Inka Klinckhard zich meer thuis gevoeld moeten hebben bij de intieme en devote wereld van het romaanse en gotische ideaal terwijl Van der Pant en Sterenberg duidelijk voor het virtuoze en wereldse van de modernen kozen. Op allen was natuurlijk de ontmoeting met de moderne, Europese beeldhouwkunst van invloed, gevoed door de tentoonstellingen van internationale beeldhouwkunst met Rondom Rodin in 1939 in het Amsterdamse Stedelijk als start tot en met de opzienbarende Sonsbeekedities van 1949, 1952, 1955 en 1958. De invloed van Rodin en Bourdelle, Maillol en Despiau, Zadkine en Lipchitz, Marini en Manzù, en – ten slotte – Moore en Hepworth deed zich volop gelden in de Nederlandse beeldhouwkunst na 1945. De wereld was voorgoed opengegaan en ook het oeuvre van Van Seumeren weerspiegelt die ontwikkeling waarbij plots tal van deuren waren opengegaan: van de figurale devotie in steen en hout in religieus verband tot de abstractie en het materiaalgebruik van zijn

8

reliëfs voor een fabriek; en in de abstrahering van zijn ijle figuurplastiek uit de latere jaren die het werk van moderne Fransen als Couturier in herinnering brengt.

Als kind, zo’n zestig jaar geleden, zat ik eens achterop de fiets bij Utrechts ‘stadsbeeldhouwer’ Pieter d’Hont die op zijn dagelijkse tocht van atelier naar huis de beelden benoemde die we passeerden. Over de stenen Bartholomeus sprak hij zijn waardering uit. ‘Van Van Seumeren’, sprak hij plechtig. Het was voor het eerst en – tot voor kort – voor het laatst dat ik die naam hoorde. Dankzij de zeer lezenswaardige biografie van Jaap Versteegh, zelf telg uit een kunstlievend geslacht aan het evenzeer zo Utrechtse en voorname Wilhelminapark, is de wereld van de beeldhouwer René van Seumeren voorgoed opengegaan.

Jan Teeuwisse

Amsterdam juni 2023

9

Leven en werk van René van Seumeren

Jaap Versteegh

In het grote gezin van de succesvolle ondernemer Frans van Seumeren en zijn vrouw Dora Wolters vormde zoon René wat karakter betreft een uitzondering. Het merendeel van de veertien kinderen was, evenals beide ouders, praktisch en ondernemend ingesteld, maar de gevoelige en zachtzinnige René was, alhoewel een evenwichtige persoonlijkheid, spiritueel van aard en kunstzinnig aangelegd. Al met al uitermate geschikt voor het kunstenaarschap, deze beroepskeuze lag binnen de familie Van Seumeren echter niet voor de hand.

De familie

Marinus Franciscus Maria ‘René’ van Seumeren werd geboren in Utrecht op 12 december 1923 als één na oudste zoon van Johannes Franciscus van Seumeren (1898-1954) en Theodora Clasina Wolters (1900-1975). De grootouders Wolters waren handwerklieden afkomstig uit Westervoort bij Arnhem en sinds ca. 1900 woonachtig in Utrecht. De familie Van Seumeren was oorspronkelijk afkomstig uit Brabant. De overgrootouders van René, Johannes Franciscus van Seumeren (18411912) en Maria Catharina Eras (1837-1909) waren geboren en getogen in Tilburg, waar ze hun leven lang bleven wonen. Maar zijn grootvader, Johannes Antonius van Seumeren (1871-1929), een ondernemend man, werkzaam als sloper, verhuisde vanuit Tilburg richting Utrecht, waar hij trouwde met Roelanda van Engelen (1869-1930) en zich in 1900 vestigde in de villa Vliethoeve aan de Vleutensevaart te Utrecht. Zij kregen slechts één kind, maar wàt voor een kind. Hun zoon Frans zou zich in de eerste helft van de 20e eeuw ontwikkelen tot een van de meest succesvolle ondernemers van midden Nederland. [Afb. 1] Hij stichtte elf bedrijven, waaronder de Vereenigde Utrechtsche IJzerhandel, de N.V. Nederlandsche Wagensproei Maatschappij, N.V. Teerbedrijf Uithoorn, N.V. Reederij Theodora, N.V. Tankrederij J.A. van Seumeren en de N.V. IJzerwerf. En bij zijn overlijden op de relatief jonge leeftijd van 55 jaar liet hij, naar verluidt, 26 bedrijven na. Veel van deze bedrijven stonden in functioneel verband tot elkaar. In 1922 werd door Frans van Seumeren de Nederlandsche Teer- en Asphalt-Industrie (NTAI) opgericht. Dit bedrijf werd later omgezet in de N.V. Teerbedrijf Uithoorn (TEBU). Hieruit groeide de CINDU (Chemische INDustrie Uithoorn) een chemische fabriek te Uithoorn en tot in de 21e eeuw een van de belangrijkste bedrijven aldaar. In 1947 werd een afdeling van TEBU omgezet tot NWM, in de volksmond bekend als ‘de wegensproei’. Voor transport over water richtte Van Seumeren de rederij Theodora op, die jarenlang bekend stond als vervoerder van bitumen langs de Europese kusten. Daarnaast richtte Frans van Seumeren meerdere bedrijven op

11
92

Oeuvrelijst

93

1 Portret Mary van Seumeren 1944 | Brons | 35 · 20 · 20 cm

2 Portret Jan van Seumeren 1944 | Brons, gips | 30 · 30 cm

3 Buste mevrouw Van Nispen tot Pannerden van Voorst tot Voorst 1945 | Hout | 33 · 22 · 26 cm

4 Portret Vader, Frans van Seumeren 1945 ca. | Brons | 40 · 34 · 40 cm Mede o.b.v. dit portret werd René van Seumeren aangenomen op de Rijksacademie

5 Penning gemaakt bij gelegenheid van afscheid prof. Jan Bronner 1947 | Klei | 9 cm (diameter)

6 Pietà voor Sef Stassen 1947 | Brons | 48 · 27 · 20 cm

7 Portret Dagobert van Seumeren 1947 ca. | Brons

8 Portret Adelbert van Seumeren 1948 ca. | Brons | 62 · 35 · 20 cm Op verzoek is later van dit portret een buste gemaakt (85 · 40 · 23 cm)

9 Adelheid van Seumeren 1948 ca. | Brons, gips | 120 · 38 · 40 cm

10 Portret Vader, Frans van Seumeren 1948 | Brons | 32 · 25 · 24 cm

11 De kuise Susanna 1948 ca. | Reliëf in steen

12 Het laatste avondmaal 1949 | Reliëf in mergel | 350 · 500 cm

Ten tijde van de Rijksacademie gemaakt in Mergelgrotten van Valkenburg. Zie ʻMedeleerlingen’.

13 Johannes de Doper 1949 | Brons, gips | 125 · 40 · 22 cm

Met dit beeld won René van Seumeren de zilveren Prix de Rome in 1949

14 Madonna I 1949 | Hout | 128 · 38 · 35 cm

94
Portret Mary van Seumeren. [Cat.nr. 1]
95
Portret Vader, Frans van Seumeren. [Cat.nr. 4] Adelheid van Seumeren. [Cat.nr. 9]

15 Madonna II

1949 | Hout | 110 · 30 · 30 cm

16 Portret Parijse jongeman

1949 ca. | Gips | 36 · 21 · 25 cm

17 Hengelaar

1950 | Hoekgevelsteen | 100 · 125 · 10 cm

18 Portret Truus Simonis-Van Erp 1950 | Brons | 29 · 23 · 24 cm

19 Maria-altaar Gerardus Majella, inclusief Madonna

1950 | Reliëf en beeld in irokohout | 450 · 250 cm

Zie ʻMaria-altaar’ en ʻTerug in Nederland’

20 Kruisbeeld met voet voor St. Vincentklooster in Latrobe, Pennsylvania 1950 | Hout, Steen | 125 · 70 cm

21 Portret ir. Goetsch

1950

96
Maria-altaar Gerardus Majella, inclusief Madonna. [Cat.nr. 19], boven linkerpaneel, onder rechterpaneel Maria-altaar Gerardus Majella, inclusief Madonna. [Cat.nr. 19], detail rechterpaneel
97
Maria-altaar Gerardus Majella, inclusief Madonna. [Cat.nr. 19]

22 Pietà met hand op hoofd Jezus

1950 | Hout | 70 · 38 · 24 cm

23 Kleine pietà

1950 ca. | Brons | 15 · 5 · 4,5 cm

24 Buste Frater Johannes

1950 ca. | Brons

25 Verrijzenis

1950 ca. | Reliëf in moezelkalk | 70 · 55 cm

26 Franciscus met de melaatse en de bisschop

1950 ca. | Hout | 36 · 18 · 10 cm

27 Sint Christoffel

1950 ca. | Hout

28 Kruisbeeld, Christus kijkt naar rechts

1950 ca. | Hout

29 Pietà studie I

1950 ca. | Gips | 37 · 17 · 15 cm

30 Pietà gips studie II

1950 ca. | Gips

31 Portret werknemer CINDU

1950 ca. | Brons | 40 · 30 · 25 cm

32 Pietà, Jezus met handen op de rug

1950 ca. | Brons, gips | 47 · 29 · 26 cm

98
Franciscus met de melaatse en de bisschop. [Cat.nr. 26] Pietà, Jezus met handen op de rug. [Cat.nr. 32] Pietà met hand op hoofd Jezus. [Cat.nr. 22]

33 Madonna met kroon, kindje op heup en sjaal

1950 ca. | Brons, hout, gips | 64 · 13 · 28 cm

Deze Madonna was vermoedelijk de eerste versie voor het Maria-altaar in de Gerardus

Majellakerk (nr. 19)

34 Portret onbekende man

1950 ca. | Gips

35 Portret Theo Hoitink

1950 ca. | Gips

36 Portret Theo Wolters

1950 ca. | Klei

37 Franciscus met wolvenwelp en vogels

1950 ca. | Hout

38 Jozef met hamer en kleine Jezus met wereldbol in hand

1950 ca. | Hout

39 Madonna met kind in gevouwen handen

1950 ca. | Brons | ca. 22 cm hoog

40 Kruisbeeld

1950 ca. | Hout

41 Maria in blijde verwachting

1950 ca. | Hout

42 Moeder met kind

1950 ca. | Gips

43 Portret pastoor van Nuenen

1950 ca. | Brons, gips | 55 · 40 · 33 cm

44 Portret Eva

1950 ca. | Gips | 33 · 15 · 25 cm

45 Portret juffrouw C.M. Kaper

1950 ca. | Gips

46 Houten standaard

1950 ca. | Hout | 82 · 50 · 50 cm

47 Staand meisje met pop

1950 ca. | Steen | ca. 100 cm hoog

48 Arbeider 1951 | Reliëf van steen

Madonna met kroon, kindje op heup en sjaal. [Cat.nr. 33]

100

49 Jeanne d’Arc

1951 | Hout | 30 · 17 cm

50 Vader, Frans van Seumeren

1951 | Reliëf van brons, gips | 100 · 80 cm

51 Our Lady of Carmel

1951 | Reliëf van klei, hout

52 Penning Vader, Frans van Seumeren

1951 ca. | Brons | 6,5 cm (diameter)

53 Wegwijzers voor mannen-, vrouwen-, jongens- en meisjespaviljoenen Sanatorium Berg en Bosch

1951 ca. | Hout | 30 · 98 · 9 cm

54 Altaar voor abdij Tegelen

1952 | Steen, travertijn

55 Pietà

1952 | Hout | 120 · 50 · 50 cm

56 Engel

1952 | Steen

57 Portret Willem Michiels van Kessenich

1952 | Brons, gips | 35 · 19,5 · 20 cm

58 Heilige Elizabeth, Elizabeth van Hongarije

1952 | Hout | 46 · 12,5 · 11 cm

59 Heilige Bartholomeus

1952 | Frans kalksteen | 220 · 100 · 100 cm

Zie ʻSt. Bartholomeus’

60 Engelbewaarder – De mens en zijn engel

1952 | Steen | 45 · 24 · 19 cm

61 Reliëf Ludger Lampe 1885-1952

1952 | 50 · 35 cm

62 Portret Louis van Spanje

1952 ca. | Brons

63 Portret Jos van Spanje

1952 ca. | Brons

64 Jezus, Maria Magdalena en Johannes

1952 ca. | Hout

102
Heilige Elizabeth, Elizabeth van Hongarije. [Cat.nr. 58] Heilige Bartholomeus. [Cat.nr. 59]

Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
Issuu converts static files into: digital portfolios, online yearbooks, online catalogs, digital photo albums and more. Sign up and create your flipbook.