4 minute read

Terug aan de top

‘Tennissen was van jongs af aan mijn lust en mijn leven. Urenlang sloeg ik balletjes tegen het muurtje in de straat.’ Toch verloor Moos Sporken zijn plezier in het spel en hing zijn racket jarenlang aan de wilgen. Onlangs durfde hij eindelijk weer een racket aan te raken: een padelracket dit keer.

Tekst

Advertisement

Willemien Timmers

Fotografie

SANDRA AARTMAN

Als jongetje van vier jaar ging Moos Sporken (28) vaak met zijn vader mee naar de tennisbaan en werd verliefd op het spelletje. De jonge Moos bleek een groot tennistalent en werd op zijn negende gescout door een tennisschool. Dat betekende veel extra uren trainen (zes maal in de week was geen uitzondering) en veel wedstrijden spelen in heel Nederland, en al snel ook in het buitenland.

N Doel

Alle uren die Moos met veel passie en focus in tennis stopte, betaalden zich ruimschoots terug. Op zijn twaalfde was Moos Nederlands Kampioen in zijn leeftijdsklasse en enkele jaren later mocht hij zich ook Europees Kampioen noemen. Ook won hij de Nationale Junioren Kampioenschappen in de categorie Jongensenkel tot en met 18 jaar en behoorde hij op 16-jarige leeftijd tot de beste 180 tennissers van de wereld tot en met 18 jaar. ‘Ik had maar één doel in het leven en dat was proftennisser worden. En dat leek ook te gaan lukken,’ vertelt Moos, terwijl hij na een stevig potje padel in de avondzon van een ‘goed glas water’ geniet. ‘Telkens werd ik geselecteerd en speelde in grote toernooien, ook Grand Slams, door heel Europa. Tot het moment dat ik door een val geblesseerd raakte aan mijn pols.’

De blessure zorgde voor nieuwe emoties. ‘Ik was een tijdje uit het wedstrijdcircuit en dat creëerde in mij een onzekerheid die ik daarvoor niet kende.’ Toen Moos de wedstrijden weer kon oppakken, kwam de confrontatie met leeftijdsgenoten die zich in de tijd dat hij had stilgestaan wel verder hadden kunnen ontwikkelen. ‘De medespelers waar ik eerst van won, zag ik beter worden. Ik merkte dat ik anders ging denken: wat als ik niet meer win, als ik de top niet meer haal? Die gedachten hielden mij bezig.’ Dat hij merkte dat de belangstelling van de buitenwereld behoorlijk was afgenomen tijdens zijn blessuretijd, deed ook veel met hem. ‘Als je wint, is iedereen geïnteresseerd. Als het even niet meer zo goed gaat, in mijn geval vanwege een blessure, wordt het leven een stuk eenzamer.’

Duizend Kilo

De gedreven tennisser zette alles op alles om weer op zijn oude niveau te komen. ‘Op de trainingen gaf ik alles en ging het ook extra goed, maar tijdens wedstrijden blokkeerde ik mentaal.’ Zijn hoofd zat zijn lijf in de weg. ‘Het was bizar. Op het moment dat ik een wedstrijd moest spelen, kroop er een last van duizend kilo op mijn schouders. Daar zat ik dan, eenzaam op mijn hotelkamer ergens in Europa, helemaal klaargestoomd voor het echte werk. Maar ik kon het plezier niet meer vinden.’

Wat is padel?

Padel is de snelst groeiende nieuwe sport in Nederland en heeft wereldwijd zelfs meer dan achttien miljoen beoefenaars. In Nederland werd de sport mede populair dankzij voetbalcoach Guus Hiddink, die in 2006 een padelbaan liet bouwen op het PSV-trainingscentrum. Je zou padel een kruising tussen tennis en squash kunnen noemen. De baan is twintig bij tien meter (een stuk kleiner dan een tennisbaan) en heeft een omheining van glas en hekwerk. Het veld is verdeeld in twee helften met ieder twee servicevakken en een achterveld. Padel speel je altijd met z’n vieren en is daardoor, zeker gezien de relatief kleine baan, een zeer sociale sport.

Het spelletje dat hem jarenlang zo veel plezier had gegeven, bracht hem nu juist stress. ‘Tijdens mijn laatste toernooi in Duitsland, ik was toen 21, stond ik met zo veel tegenzin op de baan dat ik het niet meer trok. Mijn eerste set won ik met 6-0 en ook de tweede set verliep grandioos, maar ik herinner me dat ik alleen maar kon denken: ik wil hier niet zijn, ik ben niet gelukkig. Ik kon niet meer; ik pakte de bal op, gaf mijn tegenstander een hand en liep de baan af. Daarna heb ik jarenlang geen tennisracket meer aangeraakt.’

Andere Dynamiek

Moos stortte zich in het Amsterdamse studentenleven en volgde een opleiding tot makelaar. Zijn tennisracket kwam niet meer uit de kast. ‘Dat wilde ik echt niet meer; tennis was verbonden met zo veel negatieve gevoelens.’ Tot een vriend hem overhaalde om in het Vondelpark een partijtje padel te spelen. ‘Daar genoot ik van, maar ik merkte dat de prestatiedrang weer op een negatieve manier de kop opstak.’

Toch vond Moos het plezier in het spelletje terug. Grote hulp daarbij was zijn vriend en padelpartner Nikander Damianos. ‘Hij sleepte me mee om samen te trainen en toernooien te bezoeken. Doordat je altijd met zijn tweeën bent, is de dynamiek heel anders.’ De twee bleven niet onopgemerkt en al snel speelden ze mee in de Nederlandse top. Ze werden zelfs gevraagd voor het Nederlands team. ‘De passie kwam terug en de last op mijn schouders bleef weg. Ik genoot van het spelen van padel.’ De twee gingen er helemaal voor en samen met een professionele trainer bereikten ze in maart van dit jaar zelfs de halve finale op het NK Padel.

NIET OMDAT HET MOET

Gelukkig voor Moos is de sfeer in de Nederlandse padel-top prima. ‘Het is veel relaxter dan bij het tennis. Super om op deze manier naast mijn werk met de top mee te kunnen draaien. We zien wel hoe lang we dit volhouden. Ik speel omdat ik het leuk vind en niet omdat het moet. Als ik nu terugkijk, denk ik dat ik niet zo jong al fulltime met tennis bezig had moeten zijn. Het is beter om geleidelijk steeds meer uren in het spelletje te steken en andere dingen erbij te doen die je energie geven. Daarnaast is het goed om te genieten van de wereld om je heen. Je familie, je vrienden, het “gewone” leven. Daarmee was ik het contact helemaal kwijt in mijn topsportjaren. Aan de andere kant hebben deze jaren mij ook veel gebracht, bijvoorbeeld het vermogen om gedisciplineerd te leven.’

This article is from: