4 minute read

Lazare

Jérôme werkt als Project Developer bij ION en wilde mensen helpen die het moeilijk hebben. Sinds augustus 2022 woont hij samen met zijn vrouw Alicia, zijn zoontje Briac en een heleboel anderen in Lazare, een uniek project dat inclusief wonen promoot. Mensen die op straat of in een andere precaire situatie hebben geleefd, wonen er samen met jongeren die zich willen inzetten voor de maatschappij.

Jérôme, hoe kwam je op het idee?

Jérôme: “Mijn vrouw en ik waren al langer op zoek naar een manier om mensen te helpen die het moeilijk hadden. We hebben ook allebei een sociale opleiding genoten. Daarnaast is het voor ons belangrijk dat onze zoon de waarde van dit project snapt. We vinden het goed dat hij opgroeit in een kader van inclusiviteit."

Van waar komt de naam ‘Lazare’?

Jérôme: “We geloven er sterk in dat je terug op de rails kan raken in het leven. Het doel van Lazare is dat je na een bepaalde tijd weer een actieve rol vervult in de maatschappij. Dat kan op verschillende manieren: een job, vrijwilligerswerk of zelfs een hobby."

Voor hoeveel mensen is er plaats en hoelang kan je in Lazare verblijven?

Jérôme: “Het huis in Brussel bevat twee flats, eentje voor mannen en eentje voor vrouwen. Elke flat biedt plaats aan tien à twaalf personen. De jonge actievelingen blijven een jaar. Dat is praktischer voor ons en zo kunnen we de nodige stabiliteit garanderen. Mensen die uit moeilijke situaties komen zijn niet gebonden aan een bepaalde duur. Ze blijven er zolang ze zich kunnen vinden in de filosofie van Lazare. Soms kan het een tijdje duren voordat ze zichzelf terugvinden en klaar zijn voor hun nieuwe rol in de maatschappij. In theorie mogen ze tien jaar blijven. In de praktijk is dat doorgaans een à drie jaar."

Ongetwijfeld bouw je een band op tijdens dat verblijf. Is zo’n vertrek niet emotioneel?

Jérôme: “Dat kan. Maar uiteindelijk worden er geen banden verbroken. De meesten houden nog contact. En eigenlijk zijn we ook best trots als we merken dat een bewoner klaar is voor een nieuw leven. Waar ik het wel moeilijker mee heb? Als het niet lukt. Soms kan de bewoner zich niet langer vinden in de filosofie van

Lazare. Hij of zij besluit dan om alleen te gaan wonen. Soms belandt die persoon opnieuw op straat, of krijgt hij of zij het psychologisch moeilijk. Dat vind ik veel emotioneler. Al proberen we er alles aan te doen om die persoon zo goed mogelijk op weg te helpen, een vertrek van iemand is een keuze die we respecteren. ‘Ons engagement is niet om te slagen, maar om trouw te blijven’. Dat is een citaat van Moeder Theresa.”

Als ‘verantwoordelijk gezin’ woon je niet alleen naast de flats, maar zorg je ook voor de rekrutering. Aan welke criteria moeten bewoners voldoen?

Jérôme: “Het zijn zeker geen zwart-witcriteria. Maar van de jonge actievelingen verwachten we wel dat ze zich een jaar lang engageren, ook al hebben ze een eigen job ernaast. We kijken ook of het project wel degelijk bij hen past. Het is niet de bedoeling dat ze enkel een plek zoeken om te verblijven. Eén keer per week eten we samen. Het is niet verplicht, maar we vinden het wel belangrijk. Daarnaast organiseren we regelmatig gemeenschappelijke activiteiten."

En voor de mensen die uit moeilijke situaties komen? Waarmee houden jullie rekening bij de rekrutering?

Jérôme: “Hier proberen we in te schatten of ze enkel onderdak zoeken. Want dan bestaan er wel degelijk andere opties. Is deze vorm van samenwonen ook echt iets voor die persoon? Niet iedereen is ervoor geschikt. We hebben ook een charter dat de bewoners ondertekenen. Drugs en alcohol zijn bijvoorbeeld een no-go. Voor mij, als verantwoordelijke, is het soms zoeken naar een juist evenwicht. Niet dat we iemand uitsluiten, maar we proberen wel rekening te houden met verschillende persoonlijkheden."

Hebben jullie soms nood aan meer privacy?

Jérôme: “Absoluut! Maar de bewoners hebben elk hun eigen kamer. Bij andere huizen zijn er veel striktere regels. Daar is er een avondklok, bijvoorbeeld. Of moeten ze elke avond samen eten. Bij Lazare is er meer vrijheid. Ik woon in mijn eigen huis, enkel de tuin is gemeenschappelijk. Als we nood hebben aan wat meer privacy gaan we een weekend weg of maken we een daguitstap om onze hoofden eens leeg te maken."

Wat is het voordeel van deze manier van wonen voor jou?

Jérôme: “Samenleven met mensen van diverse achtergronden en met verschillende karakters? Dat is een verrijking. Zeker voor onze zoon. Het opent zijn perspectieven. Hij kent ook alle namen van de bewoners. Als ze een slechte dag hebben, vrolijkt hij hen op. Dat is mooi om te zien."

En voor de bewoners?

Jérôme: “Ook voor de jonge actievelingen is het een verrijking. Ze leren veel uit het project. Voor de mensen die op straat hebben geleefd of uit een andere delicate situatie komen, is het belangrijk om voldoende begeleiding te krijgen. Naast de onze, krijgen ze de hulp van een maatschappelijk werker. We helpen hen om zich voor te bereiden op een actieve rol in de maatschappij."

Het klinkt allemaal heel mooi, maar gaat het soms ook mis?

Jérôme: “Uiteraard. Voordat ik met mijn gezin in dit project stapte, woonden we samen met vrienden. Toen waren er soms ook conflicten. Hier woon je samen met mensen die je niet op voorhand kent. Als er boodschappen worden gedaan, ontstaat er soms discussie over welke producten er worden gekocht. In zo’n geval zitten we eens samen rond de tafel. We proberen om conflicten zo snel mogelijk op te lossen. Zo ontstaan ook de interessantste gesprekken."

Als verantwoordelijk gezin verblijf je drie jaar in het huis. Waar ga je hierna wonen? Stap je opnieuw in zo’n project? Of gooi je het over een totaal andere boeg?

Jérôme: “Ik denk dat we na dit project toch eerst op een klassieke manier zullen wonen. Het koppel dat hier voor ons woonde, zei het ook: het is best vermoeiend. Na die drie jaar heb je er nood aan om even de pauzeknop in te drukken. Maar je krijgt er ontzettend veel energie voor terug. Na ons trekt er een nieuwe familie in als verantwoordelijke. Dat heeft ongetwijfeld ook voordelen."

Authentieke charme, nieuwe invulling

De herbestemming van erfgoed, zoals kantoorgebouwen, kerken, woningen en pastorijen, wint aan populariteit. De uitdaging is om dat erfgoed een nieuwe rol te geven in onze publieke ruimte, maar zo dicht mogelijk bij de oorspronkelijke functie van het gebouw te blijven.

Tussen 2030 en 2050 gaat de bouwshift of betonstop in, en dat terwijl onze bevolking blijft groeien. We zullen dus creatief moeten zijn met bestaande en beschikbare infrastructuur. De vraag rijst welke rol onroerend erfgoed in de toekomst kan blijven vervullen. We vroegen het aan Vlaams minister van Financiën en Begroting, Wonen en Onroerend Erfgoed Matthias Diependaele, Head of Real Estate bij Participatiemaatschappij Vlaanderen, Erwin Vrijens en Jeroen Huysmans, Business Development Director bij ION.

This article is from: