
3 minute read
De bemestingsprognose onder de loep
Na het indienen van de verzamelaanvraag kan de agrarische ondernemer de bemestingsprognose 2023 raadplegen op het mestloket.
VACcent-klanten kunnen de bemestingsprognose raadplegen op VACcent.
Advertisement
De bemestingsprognose 2023 bevat een heleboel informatie die je als agrarische ondernemer best weet om calamiteiten te voorkomen.
Bemestingsprognoses 2022 op basis van de ingediende verzamelaanvraag 2022 - Indieningsdatum 24/03/2022
Rechtsboven vind je in één oogopslag de totaal toegelaten hoeveelheid stikstof en fosfaat op de gronden waarvan je de mestrechten bezit.
Het fosfaat wordt weergegeven in zijn totaliteit en het fosfaat uit kunstmest. Het fosfaat uit kunstmest is lager dan het totale fosfaat omdat er percelen in gebruik zijn met enkel begrazingsrechten en dus niet mogen bemest worden. De stikstof wordt weergegeven uit de totale stikstof uit dierlijke mest en de totale werkzame stikstof. De werkzame stikstof is de stikstof uit kunstmest plus de stikstof uit dierlijke mest verminderd met de werkingscoëfficiënt.
We nemen als voorbeeld perceel 8 grasland enkel maaien
Het perceel heeft een oppervlakte van 1.08 ha. De werkzame stikstof bedraag 405 kg en de dierlijke stikstof bedraagt 270 kg (derogatie). Het fosfaat bedraagt 124 kg. We gaan uit van een forfaitaire samenstelling van runderdrijfmest 4.8 kg N per ton en 1.4 kg P per ton.
De maximale hoeveelheid runderdrijfmest op perceel 8 bedraagt:
› 270 kg N / 4.8 kg = 56.25 ton
› 124 kg P / 1.4 kg = 88.57 ton.
De toediening is beperkt tot het kleinste getal met name 56.25 ton.
Hoeveel stikstof uit kunstmest mag er toegediend worden?
We rekenen hiervoor met het begrip werkzame stikstof: 405 kg werkzame N vermindert met de runderdrijfmest (56.25 T x 4.8) x 60% werking = 162 kg.
U kan nog 405 kg – 162 kg = 243 kg stikstof uit kunstmest toedienen.
Perceelsinformatie
Per perceel vind je de nuttige informatie van het perceel te beginnen met de perceelsnummer uit je verzamelaanvraag, de oppervlakte en de teeltcode. De gespecialiseerde productiemethode heeft betrekking op scheuren van blijvend grasland en het uitsluitend maaien van het grasland.
Handig in 2022 is de tool om de gegevens te downloaden in excel. Hiermee kan je berekeningen maken op perceelsniveau.
In de verdere kolommen ontdek je of het perceel in aanmerking komt voor derogatie, en/of de derogatie op perceelsniveau werd aangevraagd via de verzamelaanvraag.
De kolommen over de ligging van het perceel informeren je over de fosfaatklasse I, II, III of IV, de bodemklasse en het gebieds-type 0 - 1 - 2 of 3 en welk bemestingsregime van toepassing is.
Tot slot kun je in de tabel de percelen detecteren waar er een bemestingsverbod geldt (geheel of gedeeltelijk).
De percelen waarvan de bemestingsnormen zijn gemerkt met een asterix (*) kunnen enkel bemest worden door begrazing. Het toedienen van dierlijk mest en kunstmest is niet toegelaten. (Denk eraan bij het invullen van je kunstmestregister).
Zijn je percelen gelegen in gebiedstype 2 en 3 en je hebt geen vrijstelling op de gebiedsgerichte maatregelen, dan kan je het voorlopige doelareaal aflezen en zien of je voldoende oppervlakte vanggewassen ter beschikking hebt.
BEREKENING VAN UW VOORLOPIGE DOELAREAAL 2022 (MAP6):
Uw referentiepercentage = 75%
Verhoging voor gebiedstype 2 in 2022 = 10%
Verhoging voor gebiedstype 3 in 2022 = 20%
Berekening van het toe te passen percentage vanggewassen per gebiedstype:
2022 groter dan uw totale oppervlakte bouwland in de gebiedstypes 2 en 3? Dan wordt uw doelareaal 2022 gelijkgesteld (‘afgetopt’) aan uw totale oppervlakte bouwland in de gebiedstypes 2 en 3.
De oppervlakte voorzien met een “J” rekent mee in het realiseren van het doelareaal zonder dat je dit moet registreren in de verzamelaanvraag.
De oppervlakte met een “P” is de oppervlakte van de percelen die je in de verzamelaanvraag moet registeren als vanggewas en periode van inzaaien.
Tot slot voor de ondernemers met groenten, aardbeien, sierteelt en boomkweekgewassen. Hier kan je aflezen hoeveel stikstofstalen je dient te nemen en over welke percelen dit betrekking heeft.
VERPLICHTE STIKSTOFANALYSES MET BEMESTINGSADVIES 2022 voor groenten groep I of II, aardbeien, sierteelt - of boomkweekgewassen
BEREKENING VAN HET AANTAL STALEN
I. Percelen in gebiedstype 0 met als voor-, hoofd- en/of nateelt een teelt van de groep aardbeien (AB), sierteelt of boomkweek, groenten van groep I of groenten van groep II. Door MAP6 is het niet meer verplicht om op deze percelen een stikstofstaal te laten nemen.
II. Percelen in gebiedstype 1, 2 of 3 waarop alleen een meerjarige teelt van de teeltgroep sierteelt of boomkweek (SB), groenten van groep I (G1) of groenten van groep II (G2) wordt geteeld.
Aantal percelen Oppervlakte (ha) Berekening
III. Percelen in gebiedstype 1, 2 of 3 met als voor-, hoofd- en/of nateelt een teelt van de groep aardbeien (AB), sierteelt of boomkweek, groenten van groep I of groenten van groep II, die geen meerjarige teelt is. 14

Totaal (afgerond) 14
Minimum aantal te nemen stalen
= minimum van het aantal percelen en van het aantal stalen berekend op basis van de oppervlakte