Pluimen, wolken en mesocyclonen
Vulkaanuitbarstingen vanuit de ruimte Satellietbeelden en ruimtefoto’s kunnen de uitstoot van vulkanen prachtig in beeld brengen. Als de wind het rijk alleen heeft vormen zich aspluimen of aswolken. In sommige gevallen krijgt het met grote snelheid omhoog komende hete gas en gesteente zijn eigen dynamiek. Dan vormt zich volgens een nieuwe theorie een vulkanische mesocycloon, die net als zware onweersbuien vergezeld kan worden door bliksemontladingen en hozen.
V
erspreid over de aarde liggen ongeveer vijftienhonderd jonge vulkanen. Gezamenlijk zijn ze goed voor ongeveer zestig uitbarstingen per jaar. De omvang en hevigheid van de uitbarstingen loopt sterk uiteen. Kleine erupties komen geregeld voor, grotere zijn veel zeldzamer. Een vulkaanuitbarsting duurt een paar minuten tot enkele tientallen uren. Een actieve periode kan maanden tot jaren duren.
De wolken en pluimen die vulkanen tijdens een eruptie uitstoten, bevatten vulkanische as en gassen als zwaveldioxide en kooldioxide. Ze vormen een gevaar voor het vliegverkeer (zie ook Zenit juli/augustus 2004) en worden dan ook zo goed mogelijk in de gaten gehouden. Sommige vulkanen worden met webcams, radar of vanuit bemande waarnemingsposten voortdurend bewaakt. Veel andere
vulkanen zijn eveneens actief, maar liggen ver weg van de bewoonde wereld. Om te weten of zo’n vulkaan actief is, moet men terugvallen op stralingsmetingen en foto’s vanuit de ruimte. Van daaruit zijn uitbarstingen van vulkanen met de bijbehorende pluimen en aswolken schitterend in beeld te brengen. Actuele waarnemingen van routinematig overkomende satellieten, zoals de Amerikaanse Terra en Aqua, komen enkele malen per dag beschikbaar, zodat daarin van de meeste erupties wel iets terug te vinden is. Bij foto’s vanuit het incidenteel overkomende internationaal ruimtestation ISS gaat het meer om toevalstreffers: het ruimtestation moet op het goede moment op de
Figuur 2:vulkaanuitbarstingen met langgerekte aspluimen. Links: de 1122 meter hoge vulkaan Chaitén, Zuid-Chili. Vegetatie is rood, kale grond en as bruin, water diep blauw en bewolking, sneeuw en de pluim van de vulkaan wit. Datum: 19 januari 2009. Instrument: ASTER. Satelliet: Terra. Bron: NASA/Earth Observatory. Rechts: Noordwestenwinden voeren tijdens een uitbarsting de as van de 3323 meter hoge Etna op Sicilië, Italië, naar het zuidoosten. De foto werd met een digitale camera gemaakt vanuit het ISS op 22 juli 2001. (Bron: NASA)
goede plek zijn om de bemanning in staat te stellen een uitbarsting met de digitale camera vast te leggen. Gelukkig doet zo’n situatie zich nu en dan voor en komt er van tijd tot tijd spectaculair fotomateriaal naar buiten. Dat was onlangs nog het geval in juni 2009, toen de uitbarsting kon worden gefotografeerd van de vulkaan Sarychev Peak op het eiland Matua, een van de Russische Koerilen in de Zee van Ochotsk (figuur 1).
Kees Floor Kees Floor verzorgt cursussen, workshops, lezingen en geschreven teksten over het weer en aanverwante onderwerpen. Veel van zijn bijdragen aan Zenit (en andere tijdschriften) zijn te vinden op keesfloor.nl.
452
ZENIT OKTOBER 2009
Figuur 1:uitbarsting van de 1496 meter hoge vulkaan Sarychev Peak op het eiland Matua, een van de Russische Koerilen in de Zee van Ochotsk, gezien vanuit het ISS op 12 juni 2009. In plaats van een strakke pluim of een diffuse aswolk ontwikkelt zich in dit geval boven een kolom met uitgestoten as een bruin scherm van vulkanische deeltjes. De foto werd gemaakt met een digitale camera vanuit het internationale ruimtestation ISS. (Bron: NASA/ ISS020E009048)
Wisselwerking met wind De uitbarstingen van vulkanen veroorzaken vaak langgerekte pluimen met stoom en as. Op de beelden vanuit de ruimte zijn die pluimen goed te zien, zeker als het contrast met de ondergrond voldoende is. De door de vulkaan uitgestoten deeltjes en gassen worden in zo’n situatie meegevoerd met de wind, die de aswolk zijn vorm geeft (figuur 2). Naarmate de afstand tot de vulkaan groter wordt, is de pluim breder en nemen de concentraties vulkanische deeltjes en gassen geleidelijk af. Grotere asdeeltjes kunnen zich in de atmosfeer niet zo lang handhaven en vallen uiteindelijk uit de pluim naar beneden; de kleinere deeltjes verblijven langer in de dampkring. Tot zo ver wijkt het beeld niet af van wat je normaal gesproken van een vulkaanuitbarsting mag verwachten.
Als het nauwelijks waait of wanneer de wind veranderlijk is, wordt het beeld duidelijk anders. Van een uitgesproken pluim is niet langer sprake. Ervoor in de plaats komt
een diffuse aswolk, die boven de wijde omgeving van de vulkaan blijft hangen (figuur 3). Ook zo’n situatie past nog goed in onze voorstelling van een uitbarstende vul-
Figuur 3:satellietbeeld in natuurlijke kleuren van een vulkaanuitbarsting met diffuse aswolken van de 2361 meter hoge vulkaan Kartala op de Comoren in de Indische Oceaan tussen Mozambique en de noordpunt van Madagascar. Datum: 24 november 2005. Instrument: MODIS, banden 1, 4 en 3. Satelliet: Terra. (Bron: NASA/GSFC Modis Land Rapid Response Team) ZENIT OKTOBER 2009
453