Amerika I
Een mormoon in het Witte Huis? Het ‘komma-probleem’ van Mitt Romney Oud-gouverneur en zakenman Mitt Romney wordt ondanks de heftige strijd binnen zijn partij toch gezien als dé Republikeinse politicus die bij machte zou moeten zijn om Barack Obama uit het Witte Huis te verdrijven. Maar is deze politieke en religieuze ‘zwabberaar’ daartoe wérkelijk in staat? En krijgen de Verenigde Staten na hun eerste zwarte president in 2013 dan hun eerste mormoonse president? door Jan van hooydonk
“Barack Obama is een fantastische kerel, maar hij moet niet langer in het Witte Huis wonen.” Mitt Romney geldt als de belangrijkste kanshebber op de Republikeinse nominatie voor het presidentschap. Alle commentatoren zijn het erover eens: Romney is de enige Republikeinse kandidaat die ze min of meer ‘op een rijtje heeft’. De enige ook die kans maakt om Obama op 6 november te verslaan. Het Republikeinse partij-establishment hoopt daarom maar één ding: dat Romney’s concurrenten Newt Gingrich, Rick Santorum en Ron Paul zo gauw mogelijk de handdoek in de ring gooien. Maar president is hij daarmee natuurlijk nog allerminst. Wil Willard Mitt Romney (64) in 2013 aantreden als de 45-ste president, dan zal hij op minstens twee fronten de twijfels aan zijn geschiktheid moeten wegnemen.
Zwabberaar Op de eerste plaats heeft Romney een politiek geloofwaardigheidsprobleem: is hij wel de oprechte conservatief die hij tegenwoordig voorgeeft te zijn? Kiezers herinneren zich maar al te goed hoe hij tot voor kort voorstander was van het zelfbeschikkingsrecht van vrouwen inzake abortus en van partnerschapsregistratie voor homoseksuelen. Ze verwijten hem dat hij als gouverneur van de staat Massachusetts een ziektekostenverzekering invoerde die verdacht veel lijkt op de door conservatieven maar intussen ook door hemzelf verfoeide ‘Obamacare’. Hier wreekt zich dat Romney zijn leven lang meer een gewiekste zakenman (geschat vermogen 200-250 miljoen dollar)
Volgens de mormonen leefde Jezus na zijn opstanding in Amerika, waar ook de eindtijd zal plaatsvinden
is geweest dan een politicus met idealen. Hij wekt als politicus de verdenking zijn standpunten aan te passen aan de ‘markt’ en komt daarmee over als een politieke zwabberaar van de bovenste plank. Bovendien zou deze ‘durfkapitalist’ rijk zijn geworden over de ruggen van zijn werknemers en de belastingbetaler, zo suggereert zijn belangrijkste Republikeinse opponent, Gingrich. Op de tweede plaats heeft Romney bij de kiezers een geloofwaardigheidsprobleem als gelovige. Om het Witte Huis te veroveren heeft hij de steun nodig van de machtige groep van evangelische christenen. Een kwart van de Amerikanen, evangelischen voorop, heeft echter fundamentele bezwaren tegen een president die mormoon is. Mormonen zijn volgens hen geen christenen. Wanneer de mormoon Romney zegt Jezus Christus “te belijden als zijn Heer en Heiland”, vertelt hij volgens deze christelijke kiezers maar een deel van zijn geloofswaarheid. Is Mitt Romney dus niet alleen een politieke maar ook een religieuze zwabberaar?
Beloofde land ‘Geloof in Amerika’ (Belief in America) luidt de slogan waarmee presidentskandidaat Romney de harten van zijn landgenoten tracht te veroveren. Als er nu één kerk Amerikaans is, dan is het wel de mormonenkerk. Vanwaar dan toch de twijfels bij zijn achterban aan de geschiktheid van een mormoon voor het hoogste staatsambt? De redenen daarvoor worden gevonden in de geschiedenis en de opvattingen deze kerk. De mormonenkerk werd op 6 april 1830 gesticht in de stad Fayette (New York) door de toen 24-jarige Joseph Smith. In de tien jaren voorafgaand aan de stichting van de kerk had Smith meerdere visioenen. Tijdens een van deze visioenen liet de engel Moroni hem een aantal gouden platen vinden waarop de profeet Mormon (daarom de naam: mormonen) de kroniek geschreven zou hebben van een oude Amerikaanse
14 VolZin | 3 februari 2012
393566.indd 2
30-1-2012 11:29:46
Mitt Romney met vrouw en vier van zijn vijf zonen. Zijn onberispelijk huwelijksleven is een sterke troef.
beschaving die duurde van circa 2200 voor Christus tot 420 na Christus. Mormon vertelt daarin hoe joden ten tijde van de Babylonische ballingschap uitweken naar het Amerikaanse continent. Na zijn opstanding zou Jezus zich bij hen gevoegd hebben. Het Amerikaanse continent wordt in deze kroniek beschreven als het nieuwe beloofde land, Zion, waarin eens, in de eindtijd, alle gelovigen vergaderd zullen worden.
Vervolging In 1827 kreeg Smith verlof om de platen die tot dan toe door de engel Moroni werden beheerd, mee naar huis te nemen. Hij vertaalde de kroniek in het Engels: het Boek van Mormon, dat naast de Bijbel en nog enkele andere openbaringsteksten voor mormonen geldt als Heilige Schrift. Smith toonde de gouden platen aan ‘elf getuigen’, om ze daarna weer terug te geven aan de engel Moroni. Vervolgens verschenen de apostelen Petrus, Jacobus en Johannes aan Smith. Zij gaven hem opdracht de oorspronkelijke kerk van Christus te herstellen. Vandaar de officiële naam: Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der
Laatste Dagen. De kerk werd van begin af aan gekenmerkt door een grote zendingsijver. Jongemannen werden en worden erop uitgestuurd om de wereld voor het mormonisme te winnen. In de jaren ’30 en ’40 van de negentiende eeuw voegden duizenden nieuwe mormonen vanuit Europa zich bij hun geloofgenoten in Amerika. Door migratie en het hoge kindertal groeide de kerk als kool, maar zij werd ook hevig vervolgd. Burgerlijke machthebbers vreesden de mormonen omdat zij met hun hechte organisatie een staat in de staat vormden. De gevestigde kerken zagen met lede ogen hoe deze nieuwe gelovigen onder hun duiven schoten. Het feit dat de mormonen veelwijverij praktiseerden, maakte hen tot een gemakkelijk doelwit voor hun vervolgers. Profeet Joseph Smith en zij broer Hyram werden in 1844 in de gevangenis van Carthage, Illinois, door een uitzinnige menigte gelyncht. Onder leiding van diens opvolger Brigham Young trokken de vervolgde gelovigen duizenden kilometers naar het Westen. Hun exodus kwam tot stilstand in de vallei van het Grote Zout-meer, waar zij de stad Salt Lake City sticht-
3 februari 2012 | VolZin 15
393566.indd 3
30-1-2012 11:29:50
ten. De mormonen leefden er in hun theocratisch bestuurde Kingdom of the West. Sinds 1894 maakt de staat Utah deel uit van de Verenigde Staten van Amerika. Voorwaarde daarvoor was de afschaffing van de polygamie. Het ‘meervoudige huwelijk’ komt nu nog alleen maar voor bij kleine afgescheiden mormoonse kerkjes. Hun leden riskeren daarmee gevangenisstraf.
Geheime rituelen De mormonenkerk, die zichzelf wel degelijk als een christelijke kerk beschouwt, telt op dit moment in de Verenigde Staten zo’n 6 miljoen gelovigen. Eenzelfde aantal mormonen woont buiten de VS (in Nederland 8.000). Ze worden met straffe hand geleid vanuit het hoofdkwartier van hun Profeet in Salt Lake City. Mormonen worden geacht naar bijbels gebruik jaarlijks een tiende van hun inkomen ‘terug te geven aan God’. Het geld wordt door de kerk gebruikt voor liefdadigheid en uitbouw van haar zakelijke imperium. Het kerkelijke vermogen zou tussen de 25 en 30 miljard dollar liggen. De geschiedenis van vervolging en wantrouwen is een van de redenen voor het hechte karakter van deze geloofsgemeenschap. De kerk wordt daarnaast bijeengehouden door een sterke nadruk op het gezinsleven – mormoonse gezinnen brengen overal ter wereld, de maandagavond samen door – en specifieke leefregels: geen tabak, alcohol, koffie of thee, geen seks buiten het huwelijk, geen homoseksuele relaties of zelfbevrediging. Mormoonse kerkgebouwen fungeren als gemeen-
Tempel in Salt Lake City, centrum van de mormoonse kerk.
Romney: ‘God schiep dit land niet om een natie van volgers te zijn maar om de wereld te leiden’ schapscentra. Daar wordt de zondagsschool gehouden en het avondmaal gevierd (met water in plaats van wijn). Daarnaast telt de kerk nog zo’n 150 tempels (de Nederlandse tempel staat in Zoetermeer). Anders dan de kerken zijn de tempels alleen toegankelijk voor leden van de kerk. De tempelrituelen zijn geheim. Tot deze rituelen behoort de ‘bezegeling’ van het huwelijk waardoor man en vrouw ook na hun dood met elkaar getrouwd zullen blijven en gezinnen eeuwig samen zullen zijn. En ook de ‘doop voor de doden’ waardoor overleden voorouders bij de kerk ingelijfd worden. De doden hebben volgens de kerkleer overigens wel de mogelijkheid vanuit het hiernamaals met deze doop al dan niet in te stemmen. De praktijk van de dodendoop verklaart de interesse van de mormonen in genealogie. De grootste genealogische verzameling ter wereld is te vinden in Salt Lake City. In 1995 sloten de mormonen met de joodse gemeenschap in de VS een overeenkomst om te stoppen met het ongevraagd dopen van slachtoffers van de Holocaust.
Komma-probleem Mitt Romney is al zijn leven lang een overtuigd en actief lid van de mormonenkerk. Hij was als jongeman twee jaar actief als zendeling in Frankrijk (maar maakte onder dat ‘wijndrinkende volk’ weinig bekeringen), bezegelde zijn huwelijk in de hoofdtempel in Salt Lake City, was bisschop van een lokale gemeente en droeg de afgelopen twee jaar 4,13 miljoen dollar (tien procent van zijn inkomen) af aan de kerk. Mormonen als Romney - en zo zijn er vele - vormen in sociaal en economisch opzicht een voorbeeld van een geslaagde en aangepaste minderheid. Maar dat geldt niet in religieus opzicht. De mormonen missen een oecumenische visie en taal. Vanwege hun geschiedenis, opvattingen en rituelen zijn zij tot nu toe niet in staat gebleken om op een voor buitenstaanders geloofwaardige manier te communiceren over hun geloof. Dat is zeker voor een presidentskandidaat een probleem. Ter wille van zijn achterban moet hij zich in de campagne als gelovige profileren. Maar wanneer hij dat werkelijk doet, zal hij bij orthodoxe christenen door de mand vallen als iemand die niet werkelijk bij hen hoort. Romney beseft dit. Hij heeft naar eigen zeggen een ‘komma-probleem’. “Telkens wanneer de naam Romney verschijnt, wordt eraan toegevoegd: ‘komma, die mormoon is’.”
16 VolZin | 3 februari 2012
393566.indd 4
30-1-2012 11:29:52
Het komma-probleem deed zich ook voor in 2007, tijdens de vorige campagne voor het presidentschap – die Romney verloor van senator John McCain. Lange tijd volgde hij toen de strategie om te zwijgen over zijn geloof. Of hij sprak alleen over wat mormonen met (andere) christenen gemeenschappelijk hebben. Evangelische tegenstanders namen hem daarover op de korrel. Wat had hij te verbergen? Romney reageerde daarop met een toespraak (‘Faith in America’) waarin hij de scheiding van kerk en staat benadrukte en verklaarde als president nimmer orders van enige kerk aan te nemen. “Vrijheid vraagt om geloof en geloof om vrijheid”, zei hij. “Vrijheid en geloof zullen ofwel elkaar verdragen ofwel ieder voor zich ten onder gaan.” En ook: “Een president moet geen religie, groep, onderneming of belang dienen maar alleen het gemeenschappelijke belang van het volk van de Verenigde Staten. Als president heb ik het gebed nodig van allen die geloven, van welk geloof ze ook zijn.”
Conservatieve agenda Romney’s Faith in America-rede was onmiskenbaar geïnspireerd door de speech waarmee presidentskandidaat John F. Kennedy in 1960 het wantrouwen van zijn landgenoten tegen een rooms-katholiek in het Witte Huis wist weg te nemen. Zal Romney in diens voetsporen kunnen treden? Romney’s toehoorders in 2007 vonden het een waardig betoog maar het viel hen wel op dat de kandidaat in zijn toespraak geen enkel specifiek mormoons geloofspunt aanroerde. Dit laatste vormt nog steeds de kern van Romney’s strategie: ook tijdens de huidige campagne zwijgt hij over zijn mormoonse achtergrond maar draagt intussen wel de ‘familiewaarden’ en conservatieve morele agenda uit die voor deze kerk typerend zijn. Anders dan, alweer, Gingrich kan hij bogen op een onberispelijk huwelijksleven: hij is al meer dan veertig jaar met dezelfde vrouw - Ann Davies - getrouwd, samen hebben ze vijf zonen en zestien kleinkinderen. Waar Obama doorgaat voor een ‘homovriend’, beklemtoont Romney dat het huwelijk een zaak van een man en een vrouw is. Maar natuurlijk zijn er ook kiezers, en wellicht zijn dat er meer, die hun stem eerder laten afhangen van hun portemonnee dan door hoge geestelijke overwegingen. Hun houdt Romney voor dat hij niet alleen een morele maar ook een ‘fiscale conservatief’ is. Hij belooft het bedrijfsleven vrij baan, wil de belastingen verlagen en de overheid verkleinen. Alleen ‘iemand van buiten Washington’ - hijzelf dus - is volgens hem in staat Amerika weer de rol op het wereldtoneel die dit land toekomt: “God schiep dit land niet om een natie van volgers te zijn. God heeft de Verenigde Staten geschapen om de wereld te leiden.” ■
column
Marjoleine de vos
Niets te verbergen Over sommige dingen wind je je vaak op, zonder precies de vinger te kunnen leggen op het waarom. Neem bijvoorbeeld het overal bekeken en geregistreerd worden ten gerieve van onze ‘veiligheid’. Rijd je op de snelweg, word je auto gefotografeerd, loop je door de stad, sta je op talloze camera’s, neem je de trein, laat je OV-chipkaart weten hoe laat je waar naartoe ging. Desgewenst kan men eenvoudig je e-mail lezen (en men doet dat ook, we weten het van Duitsland) of je telefoon afluisteren. Ach, zegt bijna iedereen tegenover wie je daarover begint, “als je toch niets te verbergen hebt…” Dat zinnetje, daar maak ik me geweldig kwaad over. Waarom toch? Vaak zeg ik onmachtig: wacht maar, tot je je ineens ergens bevindt waar een drugsdealer wordt neergeschoten en dan is je neef ook nog aan de drugs en dan je auto stond laatst geparkeerd in de buurt van een hennepkwekerij. Uit je surfgedrag is duidelijk dat je wel interesse hebt in de uitwerking van verdovende middelen – wat heeft u daarop te zeggen? Maar dan haalt men zijn schouders op, want het klinkt zo onwaarschijnlijk. Het is ook onwaarschijnlijk, dat is precies het probleem. Maar in dat gevoel: ‘dat overkomt mij niet’, zit altijd ook iets van de gedachte ‘misschien iemand anders’. En dan laat het je eigenlijk onverschillig of die iemand anders wel allerlei moeilijkheden krijgt. Het gaat trouwens ook niet alleen om zulke grote dingen. Het gaat ook om dat niemand iets van doen heeft met je privéleven. Een vriendin mailde me een half jaar geleden met de vraag of ik wist dat er foto’s van mij op zo’n schoolreünie site stonden. Nee, wist ik niet. Ging kijken, en ja: een privéfoto van mijzelf en mijn broertje, ooit aan een vriend gegeven en die had het nu blijkbaar leuk gevonden die foto op internet te zetten. Had ik daar iets te verbergen? Welnee. Maar die foto is privé. Die heeft niets op internet te zoeken, die is gemaakt in de familiekring. Het is een heel gewoon gevoel van ergernis – je intimiteit is geschonden. Iedereen zal eerst vragen of hij of zij toestemming heeft alvorens door het fotoalbum van een ander te bladeren (als je al intiem genoeg bent om zo’n vraag te stellen). Niet omdat de andere foto’s geheim zijn, maar omdat ze privé zijn. Waarom moest ik daar zo lang over denken? Het is eigenlijk glashelder.
3 februari 2012 | VolZin
393566.indd 5
17
30-1-2012 11:29:56