Artikel
T. Molleman en A.A. van den Hurk1
Een 1 estie van evenwichtskunst: Over de doelen en taken van et gevangeniswezen2 55 Introductie In Nederland krijgen jaarlijks ongeveer 35.000 burgers te maken met een vrijheidsbene ming voor korte of langere tijd. Deze burgers worden ingesloten in penitentiaire inrichtin gen van het gevangeniswezen. Het gevangeniswezen wordt in verband gebracht met een breed scala aan doelen, verwachtingen en eisen ten aanzien van de uitvoering van vrijheids beneming. Burgers (waaronder slachtoffers) gaan er vanuit dat gedetineerden niet kunnen vluchten en dat zij in niet al te riante omstandigheden hun tijd uitzitten. Gedetineerden en hun naasten hebben vanzelfsprekend deels andere belangen bij de wijze waarop de vrij heidsbeneming wordt ingevuld; de mogelijkheid van bezoek en de beschikbaarheid van voorzieningen zijn daar voorbeelden van. Ook het gevangenispersoneel is een belangheb bende partij. Zij willen veilig kunnen werken, uitdaging vinden in hun vak en daar ook trots op zijn. Ten slotte hebben politici door de jaren heen een wisselende visie gehad op wat het resultaat van penitentiaire inrichtingen dient te zijn. Soms voerde het aspect van vergelding de boventoon, soms het aspect van resocialisatie van gedetineerden of het terugdringen van recidive. Kortom, bij de vrijheidsbeneming is sprake van diverse belanghebbenden met deels conflicterende belangen en wisselende doelstellingen. Tot op heden ontbreekt een analyse die een brug slaat tussen de grondslagen van de vrijheidsbeneming en de concrete uitvoeringstaken van de werkvloer in een penitentiaire inrichting. Dit artikel tracht die brug te slaan door een ‘vertaalslag’ van strafdoelen naar concrete uitvoeringstaken te maken. Het zal blijken dat die vertaalslag op onderdelen problematisch is door onduidelijkheid over de interpretatie van de beginselen van minimale beperkingen en resocialisatie. Enerzijds zegt de wet dat gedetineerden zo min mogelijk beperkingen moeten worden opgelegd en dat een maximale inspanning gewenst is op het terrein van tesocialisatie. Anderzijds bestaan in de uitvoeringspraktijk regels zoals beperkingen wat betreft bezoek en het verbod op com puters. We bevelen aan de beperkingen die gedetineerden mogen worden opgelegd te ex pliciteren zodat duidelijkheid en rechtszekerheid wordt bevorderd voor alle belanghebben den. Voorts doen we de suggestie om de resocialisatiedoelstelling een dwingender karakter mee te geven door het niet alleen als een recht, maar ook als burgerplicht van gedetineerden te kwalificeren.
Relevantie In de literatuur is veelvuldig geschreven over de doelen van straffen en maatregelen. De uitwerking daarvan in concrete taken voor penitentiaire inrichtingen is veel minder vaak onderwerp van studie. Dat er leemtes bestaan in die uitwerking blijkt ondermeer uit een 1.
2.
576
Respectievelijk onderzoeker bij het Wetenschappelijk Onderzoeks- en Documentatiecentrum en adviseur we tenschappelijk onderzoek bij de Dienst Justitiële Inrichtingen, beide ressorterend onder het ministerie van Veiligheid en Justitie. De standpunten in dit artikel zijn zuiver en alleen die van de auteurs en zijn niet nood zakelijkerwijs gelijk met die van het Ministerie van Veiligheid en Justitie. De auteurs danken H.G. van de Bunt voor zijn waardevol commentaar op dit manuscript. Citeerwijze: T. Molleman & A.A. van den Hurk, Een kwestie van evenwichtskunst: Over de doelen en taken van het gevangeniswezen’, DD 2012, 55.
Afi. 7 - september 2012
DD