www.lc.nl
woensdag 24 juni 2015
S P E C I A LE studenten
leeuwarden
Neushoorn de nacht in, en de wereld p.15
Beleving in de binnenstad
TGAVE UI
De hort op om te studeren p.2
cultuur
Antwoorden over Culturele Hoofdstad p.15 prinsentuin
Trouwen in Leeuwarden
p.20
filmquiz
Winkelend publiek in het centrum van Leeuwarden. ’Beleving’ is bepalend voor succes. RENÉ VAN BAAL LEEUWARDEN De binnenstad wint
aan belang op het gebied van wonen en vermaak. Boodschappen doen we buiten het centrum, het centrum is voor het funshoppen.
Een boekhandel waar je in een rustig hoekje een wijntje kunt drinken. Een speciaalzaak in keukenartikelen die tevens kookclinics verzorgt – uiteraard met een alcoholische versnapering, net als de broodjeszaak of de traiteur of het restaurant waar je een fles prima huiswijn mee naar huis kunt nemen. Het zou kunnen, maar het mag niet. Detaillisten stuiten steevast op de eis dat ze daarvoor een horecavergunning nodig hebben. En die is lastig te verkrijgen. Daar lijkt verandering in te komen, want op landelijk niveau wordt gewerkt aan versoepeling van de regelgeving die wordt ervaren als niet meer van deze tijd. De horecavergunning stamt het begin van de vorige eeuw toen fabriekseigenaren de gewoonte hadden om het loonzakje uit te keren in de kroeg, die steevast ook hun eigendom was. Het gevolg laat zich raden. De arbeiders kwamen vaak pas thuis als ze daar al een flink deel hadden besteed. Versoepeling is welkom, meent binnenstadsmanager Hayo Galema. Hij is de verbindingsman tussen ondernemers en gemeente en ziet de
langzame verandering in het kernwinkelgebied. Het publiek wil beleving, gezelligheid, ze komen voor het funshoppen. Meer mensen komen er wonen boven de winkels, zoals in bijvoorbeeld de Sint Jacobsstraat of op de Voorstreek. In 2010 telde de binnenstad 4300 inwoners, nu zijn het al meer dan 5000. Ook ambachtslieden vestigen zich weer in het kernwinkelgebied. De binnenstad telt zo’n 350 winkels in panden die in handen zijn van 380 verschillende eigenaren. Dat is bijzonder, want in andere steden als Emmen en Roermond is het vastgoed veelal eigendom van enkele grote beleggers. In Leeuwarden vormt de eigendomsplattegrond een fraaie lappendeken, doordat zich er relatief weinig grootschalige ontwikkelingen hebben voorgedaan. De stad heeft zich rustig kunnen ontwikkelen. De vastgoedeigenaren hebben in de jongste crisis cweliswaar een veer moeten laten, aldus Galema, maar hun panden zijn vaak afbetaald. Ze zijn in de positie om een lagere huurprijzen of kortere contracten te accepteren. Starters krijgen zo een kans een rendabel bedrijf te beginnen. Op die gronden hebben aan de Nieuwstad in een paar weken vier panden een nieuwe exploitant gekregen. De leegstand valt cijfermatig erg mee. Voor de hele gemeente Leeu-
FOTO NIELS WESTRA
‘We doen het in Leeuwarden zo gek nog niet’ warden ligt die op 11,4 procent waarbij aangetekend moet worden dat de 10.000 vierkante meter van de failliete meubelzaak Post het cijfer plotseling flink heeft opgekrikt. Als de nieuwe eiegenaar Kapenga de zaak binnenkort heropent, kan het leegstandcijfer zomaar een paar procent dalen. Ter vergelijking: Groningen kent een winkelleegstand van 9,5 procent, Assen 11,8 procent en Enschede 13,8 procent. Galema: ,,De leegstand in de straten rond het kernwinkelgebied is verbeterd vergeleken met een aantal jaren geleden, met uitzondering van de winkels aan het Zaailand en Ruiterskwartier. Daar blijven de huurprijzen hoog. De verhuurders kunnen vaak niet lager gaan zitten. Die panden zijn gefinancierd op basis van een prognose van de huurinkomsten. Afboeken zou grote verliezen met zich meebrengen.’’ Leeuwarden kent een verzorgingsgebied van 200.000 inwoners. Dat zijn de mensen die op een half uur rijden van de stad wonen. De nieuwe ontsluitingswegen, de parkeergarages, het goede openbaar vervoer brachten de stad in een re-
cent benchmarkonderzoek van Goudappel Cofeng, een toonaangevend adviesbureau op het gebied van ruimte en mobiliteit, op plek één wat betreft bereikbaarheid. Wat betreft aantrekkelijkheid betrok Leeuwarden de 19de plek van de onderzochte 100 grootste steden in het land. De historische aanblik, de verscheidenheid aan terrassen, het cultuuraanbod, de vele evenementen, ze droegen bij aan de keurige notering op de lijst. ,,We doen het dus zo gek nog niet’’, aldus Galema. Hij ziet een nieuwe generatie middenstanders opkomen, die de nieuwe marketingtechnieken met inzet van Facebook, Twitter of Google beheersen. ,,Ze snappen hoe ze hun klanten kunnen bereiken en pakken het heel anders aan dan de huidige generatie middenstanders, die vaak 55-plus zijn.’’ Terwijl grote ketenbedrijven als V&D, Blokker en Hema het moeilijk hebben, zijn er andere grote partijen die wel degelijk belangstelling hebben. Onlangs meldde zich een concern dat 1000 vierkante meter verkoopvloeroppervlak in de binnenstad zocht. ,,Er werd niets gevonden wat aan hun eigen voldeed.’’ Welke zaken zouden nog welkom zijn? Galema noemt Zara, Flying Tiger, Forever 12, misschien een kleine Primark. ,,Maar we hebben in de binnenstad gewoon te weinig grote panden voor dit soort ketenbedrijven.’’
David Carradine in filmisch Leeuwarden p.23 sport
Het verhaal van Cambuurtalent Bob Schepers p.36