Concerttoelichting | Tarmo's Tristan

Page 1


Concerttoelichting

vr 14 februari 2025 • 20.15 uur

Tarmo’s Tristan

PROGRAMMA

dirigent Tarmo Peltokoski

Isolde Miina-Liisa Värelä

Tristan Andreas Schager

Brangäne Martina Dike

König Marke Stephen Milling

Melot Allen Boxer

Licht Paul van Laak

Richard Wagner (1813-1883)

Tristan und Isolde (1857–1859)

• Voorspel eerste akte

• Tweede akte (concertant)

Einde concert circa 21.45 uur

Vorige uitvoeringen door ons orkest: sep 2007, dirigent Valery Gergiev

Een uur voor aanvang van het concert geeft Emanuel Overbeeke een inleiding op het programma, toegang € 7,50. Kaartjes zijn aan de zaal te verkrijgen tegen pinbetaling. Voor Vrienden is de inleiding gratis.

Cover: Foto Casey Horner (Unsplash)

Tristan and Isolde or The End of the Song: schilderij (1902, fragment) van Edmund Leighton

Blaník. Omslagillustratie door Antonín König voor de eerste uitgave van Smetana’s partituur (1894) Richard-Strauss-Institut

Het verhaal

Het verhaal van Wagners Tristan und Isolde is gebaseerd op een eeuwenoude sage. Marke, koning van Cornwall, is verwikkeld in een machtsstrijd met Ierland. Zijn neef en troonopvolger Tristan heeft de Ierse held Morold gedood, maar is zelf verwond door diens giftige zwaard. De enige die hem kan genezen, is de Ierse prinses Isolde, Morolds verloofde. Tristan bezoekt haar, incognito, maar ze herkent hem en wordt betoverd door de blik in zijn ogen. Er ontstaat een intense liefdesband waar ze geen van beiden aan toegeven. Tristan keert genezen huiswaarts, maar komt haar later weer ophalen; niet voor zichzelf, maar als bruid voor koning Marke.

De eerste akte begint tijdens hun overtocht naar Cornwall. Isolde voelt zich verraden en eist van Tristan als verzoening voor aankomst een gezamenlijke heildronk. Zij wil met hem sterven maar het gif is verwisseld met een liefdesdrank en ze bekennen elkaar de liefde.

De tweede akte vindt plaats tijdens een zomernacht voor het koninklijk paleis, waar Isolde inmiddels als vrouw van Marke woont. Tristans vriend Melot heeft voor de koning een jachtpartij georganiseerd om de geliefden gelegenheid te geven elkaar heimelijk te treffen. Maar Brangäne, Isoldes trouwe dienstmeid, vertrouwt het niet. Het paar negeert haar waarschuwingen en gaat helemaal in elkaar op, tot het moment dat Marke terugkeert en getuige is van het overspel. De koning is geschokt maar kan zich niet voorstellen dat zijn geliefde neef Tristan hem verraden heeft. Deze zegt in een andere wereld te leven en vraagt Isolde hem te volgen in ‘het wonderrijk der nacht’. Vervolgens stort hij zich in het zwaard van Melot.

In de derde akte is Tristan, dodelijk verwond, teruggekeerd naar zijn geboortegrond waar hij sterft zodra Isolde arriveert. Zij beleeft dan, gelukzalig, haar eenwording met Tristan in de dood en Marke komt te laat om hen vergeving te schenken.

De schoonste aller dromen

Voor Richard Wagner vormt het componeren van Tristan in zekere zin een tussendoortje, een afleiding van zijn magnum opus Der Ring des Nibelungen, dat hem dan al jaren in zijn ban houdt.

Midden in zijn werk aan de vierdelige Ring neemt Wagner in 1857 tijdelijk afscheid van de Germaanse dwergen- en godenwereld.

Na Das Rheingold , Die Walküre en twee aktes van Siegfried zal hij zich een paar jaar symfonisch uitleven in een oude Keltische liefdesgeschiedenis. Een verkoopbare opera moet het worden, met weinig personages, eenvoudige decors en een relatief bescheiden orkestbezetting, om zijn bankrekening te spekken. Dat lukt niet helemaal, maar het wordt wel, volgens eigen zeggen, zijn meest muzikale werk. En een wegbereider voor de atonale muziek van de twintigste eeuw.

Muze

Wagner rept voor het eerst over zijn plannen in december 1854 in een brief aan Franz Liszt: ‘Aangezien ik in het leven het ware geluk der liefde nooit heb mogen smaken, wil ik voor deze schoonste aller dromen een monument oprichten, waarin nu eens van het begin tot het einde die liefde totaal wordt bevredigd: mij staat in ontwerp een Tristan en Isolte voor de geest, mijn minst gecompliceerde, maar meest volbloedige muzikale conceptie.’ Zijn huwelijk met Minna is niet zonder problemen. Hij woont met haar in ballingschap in Zürich, waar ze financieel gesteund worden door de rijke zijdehandelaar Otto Wesendonck. Met

diens vrouw Mathilde, dichteres, ontstaat een romantische verhouding, die Otto, in dienst van de kunst, oogluikend toestaat. Zo kan zij de muze worden voor zijn nieuwe opera. Wagner begint met muzikale schetsen voor het liefdesduet voor hij in september 1857 het libretto schrijft. Hij leest dat, zoals hij gewend is, voor aan een select gezelschap. Zowel Minna als Mathilde hangen aan zijn lippen, maar ook Cosima, dochter van Liszt en net getrouwd met Hans von Bülow, Richards favoriete dirigent. Als Wagner met componeren begint, doet hij dat in de volgorde van de opera, te beginnen met het Vorspiel, en hij is zo overtuigd van zijn werk dat elke voltooide acte al naar de drukker gaat voordat hij aan de volgende begint. Minna lijkt roet in het eten te gooien als zij een liefdesbrief van haar man aan Mathilde onderschept en een einde maakt aan de stiekeme affaire. Maar Richard, die met de compositie gevorderd is tot het liefdesduet, vertrekt, alleen, naar Venetië, waar hij in Palazzo Giustiniani in zeven maanden de rest van de tweede acte voltooit.

Tristan-akkoord

Nog voor hij daarmee klaar is dirigeert Von Bülow voor de eerste keer het Voorspel in Praag. De muziekwereld maakt kennis met een ongekend nieuw idioom. Hoe vreemd het voor de musici is merkt de componist als hij een paar maanden later zelf een uitvoering in Parijs dirigeert: ‘Dit kleine voorspel was voor de musici zo ongebruikelijk nieuw, dat ik mijn mensen gewoonweg van noot tot noot moest leiden, zoals bij de ontdekking van edelstenen in een mijnschacht.’ Het publiek krijgt voor

de zekerheid een toelichting bij de muziek over een onstilbaar verlangen, ‘vanaf de eerste schuchtere bekentenis, de tederste vervoering, na angstig zuchten, hopen en aarzelen, weeklagen en wensen, verrukking en smart, tot aan de meest overweldigende aandrift, de krachtigste inspanning de doorbraak te vinden, die aan het grenzeloos hunkerende hart de weg naar de zee van eindeloos liefdesgenot opent.’ Dat magische begin, met het beroemde Tristanakkoord, speelt als terugkerend element een sleutelrol in de opera. De reactie van Tristan op de verwijten van zijn oom, tegen het eind van de tweede akte, is zo’n moment. Het antwoord klinkt hier meer in het orkest dan in de gezongen tekst en dat is typerend voor deze opera, waar het verhaal zich in essentie in het innerlijk van de protagonisten afspeelt. Zo krijgt het orkest de hoofdrol. In een brief aan Mathilde toont Wagner zich gelukkig over deze tweede akte. Hij prijst met name de organische opbouw van het liefdesduet, met daarin het waarschuwende Wachterlied van Brangäne, als ‘Kunst des Übergangs’. Bijzonder origineel is ook de overgang van de reële klank van de jachthoorns, ‘Hörst du sie noch?’ naar de natuurgeluiden in klarinetten en strijkers. Voor de basklarinet heeft hij weer een prominente rol, vooral in de grote monoloog van koning Marke, zoals hij eerder al in Die Walküre voorzichtig bij Wotan had toegepast.

Onspeelbaar

Met dit uitzonderlijke werk heeft Wagner zonder twijfel een hoogtepunt in zijn oeuvre bereikt maar de moeilijkheidsgraad voor de uitvoerenden zal het beoogde verkoopsucces

voorlopig nog in de weg staan. Verschillende theaters melden zich zodra de partituur in 1859 voltooid is, maar zelfs in Wenen wordt nog na zo’n zeventig repetities de handdoek in de ring gegooid. Men beschouwt de opera inmiddels als onspeelbaar. Eigenlijk is het een wonder dat het in 1865 in München, waar dirigent Von Bülow en het echtpaar Ludwig en Malwina Schnorr von Carolsfeld in de titelrollen de uitdaging aangaan, wel gaat lukken. Weliswaar moet de

‘Ik moest mijn mensen van noot tot noot leiden, zoals bij de ontdekking van edelstenen in een mijnschacht’

première voor stemproblemen van Malwina nog worden uitgesteld en sterft Tristan ook in het echte leven, maar dan hebben er wel vier opvoeringen plaatsgevonden. Richard mag zich gelukkig prijzen. Overigens ook met het vaderschap. Op de dag dat de repetities beginnen wordt Isolde geboren, officieel als dochter van het echtpaar Von Bülow, maar Cosima heeft dan al een jaar een relatie met Wagner. Zij is de vrouw waar hij oud mee zal worden en die, na zijn overlijden, nog decennia lang als hoofd van de Wagner-familie zal waken over de kwaliteit van uitvoeringen van Tristan und Isolde dat dan langzamerhand tot het standaardrepertoire van de grote operahuizen gaat behoren.

Eelco Beinema

Miina-Liisa Värelä • sopraan

Geboren: Helsinki, Finland

Studie: opera aan de Sibelius-Academie (Helsinki), aanvullende studie bij Dale Fundling

Prijzen: Internationaal Belvedere Zangconcours

Wenen (2010), Bayreuth-stipendium (2014)

Doorbraak: 2011, als solist in Mahlers Tweede symfonie tijdens het Helsinki Festival

Daarna opera: Färberin in Die Frau ohne

Schatten (Verbier Festival, Bayerische Staatsoper, Semperoper Dresden, Berliner Philharmoniker, Festspiele Baden Baden), Isolde in Tristan und Isolde (Los Angeles Philharmonic, Glyndebourne Festival), Ortud in Lohengrin (Bayreuther Festspiele)

Debuut Rotterdams Philharmonisch: 2025

Tarmo Peltokoski • dirigent

Geboren: Vaasa, Finland

Huidige positie: vaste gastdirigent Rotterdams Philharmonisch, chef-dirigent Lets Nationaal Symfonieorkest, vaste gastdirigent Deutsche Kammerphilharmonie Bremen, aankomend chef-dirigent Orchestre National du Capitole de Toulouse en Hong Kong Philharmonic Orchestra

Studie: piano aan het Kuula-college (Vaasa) en de Sibelius-Academie (Helsinki), orkestdirectie bij Jorma Panula, Sakari Oramo, Hannu Lintu en Jukka-Pekka Saraste

Gastdirecties: o.a. Toronto Symphony Orchestra, RSO Berlin, SWR Symphonieorchester, Göteborgs Symfoniker, Los Angeles Philharmonic Orchestra

Debuut Rotterdams Philharmonisch: 2022

Andreas Schager • tenor

Geboren: Rohrbach an der Gölsen, Oostenrijk

Studie: Wiener Singakademie, Universität für Musik und darstellende Kunst Wien

Doorbraak: 2013, roldebuut als Siegfried bij Staatsoper Unter der Linden, Berlijn, Teatro alla Scala, Milaan en BBC Proms, Londen

Daarna: Semperoper Dresden, Deutsche Oper Berlijn, Bayerische Staatsoper, Wiener Staatsoper, Bayreuther Festspiele, Metropolitan Opera New York; Wiener Symphoniker, Lucerne Festival Orchestra, Gewandhausorchester Leipzig, Münchner Philharmoniker, Boston Symphony Orchestra

Debuut Rotterdams Philharmonisch: 2025

Foto: Peter Meisel
Foto: Illusia Photography
Foto: Flo Huber

Stephen Milling • bas

Geboren: Kopenhagen, Denemarken

Studie: Koninklijk Deens Conservatorium, Kopenhagen

Aanstelling: vast ensemblelid Koninklijke Deense

Opera (1994-2012)

Specialisatie: rollen in de opera’s van Richard Wagner

Overige operarollen: Rocco en Don Fernando in Beethovens Fidelio, Sparafucile in Verdi’s Rigoletto, Sarastro in Mozarts Die Zauberflöte, Philip II in Verdi’s Don Carlos, Padre Guardiano in Verdi’s La forza del destino, Prins Gremin in Tsjaikovski’s Jevgeni Onegin

Concerten: Verdi’s Messa di requiem, Berlioz’ Les Troyens

Debuut Rotterdams Philharmonisch: 2022

Martina Dike • mezzosopraan

Geboren: Ängelholm, Zweden

Studie: zang aan de Koninklijke Muziekacademie en de Opera-academie in Stockholm

Doorbraak: 2008: Bayreuth-debuut, onder andere als Fricka in Die Walküre

Daarna: Wagnerrollen op de grote Europese podia: Ortrud in Lohengrin (Griekse Nationale Opera, Staatstheater Neurenberg), Brangäne in Tristan und Isolde (Stockholm, Frankfurt, Essen, Antwerpen, Dijon), Fricka in de Ring des Nibelungen, Venus in Tannhäuser, Kundry in Parsifal; opera’s van Verdi (Aida, Don Carlos), Strauss (Elektra, Der Rosenkavalier) en anderen

Debuut Rotterdams Philharmonisch: 2025

Allen Boxer • Bariton

Geboren: Cincinnati (Ohio), USA

Studie: zang aan het Curtis Institute of Music, Philadelphia

Start internationale loopbaan: 2011, als lid van het Semperoper Junges Ensemble

Daarna: rollen bij de Semperoper Dresden, Staatsoper Unter den Linden Berlijn, Nederlandse Reisopera, Opéra de Dijon, Festival d’Aix-enProvence, Wexword Festival Opera, Teatro Regio di Parma, Teatro Regio di Torino, Teatro Comunale di Bologna, Opéra de Lyon in opera’s van onder anderen Verdi, Puccini, Strauss, Zemlinsky, Korngold, Debussy en Mozart

Debuut Rotterdams Philharmonisch: 2025

Foto: Mats Bäcker
Foto: Rune Evensen
Foto: Aurelien Audy

Rotterdams Philharmonisch Agenda

Music for Breakfast nr. 3

zo 2 maart 2025 • 10.30 uur

Trattoria Sophia

Musici en programma zie rpho.nl

vr 7 maart 2025 • 20.15 uur

zo 9 maart 2025 • 14.15 uur

dirigent Han-na Chang

fagot Lola Descours

Ravel Pavane pour une infante défunte

Jolivet Fagotconcert

Ravel Boléro

Prokofjev Vijfde symfonie

Proms: Spring Is in the Air

za 15 maart 2025 • 20.30 uur

viool en leiding Ilya Gringolts

Westhoff Imitazione delle campane

C.Ph. E. Bach Sinfonia in G

Piazzolla Cuatro estaciones Porteñas

Vivaldi De vier jaargetijden: Winter Vivaldi Vioolconcert in d, RV 237

zo 16 maart 2025 • 14.15 uur

dirigent Roderick Cox

piano Alexander Gavrylyuk

Strauss Don Juan

Grieg Pianoconcert

Dawson Negro Folk Symphony

vr 21 maart 2025 • 20.15 uur

dirigent Yannick Nézet-Séguin

sopraan Angel Blue

Strauss Vier letzte Lieder

Bruckner Derde symfonie

Help ons met uw review

Hebt u een momentje? U helpt ons door een Google review achter te laten. Het kost u één minuut: scan de onderstaande QR-code en laat weten wat u van ons orkest vindt. Dank u wel!

Chef-dirigent

Lahav Shani

Eredirigent

Yannick Nézet-Séguin

Vaste gastdirigent

Tarmo Peltokoski

Eerste viool

Marieke Blankestijn, concertmeester

Tjeerd Top, concertmeester

Quirine Scheffers

Hed Yaron Meyerson

Saskia Otto

Arno Bons

Rachel Browne

Maria Dingjan

Marie-José Schrijner

Noëmi Bodden

Petra Visser

Sophia Torrenga

Hadewijch Hofland

Annerien Stuker

Alexandra van Beveren

Marie Duquesnoy

Giulio Greci

Tweede viool

Charlotte Potgieter

Frank de Groot

Laurens van Vliet

Elina Staphorsius

Jun Yi Dou

Bob Bruyn

Eefje Habraken

Maija Reinikainen

Babette van den Berg

Melanie Broers

Tobias Staub

Sarah Decamps

Altviool

Anne Huser

Roman Spitzer

Galahad Samson

José Moura Nunes

Kerstin Bonk

Janine Baller

Francis Saunders

Veronika Lénártová

Rosalinde Kluck

León van den Berg

Olfje van der Klein

Jan Navarro

Cello

Emanuele Silvestri

Joanna Pachucka

Daniel Petrovitsch

Mario Rio

Eelco Beinema

Carla Schrijner

Pepijn Meeuws

Yi-Ting Fang

Killian White

Contrabas

Matthew Midgley

Ying Lai Green

Jonathan Focquaert

Robert Franenberg

Harke Wiersma

Arjen Leendertz

Ricardo Neto

Javier Clemen Martínez

Fluit

Juliette Hurel

Joséphine Olech

Manon Gayet

Fluit/piccolo

Beatriz Baião

Hobo

Karel Schoofs

Anja van der Maten

Hobo/althobo

Ron Tijhuis

Klarinet

Julien Hervé

Bruno Bonansea

Alberto Sánchez García

Klarinet/ basklarinet

Romke-Jan Wijmenga

Fagot

Pieter Nuytten

Lola Descours

Marianne Prommel

Fagot/ contrafagot

Hans Wisse

Hoorn

David Fernández Alonso

Felipe Freitas

Wendy Leliveld

Richard Speetjens

Laurens Otto

Pierre Buizer

Trompet

Alex Elia

Adrián Martínez

Simon Wierenga

Jos Verspagen

Trombone

Pierre Volders

Alexander Verbeek

Remko de Jager

Bastrombone

Rommert Groenhof

Tuba

Hendrik-Jan Renes

Pauken/slagwerk

Danny van de Wal

Ronald Ent

Martijn Boom

Harp

Albane Baron

Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
Issuu converts static files into: digital portfolios, online yearbooks, online catalogs, digital photo albums and more. Sign up and create your flipbook.