Water KWR 2009 Kennispartner in de watercyclus
Watercycle Research Institute
Watercycle Research Institute
2009
368.10jvs-cover446x260mm-V5-ENG-NL.indd 1
Watercycle Research Institute Watercycle Research Institute 1/6/10 1:49 PM
3
Inhoud Inhoud
KWR in het kort
Europa is rijp voor een BTO-aanpak 4
KWR in het kort in de watercyclus 2009: Kennispartner 5 Voorwoord Publicaties KWR: kennisleverancier voor de watercyclus 6 KWR: Kennispartner in de watercyclus Artikelen peer-reviewed tijdschriften Vier onderzoeksthema’s: gezond, duurzaam, vooruitstrevend en efficiënt 10 en vakbladen Gezond, duurzaam, vooruitstrevend engevaarlijke soort Legionellabestrijding moet zich richten op de 12 Publicaties vakbladen efficiënt BTO-rapporten Onbekende stoffen identificeren aan de hand van hun accurate massa 14 moet zich Gevolgen Legionellabestrijding van klimaatverandering op waterkwaliteit en natuur in beeld 16 richten op de echte boosdoener Accurate simulatiemodellen helpen leidingnetten schoon te houden 18 Onbekende identificeren aan Benoemingen, promoties en prijzen Puzzelen aan de conditiestoffen van onzichtbare leidingen 19 de hand vaninhun accurate massa in de maatschappij Nanodeeltjes de watercyclus: opsporen, verwijderen énKWR veilig toepassen 20 Gevolgen van klimaatverandering op Werken bij KWR waterkwaliteit natuurbijinde beeld Onderzoek dat en aansluit praktijk 24 Organisatie Kloppende simulatiemodellen helpen Financiën Extreme omstandigheden, extreme micro-organismen 28 leidingnetten schoon te houden Aandeelhouders Ondergrondse kwaliteitsbewaking 29 conditie EmergingPuzzelen substancesaan - op de de uitkijk voorvan nieuwe stoffen ofAfkortingen effecten 30 onzichtbareziekteverwekkers leidingen Contact Verwijdering onder de loep 32 Nano-deeltjes in watercyclus: Veilig zwembadwater zonder vervelende bijwerkingen Colofon 34 opsporen, verwijderen éngrondstoffen veilig toepassen Van afvalwater naar energie, en schoon water 36 Goede NOM-verwijdering met innovatieve ionenwisselaar
Onderzoek aansluit bij Gezond waterdat is goed nieuws
de praktijk GIS brengtExtreme omstandigheden, water en ondergrond scherper extreme in beeld micro-organismen Ondergrondse kwaliteitsbewaking Nationale en internationale partners willenGIS brengt waterènen ondergrond We duurzame energie veilig grondwater scherper in beeld Zélf denken over de toekomst – in dialoog met partners in de watersector Europa is Emerging rijp voor eensubstances BTO-aanpak – op de uitkijk voor nieuwe stoffen of effecten Internationale samenwerking Verwijdering ziekteverwekkers onder de loep Publicaties Artikelen Veilig peer-reviewed zwembadwater tijdschriften zonder vervelende bijwerkingen Publicaties vakbladen BTO-rapporten Van afvalwater naar energie, grondstoffen en schoon water Benoemingen, Goede NOM-verwijdering promoties en prijzen 2009 met innovatieve ionenwisselaar KWR in de maatschappij MaatwerkGezond water istot goed nieuws van monsterbots membraaninstallaties Werken bij KWR
Nationale Organisatie en internationale partners Financiën Het rommelt in de watervoerende lagen Aandeelhouders denken over de toekomst – in Termen enZélf afkortingen dialoog met partners in de watersector Contact
38 40 41
44 44 49 50 52
58 58 60 61 63 64 67 68 69 71 74 75 76
4
KWR 2009
KWR in het kort •
95 wetenschappelijk onderzoekers en 43 onderzoeksmedewerkers bij
• 1 missie: kennispartner in de watercyclus
de kennisgroepen en laboratoria, 31
• 4 onderzoeksthema’s: Gezond, Efficiënt, Duurzaam en Vooruitstrevend water
medewerkers bij de stafafdelingen.
• 3 kennisgroepen: Watersystemen, Watertechnologie en Waterkwaliteit & Gezondheid ARTHUR: ONDERSTAANDE OOK ALS CLOUD• 2 laboratoria: TAG OPNEMEN OP BINNENKANT COVER • laboratorium voor Materialenonderzoek en Chemische Analyse (LMC) O.I.D. • laboratorium voor Microbiologie (LMB)
• 10 aandeelhouders • 1 vestiging in Nieuwegein
•
• 1 virtueel Europees instituut i.o. • 167 medewerkers
•
1 missie: kennispartner in de
•
• 15 promovendi en 3 postdocs • 155 researchrapporten
•
•
15 promovendi en 3 postdocs
•
? onderzoeksprojecten
•
? researchrapporten
•
53 artikelen in peer reviewed en vakbladen
4 onderzoeksthema’s: Gezond,
•
? proceedings en boekhoofdstukken
Efficiënt, Duurzaam en
•
91 pilotlocaties voor BTO-onderozek
•
7 hoogleraren
3 kennisgroepen: Watersystemen,
•
4 promoties
Watertechnologie en Waterkwaliteit
•
2 hoogleraarsbenoemingen
& Gezondheid
•
2 prijzen
2 laboratoria
•
? euro netto omzet
• 80 artikelen in peer reviewed en vakbladen
Laboratorium voor
• 35 proceedings en boekhoofdstukkenMaterialenonderzoek en Chemische • 91 pilotlocaties voor BTO-onderzoekAnalyse (LMC) • 7 hoogleraren
Laboratorium voor Microbiologie
• 4 promoties
(LMB)
• 2 hoogleraarsbenoemingen
•
10 aandeelhouders
• 2 prijzen
•
1 vestiging in Nieuwegein
•
1 virtueel Europees instituut i.o.
•
167 medewerkers
• 16.186 x 1000 euro netto omzet
108 mannen en 59 vrouwen
watercyclus
• 95 wetenschappelijk onderzoekers en 43 onderzoeksmedewerkers Vooruitstrevend water bij de kennisgroepen en laboratoria, 31 medewerkers bij de stafafdelingen. • 108 mannen en 59 vrouwen
•
5
2009: Kennispartner in de watercyclus Het jaar 2009 stond voor KWR Watercycle Research Institute sterk in het teken van samen werken in de watercyclus. Als kennispartner zijn we voortdurend in dialoog met onze opdrachtgevers en hun omgeving: daardoor kunnen we voor hen exact dié kennis ontwikkelen die antwoord geeft op hun vragen en aansluit bij hun praktijk. De nauwe betrokkenheid van onze opdrachtgevers bij de programmering en uitvoering van ons onderzoek bevordert bovendien de daadwerkelijke toepassing van nieuw ontwikkelde kennis en resultaten. De resultaten van onze inspanningen vinden zo sneller hun weg naar de brede praktijk van de watercyclus, bij drinkwaterbedrijven, waterschappen, andere publieke partijen en industriële partners. Zo hebben we in 2009 vooruitgang geboekt bij de identificatie van nieuwe, potentieel bedreigende stoffen in de watercyclus, snelle detectie van micro-organismen als Legionella en E. coli, efficiëntere zuiveringsmethoden voor drink- en afvalwater, nieuwe middelen voor beheer en ontwerp van leidingnetten en in onze kennis over de natuur en over de consequenties van klimaatverandering. Tegelijkertijd hebben we zinvol samengewerkt met andere kennispartners: universiteiten en andere kennisinstellingen in Nederland en daarbuiten. In de afgelopen jaren hebben we met diverse instituten tijdelijke samenwerkingsverbanden gesloten, bijvoorbeeld in het kader van grote EU-projecten als Prepared, TECHNEAU, WSSTP en met TTIW Wetsus. Via deze verbanden zijn we op het spoor gezet van vier gerenommeerde kennispartners binnen Europa, die goed bij ons instituut passen. Dit heeft erin geresulteerd dat wij in 2009 samen met hen de basis hebben gelegd voor een virtueel Europees instituut voor onderzoek in de watercyclus. Daarmee hebben Noorwegen, Duitsland, Nederland, Spanje en Portugal op dit gebied een klein beetje meer vorm gegeven aan Europa. Eind 2009 en begin 2010 hebben we met de partners in dit nieuwe instituut overeenkomsten getekend, nu bouwen we gezamenlijk aan het onderzoeksprogramma en de onderzoeksinfrastructuur. Samenwerking is mensenwerk, net als wetenschap. Ik ben trots op de bijna 170 mensen van KWR die – dag in, dag uit – de samenwerking met onze opdrachtgevers en met kennispartners over de hele wereld vormgeven en solide onderzoeksresultaten neerzetten. Hun inspanningen maken van KWR de waardevolle kennispartner voor de watercyclus die we willen zijn. Een aantal van hen komt in dit jaarverslag aan het woord om u, de lezer van dit jaarverslag, te vertellen wat KWR doet en wat ons drijft. Zij worden daarbij ondersteund door enkele vertegenwoordigers van onze opdrachtgevers. Elk van deze geïnterviewden vertegenwoordigt voor mij tien anderen, die even toegewijd en gedreven werken aan toepasbare kennis voor de watercyclus. Ik vind het een voorrecht met en voor hen te mogen werken en ik dank hen oprecht voor hun inzet.
Wim van Vierssen Directeur KWR Watercycle Research Institute
6
KWR 2009
KWR: kennisleverancier voor de watercyclus Mensen kunnen niet zonder water. Water van goede kwaliteit is schaars. De maatschappij kan daarom niet zonder goede, toepasbare kennis over water en de watercyclus. De bijna 170 medewerkers van KWR Watercycle Research Institute ontwikkelen en ontsluiten relevante kennis voor alle partners in de watercyclus: drinkwaterbedrijven, waterschappen, overheden en industrie. Op nationaal en internationaal niveau. Kernactiviteit van KWR is toegepast onderzoek,
Onderzoeksfaciliteiten
dat praktische oplossingen biedt voor uiteenlopende
In eigen huis verricht KWR wetenschappelijk
watervraagstukken. Dit toegepaste onderzoek wordt
onderzoek in goed geoutilleerde laboratoria en een
gevoed vanuit funderend en innovatief onderzoek,
proefhal. Medewerkers van de Laboratoria voor
deels uitgevoerd binnen KWR zelf en deels binnen
Materialenonderzoek en Chemische Analyse (LMC) en
diverse (inter)nationale onderzoeksnetwerken. KWR
voor Microbiologie (LMB) verzorgen methodenont-
is het enige instituut in Nederland dat onderzoek
wikkeling en specialistische analyses voor uiteenlo-
doet voor de hele watercyclus en vervult op dit brede
pende onderzoeksprojecten. Zij zijn gespecialiseerd in
gebied een belangrijke rol als interface tussen samen-
detectie en identificatie van zeer lage concentraties
leving, watersector en wetenschap. Het instituut
pathogenen (Cryptosporidium, Giardia, Legionella etc.)
heeft daarvoor een breed scala aan onderzoekers in
en (onbekende) toxische stoffen. Zij gebruiken daar-
huis, van microbiologen tot natuurkundigen en van
voor diverse bestaande technieken, maar ontwik-
civiel ingenieurs tot ecologen. Deze wetenschappers
kelen ook zelf nieuwe detectie- en analysemethoden.
doen hun werk vanuit drie kennisgroepen:
Deze kennis dragen zij over aan de Nederlandse
Watersystemen, Watertechnologie en Waterkwaliteit en
(water)laboratoria. Ook ontwikkelt en verzorgt KWR
Gezondheid.
elk jaar circa veertig laboratoriumevaluerende ringonderzoeken, als kwaliteitscontrole voor de Nederlandse waterlaboratoria. Voor Kiwa N.V. verzorgen de KWR-laboratoria testen om materialen voor de water-, bouw- en milieusector te certificeren. In 2009 zijn nieuwe gespecialiseerde laboratoria ingericht. Eén voor onderzoek naar afvalwaterbehandeling, waar de onderzoekers onder meer over vier state of the art bioreactoren kunnen beschikken, en één voor werken met genetisch gemodificeerde micro-organismen als “sensor” voor toxische stoffen. Daarnaast voert KWR bench scale onderzoek uit in een eigen proefhal en op locatie bij en met diverse opdrachtgevers en onderzoekspartners.
7
Zonder watercyclus geen leven Het water op aarde doorloopt een te d ak - ie vl er eb er at g p n p r O ate Wwi w
continue cyclus. Het verdampt naar de atmosfeer en keert als neerslag,
W win ate ge rbie d
rechtstreeks of via het land terug naar zeeën en oceanen als oppervlaktewater of grondwater. Alle levende
is tr ib u ti e
er at kw ing rin er D iv zu
D
wezens zijn afhankelijk van het water
/ rie n st ve du rij In e d B
d
on
Gr
r
te wa
dat zij ontlenen aan die cyclus – zonder water is geen leven mogelijk.
R
ee Z
n ge el in ls te ls o io R
on W
Ook mensen hebben water nodig om
io ol
CV
w
e chin sma Wa
at er
drinken, om voedsel te verbouwen en
zu iv er in g
te bereiden, om materialen te produWa staf el
Dou che
te voorzien in hun behoeften: om te
WC
Keu ken
ceren, om zichzelf en hun omgeving te reinigen, om afvalstoffen af te voeren en om te recreëren. KWR levert de kennis die nodig is om verstandig om te gaan met het water dat tot onze beschikking staat. Zo helpen wij de
el tels ols Rio
Onderzoeksfaciliteiten Laboratorium voor Materialenonderzoek en Chemische analyse (LMC) • organische analyses (o.a. naar geneesmiddelen, hormonen, bestrijdingsmiddelen, bijvoorbeeld met GC-MS en Orbitrap-analyses); • anorganische analyses (ionchromatografische, spectrofotometrische en natchemische methoden en ICP-MS voor bepaling van zuurstofdiffusie, crosslinking in kunststoffen en identificatie anorganische migratieproducten uit kunststoffen); • onderzoek naar kunststoffen en materialen (voor het Kiwa-keurmerk worden kunststof leidingsy-
Reg enw ater
Onderzoeksfaciliteiten Laboratorium voor Microbiologie (LMB) • microbiologisch onderzoek van materialen die bij de behandeling en distributie in aanraking komen met het drinkwater; • biologische stabiliteit (bijvoorbeeld met de biofilmmonitor of door bepaling van assimileerbaar organisch koolstof AOC of ATP); • kweekmethoden, microscopie, flow cytometrie en moleculair biologische methoden (qPCR); • toxicologie (Ames- en UMU-testen voor mutageniteit); • pathogenen (Cryptosporidium, Giardia, Campy-
stemen van ongeplastificeerd polyvinylchloride
lobacter, E.coli O157, adenovirus, influenza-virus
(PVC-U), polyetheen (PE) of cross-linked polyetheen
en indicator-organismen (E. coli, bacteriofagen,
(PE-X) getest; daarnaast onderzoek naar eisen en beproevingsmethoden voor normalisatie); • organoleptische bepalingen (geur- en smaakonderzoek met behulp van proefpersonen); • ringonderzoeken (voor meer dan 100 parameters).
Clostridium sporen) • alle wettelijk voorgeschreven microbiologische analyses van drinkwater;
watercyclus duurzaam in stand te houden voor komende generaties.
8
KWR 2009
Duurzaam
Water
9
Gezond EfficiĂŤnt Vooruitstrevend
10
KWR 2009
Vier Onderzoeksthema’s:
Gezond, duurzaam, vooruitstrevend en efficiënt Het onderzoek van KWR is erop gericht de maatschappij en in het bijzonder de watersector in staat te stellen optimaal met de watercyclus om te gaan. Het onderzoek richt zich daarvoor op vier centrale thema’s: Gezond water, Duurzaam water, Vooruitstrevend water en Efficiënt water.
Gezond water
Duurzaam water
Gezond Water focust op de relatie tussen waterkwaliteit en de gezond-
Klimaatverandering, toenemend energiegebruik en verstedelijking
heid van de mens. Waterkwaliteit speelt de hoofdrol: bij de bronnen voor
veranderen onze samenleving. Voor de watersector betekent dit dat we
(drink)water, tijdens zuiveringsprocessen, in het distributienet, aan de
moeten zoeken naar productie-, distributie- en afvalverwerkingsme-
kraan of in natuurlijk zwemwater. Dit thema richt zich op bronnen en
thoden die zuinig omgaan met grondstoffen en energie, in een omge-
gedrag van emerging contaminants (zoals geneesmiddelen, perfluorver-
ving die steeds meer functies in dezelfde ruimte laat plaatsvinden. Zo
bindingen en patogenen) in het water en de effectiviteit van de barrières
onderzoekt KWR in samenspraak met de watersector het gebruik van
daartegen in de watercyclus. Voor drinkwater komen deze aspecten
brak grondwater of zeewater als alternatieve bronnen, waterhergebruik
samen in de Water Safety Plans, een concept dat met de Wereldgezond-
of een meer decentrale waterketen en koude-warmteopslag. KWR rekent
heidsorganisatie is ontwikkeld. Daarnaast richt onderzoek zich op het
deze opties door op effecten en kosten. Een adequate voorbereiding
beheersen van biologische processen die soms bruikbaar zijn (omzetting
van de watersector op klimaatverandering vraagt kennis: bijvoorbeeld
stoffen in de zuivering) en soms ongewenst (groei Legionella in installa-
over de bescherming van onze bronnen tegen overstromingen, en
ties). Ook richt het onderzoek zich op beveiliging, zowel tegen onbe-
over omgaan met extreem lage waterstanden in de grote rivieren. Hoe
doelde als bedoelde ingrepen in watersystemen, hoe klanten en burgers
verandert de omvang en de kwaliteit van de voorraad zoet grondwater
met water omgaan en hoe zij erover denken.
onder invloed van variaties in het weer, toenemende verzilting, vegetatie-ontwikkeling, verstedelijking en ondergrondse wateropslag? Een duurzame inrichting van het watersysteem is noodzakelijk voor behoud en ontwikkeling van ruimte, natuur en landschap.
11
Vooruitstrevend water
Efficient water
Veelbelovende ontwikkelingen in de technologie worden voor de water-
Vragen rond doelmatige inrichting van de waterketen, water & energie
sector toepasbaar gemaakt. De ontwikkeling van nieuwe materialen in
en de effectiviteit van kennisproductiviteit komen aan de orde in het
de fijnchemie en nanotechnologie, keramische membranen, harsen voor
thema Efficiënt water. Daaronder vallen ook doelmatige drinkwater-
ionenwisseling, adsorptiemiddelen, antiscalants en ontwikkelingen in
winning, -productie en –distributie. De watersector streeft naar zo
de vloeistofdynamica, -chemie en -fysica kunnen helpen de bestaande
hoog mogelijke efficiëntie bij de inzet van middelen en effectief asset-
technologie te verbeteren. Ook technologische ontwikkelingen op het
management. Daarvoor is kennis over de kosten en opbrengsten binnen
gebied van meettechnieken (waterkwaliteit, conditie infrastructuur) en
de keten van groot belang, inclusief kennis over de inzet van energie en
sensoring worden onderzocht.
de mogelijkheden van alternatieve energiebronnen. Ook efficiënte inzet
Met experts uit binnen- en buitenland verkent KWR trends zoals klimaat-
en productie van kennis hoort bij dit thema. KWR blijft daarom ook zijn
verandering, demografische veranderingen, nieuwe geo-informatie-
eigen rol als kennisproducent kritisch onderzoeken.
technieken, veiligheidsrisico’s en nanotechnologie en beoordeelt hun betekenis (risico’s en kansen) voor de watersector. .
12 Onderzoeksthema’s:
KWR 2009
Gezond water
Legionellabestrijding moet zich richten op de gevaarlijke soort “Voor partijen die zich bezighouden met legionellapneumonie, ook wel veteranenziekte genoemd, was 2009 een bijzonder jaar”, vertelt Van der Kooij. “Zo werd de uitbraak van veteranenziekte herdacht die tien jaar geleden in Bovenkarspel plaatsvond en waarbij ruim dertig mensen overleden. Sinds die tijd is er veel onderzoek gedaan naar Legionella en zijn de nodige vorderingen geboekt. De diagnose en de registratie van ziektegevallen
Belangrijke bron
zijn bijvoorbeeld verbeterd en er is veel meer aan-
“We hebben ook onderzoek gedaan naar de aanwezig-
dacht voor preventie. Toch hebben we het probleem
heid van Legionella pneumophila in koeltorens en in
nog steeds niet helemaal in de hand.” Dat is de stellige
oppervlaktewater. In gebouwgebonden koelinstalla-
overtuiging van microbioloog Dick van der Kooij van
ties – zoals voor de airco van kantoren - hebben we
KWR. De meeste legionellasoorten in waterinstal-
Legionella pneumophila relatief vaak gevonden. Onge-
laties blijken relatief onschuldig: de ziektegevallen
veer een derde van de 4.000 systemen is besmet,
in Nederland zijn vrijwel allemaal veroorzaakt door
tegenover één procent van de circa 15.000 collectieve
Legionella pneumophila. Deze gevaarlijke bacterie is
leidingwaterinstallaties. Daarmee zijn koeltorens een
met een nieuwe methode van KWR snel aan te tonen.
belangrijke bron. We pleiten dan ook voor meer onderhoud en beheer om groei van Legionella te voorkomen.
Besmettingsbronnen
Uit ons onderzoek naar Legionella in het oppervlakte-
“Als KWR zijn we intensief betrokken bij het Legionella-
water blijkt dat Legionella pneumophila daarin nauwe-
onderzoek. We hebben bijvoorbeeld samen met Water-
lijks voorkomt. Kennelijk kunnen deze bacteriëen als
laboratorium Noord in kaart gebracht welke soorten
gevolg van relatief lage watertemperatuur hierin niet
legionellabacteriën aanwezig zijn in leidingwater-
groeien”. Slechts op één van de veertien onderzochte
installaties. De meeste hiervan zijn vrij onschuldig,
locaties werd de bacterie in hoge concentraties aange-
zoals Legionella anisa die vaak wordt aangetroffen.
troffen. Het effluent van een afvalwaterzuiveringsin-
Een soort die wel gevaarlijk is Legionella pneumophila.
stallatie bleek hier de bron te zijn.
De ongeveer 3.500 gemelde ziektegevallen in totaal in Nederland zijn vrijwel allemaal door dit organisme
Breuk
veroorzaakt. Gelukkig treffen we deze soort slechts
“Op grond van onze bevindingen pleiten wij ervoor
incidenteel in leidingwaterinstallaties aan.”
om de maatregelen voor het bestrijden van Legionella specifiek te richten op Legionella pneumophila. Dat is een breuk met het huidige beleid. Tot nu toe wordt er namelijk vanuit gegaan dat in installaties waar Legionella anisa voorkomt, L. pneumophila zich ook kan vermeerderen. Onze ervaring is echter dat de omstandigheden waarin de verschillende Legionella-soorten zich vermeerderen niet hetzelfde zijn.“
13
Nieuwe methode “De keuze om de bestrijding te concentreren op de gevaarlijke Legionella-soort vereist natuurlijk dat je deze soort specifiek kunt aantonen. Met de methode die wij met Waterlaboratorium Noord hebben ontwikkeld kan dat. Deze methode – de kwantitatieve polymerase kettingreactie, meestal Q-PCR genoemd - begint net als andere analysemethoden met het filtreren van het verdachte water. Vervolgens halen we het DNA uit de bacteriën die achterblijven op het filter. Daarna kunnen we met een speciale techniek een kenmerkend deel van het DNA van Legionella pneumophila vermenigvuldigen. Door gebruik te maken van een stof die fluoresceert bij binding aan dit DNA wordt na een aantal vermenigvuldigingsscycli zichtbaar licht uitgestraald. Dit licht kunnen we meten en dan weten we hoeveel DNA er is en dus hoeveel gevaarlijke bacteriën er in het water zitten”.
Selectief en snel Van der Kooij vervolgt: “Het aantrekkelijke van deze methode is de selectiviteit: je kunt er één specifieke soort mee aantonen. Verder duurt de hele analyse maar een paar uur. Dat is aanmerkelijk minder dan bij traditionele kweekmethoden die al gauw anderhalveweek vragen. We kunnen dus snel vaststellen of verdacht water ook echt besmet is. Daarnaast blijkt de methode ook heel geschikt voor onderzoek van water waarin veel andere micro-organismen zitten, zoals water in koeltorens en oppervlaktewater.”
“Met de nieuwe detectiemethode die we met Waterlaboratorium Noord hebben ontwikkeld, kunnen we de bacteriën van de gevaarlijke soort specifiek opsporen.”
Dick van der Kooij:
14 Onderzoeksthema’s:
KWR 2009
Gezond & vooruitstrevend water
Onbekende stoffen identificeren aan de hand van hun accurate massa Met een massaspectrometer kun je de verschil-
Rijn bleek een – lage - glucocorticoïde-activiteit te
lende stoffen in een monster detecteren. Het apparaat
vertonen. Met de Orbitrap hebben wij onderzocht
maakt er eerst ionen van, versnelt die vervolgens en
welke stoffen in het water dat veroorzaken en of die
laat ze daarna een bocht maken onder invloed van een
stoffen bijvoorbeeld ook in ziekenhuisafvalwater
elektrisch veld. Zo worden ze “uit elkaar getrokken”
voorkomen. Zo hebben we zes stoffen geïdentificeerd
op basis van hun molecuulmassa. De Orbitrap-
die via de rioolwaterzuivering in lage concentraties
massaspectrometer bij KWR doet dat zó precies en
in rivierwater terechtkomen. Dankzij de Orbitrap
robuust, dat je stoffen uit elkaar kunt halen die maar
kunnen we echt lage concentraties van deze stoffen
0,001 atomaire massa-eenheid van elkaar verschillen.
opsporen, van maar circa 10 nanogram per liter
Voor elke stof vind je zo een accuraat massagetal dat
water.”
overeenkomt met de optelsom van de gewichten van alle atomen in het molecuul. Elke accurate massa
Database opgebouwd
past maar bij een beperkt aantal stoffen – de verschil-
In de afgelopen jaren hebben Ton en zijn mensen een
lende manieren waarop je de atomen aan elkaar kunt
bibliotheek opgebouwd van meetgegevens, en die
koppelen. Door de gevonden stof te vergelijken met
groeit almaar door. “We hebben gezocht naar bekende
die opties, kun je onbekende stoffen identificeren.
en onbekende stoffen in allerlei soorten monsters: grondwater, rivierwater, effluent uit de rioolwater-
Van een liter naar een halve milliliter
zuivering én drinkwater. Alle accurate massa’s die
Ton van Leerdam is gespecialiseerd in accurate
we daarbij tegenkwamen, zijn opgeslagen in een
massabepaling. Intussen staat hij aan het hoofd van
database. Daarmee kunnen we verbanden afleiden en
een enthousiast team analisten die massaspectrome-
de bron van een bepaalde vervuiling opsporen, vaak
trisch onderzoek doen en zit hij steeds minder “aan
nog voordat de precieze structuur ervan bekend is.
de knoppen”. In de afgelopen jaren heeft hij specifieke
Met die kennis kun je verstandige beslissingen nemen
methoden ontwikkeld voor wateronderzoek met
over ingrepen in de watercyclus en drinkwater-
een massaspectrometer. “Daarbij is het de kunst om
zuivering. Mooi toch, als je zo kunt bijdragen aan
alle stoffen uit een liter van een watermonster op te
de kwaliteit van een eerste levensbehoefte.”
lossen in een halve milliliter van een geschikt oplosmiddel.”
Stresshormonen “Afgelopen jaar hebben we bijvoorbeeld gekeken naar stoffen die hetzelfde effect vertonen als lichaamseigen glucocorticoïden, de hormonen die in de bijnierschors worden gemaakt, bijvoorbeeld bij stress. Zulke stoffen worden veel als geneesmiddel gebruikt, bijvoorbeeld om ontstekingen en allergische reacties te onderdrukken. Water van de
15
“Dankzij de Orbitrap kunnen we stoffen in lage concentraties in water identificeren.� Ton van Leerdam:
16 Onderzoeksthema’s:
KWR 2009
Duurzaam water
Gevolgen van klimaatverandering op waterkwaliteit en natuur in beeld Het klimaat verandert. De zomers worden warmer en mogelijk droger, de winters natter en milder. De gemiddelde temperatuur stijgt, er komen vaker extreme neerslaghoeveelheden voor en ook de jaarlijkse hoeveelheid neerslag stijgt. KWR brengt in kaart wat de effecten zijn van deze verandering op de waterkwaliteit en de natuur. KWR-onderzoeker Gertjan Zwolsman bestudeert
Grens overschreden
vooral de effecten van klimaatverandering op de
“Dergelijke hoge watertemperaturen vormen een
kwaliteit van het oppervlaktewater en het leven in
bedreiging voor waterbedrijven die het oppervlak-
dat water: “We hebben bijvoorbeeld de gevolgen
tewater direct gebruiken voor hun drinkwaterpro-
onderzocht van langdurige droogteperioden op de
ductie. De wettelijk toegestane maximale tempera-
kwaliteit van het Maas- en Rijnwater. Daarvoor
tuur van drinkwater ‘aan de tap’ bedraagt 25°C, en bij
hebben we gebruikgemaakt van gegevens uit 2006,
warm oppervlaktewater is de kans aanzienlijk dat die
een jaar met een extreme zomer. Zo was juli 2006
grens wordt overschreden. Verder is bij hogere tempe-
de warmste maand in Nederland sinds het begin
raturen van het drinkwater het risico van microbiële
van de metingen in 1706. Verder sneuvelden enkele
infecties - denk aan Legionella - groter.”
warmterecords zoals het etmaalgemiddelde en de gemiddelde maximum- en minimumtemperaturen.
Zuurstofgehalte
De maand kende twee hittegolven en was zeer droog.
Zwolsman vervolgt: “De hoge temperaturen van het
Daarmee kan de zomer van 2006 een voorbeeld zijn
rivierwater leidden in 2006 tot een sterke algengroei.
van toekomstige zomers als de klimaatverandering
Dat bleek niet alleen uit metingen van chlorofyl, maar
doorzet.”
ook uit de grote dag/nachtfluctuaties in het zuurstofgehalte van het rivierwater. Overdag zorgt algengroei
Lozingen
voor een zuurstoftoename, terwijl de concentratie
“Door de droogte en hoge temperaturen namen de
zuurstof ‘s nachts juist daalt. In de Maas werden
afvoeren van de Maas en Rijn sterk af en verdubbelden
’s nachts zulke lage zuurstofconcentraties bereikt,
de concentraties chloride in de Rijn en de Maas. Ook
dat het ecosysteem flink onder druk kwam te staan.
de gehaltes aan fluoride, bromide en sulfaat - stoffen
Zo kan tijdens warme zomers de waterkwaliteit
die relevant zijn voor drinkwaterproductie - liepen
aanzienlijk verslechteren.”
fors op. Daarnaast steeg de concentratie microverontreinigingen steeg sterk. De reden is dat bij
Waterkringloop
lagere afvoeren lozingen minder worden verdund.
Collega-onderzoeker Flip Witte wijst op andere
Een ander effect was een forse stijging van de
effecten van klimaatverandering. Hij doet onderzoek
gemiddelde watertemperatuur. In beide rivieren was
naar de wisselwerking tussen vegetatie en de water-
het water vrijwel de hele maand juli warmer dan 25°C.
kringloop. “Nu valt in Nederland jaarlijks ongeveer
Op 27 juli werd in de Rijn het maximum bereikt met
800 millimeter neerslag per vierkante meter, waarvan
een temperatuur van 28°C.”
circa 500 millimeter verdampt. De resterende 300 millimeter drijft het hele grondwatersysteem aan. Door klimaatverandering kan dit sterk veranderen.
17
“We willen begrijpen welke ecologische verbanden essentieel zijn bij klimaatveranderingen. “ Flip Witte (l) en Gertjan Zwolsman(r):
Als er bijvoorbeeld meer CO2 in de lucht komt, hoeven
Schetskaart
planten hun huidmondjes overdag minder lang open
“In 2009 hebben we een verkennende studie gedaan
te doen. Daardoor zal de verdamping verminderen.
naar de effecten van een warmer en grilliger klimaat
Langdurige droogteperioden kunnen eenzelfde effect
op de natuur. Dat heeft geleid tot een schetskaart
hebben. Zo zal bijvoorbeeld op droge zandgronden
waarop we aangeven wat er met de verschillende
het begroeide oppervlak kleiner worden, waardoor
typen natuur kan gebeuren. Zo gaan we ervan uit dat
de verdamping vermindert. Onze huidige hydrolo-
natte ecosystemen die volledig afhankelijk zijn van
gische modellen kunnen zulke klimaateffecten niet
neerslag - denk aan natte heide, vennen en hoog-
voorspellen, omdat ze geen rekening houden met dit
veen - het moeilijk gaan krijgen. Met ons onderzoek
soort belangrijke aanpassingen van de vegetatie aan
proberen we meer zekerheid te krijgen over wat
het klimaat.”
straks werkelijk zal gebeuren en te begrijpen welke ecologische verbanden essentieel zijn.”
18
KWR 2009
Onderzoeksthema’s:
Efficient & gezond water
Accurate simulatiemodellen helpen leidingnetten schoon te houden In drinkwaternetten kan sediment neerslaan. Dat
ontwerpen, heb je inzicht nodig in de drinkwater-
is slecht voor de waterkwaliteit en kan bijvoorbeeld
afname. Van elk afnamepunt in het net wil je weten
leiden tot bruin water uit de kraan en vlekken in de
hoeveel water er op welke tijdstippen van de dag nodig
was. KWR heeft enkele jaren geleden ontwerpregels
is. Aangezien leidingnetten worden aangelegd voordat
opgesteld voor zelfreinigende netten: die zijn vertakt
huizen en kantoren zelfs maar zijn gebouwd, moet je
(en niet vermaasd), hebben overal een eenduidige
daarvoor uitgaan van een goede voorspelling.”
stroomrichting en het water bereikt er overal minimaal eens per dag een snelheid van 0,4 m/s. Water-
SIMDEUM
bedrijven leggen hun nieuwe netten nu al zo aan. Als
Voor die voorspelling heeft Mirjam het SIMDEUM-
alle netten in Nederland al zo uitgevoerd waren, zou
model ontwikkeld. “SIMDEUM is een simulatie-
dat een kostenbesparing van twintig miljoen euro
model voor afnamepatronen van watergebruikers.
per jaar opleveren - en veel minder overlast door bruin
SIMDEUM leidt dagpatronen af uit statistische
water of noodzakelijke schoonmaakacties.
gegevens over de bewoners, hun dagbesteding en mogelijke voorzieningen in woningen, zoals een
Waterafname voorspellen
ouderwets toilet met een hoge stortbak of juist een
Mirjam Blokker, onderzoeker Waterinfrastructuur bij
zuinig nieuw model met spoelonderbreker. Uit een
KWR: “Om een dergelijk leidingnet te kunnen
kansverdeling voor verschillende dagpatronen is dan bijvoorbeeld af te leiden hoe groot de leidingen onder de grond moeten worden om een zelfreinigend net te bereiken. SIMDEUM hebben we geijkt aan gemeten verbruikspatronen. Daarnaast hebben we het getest door gecontroleerd op één plek een beetje zout aan het leidingnet toe te voegen en vervolgens te meten hoe snel dat zout zich verspreidt. SIMDEUM bleek dat heel goed te voorspellen. ” In het afgelopen jaar heeft Mirjam het model uitgebreid met simulaties voor bijvoorbeeld kantoren, hotels en ziekenhuizen.
Waterbedrijven en binneninstallatiebedrijven Mirjam heeft SIMDEUM-patronen toegepast in twee veelgebruikte modelleringssystemen bij de waterbedrijven: InfoWorks en SynerGEE. Zij helpt waterbedrijven om SIMDEUM toe te passen op hun eigen netten. Ook binneninstallatiebedrijven
“De ideale combinatie: midden in de wetenschap modellen ontwikkelen én met mensen uit de praktijk aan de slag om ze toe te passen.”
Mirjam Blokker:
gebruiken het, bijvoorbeeld om te bepalen welke capaciteit warmwatertoestellen nodig is. “Voor mij is dit de ideale combinatie: midden in de wetenschap modellen ontwikkelen én met mensen uit de praktijk aan de slag om ze toe te passen. Ik wil snappen hoe iets werkt, maar ook merken dat het in de praktijk iets oplevert – dat vind ik hier bij KWR.”
19 Onderzoeksthema’s:
Efficient & gezond water
Puzzelen aan de conditie van onzichtbare leidingen In Nederland ligt ongeveer 240.000 kilometer leidingen onder de grond voor het transport van water: de ene helft voor aanvoer van drinkwater, de andere voor afvoer van afvalwater. Distributiespecialist George Mesman verdiept zich al 25 jaar in deze leidingstelsels, die vooral bestaan uit gietijzer, asbestcement, pvc en beton. Hij ondersteunt waterbedrijven bij het ontwerpen van nieuwe leidingnetten en bij het beoordelen van de conditie van hun bestaande leidingnetten. Dat laatste doet hij ook bij gemeenten en waterschappen. “Veel van deze leidingen liggen al tientallen jaren onder de grond. Ze staan voortdurend in contact met de bodem en met het afval- of drinkwater dat ze transporteren en ze reageren daarmee. Van binnen en van buiten kunnen gietijzeren leidingen roesten en asbestcement leidingen uitlogen.” Door zulke veranderingen kan de effectieve wanddikte van buisdelen afnemen. George: “Lokale
“Minder vaak leidingen opgraven.”
omstandigheden bepalen hoeveel precies, dat kan
George Mesman:
langs een leiding per meter variëren. Bij pvc buizen verandert de wanddikte niet en heeft de omgeving veel minder invloed, maar neemt de sterkte af met de tijd. Hoe snel dat gaat hangt af van de initiële eigenschappen van het pvc. Om zulke veranderingen te meten, moeten buisdelen worden opgegraven en getest. Dat is duur en geeft overlast, want de leiding moet daarvoor uit bedrijf. Gelukkig komen er ook steeds meer niet-destructieve technieken beschikbaar, zoals georadar en ultrasone metingen voor asbestcement en gietijzeren leidingen.” KWR helpt leidingnetbeheerders om de resultaten van diverse metingen te interpreteren en de conditie van
waterschappen de afweging wanneer en waar ze
hun leidingen te bepalen. “Als je weet hoe zwaar een
leidingdelen preventief vervangen of wanneer en
leiding wordt belast, bijvoorbeeld door verkeer dat
waar ze pas vervangen bij een lekkage. Economi-
erover rijdt, kun je berekenen welke minimale wand-
sche aspecten, overlast door werkzaamheden en de
dikte of sterkte nodig is. Metingen vertellen je meer
mening van de consument spelen bij die afweging
over de restwanddikte of reststerkte en de kansen op
een rol. Voor mij is het combineren van alle techni-
een breuk. Beide aspecten samen bepalen de conditie
sche gegevens en het afwegen van economische en
van een leiding. Uit de combinatie van gegevens
maatschappelijke aspecten altijd weer een interes-
maken waterbedrijven, gemeenten en
sante puzzel.”
20 Onderzoeksthema’s:
KWR 2009
Vooruitstrevend water
Nanodeeltjes in de watercyclus: opsporen, verwijderen, veilig toepassen
“Hoe zet je deze nieuwe techniek verantwoord in voor waterzuivering?”
Jan Hofman (l):
“Nanodeeltjes hebben heel bijzondere eigenschappen, die je vanuit de klassieke chemie niet kunt voorspellen.”
Bas Hofs (r):
“Nanotechnologie verovert de markt en ons
Zijn collega Bas Hofs, onderzoeker Waterbehande-
dagelijks leven,” zegt Jan Hofman, senior onder-
ling, vult aan: “Nanodeeltjes zijn zó klein, dat een
zoeker Waterbehandeling bij KWR. “Wateraf-
groot deel van de atomen erin aan het oppervlak ligt.
stotende, zelfreinigende ramen, allerlei schoon-
Daardoor krijg je heel bijzondere eigenschappen,
maakmiddelen, doorzichtige zonnebrandcrèmes
die je vanuit de klassieke chemie niet kunt voor-
met beschermingsfactor 50: ze bevatten allemaal
spellen. Dat betekent dat ook de systematiek voor
nanodeeltjes. Zo noemen we stoffen die zodanig
het afleiden van milieunormen voor ‘gewone’ stoffen
zijn gemanipuleerd dat ze structuren bevatten met
mogelijk niet voldoet voor nanodeeltjes – die kunnen
minstens één dimensie kleiner dan 100 nanometer.”
zich in het milieu immers heel anders gedragen dan
21
bulkstoffen.” De Nederlandse regering heeft in 2009
Zelfreinigende membranen
besloten 125 miljoen euro uit het Fonds Economische
Bas gaat enthousiast op die vraag in: “Op dit moment
Structuurversterking te investeren in onderzoek naar
bekijken we hoe we nanotechnologie kunnen
de kansen en bedreigingen van nanotechnologie.
gebruiken om membraanvervuiling te bestrijden.
KWR trekt hierbij het onderzoeksprogramma rond de
Om water te zuiveren worden nanofiltratiemem-
milieurisico’s van nanodeeltjes, en zal ook onderzoek
branen gebruikt. In die membranen zitten poriën
verrichten naar de kansen van nanotechnologie voor
van nanoschaal, waar water wel doorheen kan, maar
waterzuivering.
andere stoffen niet. In de praktijk raken membranen vaak vervuild en blijven deeltjes en stoffen aan het
Fullerenen
oppervlak kleven en verstoppen de poriën. We willen
Jan: “Bij KWR doen onze collega’s van Waterkwaliteit
membranen onderzoeken waarop nano-zeolietdeel-
en Gezondheid onderzoek naar de potentiële gevaren
tjes zijn aangebracht. Zeolieten hebben een grote
van nanotechnologie. Zo is een analysemethode
affiniteit voor water, ze komen van nature voor in klei
ontwikkeld voor de aanwezigheid van fullerenen –
en worden al langer in zuiveringsmethoden gebruikt.
bolvormige ‘kooien’ van zestig koolstofatomen die
Door de zeolietdeeltjes worden de membranen ook
onder andere worden gebruikt om andere moleculen
hydrofieler. Zo blijft vuil er minder goed op zitten,
in op te slaan en te transporteren, bijvoorbeeld
omdat het moet concurreren met het water dat langs
in geneesmiddelen. Met accurate massabepaling
de membranen stroomt. Met waterbedrijf Evides
(zie ook p. 14) zijn lage concentraties fullerenen en
willen we testen of de membranen daardoor meer
hun omzettingsproducten gevoelig aan te tonen,
“zelfreinigend” worden. Dat kan energie besparen,
zelfs bij 5 nanogram per liter. Fullerenen of hun
omdat minder druk nodig is om het water door de
omzettingsproducten zijn nog niet in oppervlakte-
membranen te persen.”
water aangetroffen, mogelijk vanwege natuurlijke afbraakprocessen of omdat ze aan elkaar ‘plakken’ en
Kennis en voorlichting
neerslaan in slib.”
Nanotechnologie brengt de komende jaren nog heel wat onderzoekswerk en discussie met zich mee. Jan:
Internationale samenwerking
“We moeten als maatschappij helder communiceren
Voor het nanotechnologie-onderzoek werkt KWR
over toepassing van nanotechnologie en de voor- en
internationaal samen met dertien andere water-
nadelen goed afwegen, bij voorkeur samen met de
kennisinstituten binnen de Global Water Research
operators van de installaties en natuurlijk de consu-
Coalition (GWRC) en met het wereldwijde netwerk
menten die ermee te maken krijgen. Gefundeerde
van professionals in de watersector, de International
kennis en goede voorlichting kunnen voorkomen
Water Association (IWA). Jan is voorzitter van de IWA
dat mensen onnodig bang worden voor ‘nano’. In de
specialist group op het gebied van nanotechnologie en
praktijk gebruiken we actieve koolfilters om water
water. “Daar houden we ons bezig met potentiële risi-
te zuiveren van onaangename stoffen. Die bevatten
co’s en hoe je nanomaterialen uit het waterige milieu
koolstofdeeltjes met een heel groot inwendig opper-
kunt verwijderen, maar ook met de mogelijkheden
vlak, waardoor relatief veel atomen aan het oppervlak
om nanotechnologie toe te passen bij de behandeling
liggen - net als bij nanodeeltjes. Daar maken we al
van afvalwater of drinkwater. Dat zijn de onder-
tientallen jaren dankbaar gebruik van.”
werpen die Bas en mij het meest aanspreken: wat kun je er – veilig – mee dóén? Hoe zet je deze nieuwe techniek verantwoord in voor waterzuivering?”
22
KWR 2009
onderz oek
23
24
KWR 2009
Onderzoeksprogramma’s
Onderzoek dat aansluit bij de praktijk Op het snijvlak van samenleving, watersector en wetenschap vertalen de medewerkers van KWR vragen uit de praktijk naar wetenschappelijke onderzoeksvragen. Zowel bij het formuleren van de onderzoeksvragen als bij het onderzoek naar de antwoorden daarop werken zij nauw samen met mensen uit de praktijk. Zo creëren zij de optimale randvoorwaarden om bruikbare oplossingen te ontwikkelen, die ook daadwerkelijk toepassing vinden in de praktijk van de watersector. KWR verricht zijn onderzoek zowel binnen individuele onderzoeksopdrachten als via grotere en meer publieke onderzoeksprogramma’s.
BTO – Bedrijfstakonderzoek voor de drinkwaterbedrijven
Waterbehandeling, Waterdistributie en Client 21
• Dunea
Een krachtige demonstratie van KWR’s
onderzoek gedaan naar Duurzaam veilig water,
• Evides
praktijkgerichte aanpak en intensieve
Biologische stabiliteit, Water Safety Plans,
• PWN Waterleidingbedrijf Noord-Holland
samenwerking met opdrachtgevers is het
Nevenproducten UV/UV-oxidatie, Geo-informatie
• Vitens
bedrijfstakonderzoek BTO. Binnen dat onder-
voor de watersector, Klimaatverandering en
• Waterbedrijf Groningen
zoeksprogramma bundelen negen Nederlandse
Nanotechnologie.
• WML (Waterleidingmaatschappij Limburg)
en twee geassocieerde Vlaamse waterbedrijven
• WMD (Waterleidingmaatschappij Drenthe)
en branchevereniging Vewin hun vragen, kunde
• Waternet
en onderzoeksinspanningen. Zij zijn vertegen-
• Pidpa (Provinciale en Intercommunale Drinkwatermaatschappij der Provincie Antwerpen)
woordigd in het College van Opdrachtgevers
• VMW (Vlaamse Maatschappij voor Watervoorziening)
Opdrachtgevers bedrijfstakonderzoek BTO: • Brabant Water
• Vewin
(afrondende fase). Daarnaast wordt multidisciplinair, thematisch
BTO-onderzoeksbijeenkomst 2009: “BTO, we maken het samen”
(CvO), dat het collectieve onderzoeks-
De jaarlijkse onderzoeksbijeenkomst van
programma aanstuurt en de BTO-onder-
het BTO op 18 november stond in het teken
zoeksvisie bepaalt, waaraan de ruim honderd
van co-makership: de samenwerking tussen
BTO-projecten worden getoetst. Deze visie
KWR-onderzoekers en onderzoekers van de
is gebaseerd op dezelfde thema’s als het KWR
waterbedrijven. Deze samenwerking levert niet
Onderzoeksprogramma (zie p. 10): Gezond,
alleen een grote bijdrage aan de ontwikkeling
Duurzaam, Vooruitstrevend en Efficiënt water.
van onderzoeksresultaten, maar versterkt ook
Deskundigen uit de deelnemende bedrijven
de toepassing van deze onderzoeksresultaten in
begeleiden het onderzoek via diverse expert-
de dagelijkse praktijk van de waterbedrijven. In
groepen en via de programmabegeleidings-
2009 werkten medewerkers van waterbedrijven
commissies (PBC’s) van de zes onderzoeks-
en KWR op 91 pilotlocaties samen aan (deel)
programma’s binnen het BTO: Microbiologie,
projecten van het BTO. De resultaten uit vijf
Chemische waterkwaliteit, Risicobeheer bronnen,
van die samenwerkingen werden tijdens
25
de onderzoeksbijeenkomst in duopresentaties
(HDDW) - Patrick van der Wens (Brabant
toegelicht:
Water) & Jan Willem Kooiman (KWR)
• Actieve-koolfiltratie als barrière tegen
• Effect van UV/ H2O2 op organische micro-
micro-organismen - Trudy Suylen (Evides)
verontreinigingen - Karin Teunissen (Dunea)
& Wim Hijnen (KWR)
& Roberta Hofman (KWR)
• Multisensorplatform - Wouter van Delft (Vitens) & Bram van der Gaag (KWR) • Horizontaal gestuurd geboorde winputten
• CAVLAR: theorie en praktijk van afsluiter-
Andere interessante BTOonderzoeksresultaten 2009: Er is een set methoden ontwikkeld waarmee kan worden vastgesteld hoe effectief diverse
controle - Eddy Postmus (Waterbedrijf
zuiveringstechnieken virussen zoals fagen
Groningen) & Ilse Pieterse-Quirijns (KWR).
en adenovirussen verwijderen.
Er zijn diverse nieuwe kwantitatieve en
kwalitatieve moleculaire methoden voor
detectie en identificatie van micro-orga-
nismen beschikbaar gekomen.
De binnen het BTO ontwikkelde methode
voor kwantitatieve detectie van Legionella
pneumophila met de polymeraseketenreactie
(PCR) heeft de status gekregen van ontwerp
NEN (NEN 6254).
Er is een internationaal achtergronddocu-
ment gemaakt voor de Wereldgezondheids-
organisatie WHO over de risicoanalyse van
Cryptosporidium, ter ondersteuning van het
opstellen van WHO Guidelines for Drinking
Water Quality en Water Safety Plans.
ATP blijkt een goede indicator voor actieve
biomassa in water.
Met de waterlaboratoria is een NASBA-
methode ontwikkeld voor detectie van
E.coli binnen vier uur; deze methode wordt
inmiddels toegepast.
De relatie tussen de hardheid van drink-
water en hart- en vaatziekten is duidelijker
geworden.
Voor veertig nieuwe stoffen in de water-
cyclus zijn veilige grenswaarden afgeleid.
Pilots binnen het BTO
Lees meer >
26
KWR 2009
Literatuuronderzoek in samenwerking met
Toepassing van een plug flow reactor voor
DPW – Onderzoek voor de duinwaterbedrijven
de GWRC heeft een prioritering opgeleverd
UV-behandeling (DOPFR-UV) blijkt niet
De drie duinwaterbedrijven maken gebruik
van onderzoek naar de risico’s van farmaceu-
tot minder vorming van het potentieel
van infiltratie van oppervlaktewater in de
tica die in de watercyclus voorkomen.
carcinogene bromaat te leiden.
duinen bij de productie van drinkwater en
Onderzoek met RIVM, Het Waterlaborato-
Luchtwaterspoeling bij spiraalgewonden
rium en RIWA Rijn heeft laten zien dat de
membraanelementen (AIRO) is effectief
aangetroffen concentraties geneesmiddelen
voor het beheersen van zowel biofouling als
in de Rijn goed voorspelbaar zijn uit het
deeltjesvervuiling.
gebruik ervan in het Rijnstroomgebied. Van
doen daarvoor gezamenlijk onderzoek. KWR en Het Waterlaboratorium zijn de preferred suppliers voor dit zogeheten DPW-onderzoek, dat zijn naam dankt aan de eerste letters van de bedrijfsnamen Dunea, PWN en Waternet.
de gebruikte farmaceutica komt tussen 1 en
Literatuuronderzoek geeft aan dat polymere
In 2009 is de onderzoeksvisie voor DPW tijdens
70 % via de afvalwaterzuivering in de rivier
membranen kunnen worden gemodificeerd
een workshop vernieuwd en zijn voor elk
terecht (gemiddeld 25 %).
met nanodeeltjes, waardoor ze hydrofieler
thema de belangrijkste kennisvragen voor de
worden, wat een twee tot drie keer hogere
komende jaren omschreven. Naast Bronnen,
flux en minder vervuiling kan opleveren.
Waterinfrastructuur, Waterzuivering en Water-
Het onderzoek naar early warning-systemen
kwaliteit wordt in 2010 in een thema-overstij-
heeft een prototype opgeleverd van een bacteriële biosensor voor detectie van atrazine. Met de Orbitrap massaspectrometer zijn de
Akoestische detectie kan waterleidingen
gende task force onderzocht wat de DPW-
rond gebouwen beschermen tegen
bedrijven willen met de Langetermijnvisie water-
(terroristische) inbreuken.
keten: Wat speelt er? Wat is van belang voor de
polaire probleemstoffen benzotriazolen en
DPW-bedrijven? Welke rol willen zij vervullen? Door het aantal deeltjes in en de kwaliteit
benzothiazolen aangetoond in drinkwater.
van geproduceerd water aan te passen, zijn
DPW-onderzoek in 2009 richtte zich onder
Er is een fysische basis gelegd voor interpo-
sedimentvorming en bruin water in het
meer op:
latie van grondwaterstanden tussen waar-
leidingnet te voorkomen.
• de effecten van riet in infiltratiepanden;
nemingspunten. Het afnamevoorspellingsmodel SIMDEUM Uit modellen voor de chloridebelasting van
modelleert nu ook niet-huishoudelijk
de Rijn blijkt dat de zoutbelasting nog verder
waterverbruik effectief.
omlaag moet.
• de gevolgen van het advies van de Deltacommissie (eind 2008) op de zuivering, ecologie en hydrologie bij DPW-bedrijven; • een minimodel voor de successie van vegetatie bij veranderende standplaatsfactoren;
Casestudies hebben een stappenplan Eisen aan de laagste grondwaterstanden
opgeleverd voor het toepassen van GIS voor
kunnen alleen gebiedspecifiek worden
analyses van leidingnetten.
• betere leidingnetanalyses door koppeling van hydraulisch model SynerGEE met het SIMDEUMmodel voor waterafname;
geformuleerd. Zij zijn afhankelijk van gebiedspecifieke factoren als bodemtype,
Binnen het BTO is een Australisch model voor
geohydrologie en peilbeheer.
opwerveling van sediment in leidingnet geijkt,
• een deeltjesvanger waarin storende deeltjes in het leidingnet gecontroleerd zullen bezinken;
dit wordt gezamenlijk verder ontwikkeld.
• ontstaan en effecten van zwerfstromen in
gefluïdiseerd bed (FIX) voor oxidatie kan
Klanten van waterbedrijven willen vooral
en tramwegen of hoogspanningskabels;
bijdragen aan de biologische stabiliteit van
dienstverlening zonder zorgen en efficiënte
water door NOM of deeltjes te verwijderen,
communicatie.
metalen waterleidingen bij bijvoorbeeld spoor-
Voorbehandeling met ionenwisseling in een
in een pilot in Weesperkarspel (Waternet)
Waterbedrijven kunnen hun innovaties
daalde het NOM-gehalte met ongeveer
en nieuwe rollen het beste richten op
60 procent. De aanpak van hormonen en geneesmiddelen die de bronnen voor drinkwater
waterkwaliteit en milieu.
i Anne-Mathilde Hummelen, anne.hummelen@kwrwater.nl
bereiken moet bij voorkeur brongericht
biomonitoring te concentreren; • maatregelen tegen Aeromonas-groei van netten.
Naast vier miniworkshops zijn in 2009 thematische DPW-workshops gehouden over Klimaat en Legionella.
i Dieuwke Voorhoeve, dieuwke.voorhoeve@kwrwater.nl
zijn. Met STOWA en Rioned is daarvoor het nieuwe thematische BTO-project Dealing with pharmaceuticals in drinking water production gestart.
• een methode om watermonsters voor
27
Onderzoeksprogramma Industrie en Water (OPIW)
Asellus – afvalwater, riolering en de watercyclus
Funderend onderzoeksprogramma KWR
Via KWR Industrie & Water (KIW), dat deel
Asellus is een multi-client-onderzoekspro-
Een bijzondere plek wordt ingenomen door
uitmaakt van de kennisgroep Watertechno-
gramma, gericht op innovatie in de water-
een eigen onderzoeksprogramma van KWR.
logie, biedt KWR sinds 2004 gespecialiseerd
cyclus, waarbij de integrale aspecten centraal
Met instemming van de commissarissen en
advies en onderzoek voor industriële afnemers
staan. Het programma is genoemd naar de
de aandeelhouders van KWR wordt jaarlijks
in bijvoorbeeld de (petro)chemie, papier,
waterpissebed, een dier dat voorkomt in
een deel van het resultaat van KWR ingezet
voedingsmiddelen, zwembaden en textiel-
gezonde wateromgevingen en organisch
voor dit funderende onderzoeksprogramma,
industrie. KIW levert hen onder andere exper-
materiaal afbreekt. In 2009 hebben de
dat een belangrijke voedingsbodem biedt
tise over koelwater en ketelvoedingswater,
Asellus-partners Waternet en WML, een Raad
voor de toegepaste onderzoeksprogramma’s.
waterhergebruik, desinfectie, proceswater,
van Participanten ingesteld. Deze heeft het
In 2008 en 2009 bedroeg deze investering
Legionella en membraantechnologie. KIW doet
onderzoeksprogramma vastgesteld, met de
500.000 euro per jaar. Dit eigen, funderende
opdrachten voor individuele bedrijven en orga-
thema’s: ongewenste stoffen in de watercyclus,
programma omvat innovatieve onderzoeks-
niseert netwerkgroepen voor de chemische en
klimaat & energie en hergebruik van water en
projecten met een doorlooptijd van twee of vier
voedingsmiddelenindustrie en de zwembad-
aanwezige stoffen. Veel onderzoeksvragen zijn
jaar, waarvoor promovendi en gepromoveerde
sector. Sinds 2006 is een belangrijke activiteit
daarnaast terug te leiden naar dwarsverbanden
onderzoekers worden aangetrokken.
van KIW het Onderzoeksprogramma Industrie en
als water in de stad of water voor de landbouw.
In 2009 zijn door de KWR-onderzoekers voor
Water (OPIW). In OPIW financieren circa
Belangrijk aspect van Asellus is dat de verschil-
dit programma 34 onderzoeksvoorstellen
35 bedrijven gezamenlijk onderzoeksprojecten,
lende onderdelen van de watercyclus niet alleen
ingediend; zeven van deze voorstellen zijn
soms ook met overheidssubsidies. Samen
inhoudelijk bij elkaar worden gebracht. Dit
gehonoreerd en van start gegaan.
realiseren zij zo een belangrijk kennisplatform.
gebeurt ook via regionale of lokale samenwerking tussen de partners: binnen Waternet,
Binnen de kennisgroep Watertechnologie
Enkele resultaten van het OPIW-programma
het watercyclusbedrijf voor Amsterdam en
worden uitgevoerd:
in 2009:
omgeving, door samenwerking tussen Brabant
• energiezuinige productie van hoogkwalitatief
• binnen OPIW 15 is een nieuwe screeningstechniek
Water en Waterschap De Dommel en door
voor Legionella pneumophila op basis van Q-PCR
partner WML, die samenwerkt met Water-
technologie toepasbaar gemaakt voor de praktijk
schapsbedrijf Limburg. Zo draagt Asellus bij aan
van koelwater en proceswater;
de realisatie van het Bestuursakkoord Water-
organische microverontreinigingen met nano-
keten. Binnen KWR verzorgt vooral het team
filtratie/reverse osmosis-membranen.
• van OPIW 12 – Handboek Koelwater is een update gemaakt;
water met forward osmosis uit diverse (afval) waterstromen; • invloed van biofouling op de verwijdering van
Afvalwater en Hergebruik de uitvoering van Asellus-projecten, in nauwe samenwerking met
De kennisgroepen Waterkwaliteit en Gezondheid
start gegaan: OPIW 45 - TOC verwijdering uit
de partners.
en Watertechnologie werken samen aan het
procescondensaat; OPIW 48 - Alternatieve
i Jan Hofman,
project:
• in 2009 zijn drie nieuwe OPIW-projecten van
conditioneringsmethoden voor koelwater, OPIW 50 - Nieuwe technologische ontwikkelingen
jan.hofman@kwrwater.nl
• nieuwe adsorbentia voor monitoring en verwijdering van polaire stoffen.
industriewater; • in 2009 werden in het kader van OPIW onder
Bij de kennisgroep Waterkwaliteit en Gezondheid
meer cursussen verzorgd op het gebied van koel-
wordt onderzoek gedaan naar:
water, hoge druk stoombereiding en demiwater.
• vertaling van in vitro toxiciteitdata naar
i Danny Traksel, danny.traksel@kwrwater.nl
gezondheidsrisico’s voor de mens; • gezondheidseffecten van nieuwe stedelijke waterconcepten. De kennisgroep Watersystemen doet funderend onderzoek naar: • een klimaat- en weersbestendige verdampings- module voor hydrologische modellen; • karteren van bodem en vegetatie met remote sensing.
i Gertjan Medema, gertjan.medema@kwrwater.nl.
28 Onderzoeksprogramma:
KWR 2009
BTO
Extreme omstandigheden, extreme micro-organismen “Bacteriën zijn overal en het milieu selecteert:
zoekt, kijk dan eens naar drinkwaterleidingen. Daarin
de bacteriën die het best zijn aangepast aan hun
stroomt heel schoon water, vrijwel zonder voedings-
omgeving kunnen zich nu eenmaal het uitbundigst
stoffen. En toch zijn er bacteriën die daarin kunnen
voortplanten. Ook onder extreme condities.” Paul
leven. Die zijn niet kieskeurig en kunnen heel lage
van der Wielen spreekt uit ervaring. Voor hij bij KWR
concentraties voedingsstoffen efficiënt gebruiken. Als
begon als senior microbiologisch onderzoeker, deed hij
ze de kans krijgen, groeien zulke micro-organismen
onderzoek naar bacteriën die uitstekend overleven in
ook in het leidingnet.”
extreme omstandigheden, zoals in diepzeezoutmeren of in het maagdarmstelsel van kuikens. Onder zulke
Biologisch stabiel water
extreme condities ontwikkelen zich micro-organismen
Om die bacteriegroei te voorkomen, zoeken Paul
met bijzondere eigenschappen. Vindt hij zijn huidige
en zijn collega’s uit hoe je leidingwater biologisch
onderzoekswerk bij KWR dan niet tam? Bacteriën in
stabieler maakt, zodat er minder bacteriën in kunnen
‘gewoon’ water? “Helemaal niet! Het geeft me veel
groeien. Bijvoorbeeld door de hoeveelheid potentiële
voldoening dat mijn wetenschappelijk werk hier wordt
voedingsstoffen nog verder te verlagen. Daarvoor
toegepast bij de drinkwaterbereiding of afvalwater-
doen ze onder meer metingen met een biofilm-
zuivering. Bovendien heb ik nog steeds te maken met
monitor. Daarin stroomt het te onderzoeken water
extreme micro-organismen. Bacteriën die afvalstoffen
langs een oppervlak waarop micro-organismen kunnen
afbreken zijn al bijzonder, maar als je extreme condities
groeien, net zoals in leidingnetten gebeurt. “Nu duurt het vaak vijf maanden voor we een duidelijk beeld hebben van de groei van bacteriën op het oppervlak dat willen we sneller weten. Daarom werken we aan een biofilmmonitor die beter contact maakt met het water en sneller groei laat zien. Maar ook aan betere meetmethodes voor afbreekbare voedingsstoffen, zoals ‘assimileerbaar organisch koolstof ’ of AOC.”
Monitoren Hoe erg is het eigenlijk dat er soms minieme hoeveelheden bacteriën in leidingwater groeien? “Vaak is dat onschadelijk, maar soms niet. De Legionella pneumophila-bacterie kan geen kwaad als je hem opdrinkt. Maar als je hem onder de douche inademt, kun je veteranenziekte krijgen: longontsteking met gevaarlijke complicaties. We moeten daarom altijd waakzaam blijven tegen wat er in water kán groeien. Wanneer bijvoorbeeld door klimaatverandering vaker hogere temperaturen in het leidingnet gaan
“We moeten altijd waakzaam blijven voor wat er in water kán groeien.” Paul van der Wielen:
voorkomen, zullen potentiële ziekteverwekkers die bij hogere temperaturen goed groeien zich gaan vermeerderen. Daarom gaan we tijdens de zomer van 2010 monitoren of deze ziekteverwekkers aanwezig zijn in het gedistribueerde drinkwater.”
29 Onderzoeksprogramma:
BTO
Ondergrondse kwaliteitsbewaking
“De afgelopen tien jaar zijn leidingnetten zo ontworpen dat verblijftijden korter worden.”
Nellie Slaats:
Nellie Slaats is bij KWR specialist in leiding-
Maar wat gebeurt er tijdens langdurig hete zomers?
materialen. Ze heeft zeventien jaar ervaring met het
Drinkwater dat is gemaakt uit oppervlaktewater
effect van water op leidingmaterialen en andersom.
heeft dan al voor de zuivering een hogere tempera-
Naast onderzoeker is ze teamleider Waterinfrastruc-
tuur en ook de bodem warmt op. “Bij langdurig
tuur, projectmanager binnen Waterinfrastructuur
zomerweer kunnen er in het leidingnet ‘hot spots’
en programmacoördinator van de BTO-programma’s
ontstaan, waar de temperatuur van de bodem boven
Waterdistributie en Cliënt 21, die worden uitgevoerd
25°C kan komen. Die ‘hot spots’ liggen vooral onder
voor de drinkwaterbedrijven. Met collega’s van KWR
asfalt en in zandgronden. Als het water dan ook
en de Universiteit van Amsterdam is ze betrokken
nog langer stil blijft staan op een warme plek in de
bij het onderzoek naar de opwarming van de bodem
leiding, kan de watertemperatuur oplopen tot boven
en de gevolgen daarvan voor de temperatuur in het
de afgesproken grens van 25°C. De afgelopen tien jaar
drinkwaterdistributienet. De temperatuur in dat net
zijn leidingnetten zo ontworpen dat weinig lange
wordt niet gereguleerd: drinkwater wordt gewonnen
verblijftijden optreden, maar in oudere netten kan
uit oppervlaktewater en grondwater met zuiverings-
dat wel voorkomen. Daarom onderzoeken de micro-
technieken die niets aan de begintemperatuur van het
biologen nu wat het effect is van hogere omgevings-
water veranderen. Het komt daardoor meestal met een
temperatuur op de temperatuur en de kwaliteit van
temperatuur beneden 15°C in de leidingen terecht.
drinkwater.”
30 Onderzoeksprogramma:
KWR 2009
BTO & funderend
Emerging substances - op de uitkijk voor nieuwe stoffen of effecten Emerging substances of ‘nieuwe stoffen’ zijn stoffen die nog niet eerder in water zijn aangetroffen. Sommige omdat ze echt nieuw zijn in het aquatisch milieu, andere omdat ze nu pas met nieuwe of verbeterde meetmethoden worden gemeten, maar al eerder voorkwamen. En soms gaat het om nieuwe kennis over de effecten van al bekende stoffen op de gezondheid. De onderzoekers van KWR zijn erop gebrand om zulke stoffen of effecten vroeg te ontdekken. Zo kunnen ze onderzoeken of ze een probleem kunnen vormen en of maatregelen noodzakelijk zijn. Indicatieve normen
kelen en uitvoeren om de concentraties van die
In 2009 werkte toxicoloog Merijn Schriks voor het
specifieke stoffen te meten. Samen met het RIVM en
BTO aan een onderzoek naar vijftig nieuwe stoffen
het Trimbosinstituut doen we nu bijvoorbeeld onder-
in oppervlakte-, grond- en drinkwater, waaronder
zoek naar restanten van drugs in grond- en opper-
geneesmiddelen, benzineadditieven, gewasbestrij-
vlaktewatermonsters uit Nederland. Onderzoekers
dingsmiddelen en röntgencontrastmiddelen. Voor tien
in Antwerpen en het Spaanse Castillon ontwikkelen
van die stoffen waren er drinkwaternormen van onder
tegelijkertijd hun eigen methoden daarvoor en doen
andere de World Health Organisation, voor de andere
daarmee metingen aan dezelfde watermonsters. Zo
veertig niet. Voor deze stoffen heeft hij veilige grens-
krijgen we diverse, onafhankelijke methoden om de
waarden afgeleid uit toxicologische literatuurgege-
aanwezigheid van drugs aan te tonen. In Nederland
vens. “De meeste stoffen bleken in zulke lage concen-
gebruiken we daarvoor onder andere onze accurate
traties in water voor te komen, dat daarvan geen
massabepaling met de Orbitrap massaspectrometer.”
gezondheidseffect te verwachten is. Hun concentraties blijven ruim onder de veilige grenswaarden,
... of juist naar een effect
die eveneens met een flinke veiligheidsmarge zijn
Merijn: “De tweede weg is om niet naar specifieke
bepaald. Voor enkele stoffen zijn de indicatieve
stoffen te zoeken, maar naar effecten. We hebben
normen vrij laag, hun concentratie in water moet
daarvoor steeds meer effectgerichte testen of bioas-
daarom goed in de gaten worden gehouden of gemo-
says tot onze beschikking en maken er steeds meer
nitord. Dat zijn bijvoorbeeld benzeen, 1,4-dioxaan,
bruikbaar voor toepassing op watermonsters. Met
NDMA, carbamazepine en twee perfluorverbindingen.
commerciële bioassays kunnen we bijvoorbeeld
Op deze manier weten we aan welke stoffen de water-
diverse soorten hormonale activiteit opsporen:
bedrijven prioriteit moeten geven.
oestrogeen, androgeen, progesteron, schildklier- en bijnierschorshormoon. Andere biologische effecten
Op zoek naar een specifieke stof…
die we onderzoeken of willen onderzoeken zijn de
Pim de Voogt, principal scientist chemische water-
mutageniteit en teratogeniteit – ontstaan er dna-
kwaliteit bij KWR en hoogleraar Milieuchemie aan de
veranderingen of misvormingen van een foetus – en
Universiteit van Amsterdam: “Voor dat monitoren kun
effecten op het immuunsysteem, de neurologie of
je twee wegen bewandelen. Als je weet welke stoffen
enzymsystemen. We willen graag een goed panel
je zoekt, kun je chemische analysemethoden ontwik-
van bioassays hebben om effecten op de menselijke
31
gezondheid te kunnen inschatten. Met zulke tests kun je bovendien meten wat het effect is van mengsels van dergelijke stoffen. Het effect van een mengsel van stoffen zou wel eens anders kunnen zijn dan simpelweg een optelsom van individuele effecten.” Pim: “Bovendien kunnen we, als we een effect vinden, met geavanceerde methoden als de Orbitrap de identiteit ophelderen van de stof die dat effect veroorzaakt.”
Begrijpen van stofgedrag Bij zijn werk aan de UvA concentreert Pim zich sterk op begrijpen waarom stoffen zich op een bepaalde manier gedragen in water, sediment, bodem en organismen. Bij KWR houden onderzoekers zich ook bezig met het gedrag van stoffen in de bronnen voor drinkwater, bij de zuivering, in het lichaam en de betekenis voor de gezondheid. “Omdat het meestal om heel lage concentraties van stoffen in water gaat, denken mensen vaak
“Veel voedsel, zoals groente
dat de effecten van wateropname te verwaarlozen zijn.
Pim de Voogt (r):
Maar vergis je niet: een mens consumeert circa twee
of graan, heeft heel wat liters water ge-
liter water per dag, dat is in massa het grootste deel
bruikt voordat het bij ons op tafel staat.”
van ons dagelijkse dieet. En veel voedsel, zoals groente of graan, heeft heel wat liters water gebruikt voordat het bij ons op tafel staat. Bij elkaar opgeteld kunnen die lage concentraties dus wel degelijk een effect hebben.”
Merijn Schriks (l):
“Het principe is natuurlijk:
niet-natuurlijke stoffen horen niet thuis in het water.”
Verantwoordelijkheid nemen Merijn kijkt vooral naar de toxicologische kant van de kwestie: hoeveel effect is te veel effect – hoe laag moeten concentraties blijven? Merijn: “Het principe is natuurlijk: niet-natuurlijke stoffen horen niet thuis
De graal
in het water en in de natuur en mogen ook niet in
Eigenlijk zijn beide onderzoekers op zoek naar een
drinkwater terechtkomen. Maar doordat mensen
soort heilige graal van de waterkwaliteit. Merijn:
werken en consumeren, komen stoffen toch in het
“Het liefst willen we een panel van bioassays hebben
waterrecht. De recente REACH-wetgeving in Europa
dat in één oogopslag laat zien op welke fysiologische
haalt de zeer persistente stoffen die zich stapelen in
eindpunten een watermonster effect heeft – en ook
het milieu eruit. Dit prikkelt tot introductie van beter
wat dat betekent voor de humane gezondheid. Het
wateroplosbare stoffen, die vaak lastig zijn te verwij-
zal nog wel een hele tijd duren voor een dergelijk
deren met waterbehandeling. We moeten er vanuit
panel beschikbaar is. Samen met zeven internatio-
gaan dat in grond- en oppervlaktewater vreemde,
nale partners uit de Global Water Research Coalition
nieuwe stoffen blijven opduiken. Onderzoek naar
werken we al aan het valideren van een panel van
emerging substances blijft dus hard nodig.”
hormoonassays.”
32 Onderzoeksprogramma:
KWR 2009
BTO
Verwijdering ziekteverwekkers onder de loep Ziekteverwekkende micro-organismen komen in bronnen voor drinkwaterproductie voor. Wim Hijnen heeft onderzocht op welke manier je kunt aantonen hoe goed de verschillende zuiveringsstappen deze ziekteverwekkers verwijderen. In 2009 is hij op dit onderzoek gepromoveerd. “Bij de afdeling Microbiologie werk ik al geruime tijd aan de microbiologische veiligheid van drinkwater”, vertelt Hijnen. “Een belangrijke vraag die ik daarbij probeer te beantwoorden is hoe we kunnen kwantificeren of drinkwater veilig is. In 2004 heb ik met mijn leidinggevende besloten om op dit onderwerp te promoveren.” Boeiend onderwerp
uitgegaan van twee indicatoren, E. coli en sporen van
“Natuurlijk wist ik dat promoveren naast mijn werk
sulfietreducerende Clostridia. Deze twee indicatoren
veel energie en privétijd zou vragen. Toch heb ik voor
komen in een aanzienlijk hogere concentratie voor
dit traject gekozen. Onder andere omdat ik veilig
dan de ‘bijbehorende’ ziekteverwekkers.”
drinkwater een belangrijk maatschappelijk thema vind waaraan ik graag een bijdrage lever. Daarnaast doe ik
Verwijderingsrendement
graag experimenteel onderzoek, zeker als de uitkom-
“Het idee bij het gebruik van indicatoren is dat als
sten daarvan toepasbaar zijn in de praktijk. Verder vind
je meet welk percentage ervan door de zuivering uit
ik het gedrag van micro-organismen in verschillende
het ruwe water wordt verwijderd, je dit verwijde-
zuiveringsprocessen een boeiend onderwerp, omdat er
ringspercentage kunt vertalen naar de verwijdering
verschillende natuurwetenschappelijke kennisvelden
van de ziekteverwekkers. De gevoeligheid van E.
bij komen kijken. En als dit dan wetenschappelijk
coli bacteriën en Clostridia sporen voor desinfectie
wordt gewaardeerd, is dat heel bevredigend.”
is niet hetzelfde, waardoor deze indicatoren ons wat vertellen over de verwijdering van verschillende
Indicatoren
soorten ziekteverwekkers. Ik heb eerst gekeken of
“Bij mijn onderzoek staat het gebruik van zogeheten
ik de verwijderingsrendementen met historische
fecale indicatoren centraal. In de praktijk is het niet
gegevens van drinkwaterbedrijven kon vaststellen.
mogelijk om alle ziekteverwekkende micro-orga-
Dat lukte voor de eerste zuiveringsstappen, maar niet
nismen in drinkwater aan te tonen. Niet alleen omdat
voor de stappen verderop in de keten. Na een aantal
er veel verschillende ziekteverwekkers zijn, maar ook
zuiveringsstappen is de hoeveelheid indicatorbacte-
omdat de veiligheidsnormen streng zijn. Ze staan
riën namelijk aanzienlijk kleiner, waardoor je ze met
bijvoorbeeld maar één virus toe in een hoeveelheid
de bestaande analysemethoden niet kunt aantonen.”
drinkwater waarmee je een zwembad zou kunnen vullen. Om dit soort praktische redenen werken we
Duizend liter
met indicatoren, specifieke onschadelijke micro-orga-
“Om de gevoeligheid te vergroten heb ik de bestaande
nismen waarmee je de aanwezigheid van ziektever-
methoden aangepast. Daarbij heb ik zoveel mogelijk
wekkers kunt aantonen. Voor mijn onderzoek ben ik
vastgehouden aan de bestaande praktijk. Bij deze
33
nieuwe methode onderzoek je een watermonster van
Uitkomsten toegepast
honderd tot duizend liter in plaats van het gangbare
“De proeven hebben niet alleen geleid tot betrouw-
volume van honderd milliliter. Door deze aanpassing
bare vertaalsleutels van de indicatoren naar de ziek-
kun je de aanwezigheid van de indicatoren ook in
teverwekkers. Ze laten ook zien dat je de uitkomsten
de laatste fase van de zuivering aantonen. Daarmee
van een doseerproef alleen kunt vertalen naar een
ben je er nog niet. Je moet ook nog weten in hoeverre
praktijkproces als de omstandigheden daarvan zo veel
je het verwijderingspercentage kunt vertalen naar
mogelijk overeenkomen met die van de proef. Waar
de verwijdering van de ziekteverwekkers. Om dat te
ik heel blij mee ben, is dat de drinkwaterbedrijven de
bepalen heb ik, samen met onderzoekers van water-
uitkomsten van mijn onderzoek inmiddels gebruiken
bedrijven en RIVM, doseerproeven gedaan met zowel
bij het toetsen van de microbiologische veiligheid van
de indicatoren als de ziekteverwekkers. Daarbij heb ik
hun drinkwater. Daar doe je het ten slotte voor.”
gekeken naar processen als desinfectie met ozon en UV, langzame zandfiltratie en bodempassage.”
“Ik onderzoek watermonsters van honderd tot duizend liter in plaats van het gangbare volume van honderd milliliter”. Wim Hijnen:
34 Onderzoeksprogramma:
KWR 2009
OPIW
Veilig zwembadwater zonder vervelende bijwerkingen Bij de desinfectie van zwembadwater met chloor kunnen stoffen ontstaan die gezondheidsklachten veroorzaken bij personeel en bezoekers van zwembaden. Andere desinfectiemethoden zijn daarom gewenst. KWR heeft een onderzoeksplan ontwikkeld voor praktijkonderzoek naar kansrijke alternatieven. Zwemmen doen ze geen van beiden veel en
Randvoorwaarden beheersen
al helemaal niet in een zwembad. Toch houden ze
“Uitgangspunten zijn dat het onderzoek plaatsvindt
zich intensief bezig met zwembaden. Frank Oester-
in één zwembad en dat de technieken na elkaar
holt als onderzoeker bij KWR en Wilfred Reinhold
worden getest. Op die manier zijn de randvoor-
als opdrachtgever bij het ministerie van VROM. “De
waarden het beste te beheersen. We stellen voor om
laatste jaren klagen personeel en bezoekers van
eerst te kijken bij welke vorm van chloordosering de
zwembaden geregeld over huid- en slijmvliesirrita-
minste ongewenste bijproducten ontstaan. Vervol-
ties”, vertelt Reinhold. “Welke stoffen precies deze
gens kan deze chloordosering worden gecombineerd
klachten veroorzaken is onbekend, maar duidelijk
met de aanvullende desinfectietechnieken om de
is dat het gaat om chemische verbindingen die
werking van elke combinatie te bepalen.”
ontstaan door een reactie tussen chloor en stoffen in het water afkomstig van mensen - denk aan urine,
Slimste manier
zonnebrandcrème en make-up - of van speelattri-
Beiden hopen dat het onderzoek snel kan beginnen.
buten. Daarom hebben we KWR in 2006 gevraagd
Volgens Reinhold is het echter nog niet zover: “We
onderzoek te doen naar alternatieve desinfectieme-
moeten eerst nog een paar vragen beantwoorden.
thoden, waarbij die chemische verbindingen niet of
Hoe kunnen we bijvoorbeeld de ongewenste bijpro-
veel beperkter ontstaan.”
ducten het beste meten en wat is de slimste manier om het aantal mensen in het bad te registreren?
Kansrijke technieken
Verder moeten we de financiering van het onderzoek
Oesterholt: “We hebben vijf technieken gevonden
- het gaat om ruim twee miljoen euro - nog regelen.
die een goede kans bieden op verbetering. Bij deze
Gezien de voorgenomen bezuinigingen zal het minis-
technieken combineer je een klein beetje chloor met
terie dat bedrag niet kunnen opbrengen. Daarom
andere desinfectietechnieken. Zonder chloor is het
kijken we nu naar subsidiemogelijkheden.”
namelijk erg lastig het huidige niveau van veiligheid van zwembadwater te blijven garanderen. Voor praktijkonderzoek met deze techniek hebben we in 2009 samen met vijf andere partijen een plan ontwikkeld.”
35
Vijf kansrijke technieken • Chloorbleekloog en UV met middendruklampen • Chloorbleekloog en UV met lagedruklampen • Zoutelektrolyse • Chloorbleekloog met ozon • Chloorbleekloog met poederkool
Frank Oesterholt (r) en Wilfred Reinhold (l):
“Wij hebben vijf technieken gevonden die een goede kans bieden op vermindering van huid- en slijmvliesirritaties.”
36 Onderzoeksprogramma:
KWR 2009
Asellus
Van afvalwater naar energie, grondstoffen en schoon water Tijdens zijn opleiding tot medisch microbioloog zag Kees Roest bacteriën en andere microorganismen vooral als gezondheidsrisico’s. Nu richt hij zich juist op samenwerking met micro-organismen, specifiek de micro-organismen die ‘vuiligheid’ uit rioolwater halen. Hij wil rioolwaterzuivering duurzamer maken door tegelijkertijd voedingsstoffen, water en energie terug te winnen. De huidige rioolwaterzuiveringen leveren geen nieuwe grondstoffen op en kósten juist energie.
Bioreactoren
riool, dat kan corrosieproblemen veroorzaken. Maar
Kees heeft in 2009 een nieuw afvalwaterlaborato-
met een slimme aanpak laten we micro-organismen
rium ingericht, met vier state of the art bioreactoren,
dit sulfaat pas bij de zuivering omzetten in water-
gekoppeld aan een geavanceerd computersysteem.
stofdisulfide. Daarbij wordt meteen organische
“In deze reactoren bestuderen we de huidige
stof verwijderd. Andere micro-organismen kunnen
processen in de afvalwaterzuivering en processen die
dat waterstofdisulfide vervolgens gebruiken bij de
de zuivering duurzamer of energiezuiniger kunnen
omzetting van nitraat in stikstof. Uiteindelijk hoef
maken. In hoeveelheden van twee tot zeven liter
je op deze manier minder te beluchten en bespaar je
bootsen we na wat in de praktijk in afvalwaterzuive-
energie.”
ringen van tientallen kuubs gebeurt. Daarbij kunnen we alle procesomstandigheden meten en bijstellen,
Robuust en simpel
van de temperatuur tot het gehalte aan voedings-
Kees hoort bij het team Afvalwater en hergebruik, dat
stoffen en zouten, de zuurgraad of gasontwikkeling
onder meer het onderzoeksprogramma Asellus uitvoert
- ook op afstand. ’s Avonds kan ik thuis via mijn laptop
(pag. 27). Binnen Asellus wordt onder meer onderzocht
nog snel controleren hoe de reactoren draaien.”
hoe je zoveel mogelijk organische stof uit afvalwater haalt. Deze organische stof kan worden vergist tot
Zeewater door de WC
biogas. Ook forward osmosis wordt onderzocht: door
Binnen het funderend onderzoek van KWR (p. 27)
afvalwater via een speciaal membraan in contact te
worden de reactoren bijvoorbeeld gebruikt om te
brengen met een schone zoutoplossing, wordt het
onderzoeken wat er gebeurt als je zeewater gebruikt
water uit het afval naar het zout ‘getrokken’. Zo raakt
voor toiletspoeling in plaats van drinkwater.
het vervuilingen kwijt en is het na ontzouting opnieuw
“Het toilet spoelen met zeewater is duurzaam:
te gebruiken. Tegelijkertijd wordt het afvalwater verder
je hoeft bijna de helft minder drinkwater te maken
geconcentreerd: daardoor kun je de organische stof
omdat je het niet meer door de WC spoelt. Geweldig,
beter benutten en nutriënten gemakkelijker terug-
want veel kust- en deltalocaties wereldwijd hebben
winnen.
te weinig geschikt water voor drinkwaterproductie.
Werken met participanten uit de praktijk is verfris-
Met zeewater komt wel meer zout en sulfaat in het
send, vindt Kees. “Praktijkmensen gaan voor robuust
37
Kees Roest:
“Praktijkmensen gaan voor robuust en simpel.”
en simpel, geen onnodige stappen of reactoren. Bovendien brengen we in Asellus de regionale partners in de watercyclus vaak letterlijk bij elkaar, zodat ze samen meer efficiëntie kunnen bereiken. Dat stimuleert.”
Energie “Efficiënter is ook een techniek als vergisting onder hoge druk. Daarbij blijft het ontstane gas in de reactor tot druk van wel 90 bar ontstaan. Het gas én de opgebouwde druk kunnen worden gebruikt om energie op te wekken.” Afvalwater? Kees Roest maakt én krijgt er energie van!”
38 Onderzoeksprogramma:
KWR 2009
OPW & BTO
Goede NOM-verwijdering met innovatieve ionenwisselaar Veel drinkwaterbedrijven kampen met een hoge concentratie aan natuurlijk organisch materiaal (NOM) in hun ruwe water. Dat heeft onder meer negatieve gevolgen voor de verschillende zuiveringsstappen. KWR doet samen met Waternet en de TU Delft onderzoek naar NOM-verwijdering en ontwikkelde een nieuwe ionenwisselaar. Emile Cornelissen van KWR en Marco Dignum van Waternet vertellen over het onderzoek. “Hoge gehaltes aan NOM in de grondstof voor
kunnen we opvangen door een hogere ozondosering,
drinkwater vormen geen levensgroot probleem”, zegt
maar daarmee zijn we er nog niet. De bijproducten
Cornelissen. “NOM in drinkwater leidt bijvoorbeeld
die ontstaan bij de NOM-afbraak - zogeheten assi-
niet tot gezondheidsproblemen. Toch is het gewenst
mileerbare organische koolstoffen - kunnen namelijk
om de gehaltes tijdens het zuiveringsproces terug
leiden tot nagroei van bacteriën. Deze afbraakpro-
te dringen. In de eerste plaats om geur- en kleur-
ducten moeten we dus uit het water verwijderen. In
problemen te voorkomen. Daarnaast maken hoge
een van de latere zuiveringsstappen met actieve kool
NOM-concentraties diverse zuiveringsstappen, zoals
gebeurt dat weliswaar, maar net als bij de ozonisatie
ozonisatie en zuivering met actieve kool, ingewikkeld
gaat de verwijdering van NOM daar ten koste van
en duur.”
het eigenlijke doel van deze zuiveringsstap. NOM neemt de adsorptieplekken in die we eigenlijk willen
Kwelwater
benutten voor de verwijdering van microverontreini-
Dignum vult aan: “Het NOM-gehalte in water wordt
gingen.”
vooral bepaald door de bron. Dat kunnen wij goed zien in onze twee drinkwaterzuiveringen. In de zuive-
Gefluïdiseerd bed
ring Leiduin gebruiken we water uit de Amsterdamse
Cornelissen: “Gezien deze negatieve effecten van
Waterleidingduinen als grondstof. Het betreft water
NOM op het zuiveringsproces zijn we gaan kijken of
uit de Rijn dat we in de duinen infiltreren. De NOM-
we het organische materiaal in een vroeg stadium uit
gehaltes in dit water zijn laag. Dat is anders bij het
het water kunnen halen. Al zoekende leek verwij-
ruwe water waarvan we uitgaan bij onze zuivering
dering met een ionenwisselaar met een zogeheten
in Weesperkarspel. Hier gebruiken we kwelwater uit
gefluïdiseerd bed het meest kansrijk. Hierbij verwij-
de Utrechtse Heuvelrug dat in de Bethunepolder ten
deren positief geladen kunstharskorrels - die door de
noorden van Utrecht naar boven komt. Doordat dit
geïnjecteerde waterstroom voortdurend in beweging
water een veenpakket passeert, is het rijk aan NOM.”
zijn - het negatief geladen NOM. Om een geschikt ionenwisselaarshars te vinden voor het reinigen van
Nagroei bacteriën
het ruwe water van Waternet zijn we in het labora-
“Voor het onderzoek hebben we eerst gekeken hoe de
torium begonnen met bekerglasproeven. Vervolgens
NOM-verwijdering is in onze bestaande zuivering in
hebben we gekeken of de meest kansrijke harsen ook
Weesperkarspel. Bij de ozonisatie breekt een aanzien-
goed werkten in een gefluïdiseerd bed. Daarna zijn
lijk deel van het NOM af. Daardoor is er minder
we met experimenten gestart in een grote proefin-
ozon beschikbaar voor de desinfectie. Dat probleem
stallatie in Weesperkarspel, waarbij we als eerste
39
hebben onderzocht hoeveel NOM we met de ionen-
gedaan waarbij we achter de ionenwisselaar alle
wisselaar kunnen verwijderen.”
nageschakelde zuiveringsstappen hebben gezet. Ook met deze proeven behaalden we goede resultaten.
Optimale afstemming
Bovendien hebben ze veel kennis opgeleverd over de
“De resultaten van die experimenten zijn goed”,
optimale afstemming tussen de ionenwisselaar en de
vertelt Dignum. “Zo daalde het NOM-gehalte met
ozonisatiestap. We zijn er dan ook van overtuigd dat
ongeveer vijftig procent, wat betekent dat we
NOM-verwijdering met de ionenwisselaar voor ons
uitkomen op de kwaliteit van het water in Leiduin.
en veel andere waterbedrijven technisch aantrekke-
Om te zien hoe de ionenwisselaar past binnen ons
lijk is. De komende tijd gaan we onderzoeken of het
hele zuiveringsproces hebben we vervolgens proeven
ook financieel haalbaar is.”
“Het NOM-gehalte daalde met ongeveer 50%.” Marco Dignum (r):
“In de proefinstallatie in Weesperkarspel hebben we onderzocht hoeveel NOM we met ionenwisselaars kunnen verwijderen.”
Emile Cornelissen (l):
40 Onderzoeksprogramma:
KWR 2009
BTO
Gezond water is goed nieuws Gezondheid en water, daar draait het om voor Cindy de Jongh. Na haar studie Voeding en gezondheid werkte ze aan het voorspellen van contacteczeem en daarna aan acute vergiftigingen. Slecht nieuws dus. Bij KWR onderzoekt ze de chemische kwaliteit van vooral drinkwater. “Het leuke daaraan is, dat ik nu veel goed nieuws kan vertellen. Nederlands drinkwater heeft een hoge kwaliteit, zonder toegevoegde chemische desinfectiemiddelen. En KWR staat vooraan als het erom gaat kennis te ontwikkelen die helpt die kwaliteit te bewaken en te behouden – ook in de toekomst.”
“Twee liter water per dag leveren evenveel magnesium als eens per week broccoli eten.” Cindy de Jongh:
De Jongh heeft in 2009 meegewerkt aan een uitgebreide cohortstudie met de Universiteit Maastricht, naar het verband tussen drinkwaterhardheid en sterfte aan hart- en vaatziekten. “Voor de populatie als geheel blijkt geen verband te bestaan tussen calcium en magnesium in het drinkwater en de sterfte aan hart- en vaatziekten. Maar bij een subgroep mannen vonden we wel een relatie: mannen die via hun voeding weinig magnesium binnenkrijgen, hebben een kleinere kans om te sterven aan hart- en vaatziekten als hun drinkwater meer dan 4 mg/liter magnesium bevat. Drinkwater levert namelijk ook een kleine bijdrage aan de dagelijkse hoeveelheid magnesium die een mens nodig heeft om gezond te blijven. De twee liter water die je gemiddeld per dag gebruikt, leveren bij die concentratie evenveel als een beker melk - of eens per week broccoli eten.” Met deze cohortstudie is meer duidelijkheid gekomen in de jarenlange discussie over de effecten van de hardheid van drinkwater op het voorkomen van harten vaatziekten.
41 Onderzoeksprogramma:
BTO & funderend
GIS brengt water en ondergrond scherper in beeld Stel, het is 2030. Als het (elektrische) autootje van het waterbedrijf de straat in rijdt, ziet de monteur op zijn navigatiesysteem niet alleen in welke straat hij is, maar ook welke leidingen en kabels er onder de grond liggen, waar de afsluiters zitten en waar hij precies een onderdeel moet vervangen. Bij het uitstappen zet hij zijn augmented reality bril op: daarmee ziet hij de gegevens uit zijn navigatiesysteem op hun echte locatie geprojecteerd. Na de reparatie geeft hij door wat hij gedaan heeft via zijn navigatiesysteem: de volgende keer dat een monteur van het waterbedrijf, het glasvezelnet of de riolering de straat in rijdt, kan die precies zien welke werkzaamheden onze monteur vandaag heeft uitgevoerd en wat voor bijzonderheden hij heeft aangetroffen.
“GIS is een krachtig hulpmiddel om ruimtelijke gegevens inzichtelijk en breed inzetbaar te maken.” Bernard Raterman:
Zover is het nog niet, maar de ontwikkelingen gaan snel. Als het aan geoloog en GIS-specialist Bernard Raterman ligt, komen er ook binnen de watersector steeds meer efficiënte toepassingsmogelijkheden van geo-informatiesystemen of GIS. “Bij GIS gaat het er vooral om locatiespecifieke gegevens slim te combineren. Wanneer de beschikbare gegevens over de plek van leidingen onder de grond, de soort bodem, bebouwing en de waterhuishouding voor een heel gebied aan elkaar gekoppeld zijn, kun je daaruit veel meer halen dan uit de losse databestanden alleen. Alsof je op een hele stapel kaarten tegelijk kijkt.” De truc is echter te zorgen dat die verschillende gegevensbestanden ook effectief aan elkaar te koppelen
computer met een groot touch screen. In de verticale
zijn. “Daarvoor moet je je systemen slim kiezen en op
stand is het een beeldscherm, in de horizontale stand
elkaar afstemmen – en dus de ontwikkelingen in GIS
een tafel waar je met een groep mensen omheen kunt
goed bijhouden. Dat is een deel van mijn werk.”
staan om elkaars informatie te delen en consequenties van ingrepen te bekijken. Ook kun je informatie
Rond de tafel
combineren met GIS-informatie op internet, zoals
Daarnaast brengt Bernard vertegen-
Google Maps of geodata-services. Bij KWR gebruiken
woordigers van de watersector en onderzoekers
we hem nu vaak om GIS-gegevens te combineren met
bij elkaar om informatie te delen en ze te laten
de modellen die we hier ontwikkelen, bijvoorbeeld
ontdekken hoe ze meer halen uit GIS-gegevens. Zo
voor de effecten van maatregelen in de waterhuishou-
verbindt hij niet alleen databestanden met elkaar,
ding op de natuur in een gebied. GIS is een krachtig
maar ook mensen en sectoren. Hij gebruikt daarbij
hulpmiddel om cijfermatige informatie meer inzich-
onder meer de GIS-tafel. “Dat is een krachtige
telijk en breed inzetbaar te maken.”
42
KWR 2009
Europa Spanje Noorwegen Duitsland
43
Nederland Portugal
44
KWR 2009
Nationale en internationale partners KWR werkt samen met opdrachtgevers, samenwerkingsverbanden en kennispartners over de hele wereld. Dit uitgebreide netwerk biedt het kennisinstituut de mogelijkheid op internationaal niveau hoogwaardig onderzoek te doen en een effectieve kennismakelaar te zijn. Een aantal voorbeelden, in alfabetische volgorde: Delft Cluster – infrastructuur en water
VENI-beurs aan de TU Delft. Diverse promovendi
drijven binnen het BTO, maar ook met de Vrije
hebben binnen dit traject onderzoek verricht in
Universiteit Amsterdam, Universiteit Utrecht
dienst van of bij KWR. Delft Cluster is eind 2009
en het Planbureau voor de Leefomgeving.
Delft Cluster ontwikkelt en verspreidt inter-
als kennisprogramma voor Deltavraagstukken
disciplinaire en gevalideerde kennis voor de
afgerond, een aantal promotietrajecten lopen
i Flip Witte, Flip.witte@kwrwater.nl
grond-, weg en waterbouwsector. De focus van
nog door. Zie ook www.delftcluster.nl
Delft Cluster ligt op infrastructuur en water. KWR en het BTO waren deelnemer aan meerdere Delft Cluster-projecten. Delft Cluster heeft
Deltares en PBL
DWSI – vooruitzien met Dutch Water Sector Intelligence
een bijdrage geleverd aan de ontwikkeling
Voor Deltares, het kennisinstituut voor
van het RESPOND-model, een nieuw model
Deltatechnologie, en voor het Planbureau
KWR faciliteert DWSI, een platform voor geza-
voor het in beeld brengen van de effecten,
voor de Leefomgeving deed KWR in 2009 een
menlijke horizonscanning voor en door de héle
kansen en risico’s van drinkwaterwinning. Ook
verkennende studie naar de ecohydrologische
Nederlandse watersector. Een denktank die
is een risicoanalysemodel ontwikkeld waarmee
gevolgen van klimaatverandering. Dat resul-
trendanalyses en sociaal leren inzet voor het
bij langdurige hitte altijd drinkwater van de
teerde in een landelijke schetskaart waarop die
ontwikkelen van nieuwe inzichten en respons-
hoogste kwaliteit gegarandeerd kan worden.
gevolgen zijn weergegeven. De resultaten zijn
strategieën. In DWSI participeren momenteel
Waterbedrijven anticiperen met deze tool op
opgenomen in de brochure ‘Klimaat-effectatlas’
21 organisaties uit de watersector.
de risico’s die de waterkwaliteit verminderen
van het Interprovinciaal Overleg (IPO) en
door bijvoorbeeld de innamestrategie aan te
de brochure ‘De staat van het Klimaat 2009’
Op de DWSI website zijn 15 trendalerts
passen. Een ander interessant product is een
voor het Platform Communication of Climate
verschenen, waarin voor de watersector
model voor het voorspellen van het zoutgehalte
Change.
relevante maatschappelijke en technologi-
in het IJsselmeergebied bij klimaatverande-
Ook ontwikkelde KWR in 2009 in opdracht
sche ontwikkelingen worden beschreven.
ring. Hiermee kan de maximaal acceptabele
van Deltares een eenvoudige klimaatrobuuste
Een denktank met vertegenwoordigers van
zoutbelasting van de Rijn worden ingeschat.
vegetatiemodule. Met dit instrument kunnen
alle participerende organisaties vertaalt deze
Daarnaast is veel kennis ontwikkeld op het
beheerders en beleidsmakers natuurdoelen
trends vervolgens door naar consequenties
gebied van waterkwaliteit in het leidingnet
plannen en beheren en bepalen of die natuur-
voor de watersector. Kennisoverdracht vindt
die toegepast wordt in nieuwe ontwerpen
doelen haalbaar zijn onder externe invloeden,
plaats binnen deze denktanksessies en op een
voor leidingnetten en effectieve manieren van
zoals atmosferische depositie van stikstof en
trenddag in samenwerking met Waternetwerk,
schoonmaken van het leidingnet. Uiteindelijk
fosfor en klimaatverandering. De module sluit
waar DWSI zijn bevindingen ook deelt met een
is ook een succesvol en prijswinnend promo-
aan op het werk binnen het programma ‘Risi-
breder publiek uit de watersector.
tieonderzoek naar de werking van membranen
cobeheer Bronnen’ van het Bedrijfstakonder-
Naast de trenddag, met als onderwerp gloca-
in de drinkwaterzuivering uitgevoerd, dat een
zoek voor de waterbedrijven BTO, waarbij niet
lisering (“think global, act local”), heeft DWSI
vervolg heeft gekregen in een prestigieuze
alleen wordt samengewerkt met de waterbe-
in 2009 twee denktanksessies georganiseerd:
45
HeliXeR creëert unusual business
Holland Climate House in Kopenhagen
Wijnberg) en “Kredietcrisis” (met hoogleraar
HeliXeR, gevestigd op de High Tech Campus
Op initiatief van het FES programma Kennis
economie Arnold Heertje). In de denktank-
in Eindhoven, is een samenwerkingsverband
voor Klimaat richtte Nederland het Holland
sessies is vastgesteld hoe de ontwikkelingen
tussen Brabant Water, Waterschap de Dommel,
Climate House in tijdens de Conference of
de watersector kunnen beïnvloeden en hoe een
TNO, Philips en KWR.
Parties (CoP15) die december 2009 in Kopen-
mogelijke respons eruit zou kunnen zien: wat
HeliXeR creëert binnen de thema’s Water en leef-
hagen plaatsvond. In het Holland Climate
kunnen we doen om risico’s te vermijden en
stijl en Water en leefomgeving business opportu-
House toonde Nederland wat het doet op het
kansen te benutten?
nities vanuit behoeftes en de belevingswereld
gebied van mitigatie en adaptatie op het gebied
van eindgebruikers.
van klimaat en water. Gertjan Zwolsman van
De deelnemende partijen hebben een mede-
KWR was inhoudelijk coördinator van een
Deelnemers DWSI (begin 2010):
werker beschikbaar gesteld, samen vormen zij
Nederlands ‘side event’. Samen met drie Kennis
• Brabant Water
het HeliXeR-kernteam, onder leiding van de
voor Klimaat- en WUR-medewerkers stelde hij
• Dunea
van Philips afkomstige Ad Leenaars.
een programma samen met tal van presenta-
• Grontmij
Irene Vloerbergh van KWR: “Wij signaleren
ties, discussies en ontmoetingen onder de titel
• Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden
behoeftes in de markt en bekijken hoe we daar
‘Science and experience in dealing with climate
• KWR Watercycle Research Institute
op innovatieve wijze invulling aan kunnen
change’.
• Provincie Overijssel
geven. De combinatie van de diverse kernteam-
De inhoudelijke bijdragen aan het side event
• PWN Waterleidingbedrijf Noord-Holland
leden en hun moederorganisaties (de HeliXeR-
werden geleverd door onderzoeksinstituten,
• STOWA
partners) maakt ‘unusual business’ mogelijk;
ministeries, provincies, grote steden en water-
• VEWIN
business die voor de afzonderlijke partners niet
schappen. Vanuit KWR gaven Patrick Smeets
• Vitens
voor de hand ligt.”
(Klimaat en gezondheid), Jan Hofman ( Klimaat
• Waterbedrijf Groningen
Voorbeeldcases zijn de ‘coli-case’ en ‘functio-
en stedelijk waterbeheer; Klimaat en zoetwa-
• Waterleiding Maatschappij Limburg
neel water’. Voor de coli-case is een assessment
tervoorziening) en Matthijs Bonte (Opslag van
• Waternet
gedaan van een innovatieve, eenvoudige,
energie in bodem) een presentatie.
• Waternetwerk
snelle methode om E.coli-bacteriën in (drink)
Gertjan Zwolsman: “Door de betrokkenheid
• Waterschap Aa en Maas
water op te sporen voor ontwikkelingslanden.
bij dit side event heeft KWR zijn intenties
• Waterschap Brabantse Delta
De waterbedrijven Brabant Water en Vitens
op het gebied van klimaatonderzoek duide-
• Waterschap de Dommel
en de combinatie TNO-Deltares hebben deze
lijk gemaakt en positioneert het zich tussen
• Waterschap Rijn en IJssel
business case gekocht. Elke partij levert daar-
alle relevante kennisinstituten die zich met
• Waterschap Velt en Vecht
naast een bijdrage in de vorm van kennis en
klimaatverandering bezighouden.”
• Wetsus
capaciteit. Voor de case Functioneel water wordt
• Witteveen+Bos
momenteel onderzocht welke behoeften er in
i Gertjan Zwolsman,
“Kant en Nietzsche op een Waterfietsje” (over sociaal leren en de langetermijnvisie op de waterketen, met onder andere filosoof Rob
de verschillende markten leven. Zie ook www.
i Jos Frijns, jos.frijns@kwrwater.nl
helixer.nl.
i Irene Vloerbergh, Irene.vloerbergh@kwrwater.nl
gertjan.zwolsman@kwrwater.nl
46
KWR 2009
Kennis voor Klimaat
KWR en RIVM: ETBE geen bedreiging voor gezondheid
TTIW Wetsus – Topinstituut voor duurzame watertechnologie
Het onderzoeksprogramma Kennis voor
KWR en het Rijksinstituut voor Volksgezond-
Kennisinstituut KWR neemt mede namens
Klimaat richt zich op kennisontwikkeling en de
heid en Milieu (RIVM) onderzochten in 2009
het onderzoeksprogramma BTO deel in TTIW
toepassing van kennis om Nederland ‘climate
in opdracht van het ministerie van VROM of
Wetsus, het nationale Technologisch Topin-
proof ’ te maken. Daarbij heeft het programma
het een probleem oplevert voor de drinkwa-
stituut Watertechnologie. TTIW Wetsus is
de ambitie om de Nederlandse kwetsbaar-
tervoorziening, dat steeds meer ethyl-tert-
een multidisciplinair samenwerkingsver-
heid om te zetten in een kans. Een kans om
butylether (ETBE) en methyl-tert-butylether
band tussen Nederlandse kennispartners en
Nederland klimaatbestendiger te maken en om
(MTBE) in het grond- en oppervlaktewater
commerciële marktpartijen, met een sterk
de bijbehorende kennis en ervaring te etaleren
komt. ETBE en MTBE worden als loodvervanger
accent op scheidings- en biotechnologie. Het
ter versterking van het vestigingsklimaat en
aan benzine toegevoegd om te zorgen voor een
TTIW-programma richt zich vooral op proof of
de exportpositie op het gebied van water-
efficiëntere verbranding. Ze worden ook uit
principle van innovatieve doorbraaktechnolo-
en deltatechnologie. Het onderzoek wordt
bio-ethanol gemaakt en tellen in dat geval mee
gieën voor (commerciële) toepassing op lange
uitgevoerd in samenwerking met de regio’s
als biobrandstof: volgens de Europese Richtlijn
termijn; partijen uit de praktijk brengen de
Rotterdam, Haaglanden, Schiphol, de Wadden-
Biobrandstoffen moeten vanaf 2010 alle brand-
technologie vervolgens naar de markt.
zeeprovincies, partijen in de Zuidwestelijke
stoffen voor minstens 5,75 % uit biobrandstof
KWR, TTIW en BTO werken samen aan twaalf
Delta en vele andere organisaties, zoals water-
bestaan.
onderzoeksprojecten, verdeeld over de TTIWprogrammatafels Geavanceerde Schoonwa-
schappen, gemeenten, landbouworganisaties en natuurbeheerders. Zij hebben hun vragen in
Uit het onderzoek bleek dat het vóórkomen van
tertechnologie, Sensoring, Waterdistributie en
het programma ingebracht en financieren mee.
deze brandstoftoevoegingen in het Neder-
Interactie Natuurlijke Systemen; de betrokken
Het totale onderzoekbudget kan oplopen tot
landse grondwater of oppervlaktewater geen
BTO-programma’s zijn Chemische Waterkwaliteit,
80 miljoen euro.
gezondheidsbedreiging vormt voor de drinkwa-
Waterbehandeling, Waterdistributie en Risico-
Kennisinstituten en onderzoeksgroepen zijn
terwinning. Vergeleken met andere chemica-
beheer bronnen. Begin 2009 waren voor deze
gevraagd in consortiumverband een ‘pre-
liën zijn MTBE en vooral ETBE echter al bij lage
samenwerking drie promovendi aan het werk
proposal’ in te dienen voor één of meerdere
concentraties te ruiken en te proeven. Beide
in vierjarige onderzoekstrajecten (op onder-
thema’s. KWR is vertegenwoordigd in vijf van
verbindingen verplaatsen zich gemakkelijk
zoek naar respectievelijk chemische putver-
de in totaal acht winnende consortia. Maart
en breken niet snel af. Waterbedrijven zullen
stopping, een toxiciteitsensor gebaseerd op
2010 start het onderzoek.
zich vanwege smaak en geur dus wel moeten
lichtgevende bacteriën en computational fluid
inspannen om aanwezigheid van deze stoffen
dynamics voor ontwerp van UV-reactoren).
Thema’s
in drinkwater te vermijden. Mede op basis van
In 2009 zijn nog vier nieuwe promovendi
• Thema 2: Zoetwatervoorziening en water-
dit onderzoek heeft het ministerie van VROM
gestart, zij doen onderzoek naar conditiebepa-
kwaliteit op nationaal en regionaal niveau
een richtlijn uitgebracht over de toelaatbaar-
ling van het leidingnet, duurzame systemen
heid van ETBE en MTBE in waterwingebieden.
voor berging van water, hydrologische en
i Annemarie van Wezel,
temperatuureffecten van toepassing van bode-
• Thema 3: Klimaatbestendige inrichting landelijk gebied • Thema 4: Klimaatbestendige inrichting stedelijk gebied • Thema 5: Infrastructuur en netwerken • Thema 6: Verbetering klimaatprojecties en modelinstrumentarium
i Gertjan Zwolsman, gertjan.zwolsman@kwrwater.nl
annemarie.van.wezel@kwrwater.nl
menergiesystemen en Zero Liquid Discharge. Zie ook www.wetsus.nl.
i Jos Boere, jos.boere@kwrwater.nl en Gerard van den Berg, gerard.van.den.berg@kwrwater.nl
47
UCAD - Utrecht Centrum voor Aarde en Duurzaamheid
Waterschappen, provincies en ander overheden
Het Utrecht Centrum voor Aarde en Duur-
KWR verzorgt onderzoeksprojecten voor
techniek als belangrijke pijler van het lande-
zaamheid (UCAD) is een samenwerkingsver-
diverse waterschappen en hun onderzoeksor-
lijke beleid om een duurzame energievoorzie-
band tussen de Universiteit Utrecht, TNO,
ganisatie STOWA, maar ook voor provincies,
ning te realiseren in de bebouwde omgeving.
KNMI, Deltares en KWR. Samen bundelen zij
ministeries en andere overheden. Het gaat dan
De laatste jaren groeit het aantal systemen
kennis die kan bijdragen aan een duurzame
onder meer om toekomstverkenningen, voor-
dan ook explosief: tien jaar geleden zaten er
maatschappelijke ontwikkeling en zullen zij
bereiding op klimaatverandering en onderzoek
circa honderd warmte-koudeopslagsystemen
projecten initiëren op het brede terrein van
naar water & energie, Legionella in koeltorens,
in de ondergrond, in 2009 waren dat er al meer
Aarde en Duurzaamheid. In UCAD-verband
tijdreeksmodellen voor grondwater, ecohydro-
dan duizend. Aan de orde komen bestuurlijke
wordt aan de Universiteit Utrecht, samen met
logische voorspellingsmodellen voor vegetatie
en juridische aspecten rond bodemenergie,
betrokken partijen en instituten, onderzoek
en natuur, nieuwe methoden van afvalwater-
registratie van ondergronds ruimtegebruik en
uitgevoerd naar onderling samenhangende
verwerking en conditiebepaling van leidingen.
de ordening van ondergronds ruimtegebruik.
veranderingsprocessen op mondiale en regi-
Voor het ministerie van Volkshuisvesting,
Het project wordt uitgevoerd in samenwerking
onale schaal. Hierbij gaat het om zowel de
Ruimtelijke Ordening en Milieu (VROM) werkt
met het centrum voor omgevingsrecht van
fysieke staat van onze aarde (klimaat, ecosy-
KWR bijvoorbeeld aan een ‘handreiking beleid
de Universiteit Utrecht en sluit goed aan bij
steem) als om socio-economische factoren die
ondergrond’. Die moet uitvoerende overheden
lopend onderzoek binnen KWR, zoals BTO- en
leiden tot (over)exploitatie van grondstoffen,
zoals provincies en gemeenten handvaten
TTIW-onderzoek naar de interactie tussen
milieu en ruimte. Het onderzoek wordt geïniti-
geven om het gebruik van de ondergrond te
bodemenergie en drinkwaterwinning.
eerd door een kleine Denktank Duurzaamheid
reguleren en conflicterende ondergrondse
waarin onder meer ex-bewindvoerder van de
belangen af te wegen. De handreiking gaat
i Matthijs Bonte,
Wereldbank Herman Wijffels zitting heeft. Het
specifiek in op de toepassing van bodem-
UCAD is december 2009 gestart.
energie. Overheden en bedrijfsleven zien deze
Zie ook www.ucad.nl
i Wim van Vierssen, wim.van.vierssen@kwrwater.nl
matthijs.bonte@kwrwater.nl
48
KWR 2009
Partners:
Nederland
We willen duurzame energie én veilig grondwater De toepassing van warmte-koudeopslag
Open systemen
heen en weer pompen in een diepere watervoe-
neemt een enorme vlucht. Gezien de noodzaak
“Begin 2009 zijn wij hiernaar onderzoek gaan
rende laag terechtkomen. Verder onderzoeken
om het gebruik van fossiele brandstoffen te
doen. We richten ons specifiek op de zogeheten
we het effect van warmte-koudeopslag op de
verminderen is dat een positieve ontwikkeling.
open systemen, waarbij grote hoeveelheden
grondwatertemperatuur.”
Toch bekijken de drinkwaterbedrijven de snelle
grondwater via een bovengrondse warmtewis-
groei met enige zorg. Ze vrezen dat deze bodem-
selaar worden rondgepompt tussen een warme
Veldmetingen
energiesystemen een negatief effect hebben op
en een koude bron. Deze bronnen bevinden zich
“Tot nu toe hebben we vooral de mogelijke risi-
de kwaliteit van het grondwater. Samen met het
in de watervoerende lagen, waaruit de waterbe-
co’s in kaart gebracht. Om inzicht te krijgen in
RIVM en de VU onderzoekt KWR of dat zo is.
drijven grondwater onttrekken voor de drink-
de werkelijke effecten, willen we bij een aantal
“Dat warmte-koudeopslagsystemen populair
waterbereiding. Beïnvloeding is dan ook niet
warmte-koudeopslagsystemen veldmetingen
zijn is niet vreemd”, zegt hydroloog Matthijs
ondenkbaar.”
gaan doen. Zelf hoop ik eerlijk gezegd dat de effecten op het grondwatersysteem meevallen,
Bonte van KWR. “Ze zorgen voor een forse energiebesparing, werken goed en verdienen
Vermengen
omdat warmte-koudeopslag een goede optie
zich ook nog eens vrij snel terug. Er lijkt dus
“We kijken naar diverse effecten die kunnen
is voor het verduurzamen van onze energie-
eindelijk een duurzame oplossing te zijn voor
optreden. Zo gaan we na of de grondwater-
voorziening. Blijken de effecten echter nadelig
het verwarmen en koelen van gebouwen zonder
stroming door warmte-koudeopslagsystemen
voor de grondwaterkwaliteit, dan zal dit soort
nadelen. Maar is dat ook echt zo? De waterbe-
verandert. Ook onderzoeken we hoe groot het
systemen moeten worden geweerd in de omge-
drijven willen bijvoorbeeld weten welke effecten
risico is dat verschillende kwaliteiten grond-
ving van grondwaterbeschermingsgebieden.”
de grootschalige toepassing van warmte-
water met elkaar vermengen of dat verontrei-
koudeopslag heeft op het grondwatersysteem.”
nigingen uit de ondiepe ondergrond door het
“Als er geen nadelige effecten op het grondwatersysteem zijn, is voor het verduurzamen van de energievoorziening warmte-koudeopslag een goede optie.”
Matthijs Bonte:
49 Partners:
Nederland
Zélf denken over de toekomst – in dialoog met partners in de watersector “Ik zoek het contact met mensen die net als ik bezig zijn met de toekomst van de watersector. Mensen die daarbij verder kijken dan hun eigen bedrijf. DWSI biedt me een netwerk met zulke mensen én tegelijkertijd een interessante blik over de muur bij andere sectoren en bedrijven. Die kan ik goed gebruiken bij mijn werk bij Aa en Maas, ik moet daar juist de buitenwereld binnen brengen.” Michaël Cornelisse is sinds voorjaar 2008 senior beleidsadviseur, afdeling Integraal Beleid, bij Waterschap Aa en Maas. Hij participeert namens zijn waterschap in Dutch Water Sector Intelligence of DWSI. KWR faciliteert dit platform voor gezamenlijke horizonscanning voor en door de héle Nederlandse watersector (zie ook p. 44).
“Alle partijen in de waterketen moeten zelf nadenken over hun toekomst – dat moet je niet aan ingenieursbureaus overlaten.”
Michaël Cornelisse (r):
Trend alerts en denktanksessies “Maar DWSI biedt meer dan alleen een netwerk. De trend alerts die DWSI geregeld uitbrengt, helpen me om de ontwikkelingen in de buitenwereld in de gaten te houden. En bij de denktanksessies kunnen we niet alleen onze
“Leren doe je niet reactief, maar in een dialoog met elkaar.” Jos Frijns (l):
ideeën delen met elkaar, maar ook toetsen aan de inbreng van coryfeeën uit andere sectoren. Ik vond het in 2009 bijvoorbeeld heel bijzonder om de dwarse opinie van een gevestigd econoom als Arnold Heertje persoonlijk te horen. Bovendien deelde hij een prikkel uit die
het denken binnen Aa en Maas te stimuleren.
– dat moet je toch niet aan adviesbureaus
de watersector goed kan gebruiken. Heertje
Twee essentiële onderdelen in onze bedrijfsstra-
overlaten. Bijzonder vind ik dat binnen DWSI
vindt dat de kredietcrisis vooral het gevolg is
tegie zijn externe gerichtheid en innovatie, om
directeuren, beleidsmedewerkers en afdelings-
van het feit dat banken niet meer de moeite
flexibel in te kunnen spelen op de eisen die de
hoofden op voet van gelijkheid ideeën uitwis-
namen naar hun klanten te luisteren – dus zijn
samenleving en de markt stellen met betrek-
selen: de hiërarchie valt weg.” Jos Frijns, senior
vraag aan ons was: hoe zijn jullie bezig met
king tot duurzaam waterbeheer. Aa en Maas ziet
scientific researcher Kennis- en Programmama-
jullie klanten? Een heel terechte vraag, zeker
hierbij DWSI als één van zijn kennispartners.“
nagement bij KWR en betrokken bij de uitvoering van DWSI: “Dat hoort bij het belangrijkste
aan de waterschappen die hun werk doen op afstand van de klant. Bijvoorbeeld bij het
Zelf nadenken
gereedschap van DWSI: sociaal leren. Leren doe
zuiveren van het afvalwater, dat grotendeels
Cornelisse is zeer betrokken bij DWSI. Hij is in
je niet reactief, maar in een dialoog met elkaar,
door gemeenten wordt ingezameld. We kunnen
2009 lid geworden van het kernteam dat de
waarbij je bovendien alle aannames vooraf en –
ons niet adequaat op de toekomst voorbereiden
strategie van DWSI bepaalt.“We willen een echte
al dan niet verborgen – agenda’s op tafel gooit.
zónder ons in te leven in de klant. De informatie
denktank vormen, waarbinnen alle partijen in
De watersector staat voor uitdagingen die we
die ik via DWSI krijg, helpt om een omslag in
de waterketen zelf nadenken over hun toekomst
alleen in dialoog goed kunnen oplossen.”
50 Partners:
KWR 2009
Europa
Europa is rijp voor een BTO-aanpak Dat stelt Theo van den Hoven. Samen met vier buitenlandse partners zet KWR een Europese onderzoeksorganisatie voor de watercyclus op. Dit samenwerkingsverband slaat – net als KWR in Nederland – een brug tussen het wetenschapssysteem en de praktijk van de waterbedrijven en beleidsmakers. Prioriteit: zorgen dat onderzoeksresultaten ook ‘landen’ in de praktijk. Vijf Europese partners:
CETaqua (Barcelona,Spanje), IWW (Muelheim, Duitsland), KWR Watercycle Research Institute (Nieuwegein, Nederland), LNEC (Lissabon, Portugal) en NTNU/SINTEF (Trondheim, Noorwegen).
•Trontheim
•Nieuwegein •Muelheim
•Barcelona •Lissabon
In de afgelopen jaren heeft Theo veel tijd en
siteit in hun regio. Wat dat betreft is de situatie in
energie gestoken in internationalisering van onder-
Nederland met het BTO uniek. Zo sta je garant voor
zoek, onder meer als initiator en coördinator van
wetenschappelijke kwaliteit én kennis die toepas-
het EU Integrated Project TECHNEAU. “Ik vind het
baar en afgestemd is op de behoeften in de praktijk.”
boeiend nieuwe mensen te ontmoeten en kennis te
Overigens zie je in steeds meer landen initiatieven
maken met andere culturen, maar vooral om mensen
om tot BTO-constructen te komen, zoals in Spanje en
samen te brengen en te werken aan een gezamenlijk
heel recent ook in Engeland, waar met de privatise-
doel, ook al is dat in het begin nog maar een stip op
ring van de watersector in de jaren 80 het gezamen-
de horizon. Een gezamenlijke Europese onderzoeks-
lijke bedrijfstakonderzoek is verdwenen en nu weer
aanpak was eerst zo’n stipje, maar heeft intussen
terugkomt.”
een stevige vorm gekregen. Dat is goed, want ik ben ervan overtuigd dat de oplossingen voor vraag-
Bruginstituut
stukken als klimaatverandering, verstedelijking en
“Door jarenlang met diverse buitenlandse partners
verouderende installaties een Europees georganiseerd
samen te werken, bijvoorbeeld aan korte en lang-
kennisveld vergen. Daarnaast is het belangrijk dat de
durigere Europese onderzoeksprojecten, hebben we
watersector met één stem gaat spreken richting de
een basis gecreëerd voor een sterker, permanenter
Europese Unie.”
samenwerkingsverband. Daarvoor zijn we met diverse ons vertrouwde en toonaangevende Europese
Unieke situatie
onderzoeksinstituten gaan praten. Met vijf instituten
“Van een gezamenlijke aanpak was tot voor kort
gaan we in nauw overleg met de waterbedrijven
nauwelijks sprake”, vervolgt Van den Hoven. “Het
onderzoeksthema’s vaststellen, zodat de ontwikkelde
Europese wateronderzoek is heel gefragmenteerd en
kennis straks ook echt aansluit op de vragen van
kent nog veel dubbelingen. Verder valt op dat het vaak
de bedrijven. De onderzoeksprojecten voeren we in
regionaal is georganiseerd, waarbij waterbedrijven
samenwerking uit. De vijf instituten uit Noorwegen,
alleen onderzoeksbanden hebben met een univer-
Portugal, Spanje, Duitsland en Nederland zijn
51
afkomstig uit alle Europese klimaatzones en bestrijken gezamenlijk de hele waterketen.“
Vergroenen en verduurzamen “Op dit moment werken we de organisatie en het inhoudelijke programma uit. Waarschijnlijk gaan we beginnen met vragen rond stedelijk waterbeheer. Hoe kunnen we bijvoorbeeld stedelijke waterketens vergroenen en verduurzamen? En wat zijn slimme manieren om de waterketen te regelen op grote luchthavens - die je kunt beschouwen als drukke steden?” “Het is heel inspirerend om met zulke enthousiaste partners te werken aan een BTO-aanpak op Europees niveau. We hebben een goede basis. Omdat deze aanpak alleen werkt als er vertrouwen is tussen de
“De oplossingen voor vraagstukken als klimaatverandering, verstedelijking en verouderende installaties vergen een Europees georganiseerd kennisveld.”
Theo van den Hoven:
onderzoeksinstellingen en de eindgebruikers, moeten we ons instellen op een lange adem en de tijd nemen om dat vertrouwen uit te breiden. Ik ben ervan overtuigd dat deze aanpak resultaten gaat opleveren, ook voor de Nederlandse waterbedrijven en andere partners in de watersector: via dit samenwerkingsverband krijgen zij de beschikking over de beste kennis die in Europa beschikbaar is.”
52
KWR 2009
Internationale samenwerking GWRC – een krachtig internationaal netwerk van waterkennisinstituten
PREPARED
Binnen de Global Water Research Coalition
Daarnaast ontwikkelt KWR een projectvoor-
KWR heeft in 2009 voorbereidingen ge-
GWRC werken veertien (drink)waterkennisin-
stel voor onderzoek naar hormoonactiviteit
troffen voor het Europese onderzoeksproject
stituten samen. KWR is een van deze insti-
in oppervlaktewater en heeft het meegewerkt
PREPARED. Veel vooraanstaande Europese
tuten, evenals de Stichting Toegepast Onder-
aan een state of the science-document over
instituten op het gebied van water, afvalwater
zoek Waterbeheer (STOWA). De GWRC-leden
farmaceutica in watersystemen, inclusief een
en drinkwater zijn partners in dit project,
stemmen onder meer hun onderzoeksagenda’s
prioritering voor toekomstig onderzoek. Dit
waaronder LNEC (Portugal), SINTEF (Noor-
met elkaar af en doen gezamenlijk onderzoek.
document dient onder meer ter ondersteuning
wegen), IWW (Duitsland) en CETaqua (Spanje).
van de communicatie van waterbedrijven.
Zij gaan innovatieve adaptieve technologieën en
Energie en water
Zie ook www.globalwaterresearchcoalition.net .
oplossingen ontwikkelen waarmee drinkwater-
KWR is binnen GWRC onder meer betrokken
i Theo van den Hoven,
productie en (afval) waterzuivering in stede-
bij het onderzoeksprogramma naar energie en water, dat zich onder meer richt op het
theo.van.den.hoven@kwrwater.nl
lijke omgeving climateproof kunnen worden gemaakt, onder andere via Water Cycle Safety
wereldwijd verzamelen van best practices op
Plans. Belangrijk onderdeel is de ontwikkeling en
het gebied van efficiënt ontwerp en efficiënte
toepassing van instrumenten om deze verande-
bedrijfsvoering van waterbedrijfsmiddelen in
ring ook werkelijk succesvol tot stand te brengen.
de industrie. Waterbedrijven en afvalwaterver-
De aanpak van PREPARED is in dié zin uniek, dat
werkers hebben te maken met stijgende ener-
de eindgebruikers een centrale rol hebben. In het
giekosten: niet alleen door stijgende prijzen,
voortraject worden onderzoeksactiviteiten al
maar ook omdat regelgeving met betrekking
gedefinieerd in overleg met de eindgebruikers.
tot de waterkwaliteit de inzet van nieuwe,
Tijdens de uitvoering vinden demonstratie-
energie-intensieve technieken noodzakelijk
projecten plaats op locatie. Eindgebruikers
maakt. Daarnaast wordt ook de watersector
en kennisinstituten werken nauw samen met
geconfronteerd met de gevolgen van klimaat-
elkaar in deelprojecten. KWR werkt samen met
verandering en de noodzaak die effecten te
een consortium bestaande uit BTO-deelnemers,
bestrijden door ook zelf minder energie te
de Gemeente Eindhoven, Waterschap De
gebruiken en broeikasgassen uit te stoten. Met
Dommel en waterbedrijf Brabant Water.
GWRC-partners UKWIR en STOWA heeft KWR
De Europese Commissie heeft op 29 januari 2010
zeventig Europese case studies verzameld die
een handtekening gezet onder het contract met
de mogelijkheden illustreren voor energiebe-
KWR. PREPARED heeft een doorlooptijd van vier
sparing in alle delen van de watercyclus, die
jaar en een budget van ruim 10 miljoen euro,
zullen bijdragen aan de best practices.
waarvan 7 miljoen euro subsidie vanuit Brussel. KWR is als coördinator eindverantwoordelijk voor de uitvoering van PREPARED. De dagelijkse aansturing van de diverse projectonderdelen wordt gedeeld met Danish Hydraulic Institute (DHI) en Kompetenzzentrum Wasser Berlin (KWB).
i Adriana Hulsmann, adriana.hulsmann@kwrwater.nl
53
SOCOPSE – lozing van prioritaire stoffen vermijden
EU research programme TECHNEAU presents results
Om de kwaliteit van het Europese grond- en
Het EU Integrated Project TECHNEAU is het
Deze bijeenkomst vormde een opmaat naar
oppervlaktewater in 2015 op orde te hebben,
grootste Europese drinkwateronderzoekspro-
de TECHNEAU conferentie Safe drinking water
is in 2000 de Europese Kaderrichtlijn Water
ject. KWR is coördinator van TECHNEAU dat
from source to tap – state of the art & perspectives,
(KRW) ingesteld. Daarbij hoort een lijst met
loopt van 2006 tot 2011 met een budget van
die van 17 tot 19 juni 2009 werd gehouden in
prioritaire stoffen, die een groot risico vormen
19 miljoen euro. Het verbindt circa 150 weten-
Maastricht. Tijdens deze conferentie werden
in en via het watermilieu. Binnen het Europese
schappers van 30 leidende onderzoeksinsti-
de al bereikte resultaten voor een breed publiek
onderzoeksproject Source Control of Priority
tuten met elkaar en met ruim 25 eindgebruikers
toegankelijk gemaakt, ondermeer via een video
Substances in Europe (SOCOPSE) is tussen
zoals waterbedrijven, in 15 landen. Doelstelling
van de case studies bij diverse waterbedrijven
2006 en 2009 een beslissingsondersteunend
is de drinkwatersector in Europa en daarbuiten
in Europa (te zien op www.techneau.eu ).
model ontwikkeld voor waterkwaliteitsbeheer-
de middelen te geven om veilig drinkwater
ders en industrieën. Met dit model kunnen zij
te (blijven) realiseren, ondanks de moeilijke
i Theo van den Hoven,
eenvoudiger beslissingen nemen over de maat-
condities waaronder de sector wereldwijd
regelen die nodig zijn om lozing van prioritaire
moet opereren.
stoffen te voorkomen en kiezen tussen brongerichte en end of pipe-oplossingen. Het model is
De general assembly van TECHNEAU kwam
ontwikkeld door 11 partners uit 9 deelnemende
van 28 tot 30 januari 2009 bijeen in Berlijn.
landen, waaronder KWR en TNO in Nederland.
De consortiumpartners en de reviewers
KWR heeft in de zomer van 2009 een afslui-
(vertegenwoordigers van de Europese
tende conferentie georganiseerd in Maastricht,
commissie) bespraken de gerapporteerde
samen met de ‘trekker’ van SOCOPSE, het
voortgang. TECHNEAU heeft inmiddels ruim
Zweedse milieuonderzoeksinstituut IVL. DG
200 concrete producten opgeleverd, variërend
Environment heeft hier onder meer een policy
van marktklare producten tot rapporten en
update over prioritaire stoffen gepresenteerd.
wetenschappelijke artikelen in peer reviewed
Zie ook www.socopse.eu .
tijdschriften. Een deel van deze resultaten wordt inmiddels bij diverse waterbedrijven in Europa en Nederland gevalideerd en geïmplementeerd. Dit laatste is een grote meerwaarde van het project. Veel Europees gefinancierd onderzoek leidt in tegenstelling tot TECHNEAU niet of nauwelijks tot toepassing in de praktijk.
theo.van.den.hoven@kwrwater.nl
54
KWR 2009
WSSTP -Water Supply and Sanitation Technology Platform WSSTP
CEO-conferentie Extremen in Europa
KWR is bestuurslid van WSSTP dat 56 leden
KWR organiseerde in 2009 de tweejaarlijkse
energiefabriek Andasol. De laatste dag stond in
in 27 landen heeft: bedrijven, universiteiten,
CEO-conferentie voor de watersector, met als
het teken van het seminar Partnering in a diverse
onderzoeksinstituten, beleidsmakers en
thema Extremen in Europa. Van 11 tot en met 16
Europe. Collega’s uit Letland, Noorwegen,
waterbedrijven. WSSTP heeft in 2009 drie
oktober vertelden vertegenwoordigers van
Nederland, Duitsland, Spanje en Portugal
strategic taskforces opgericht op de gebieden
waterbedrijven en kennisinstituten uit Spanje,
belichtten elk vanuit hun perspectief de uit-
van Klimaatverandering, Kunstmatige infiltratie en
Portugal, Duitsland, Noorwegen, Letland,
dagingen voor de watercyclus en benoemden
Sensoren en monitoring. Ook is het een wegbe-
België en Nederland elkaar wat er in hun land
kansen voor Europese samenwerking.
reider geweest voor het eerder genoemde
speelt op het gebied van drink- en afvalwater
PREPARED. Naast het opstellen van de Strate-
en welke trends zij voor de komende jaren
Voor KWR en de participanten in het Bedrijfs-
gische Research Agenda verzorgt WSSTP zes
voorzien.
takonderzoek betekent deze samenwerking
pilots voor belangrijke waterproblemen waar
een eerste stap naar structurele samenwer-
Europa mee te maken heeft of krijgt:
De kick-off van de conferentie vond plaats in
king in een Europees (virtueel) watercyclus
Maastricht. In de dagen daarna deed het gezel-
onderzoeksinstituut. Deze samenwerking
6 Pilots
schap verschillende Europese steden aan, waar
biedt mogelijkheden voor (meer) gezamenlijk
1. mitigatie van watertekorten in
diverse projecten werden bezocht. In het Duitse
onderzoek en uitwisselingen binnen het
Roetgen (bij Aken) bezochten de deelnemers de
Europese netwerk.
grootste Europese ultrafiltratiefabriek. In Barce-
i Theo van den Hoven,
kustzones; 2. aanpak van aangetaste waterzones (grond- en oppervlaktewater)
lona werd de ontzoutingsinstallatie aan de kust
3. proactief management tegen
bezocht, die juli 2009 in gebruik is genomen. In
natuurrampen en overstromingen;
theo.van.den.hoven@kwrwater.nl
Granada bekeek het gezelschap zonne-
4. duurzaam watermanagement in grootstedelijke gebieden; 5. duurzaam watermanagement in de landbouw; 6. duurzaam watermanagement in de industrie.
Dit platform is in 2004 is in opdracht van de EU het Water Supply and Sanitation Technology Platform WSSTP ingesteld. Doel van WSSTP is invulling geven aan de Europese onderzoeksagenda op het gebied van water, onder meer om richting te geven aan het onderzoek binnen Europese kaderprogramma’s. Zie ook www.wsstp.eu .
i Theo van den Hoven, theo.van.den.hoven@kwrwater.nl
De CEO’s bezoeken de Andasol powerplant in Granada, Spanje
55
Europees onderzoeksinstituut watercyclus van start KWR en het Spaanse watertechnologische
innovatiever en efficiënter en meer gericht op
instituut CETaqua ondertekenden op 15 oktober
de grote uitdagingen waarvoor de waterketen-
2009 een overeenkomst als startsein voor
spelers in de betrokken landen staan.
een samenwerkingverband op het gebied van
De samenwerking onderscheidt zich van
onderzoek voor de watercyclus. Begin 2010
bestaande Europese netwerken doordat een
tekenden ook mede-initiatiefnemers LNEC
brug wordt geslagen tussen het wetenschap-
(Portugal), Sintef/NTNU (Noorwegen) en IWW
systeem en de praktijk van de waterbedrijven
(Duitsland) deze overeenkomst.
en beleidsmakers. Een intensievere samen-
De overeenkomst is een vervolg op de succes-
werking tussen clusters van waterbedrijven en
volle samenwerking van de initiatiefnemers in
vooraanstaande wetenschappelijke instel-
diverse Europese projecten en netwerken zoals
lingen biedt de Europese watersector de
TECHNEAU en WSSTP. Door de samenwerking
mogelijkheid beter in te spelen op uitdagingen
wordt het Europese watercyclusonderzoek
zoals veranderingen in klimaat en demografie en op de noodzaak om tot meer duurzame oplossingen te komen. Bovendien ontstaat een betere koppeling met energie en andere sectoren. De partners werken in 2010 in overleg met de eigen universiteiten en waterbedrijven eerst een portfolio uit met de meest kansrijke en urgente thema’s voor gezamenlijk onderzoek, daarna start de uitvoering.
i Theo van den Hoven, theo.van.den.hoven@kwrwater.nl
Wim van Vierssen (l) – directeur van KWR – en Carlos Campos (r) – directeur van Centro de Technológica del Agua (Cetaqua) ondertekenen de samenwerkingsovereenkomst ten behoeve van het Europese watercyclus onderzoeksinstituut
56
KWR 2009
57
58
KWR 2009
Publicaties Artikelen peer-reviewed tijdschriften 1. Bakker, M. & V.A. Kelson, Writing
analytic element programs in Python. Ground Water Vol. 47, No. 6 (2009), p. 828 – 834. 2. Bakker, M. & J.L. Nieber,
Damping of sinusoidal surface flux fluctuations with soil depth. Vadose Zone Journal, 8(1) (2009), p. 119-126. 3. Beek, C.G.E.M. van, R. Breedveld &
P.J. Stuyfzand, Preventing two types
of well clogging. Journal AWWA, 101 (4) (2009), p.125-134. 4. Beek, C.G.E.M. van, R.J.M.
Breedveld, M. Juhàsz-Holterman, A. Oosterhof & P.J. Stuyfzand,
Cause and prevention of well bore clogging by particles. Hydrogeology Journal 17 (2009), p. 1877-1886. 5. Boersma, M., C. Becker, A.M.
Malzahn & S. Vernooij, Food chain
effects of nutrient limitation in primary producers. Marine and Freshwater Research, 60 (2009), p.983–989. 6. Buamah, R., B. Petrusevski, D. de
Ridder, T. S. C. M. van de Wetering & J. C. Schippers, Manganese
removal in groundwater treatment: practice, problems and probable solutions. Water Science & Technology: Water Supply—WSTWS 9.1 (2009), p. 89-98. 7. Cornelissen, E.R., E.F. Beerendonk,
M.N. Nederlof, J.P. van der Hoek, L.P. Wessels, Fluidized ion exchange
(FIX) to control NOM fouling in ultrafiltration. Desalination 236 (2009), p. 334-341
8. Cornelissen, E.R., L. Rebour,
D van der Kooij & L.P. Wessels,
Optimization of air/water cleaning (AWC) in spiral wound elements. Desalination, 236 (2009), p. 266-272.
15. Hijnen, W.A.M., Elimination
of micro-organisms in water treatment. PhD Thesis, University Utrecht (2009). 16. Hijnen, W.A.M., C.H.W. Blokker-
Water’s novel approach to routine mains cleaning. Water Science and Technology: Water Supply, 9(5) (2009), p. 549-556. 22. Li, S., S.G.J. Heijman, J.Q.J.C. Verberk
Koopmans, L. Heijnen & G.J.
& J.C. van Dijk, An innovative
A.R.D. Verliefde, L.T.J. van der Aa,
Medema, Survival of Clostridium
S.G.J. Heijman, J.Q.J.C. Verberk,
spores in river water and in sand from a slow sand filter. Water Science & Technology: Water Supply, 9.6 (2009), p. 681-688.
treatment concept for future drinking water production: fluidized ion exchange – ultrafiltration – nanofiltration – granular activated carbon filtration. Drinking Water Engineering and Science 1 (2009), p. 41–47.
9. Ridder, D.J. de, M. McConville,
L.C. Rietveld & J.C. van Dijk,
Development of a predictive model to determine micropollutant removal using granular activated carbon. Drinking Water Engineering & Science Discussions, 2 (2009), p. 189-204. 10. Voogt, P. de, F. Sacher, M-L.
Janex-Habibi, L.M. Puijker & M. Mons, Development of a common
priority list of pharmaceuticals relevant for the water cycle, Water Science Technology 59:1 (2009), p. 39-46. 11. Eltzov, E., R.S. Marks, S. Voost,
B.A. Wullings & M.B. Heringa,
Flow-through real time bacterial biosensor for toxic compounds in water. Sensors and Actuators, B: Chemical 142 (2009), p. 11-18. 12. Heijman, S.G.J., H. Guo, S. Li,
17. Hijnen, W.A.M., D. Biraud,
E.R. Cornelissen & D.van der Kooij, Treshold concentration
of easily assimilable organic carbon in feedwater for biofouling of spiral-wound membranes. Environmental Science & Technology, 43 (2009), 13, p. 4890-4895. 18. Hogenboom A.C., J.A. van Leerdam
& P. de Voogt, Accurate mass
screening and identification of emerging contaminants in environmental samples by liquid chromatography-LTQ FT Orbitrap mass spectrometry. J Chromatogr. A 1216 (2009), p. 510-519. 19. Izydorczyk, K., C. Carpentier, J.
J.C. van Dijk & L.P. Wessels, Zero
Mrówczynski, A. Wagenvoort,
liquid discharge: Heading for 99% recovery in nanofiltration and reverse osmosis. Desalination 236 (2009), p. 357–362.
T. Jurczak & M. Tarczynska,
13. Heijnen, L. & G.J. Medema, Method
for rapid detection of viable Escherichia coli in water using real-time NASBA. Water Research, 43 (2009), p. 3124-3132. 14. Hijnen, W.A.M., D. Biraud, E.R.
Cornelissen & D. van der Kooij,
Threshold concentration of easily assimilable organic carbon in feedwater for biofouling of spiral-wound membranes. Environ. Sci. Techn. 43 (2009), p. 2490-2495.
Establishment of an Alert Level Framework for cyanobacteria in drinking water resources by using the Algae Online Analyser for monitoring cyanobacterial chlorophyll a. Water Research, 43 (2009), p. 989-996. 20. Johansson N., D. Benford, A. Carere,
J. de Boer, E. Dellatte, P. de Voogt, A. Di Domenico, C.W. Heppner, G. Schoeters, & D. Schrenk, EFSA’s risk
assessment on PFOS and PFOA in the food. Toxicol. Lett. 189-S1 (2009), p. S42–S42. 21. Kjellberg, S., A. Jayaratne, E.
Cadan, N. Sukumaran, J. Vreeburg & J.Q.J.C. Verberk, The resuspension
potential method: Yarra Valley
23. Li, S., S.G.J. Heijman, J.Q.J.C.
Verberk, A.R.D. Verliefde, A.J.B. Kemperman, J.C. van Dijk & G. Amy, Impact of backwash water composition on ultrafiltration fouling control. Journal of Membrane Science 344 (2009), p. 17–25. 24. Magic-Knezev, A., B.A. Wullings &
D. van der Kooij, Polaromonas and
Hydrogenophaga species are the predominant bacteria cultured from granular activated carbon filters in water treatment. Journal of Applied Microbiology, 107 (2009), p. 1457-1467. 25. Medema, G.J. & P.W.M.H. Smeets,
Quantitative risk assessment in the Water Safety Plan: case studies from drinking water practice. Water Science & Technology: Water Supply, 9.2 (2009), p. 127-132. 26. Mendizabal, I. & P.J. Stuyfzand,
Guidelines for interpreting hydrochemical patterns in data from public supply well fields and their value for natural background groundwater quality determination. Journal of Hydrology 379 (2009), p. 151-163. 27. Ordoñez, J.C., P.M. van Bodegom,
J.P.M. Witte, I.J. Wright, P.B. Reich, R. Aerts, A global study of relationships between leaf traits, climate and soil measures of
59
nutrient fertility. Global ecology and Biogeography 18 (2009), p. 137-149. 28. Qin, J.J., M.H. Oo, G. Tao, E.R.
Cornelissen, C.J. Ruiken, K.F. de Korte, L.P. Wessels & K.A. Kekre,
Optimization of Operating Conditions in Forward Osmosis for Osmotic Membrane Bioreactor. The Open Chemical Engineering Journal, 3 (2009), p. 27-32. 29. Smeets, P.W.M.H., G.J. Medema
& J.C. van Dijk, The Dutch secret:
how to provide safe drinking water without chlorine in the Netherlands. Drinking Water Engineering and Science, 2 (2009), p. 1-14. 30. Valster, R.M., B.A. Wullings, G.
Bakker, H. Smidt & D. van der Kooij, Free-living protozoa in
two unchlorinated drinking water supplies, identified by phylogenic analysis of 18S rRna gene sequences. Applied and environmental microbiology, 75, 14 (2009), p. 4736-4746. 31. Kooij, D. van der, H.R. Veenendaal
& B.A. Wullings, Multiplication
of Legionella in tap water installations. Antonie van Leeuwenhoek, 95 (2009), suppl. 1, p. 36-37. 32. Wielen, P.W.J.J. van der,
S. Voost & D. van der Kooij,
Ammonia-oxidizing bacteria and Archaea in groundwater treatment and drinking water distribution systems. Applied and environmental microbiology, 75 (2009), 14, p. 4687-4695. 33. Halem, D. van, H. van der Laan,
S.G.J. Heijman, J.C. van Dijk & G.L. Amy, Assessing the
sustainability of the silverimpregnated ceramic pot filter for low-cost household drinking water treatment. Physics and Chemistry of the Earth 34 (2009), p. 36–42.
34. Leerdam, J.A. van, A.C. Hogenboom,
40. Verliefde, A.R.D., E.R. Cornelissen,
M.M.E. van der Kooi & P. de Voogt,
S.G.J. Heijman, J.Q.J.C. Verberk,
Determination of 1H-benzotriazoles and benzothiazoles in water sample by solid-phase extraction and liquid chromatography LTQ FT Orbitrap mass spectrometry. Intern. J. Mass Spectrom. 282 (2009), p. 99-107.
G.L. Amy, B. van der Bruggend,
35. Wezel, A.P. van; L.M. Puijker,
J.C. van Dijk, Construction
and validation of a full-scale model for rejection of organic micropollutants by NF membranes, Journal of Membrane Science 339 (2009), (1-2), p. 10–20 41. Vreeburg, J. H. G., Blokker,
C. Vink, A. Versteegh & P. de Voogt,
E. J. M., Horst, P. & van Dijk, J.
Odour and flavour thresholds of gasoline additives (MTBE, ETBE and TAME) and their occurrence in Dutch drinking water collection areas. Chemosphere, 76 (2009), p. 672-676.
C., Velocity based self cleaning residential drinking water distribution systems, Water Science and Technology, 9 (2009), (6), p. 635-641.
36. Veling, E.J.M & C. Maas,
Strategy for solving semi-analytically threedimensional transient flow in a coupled N-layer system. J.Eng. Math, 64 (2009)2, p.145-161. 37. Verberk, J. Q. J. C., J.H.G. Vreeburg,
42. Wilbers, G., G. Zwolsman,
G. Klaver & J. Hendriks, Effects
of a drought period on physicochemical surface water quality in a regional catchment area. Journal of Environmental Monitoring, 11(2009), p. 1298-1302. 43. Worm, G. I. M., G. A. M. Mesman,
L.C. Rietveld & J. C. van Dijk,
K. M. van Schagen, K. J. Borger &
Particulate fingerprinting of water quality in the distribution system. Water SA, 35(2 Special WISA edition 2009), p. 192-199.
L.C. Rietveld, Hydraulic modelling
38. Verliefde, A.R.D., E.R. Cornelissen,
S.G.J. Heijman, E.M.V. Hoek, G.L.
of drinking water treatment plant operations. Drink. Water Eng. Sci., 2(1) (2009), p. 15-20. 44. Yangali-Quintanilla, V.,
A.R.D. Verliefde, T.U. Kim, A.
Amy, B. van der Bruggen & J.C. van
Sadmani, M. Kennedy & G.L. Amy,
Dijk, Influence of solute-membrane
Artificial neural network models based on QSAR for predicting rejection of natural organic compounds by polyamide NF and reverse osmosis membranes. Journal of Membrane Science vol. 342 (2009), no 1-2, p. 251-262.
affinity on rejection of uncharged organic solutes by nanofiltration membranes. Environmental Science and Technology 43 (2009), p. 2400-2406. 39. Verliefde, A.R.D., E.R. Cornelissen,
S.G.J. Heijman, I. Petrinic, T. Luxbacher, G.L. Amy, B. van der Bruggen & J.C. van Dijk,
Influence of membrane fouling by (pretreated) surface water on rejection of pharmaceutically active compounds (PhACs) by nanofiltration membranes. Journal of Membrane Science 330 (2009), (1-2), p. 90–103.
45. Zondervan, E., S. Bakker,
M. Nederlof & B. Roffel, Taking green anti-fouling strategies in dead-end ultrafiltration to the next level. Chemical engineering research and design (2009) 87(2009), p.1589-1595.
Online (voor-) publicaties 46. Raat, K.J., A. Tietema and
J.M. Verstraten, Nitrogen turnover
in fresh Douglas fir litter directly after additions of moisture and inorganic nitrogen. Plant and Soil. DOI 10.1007 (2009)/s11104-0090181-0. 47. Sack, E.L.W., P.W.J.J. van der Wielen
& D. van der Kooij, Utilization
of oligo- and polysaccharides at microgram-per-litre levels in freshwater by Flavobacterium Johnsoniae, Journal of Applied Microbiology, accepted, doi:10.1111 (2009)/j.1365-2672.2009.04546.x 48. Blokker, E. J. M., J. H. G. Vreeburg
& J. C. van Dijk, Simulating
residential water demand with a stochastic end-use model. Journal of Water Resources Planning and Management, doi:10.1061 (2009)/ (ASCE)WR.1943-5452.0000002.
60
KWR 2009
Publicaties (vervolg)
Publicaties Vakbladen 1. Bonte, M. & J.J.G. Zwolsman,
Klimaatverandering en verzoeting van de Rijn. H2O 42 (20) (2009), p. 29-31. 2. Bonte, M., K.J. Raat, P. Dammers
& P.J. Stuyfzand, Verstopping en
regeneratie van infiltratieputten bij Waalsdorp. H2O 42(7) (2009), p. 40-43. 3. Heijman (Bas), Evgenia Rabinovitch,
Ben Statia & Jasper Verberk, Drinken
van de wind. H2O 42 1 (2009), p. 34-37. 4. Hofman (Jan) & Wolter Siegers,
Kennisuitwisseling tussen Nederland en Duitsland over ontharding. H2O 42 (2009), p. 2-9. 5. Hofman (Jan), interview met Jan
Hofman door David van Baarle,
Klimaatuitdagingen noodzaken tot internationale focus. Utilities, 2 (2009), p. 10-13. 6. Hofman (Roberta), Guus IJpelaar,
Joop Kruithof, Wereldcongres UV-
technologie in Amsterdam trekt 200 bezoekers. H2O 42 22 (2009), p. 7. 7. Hofs (Bas) & Emile Cornelissen,
Coagulation and ceramic microfiltration/ultrafiltration for the treatment of drinking water. NTP procestechnologie 4 (2009), p. 30-31. 8. Hoven, T. van de, & J. Vreeburg,
Vorderingen bij TECHNEAU. H2O 7 (2009), p. 24-25. 9. Jacobs, E., E. Trietsch, M. Bonte,
F. Schulting, N. Zantkuijl & M. Oosterhuis, Boodschap
aan deelnemers Klimaattop Kopenhagen. H2O 42 (22) (2009), p. 4-5.
10. Kooiman, J.W. & D.G. Cirkel, Nieuwe
techniek voor onttrekken en infiltreren van grondwater. H2O 42 (24) (2009), p. 6-9. 11. Maas (Kees), & Hans Leenen,
Het eigengewicht van freatisch grondwater of nogmaals: vergeten we iets? Stromingen 15(2) (2009), p. 17-31. 12. Maas (Kees), Korte Golf.
Stromingen 15 (3) (2009), p. 57-60. 13. Maas, P. van der, D. van der
Woerdt, J. Bruins & D. van der Kooij, Lagedruk UV verhoogt
nagroeipotentie oppervlaktewaterzuivering De Punt. H2O, 18 (2009), p.47-49. 14. Medema, G.J., L.C. Rietveld,
A. Versteeg & A. van Wezel,
Japan en Nederland wisselen waterkennis uit, H2O, 23 (2009), p. 6-7. 15. Mesman, G., N. Slaats, A. Boersma
& B. Schultz, Nieuwe methode
inzetbaar bij saneringsbeslissingen PVC-leidingen. H2O, 16/17 (2009), p. 44-47. 16. Molen, M. v. d., I. Pieterse-
Quirijns, A. Donocik & E. Smulders, Eigenschappen bodem
en oppervlak beïnvloeden temperatuurstijging rond drinkwaterleidingen. H2O, 7 (2009), p. 33-36. 17. Nederlof (Maarten), Robin van
Leerdam, Martijn Groenendijk,
Verwijdering hormonen en geneesmiddelen uit drinkwater ter discussie. H2O 42 18 (2009), p. 30. 18. Oesterholt, F., L. Paping,
H.R. Veenendaal & D. van der Kooij,
Combinatie Q-PCR en specifieke kweekmethode efficiënt voor screening proceswatermonsters op Legionella, H2O, 24 (2009), p. 42-45.
19. Oost, R. van der, M. Heringa &
A. van Wezel, Toxiciteit
stofmengsels in drinkwater naast stofgericht ook effectgericht beoordelen. H2O 7 (2009), p. 37-39. 20. Oosterhof, A, N. Wolthek,
W. van der Meer, M. Groenendijk, S. van de Wetering, H. Boukes, K.J. Raat & J. Eerhart, Doorbraak
voor gebruik van brak grondwater als alternatieve bron voor drinkwatervoorziening. H2O 42 14/15 (2009), p. 14-17. 21. Pieterse-Quirijns, I. & M. Blokker,
Nieuwe rekenregels voor waterverbruik. Alternatief voor de qVn methode als ontwerprichtlijn. VV+ (Verwarming en Installatie: Vakblad voor installatietechniek, energie en milieu), 66 (7/8 (2009), p. 424-429. 22. Pieterse-Quirijns, I. & M. Blokker,
Rekenregels waterverbruik woontorens voor betere dimensionering installaties. Intech K&S 9 (2009), p. 48-51. 23. Postmus, E., L. Dijkstra &
G. Mesman, Demonstratie speciale inspectietechniek voor gietijzeren drinkwaterleidingen. H2O, 7 (2009), p. 26-27. 24. Runhaar, J. & J.P.M. Witte,
Bodemkwaliteit. Bionieuws 19 (2009), p.11. 25. Schriks, M.; M. van der Kooi,
M. Heringa & A. van Wezel,
Gezondheidskundige evaluatie van ‘nieuwe stoffen’ in grond-, oppervlakte- en drinkwater. H2O 22 (2009), p. 29-31. 26. Siemonsma, M., G. Brilleman,
W. Koerselman & J.W. Kooiman,
Innovatief grondwaterbeheer in Drenthe. H2O 42 (23) (2009), p. 14-16.
27. Smeets, P.W.M.H., Microbio-
logische veiligheid van drinkwater onder de microscoop in Singapore, H2O, 22 (2009), p. 6. 28. Timmer (Harrie), Lucyna Magda,
Bas Wols, Luuk Rietveld, CFDmodellering: spreiding verblijftijd in reservoir ongevoelig voor ontwerp. H2O 42 20 (2009), p. 32-35. 29. Valster, R.M., Elucidation of
relationships between protozoa, L. pneumophila and biofilm concentrations in tap-water installations. Afsluitende magazine van Delft Cluster “Duurzame gebiedsinrichting” (2009), p. 62. 30. Voogt, P. de, L. Puijker, C. Vink
& A. van Wezel, Smaak- en geurdrempels van benzine-additieven en voorkomen in waterwingebieden. H2O 25-26 (2009), p. 46-47. 31. Witte, J.P.M., J. Runhaar, R. van Ek &
D.J. van der Hoek, Ecohydrologische effecten van klimaatverandering in kaart gebracht. De Levende Natuur 110 (2009), p. 242. 32. Witte, J.P.M., J. Runhaar, R. van
Ek & D.J. van der Hoek, Eerste
landelijke schets van de ecohydrologische effecten van een warmer en grilliger klimaat. H2O 42(16/17) (2009), p. 37-40. 33. Witte, J.P.M., Schaalafhanke-
lijkheid van soortenrijkdom en zeldzaamheid. Gorteria 33 (2009), p. 156-165. 34. Wullings, B.A., H.R. Veenendaal
& D. van der Kooij, Legionella
pneumophila komt sporadisch voor in Nederlands oppervlaktewater, H2O, 7 (2009), p. 44-46. 35. Zwolsman, J.J.G., Johannesen, A. et
al., Climate Change and the Water
Industry. Asian Water, September (2009), p. 10-15.
61
BTO-Rapporten •
•
•
•
•
•
•
•
BTO 2008.005 - Inventarisatie van de vervanging van hoofdleidingen, W. J. M. K. Senden, M. A. Meerkerk en R. H. S. Beuken BTO 2008.006 - Relatie tussen storingen AC-leidingen en het weer, K. H. A. van Daal BTO 2008.007 (s) - Klimaatverandering en de gevolgen voor waterdistirbutie - een inventarisatie van onderzoeksbehoeften, K. H. A. van Daal en P. G. G. Slaats
•
•
•
BTO 2008.011 (s) - Application of CFD modelling for the design of a bench scale UV reactor, Jan Hofman, Bas Wols
•
•
BTO 2008.015 (s) - Ultrasoon
geluidsonderzoek asbestcement leidingen, G. A. M. Mesman en F. Hulhoven
BTO 2008.026 - Accurate mass
•
•
•
•
•
•
•
BTO 2008.043 - Chemical
•
•
BTO 2009.001 (s) - Literatuurstudie
naar opportunistisch-ziekteverwekkende micro-organismen die zich in drinkwater kunnen vermeerderen, van der Wielen, P.W.J.J. & D. van der Kooij
BTO 2008.049 (s) - Deeltjes
•
•
BTO 2009.003 (s) - Handleiding
‚CAVLAR‘; Beschrijving en interpretatie, M. Meerkerk, G. Mesman en I. Pieterse-Quirijns
BTO 2008.051 - Fenton process for contaminant control, Julien Ogier, Danny Harmsen, Wolter Siegers, Anneke Abrahamse
•
BTO 2008.052 - Combination of
•
BTO 2009.008 - Optimalisatie meetprogramma E. coli in distributienet, Blokker, E.J.M. & A.J. Vogelaar
•
BTO 2009.009(s) - Geofysische
BTO 2008.053 - Warmteindringing
BTO 2008.054 (s) - Generic Framework and Methods for Integated Risk Management in water Safety Plans, P. H. Rosén L., A. Lindhe, S. Sklet en J. Rostum BTO 2008.055 - Verkenning inzet van Geografische Informatie Systemen voor identificeren van kritische leidingen, K. v. Daal en R. H. S. Beuken
boorgatmetingen voor het opsporen en typeren van verstopping in grondwaterputten. M. Bonte & K.J. Raat. •
BTO 2009.011 - Verwijdering van
MS2 fagen, E. coli, Clostridium sporen en (oö)cysten van Cryptosporidium en Giardia door actief koolstoffiltratie, Hijnen, W.A.M., G.M.H. Suylen, J.A. Bahlman, A. Brouwer-Hanzens, F. Bichai & W. Siegers •
BTO 2009.012 (s) - Symposium Waterdistributie II, P. G. G. Slaats
•
BTO 2009.013 - Modelleren van niet-huishoudelijk waterverbruik; waterverbruik van kantoren, hotels, zorginstellingen en veehouderij, E. J. Pieterse-Quirijns, E. J. M. Blokker en A. J. Vogelaar
•
BTO 2009.015(s) - Putregeneratie met Jet-master. Evaluatie van het
BTO 2008.059 - Acoustic water
pipe monitoring, Phase III: Demonstration, B.A.J.Quesson, M.K. Sheldon Robert, W.H.M.Groen, M.L. Diesenaar
BTO 2009.004 (s) - Verslag
workshop leveringszekerheid 18 november 2008, R. H. S. Beuken en I. N. Vloerbergh
BTO 2008.057 - U-STORE;
Toelichting op en afspraken over uniforme storingsregistratie, I. N. Vloerbergh
BTO 2008.044 (S) - Chemical
onderzoek in het BTO 2009-2012. van der Kooij, D., G.J. Medema & P.W.J.J. van der Wielen
BTO 2008.060 - Veilige waterwingebieden bedreigingen door chemische verontreinigingen. L. Puijker, C. van Beek, A. Brandt, M. Heringa, T. van Leerdam
in de bodem, M. v. d. Molen, H. Kooij, E. F. P. A. Smulders en S. G. J. Heijman
BTO 2008.039 - Verandering van
BTO 2008.045(s) - Microbiologisch
•
Fenton oxidation process and ceramic nanofiltration (Waalwijk), Techneau, Julien Ogier, Jan Hofman
BTO 2008.037 (S) - Continuous
disinfection of drinking water in the distribution system, Buisan, F.
BTO 2008.048 - Elimination of micro-organisms in water treatment, Hijnen, W.A.M.
in zuivering en distributie; Symposium te Heel, 29 oktober 2008, S. v. d. Wetering, A. Abrahamse, H. beverloo, W. Siegers, J. Vreeburg, H. Leijssen, L. v. Heugten, J. Rouleaux en M. Dignum
BTO 2008.028 - Real time on-line
identification, toxicological assessment and prediction of behaviour in drinking water treatment systems. A. Hogenboom, M. Heringa, A. Abrahamse.
mangaanverwijdering in snelfilters mogelijk, Maarten Nederlof •
•
waterkwaliteit in het distributienet; Metingen in Rosmalen in vemaasd en vertakt netten, E. J. M. Blokker en H. Beverloo
BTO 2008.012 - Performance
•
Waterbehandeling 2008 “Organische stof tot nadenken”, Jaques van Paassen, Jan Cromphout, Marco Dignum, Jantinus Bruins, Jan Peter van der Hoek, Bjornar Eikkebrok, Erwin Beerendonk, Emile Cornelissen, Wolter Siegers en Arne Verliefde
hemoflow experiments (intermediate results), Tripard, E.
BTO 2008.047 (s) - Gefaseerde
aanleg van een zelfreinigend leidingnet in bestaande wijken, P. Horst
BTO 2008.024 (s) - BTO-bijeenkomst
monitoring of contaminants in water. B. van der Gaag, J. Volz.
toxiciteit in drinkwater. R. van der Oost
BTO 2008.014 - Snellere opstart
BTO 2008.022 - Waterdistributie van de toekomst; op tijd voorbereid, I. N. Vloerbergh
screening and identification of emerging contaminants in environmental samples by liquid chromatography-LTQ FT Orbitrap mass spectrometry. A. Hogenboom, T. van Leerdam, P. de Voogt.
BTO 2008.009 - Visie op mengsel-
evaluatie 2008 BTO. Visitatierapporten programma’s, Medema, G.J., P. van der Wielen, A. van Wezel, M. Mons, G. J. Zwolsman, M. Balemans, A. Abrahamse, J. Vreeburg, E. Trietsch, P. Hesen, A. Hummelen & G. Sulmann •
•
kerheid van drinkwatersystemen, M. v. d. Boomen
BTO 2008.004 - De microbio-
logische veiligheid van de 60-dagen zone rond grondwaterwinningen, van der Wielen, P.W.J.J., W.J.M.K. Senden & G.J. Medema •
BTO 2008.020 (s) - Leveringsze-
BTO 2008.003 - Risicoanalyse van
leidingnetten, R. H. S. Beuken •
•
62
KWR 2009
testprogramma 2004-2007. G. Cirkel, M. Balemans en J. Bunnik. •
BTO 2009.016 - De inzet van
geografische informatie systemen voor analyses van het leidingnet, twee casestudies GIS. PieterseQuirijns, I., Raterman, B., van Daal, K. en Beuken R. •
•
•
BTO 2009.020 - Determination of polar 1H-benzotriazolen and benzothiazolen in water by solid-phase extraction and liquid chromatography LTQ FT Orbitrap mass spectrometry. T. van Leerdam, A. Hogenboom, M. van der Kooi, P. de Voogt.
•
•
BTO 2009.023(s) - Literatuuronderzoek nanotechnologie voor drinkwaterbehandeling, Bas Hofs
•
BTO 2009.024 - Fluid intake and mortality due to ischemic heart disease and stroke in the Netherlands. L. Leurs, L. Schouten, R. Goldbohm, P. van den Brandt. BTO 2009.025 - Fluid intake and colorectal cancer risk in the Netherlands. C. Simons, L. Leurs, M. Weijenberg, L. Schouten, R. Goldbohm, P. van den Brandt.
•
BTO 2009.030 (s). Hoe combi-
BTO 2009.031 (s) - The use of NOM
•
BTO 2009.033 (s) - study of
membrane fouling under high NOM and high salt concentrations, Céline Dumas, Julien Ogier •
•
BTO 2009.045(s) - Evaluation of the environmental monitoring data of the aquifer thermal energy storage system at Philips High Tech Campus. M. Bonte & H. Boukes.
•
BTO 2009.046 (s). Checklist
schakelen. Tips en trucs voor ontwerp en toepassing van schakelschema’s voor mechanisch verstopte putten. K.J. Raat. •
•
BTO 2009.050 (s) - Uit betrouwbare bron. M.J.M. Hootsmans.
•
BTO 2009.052(s) - Improvement of
the biological stability of drinking water by removal of NOM and particles, Jules Goulier, Anneke Abrahamse, Wolter Siegers, Paul van der Wielen
BTO 2009.035 SafeWat:
•
BTO 2009.036 - Omzetting van prioritaire stoffen met UV/ H2O2 oxidatie, D. Harmsen, G. IJpelaar, L. Janssen, R. Hofman, E. Beerendonk BTO 2009.039 - Biofouling of
spiral-wound membranes in water treatment, van der Kooij, D., W.A.M. Hijnen & E.R. Cornelissen •
BTO 2009.040 (s). HDDW: Laboratoriumtest naar de geschiktheid van vier boorvloeistoffen; Deelonderzoek Horizontal Directional Drilled Wells. F. Rambags.
BTO 2009.048 - Een snelle en
specifieke methode voor de detectie van levensvatbare E. coli, Heijnen, L.
Development and testing of coatings on a Biacore 3000, A van der Gaag, A Brandt, T ter Laak •
BTO 2009.044 - Invloed van water-
samenstelling, afstand en seizoen op het ATP-gehalte in water en in sediment uit het waterleidingnet van zes pompstations, van der Wielen, P.W.J.J. & D. van der Kooij
characterization methods to determine biodegradable NOM, Siegers, W., J. Ogier & P.W.J.J. van der Wielen •
BTO 2009.041(s). Drinkwater-
functie Markermeer en verzilting IJsselmeergebied. M. Bonte.
BTO 2009.029 (s) - Drinkwater-
neren we drinkwater en bodemenergiesystemen. Bonte, M. Van den Berg, G., Boukes, H., Dammers, P., Jennekens, O., Van der Moot, N., Oosterhof, A., Six, S., Smits, F.
BTO 2009.022 - Toxicological
•
BTO 2009.026 - Relationship between tap water hardness and mortality due to ischemic heart disease and stroke in the Netherlands. L. Leurs, L. Schouten, M. Mons, R. Goldbohm, P. Van den Brandt.
productie in de toekomst! Moet er een barrière in de zuivering komen voor geneesmiddelen en hormonen? BTO workshop Waterbehandeling 21 april 2009, Martijn Groenendijk, Maarten Nederlof, Robin van Leerdam
BTO 2009.021 - Emerging methods
relevance of emerging contaminants for drinking water quality. M. Schriks, M. Heringa, M. van der Kooi, P. de Voogt, A. van Wezel
•
•
BTO 2009.019 - Development of a prototype Chemical-Optical Sensor for the detection of Organic Micro-Pollutants in Drinking water. B. van der Gaag
to monitor emerging chemicals in the drinking water production. A. van Wezel, M. Mons, W. van Delft. •
•
•
BTO 2009.053 (s) - Methoden
om vermaasde netten schoon te houden, E. J. M. Blokker •
BTO 2009.066 - Aanwezigheid van
dimethylsulfamide in drinkwaterbronnen en effecten op de vorming van NDMA bij de zuivering. L. Puijker, G. IJpelaar.
63
Benoemingen, promoties en prijzen 2009 Verschillende medewerkers van KWR bereikten in 2009 een bijzondere mijlpaal in hun carrière:
Benoemingen
Universiteit bij prof. dr. M.A. Cohen Stuart met
Prijzen
het proefschrift Colloids from oppositely charged polymers; reversibility and surface activity.
Arne Verliefde wint Waternet Watercyclus Innovatie Prijs 2009
Wim Hijnen, microbioloog, onderzoeker en
Uit handen van ir. Roelof Kruize, directeur
adviseur in de kennisgroep Waterkwaliteit en
Waternet, kreeg Arne Verliefde op 16 januari
Gezondheid promoveerde op 29 januari 2009
de eerste Watercyclus Innovatie Prijs 2009
aan de Universiteit Utrecht op (BTO-) onderzoek
uitgereikt tijdens de Vakantiecursus aan de
Elimination of micro-organisms in water treatment
TU Delft. Verliefde kreeg een bedrag van
naar de kwantificering van de eliminatie van
€ 10.000,- toegekend voor zijn proefschrift
ziekteverwekkers tijdens de waterzuivering
Rejection of organic micropollutants by high pressure membranes (NF/RO). Verliefde is als
Prof. dr. W. (Wim) van Vierssen, directeur van KWR, is per 1 januari 2009 benoemd tot deel-
Patrick Bäuerlein promoveerde op 30 oktober
tijdhoogleraar Science System Assessment bij
2009 aan de TU Eindhoven met het proefschrift
lijke aantal wetenschappelijke producties,
de afdeling Watermanagement aan de TU Delft.
Ionic liquids – Are they worth their salts? bij
15 peer-reviewed journal publicaties en
Microbioloog prof. dr. G.J. (Gertjan) Medema,
prof.dr. D. Vogt. Sinds 1 september 2009 werkt hij
17 conference proceedings. Verliefde heeft
MT-lid en hoofd van de kennisgroep Water-
als wetenschappelijk onderzoeker bij KWR in de
vervolgens gewerkt als onderzoeker voor het
kwaliteit en Gezondheid, is met ingang van
kennisgroep Waterkwaliteit en Gezondheid.
KWR-team Afvalwater & Hergebruik bij onder
1 oktober 2009 benoemd tot deeltijdhoogleraar
winnaar gekozen vanwege zijn uitzonder-
andere het Unesco Center for Membrane
Water & Gezondheid bij de afdeling Water-
Jan Post promoveerde op 3 november 2009 cum
Science and Technology aan de University
management van de TU Delft.
laude met het proefschrift Blue Energy. Electricity
of New South Wales in Sydney en werkt nu
Production from Salinity Gradients by Reverse Elec-
aan de TU Delft.
trodialysis bij prof.dr. C.J.N. Buisman aan Wage-
Promoties
aan het Technologisch Topinstituut Wetsus in
Legionella-Award voor microbioloog prof. dr. ir. Dick van der Kooij
Bas Hofs, wetenschappelijk onderzoeker in de
Leeuwarden. Sinds 1 september 2009 werkt Jan
Vanwege zijn “jarenlange, voortreffelijke
kennisgroep Watertechnologie, promoveerde
Post als teamleider Drinkwaterbehandeling in
wetenschappelijke onderzoek” heeft micro-
op 20 januari 2009 aan de Wageningen
de kennisgroep Watertechnologie.
bioloog prof. dr. ir. Dick van der Kooij de
ningen Universiteit. Het onderzoek vond plaats
Legionella-Award ontvangen van de Stichting Veteranenziekte. De Award werd uitgereikt tijdens het Legionella Congres Waar staan we 10 jaar na Bovenkarspel? Medici en waterexperts in debat dat op 1 oktober 2009 plaatsvond in Amersfoort. De tweejaarlijkse LegionellaAward is bestemd voor een persoon of instelling die zich bijzonder verdienstelijk heeft gemaakt voor de bewustwording rond het onderwerp Legionella. Dick van der Kooij heeft door zijn onderzoek wereldwijd een grote naam opgebouwd en hij is een veelgevraagd spreker en adviseur. Wim Hijnen
Patrick Bäuerlein
Jan Post
64
KWR 2009
KWR in de maatschappij
methode is om geneesmiddelen te verwijderen. Bij de gemeten geneesmiddelen werd een verwijdering >85% gezien, ook bij kool die al langer wordt gebruikt. De pilot is succesvol afgerond. Ruim 70 leerlingen hebben in het schooljaar 2009 een profielwerkstuk gemaakt in samenwerking met 30 verschillende waterorganisaties uit de regio Utrecht. Het project wordt in 2010 breder in Nederland ingezet.
Marieke, Eveline en Floor van het Stedelijk Gymnasium Johan
Educatie
van Oldenbarnevelt uit Amersfoort doen onderzoek voor hun profielwerkstuk bij KWR
Pilot profielwerkstukken in de watersector een succes! KWR deed mee aan het pilotproject Ikonderzoekwater.nl dat scholen, leerlingen en waterorganisaties uit de Regio Utrecht bij elkaar brengt voor profielwerkstukken over water. Het profielwerkstuk is een verplicht onderdeel van het examenprogramma. Een uitgelezen kans om scholieren kennis te laten maken met en te interesseren voor de watersector! Drie
Bosatlas Ondergronds Nederland
leerlingen van het Stedelijk Gymnasium Johan van
Bij de afsluiting van het Internationale Jaar van de
Oldenbarnevelt uit Amersfoort onderzochten met
Aarde presenteerden Noordhoff Uitgevers en Lijn43 op
KWR het vraagstuk “Help, er zit prozac in ons water!”.
22 juni 2009 de Bosatlas van Ondergronds Nederland.
Het project werd vanuit KWR begeleid door Minne
Dertig kennisinstellingen, overheden en bedrijven
Heringa, Wolter Siegers en Kees Roest.
werkten mee aan deze 96 pagina’s tellende atlas vol
De leerlingen hebben zich verdiept in de watercyclus
kaarten, beelden en grafieken over het best onder-
en hoe geneesmiddelen via het rioolwater in het
zochte stukje van de aarde. KWR droeg niet alleen
drinkwater kunnen komen. Daarna hebben ze zelf
bij aan de financiering, maar leverde onder leiding
urine verzameld, aan een deel daarvan een genees-
van Jan Willem Kooiman, teamleider Geohydrologie,
middel toegevoegd en de monsters vervolgens
ook inhoudelijke bijdragen in de vorm van tekst en
met kool gefiltreerd om te zien of kool een goede
illustraties.
65
Voorlichting
KWR Open Dag Ecotuin werden goed bezocht – er zijn zelfs extra rondleidingen ingelast. De zalen waren goed gevuld
KWR Open Dag tijdens landelijke Oktober Kennismaand
voor de Mini- en Maxi-colleges over onderwerpen
Zaterdag 10 oktober 2009 organiseerde KWR voor
kinderen maakten tijdens de speciale Waterles kennis
het eerst sinds jaren een Open Dag voor een breed
met de onbekende wereld van water. De bezoekers
publiek. Hiervoor is aangesloten bij de landelijke
beoordeelden deze eerste KWR Open Dag met een 8!
als gesprongen waterleidingen of Legionella. Jonge
Oktober Kennismaand die bezoekers een maand lang een kijkje in de fascinerende wereld van wetenschap
Postdoc-event
en technologie biedt bij circa 800 (onderzoeks)instel-
Twintig postdockandidaten van vijf verschillende
lingen, bedrijven, universiteiten, science centra en
universiteiten en Wetsus namen deel aan het post-
sterrenwachten in heel Nederland. De Oktober Ken-
doc-event op 14 april 2009. Na een korte introductie
nismaand is sinds 1994 een begrip.
vertelden enkele jonge medewerkers over hun ervaringen bij KWR. Vervolgens werden de kandidaten
De KWR Open Dag trok maar liefst 426 bezoekers
verdeeld over de drie kennisgroepen voor het match-
uit diverse doelgroepen: mensen uit de buurt, maar
makingonderdeel. Hierin vertelden de kandidaten de
ook van ver, mensen van waterbedrijven, scholieren,
teamleiders van KWR kort en bondig over zichzelf en
studenten, ouders met (kleine) kinderen, mensen die
over het onderzoek dat zij als promovendus hadden
bij bedrijven in de buurt werken, familieleden, etc.
uitgevoerd. Vervolgens kregen zij een toelichting op de
Ruim zestig enthousiaste KWR-medewerkers zorgden
uitdagende onderzoeksplannen van de kennisgroep.
voor een boeiend programma. De meeste bezoekers
Na een rondleiding door de laboratoria en de proefhal
namen deel aan twee of drie onderdelen van het
sloot directeur Wim van Vierssen de bijeenkomst af.
omvangrijke programma. In het Science lab konden
De postdockandidaten waren enthousiast over het
diverse zeer verschillende proefopstellingen bekeken
event en vonden het leuk een ‘kijkje in de keuken’ te
worden. De rondleidingen door de Microbiologische
mogen nemen. Inmiddels doen enkele kandidaten
en Chemische Laboratoria, de Proefboerderij en de
onderzoek bij KWR.
66
Ride for the Roses
KWR 2009
Alumnibijeenkomst
Sponsoring KWR-Wielerteam koerst mee in Ride for the Roses
5 (oud)directeuren
Maatschappelijke betrokkenheid
Wielerteam vertegenwoordigde alle lagen van de
JCI Challenge succes voor Giving Back en KWR-team
organisatie. Het team van negen enthousiaste KWR-
De JCI Challenge is een project van de Junior Chamber
medewerkers nam zondag 30 augustus deel aan Ride
International – een wereldwijde federatie van Young
for the Roses en reed een afstand van 100 kilometer
professionals en ‘Entrepreneurs’ tot 40 jaar. De JCI zet
in de Lingewaard bij Nijmegen. Ride for the Roses is
zich in op gebieden als persoonlijke ontwikkeling,
van oorsprong een initiatief van Lance Armstrong. De
zakelijke netwerken, maatschappelijke betrokken-
sponsoropbrengsten komen volledig ten goede aan
heid en internationale contacten. JCI Amsterdam
KWF Kankerbestrijding.
is in 2009 gestart met de JCI Challenge: een project
Van directeur tot medewerker postkamer: het KWR
dat maatschappelijk verantwoord ondernemen
Netwerken
combineert met een competitie en een element van training en coaching, via projecten voor een goed doel in Amsterdam. Het goede doel van het winnende
KWR Alumnibijeenkomst
team kreeg € 10.000, -. Vanuit KWR was een team
De afgelopen 30 jaar hebben veel mensen gewerkt bij
afgevaardigd van vier jonge medewerkers. Zij haalden
Kiwa Speurwerk, Kiwa Onderzoek en Advies en het
met jongeren van Giving Back ruim € 700, - op door
huidige KWR. Veel van hen hebben hun carrière ver-
lege waterflesjes van het merk Neau te verkopen met
volgd bij een waterbedrijf, waterschap, adviesbureau
de boodschap het flesje te vullen én te hervullen met
of soms een heel andere organisatie. De gezamenlijke
kraanwater, wat het overbodig maakt bronwater in
band blijft echter altijd. In het teken van verbinden,
(dure) flessen te consumeren. Het KWR-team kreeg
verhalen vertellen en vooruit kijken, organiseerde
lovende reacties van de jury. De eerst prijs ging echter
KWR daarom op 8 juli 2009 de eerste KWR Alumnibij-
naar het team Jonge Ambtenaren Netwerk dat een
eenkomst voor oud-medewerkers. Het was een spran-
actie bedacht voor het Filmmuseum.
kelend weerzien tussen ruim honderd oude en vijftig nieuwe KWR-collega’s. Na vele warme begroetingen gaf directeur Wim van Vierssen een korte vooruitblik en blikte oud-directeur Wim van der Meent terug. Daarna werd er volop bijgepraat en genetwerkt.
67
Maatwerk van monsterbots tot membraaninstallaties Nieuwe technologie en innovatieve oplossingen beginnen in het hoofd van wetenschappers. In de werkplaats veranderen ze dat in tastbare, toepasbare techniek. Bij KWR zetten Harry van Wegen en Sidney Meijering zulke wetenschappelijke dromen om in werkende apparatuur. Geen eenvoudige klus, want wat in theorie werkt, ondervindt vaak nog praktische hindernissen. “Veel ideeën beginnen eenvoudig, maar leiden uiteindelijk tot apparaten die aan uiteenlopende eisen moeten voldoen,” weet Sidney. “Van kleine opstellinkjes tot grote membraaninstallaties
Sidney Meyering (l) en Harry van Wegen (r):
of harskolommen van zeven meter hoog en de daarbij
“Van
behorende pompen en besturingen.”
wetenschappelijke droom
Monsterbot
naar werkende apparatuur.”
In 2009 maakten ze bijvoorbeeld samen met geochemicus Diego Bustos Medina een apparaat om monsters te nemen uit grondwaterputten, dat ze lief “de monsterbot” hebben genoemd. Diego onderzoekt hoe het komt dat putten soms verstopt raken; hij wilde monsters kunnen nemen van de wand van verstopte putten. Harry: “In allereerste instantie was het idee om
Puzzelen
met een soort bakje aan vijftig meter kabel, langs de
“En dan ben je er nog niet,” vult Sidney aan. “Je rijdt
wand te schrapen om aanslag te verzamelen.
niet overal zomaar met een autootje naar een put en
Maar de uiteindelijke monsterbot kan met afstands-
je hebt er ook niet altijd een energievoorziening bij
bediening zes verschillende monsters nemen, die
de hand. Naast de monsterbot zelf hebben we dus ook
in hermetisch afgesloten compartimenten worden
een aggregaat en een compressor nodig. Met een lier
bewaard omdat er geen zuurstof of water meer bij mag
wordt de monsterbot in de put neergelaten, samen
komen. Daarvoor hebben we een bijzonder kleppen-
met een camera, een lamp, een dieptemeter en een
systeem bedacht, dat voorkomt dat het monster
pomp om loskomend materiaal van de wand weg te
wordt vervuild met andere materialen. Zowel openen
pompen zodat het water niet troebel wordt. Zo kun je
als gesloten houden van de monstercilinders gaat
monsters nemen tot ongeveer 45 meter diepte.”
met luchtdruk. Hydraulica was geen optie: er mag
Het ontwikkelen van de monsterbot was een leuke
nooit olie lekken in een puttenveld voor de drinkwa-
uitdaging, vooral vanwege de ingewikkelde omstan-
terwinning! We moesten kunststof gebruiken omdat
digheden en eisen. Harry: “Het puzzelen om aan al die
metaal de meting van bijvoorbeeld de ijzergehaltes
voorwaarden te voldoen, blijft toch het leukste aan
van de monsters kan verstoren. Wielen met schok-
ons werk.”
brekers geleiden de monsterbot langs de putwand naar de juiste diepte, zodat het apparaat richeltjes kan passeren en tegen een stootje kan. Dankzij dat systeem is het apparaat geschikt voor putten van 300 millimeter tot 600 millimeter doorsnee.”
68
KWR 2009
Werken bij KWR Eind 2009 waren er 167 mensen in dienst bij KWR:
strevende CAO die medewerkers veel flexibiliteit biedt
108 mannen en 59 vrouwen. Het aantal vrouwelijke
in de secundaire arbeidsvoorwaarden.
werknemers is daarmee 35%, gelijk aan 2008. In 2009 verlieten enkele mensen KWR. Maar er
Medewerkersonderzoek
kwamen ook 32 medewerkers nieuw in dienst.
In juni 2009 is er een medewerkersonderzoek
Het aantal niet-Nederlandstalige medewerkers in
gehouden. De respons was zeer hoog met 89,4% .
2009 bedroeg 8, afkomstig uit Colombia, Duitsland,
In een aantal workshops zijn de uitkomsten per
Engeland, Griekenland, Portugal, Spanje, Canada en
team/afdeling besproken en vertaald naar actie-
Zuid-Afrika.
punten waarmee knelpunten kunnen worden verbeterd. Goede punten die uit het onderzoek
Mensen zijn bepalend voor de kwaliteit van ons werk.
naar voren kwamen, zijn het onderlinge respect en
KWR geeft medewerkers de ruimte om creatief en
vertrouwen en de mogelijkheden voor ontwikkeling
innoverend onderzoek te initiëren en vorm te geven.
in vaardigheden en kennis voor de individuele
Wetenschappelijke kwaliteit, communicatieve
medewerker. Het komende jaar wordt aandacht
vaardigheden en aandacht voor kennisoverdracht zijn
gegeven aan onder andere het versterken van de
belangrijke eigenschappen van KWR-medewerkers.
communicatie binnen de organisatie en de samenwerking tussen afdelingen.
KWR stimuleert de persoonlijke ontwikkeling van medewerkers. Vakinhoudelijk blijven zij op de hoogte
Corporate Governance Code
door deelname aan congressen en symposia. Met
KWR hanteert voor zover van toepassing de uitgangs-
opleidingen en trainingen kunnen zij hun kennis en
punten en best practices van de Nederlandse Corpo-
persoonlijke vaardigheden ontwikkelen.
rate Governance Code. KWR heeft in 2009 een eigen gedragscode ontwikkeld die geldt voor alle medewer-
Promovendi en postdocs
kers onderling en in hun contacten met opdracht-
Postdocs en promovendi worden bij KWR ingezet
gevers. Deze is te vinden op de KWR-website. In
voor versterking van het wetenschappelijk onderzoek.
aanvulling op deze gedragscode conformeert KWR
In 2009 waren er 15 promovendi en 3 postdocs aan het
zich daar waar van toepassing aan de ‘Nederlandse
werk. Dit is binnen het eigen KWR-onderzoek, het
Gedragscode Wetenschapsbeoefening’ zoals opge-
toegepaste bedrijfstakonderzoek BTO, het samenwer-
steld door de VSNU (Vereniging van Samenwerkende
kingsproject binnen het technologische topinstituut
Nederlandse Universiteiten).
watertechnologie of het Nederlandse onderzoeksprogramma Kennis voor Klimaat.
CAO Sinds 1 januari 2009 is KWR lid van de CAO voor de Waterbedrijven (CAO-WWb). Eind 2009 is er een nieuw principe-akkoord goedgekeurd door alle partijen dat met ingang van 1 augustus 2009 van kracht is geworden. Dit principe-akkoord bevat veel nieuwe elementen die in 2010 en 2011 worden geïmplementeerd. Daarmee is het een zeer vooruit-
69
Organisatie
Directie en Management Team (MT)
Raad van Commissarissen (RVC)
• Prof. dr. W. (Wim) van Vierssen, Directeur
De Raad van Commissarissen van KWR wordt
• Ir. J.A. (Jos) Boere, Hoofd Kennisgroep
gevormd door:
Watertechnologie • Dr. ir. M.J.M. (Michiel) Hootsmans, Hoofd Kennisgroep Watersystemen • Prof. dr. G.J. (Gertjan) Medema, Hoofd Kennisgroep Waterkwaliteit & Gezondheid (tot 31-12-2009)
• Voorzitter: Ir. D.Luteijn, directeur/toezichthouder (1943) Eerste benoeming: 16-11-2006; benoemd tot 01-07-2010. • Secretaris: Ir. R.G. Campen, voormalig voorzitter Raad van Bestuur DHV (1946) Eerste benoeming: 16-11-2006; benoemd tot 01-07-2010.
Aandeelhouders De Nederlandse drinkwaterbedrijven zijn de
Leden:
aandeelhouders van KWH Water B.V..
• Dr. Ch.P. Bruggink, voormalig lid van de raad van
KWR Water B.V. is het enige bedrijf in deze holding.
bestuur van Vitens N.V. (1946) Eerst benoeming: 29-06-2006; benoemd tot 01-07-2011; afgetreden 01-07-2009. • Drs. P. Jonker, directeur Dunea en voorzitter Werkgeversvereniging Waterbedrijven WWb (1950) Eerste benoeming: 29-06-2006; benoemd tot 01-07-2011. • Prof. dr. ing. S. Schaap, voormalig dijkgraaf Waterschap Groot Salland en voormalig voorzitter Unie van Waterschappen (1946) Eerste benoeming: 01-07-2008; benoemd tot 01-07-2012.
70
KWR 2009
Wetenschapsraad
Wetenschappelijke Advies Raad (WAR)
Om het wetenschappelijke gehalte van de werkzaam-
De Wetenschappelijke Advies Raad (WAR) van KWR
heden van KWR te toetsen, is een Wetenschapsraad
geeft de directie gevraagd en ongevraagd advies over
ingesteld. De Wetenschapsraad bestaat uit principal
het onderzoeksprogramma van het instituut. De
scientists die bij KWR in dienst zijn.
leden van de WAR zijn deskundigen op de verschil-
Elk lid is verantwoordelijk voor zijn eigen werk-
lende werkgebieden van KWR. Samen bestrijken zij
veld. Zij zijn gezamenlijk verantwoordelijk voor het
het gehele werkveld van KWR.
bepalen van het strategisch onderzoek binnen het instituut op de lange termijn en voor het borgen
Samenstelling WAR 2009:
van de wetenschappelijke kwaliteit van alle onder-
• Drs. L.J. Halvers (voorzitter),
zoekswerkzaamheden. Op deze manier worden de wetenschappelijke kwaliteit en reputatie van KWR beschermd. De Wetenschapsraad bestrijkt alle essentiële aspecten van de onderzoeksgebieden waarop KWR werkzaam is. De leden van de Wetenschapsraad dragen verantwoordelijkheid voor het onderzoek.
lid van de adviesraad voor wetenschaps- en technologiebeleid (AWT); • Prof. dr. ir. B. Brunekreef, directeur van het Institute for Risk Assessment Sciences (IRAS) en hoogleraar Milieu-epidemiologie; • Prof. dr. ir. C.J.N. Buisman, wetenschappelijk directeur Wetsus/Technologisch
Samenstelling Wetenschapsraad: • Prof. dr. G.J. (Gertjan) Medema; Water & gezondheid,
Top Instituut Watertechnologie; • Prof. dr. W. Kühn, directeur TechnologieZentrum Wasser (Duitsland).
voorzitter Wetenschapsraad; • Prof. dr. ir. D. (Dick) van der Kooij; Microbiologische stabiliteit/activiteit; • Prof. dr. ir. M.C.M. (Mark) van Loosdrecht; Milieubiotechnologie; • Dr. ir. M.M. (Maarten) Nederlof; Waterbehandeling en distributie; • Prof. dr. P.J. (Pieter) Stuyfzand; Geochemie en hydrologie; • Prof. dr. W. (Wim) van Vierssen; Kennismanagement; • Prof. dr. P. (Pim) de Voogt; Chemische waterkwaliteit; • Dr. ir. J. (Jan) Vreeburg, Distributie; • Prof. dr. ir. J.P.M. (Flip) Witte; Ecologie.
Ondernemingsraad (OR) • Ing. J.C. van Ravestijn (voorzitter) • A.F. van Dam (vice-voorzitter) • Dr. ir. P.W.M.H. Smeets (secretaris) • G.M.E. van Beusekom (ambtelijke secretaris) • Ir. E.J.M. Blokker • Ing. E. Emke • M.J.J. de Graaf • Ir. F.I.H.M. Oesterholt
71
Financiën Geconsolideerde balans voor winstbestemming per 31-12-2009 Bedragen x € 1000
ACTIVA
31-12-2009
31-12-2008
Vaste Activa Materiële vaste activa
6.498
6.118
6.498
6.118
Vlottende activa Onderhanden opdrachten Debiteuren Overige vorderingen en overlopende activa
Liquide middelen Totaal activa
2.006
1.741
2.778
1.876
341
339
5.125
3.956
7.317
6.588
18.940
16.662
PASSIVA Eigen vermogen 155
155
Agioreserve
Nominaal kapitaal
7.763
7.763
Overige reserves
1.770
519
379
500
Bestemde reserve innovatie Resultaat lopend jaar
1.106
1.130
11.173
10.067
Voorzieningen Reorganisatie Pre-FPU Diensttijdgratificatie
101
75
74
103
159
334
178
1.340
849
Kortlopende schulden Crediteuren Belastingen en sociale lasten Overige schulden en overlopende passiva
Totaal passiva
547
218
5.546
5.350
7.433
6.417
18.940
16.662
72
KWR 2009
Geconsolideerde winst- en verliesrekening 2009 Bedragen x â‚Ź 1000
Netto omzet Mutatie onderhanden werk Overige bedrijfsopbrengsten
2009
2008
16.186
15.739
265
-329
773
1.259
17.224
16.669
Lonen en salarissen
7.164
6.880
Sociale lasten en pensioenpremies
1.807
1.693
Overige personeelskosten
1.031
1.138
Bedrijfsopbrengsten
Afschrijvingskosten Subcontracting Overige bedrijfskosten
723
688
2.354
1.969
3.132
3.371
16.211
15.739
1.013
930
Rentebaten
93
200
FinanciĂŤle baten en lasten
93
200
1.106
1.130
Bedrijfskosten
Bedrijfsresultaat
Netto resultaat
73
Geconsolideerd kasstroomoverzicht 2009 Bedragen x € 1000
2009
2008
1.013
930
688
Kasstroom uit operationele activiteiten Bedrijfsresultaat Aanpassingen voor: - afschrijvingen
723
- dotaties voorzieningen
254
13
- onttrekkingen aan voorzieningen
-69
-67
- vrijval voorzieningen
-29
- 21
Veranderingen in werkkapitaal: - toe-/ afname handelsvorderingen - toe- / afname overlopende activa - toe- / afname voorraad onderhanden werk
-902
-99
-2
-105
-265
285
- toe-/ afname handelscrediteuren
491
-729
- toe-/ afname belastingen en sociale premies
329
-65
196
180
1.739
994
93
200
0
0
1.832
1.194
-1.103
-949
- toe-/ afname schulden pensioenen - toe-/ afname overlopende passiva Kasstroom uit bedrijfsoperaties Ontvangen interest Betaalde interest Kasstroom uit operationele activiteiten
-16
Kasstroom uit investeringsactiviteiten Investeringen in materiële vaste activa Desinvesteringen in materiële vaste activa Kasstroom uit investeringsactiviteiten
Netto kasstroom
-1.103
-949
729
245
74
KWR 2009
Aandeelhouders KWR
75
Termen en afkortingen BTO
Bedrijfstakonderzoek waterbedrijven
DPW
Duinwateronderzoek voor Dunea, PWN en Waternet
DWSI
Dutch Water Sector Intelligence
ETBE
Ethyl-tert-butylether
GIS
Geografisch Informatie Systeem
GWRC
Global Water Research Coalition
IWA
International Water Association
KvK
Kennis voor Klimaat
LMB
Laboratorium voor Microbiologie
LMC
Laboratoria voor Materialenonderzoek en Chemische analyse
MTBE
Methyl-tert-butylether
NOM
Natuurlijk organisch materiaal
OPIW
Onderzoeksprogramma Industrie & Water
PBC
Programmabegeleidingscommissie
PBL
Planbureau voor de Leefomgeving
Q-PCR
Kwantitatieve polymerase kettingreactie
REACH-wetgeving
Registration, Evaluation and Authorization of Chemicals;
het Europese systeem tot registratie, testen en toelating van chemicaliĂŤn
RIVM
Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu
SIMDEUM
Simulatiemodel voor afnamepatronen watergebruikers
SOCOPSE
Source Control of Priority Substances in Europe
Stichting Rioned
Koepelorganisatie voor de rioleringszorg
STOWA
Stichting Toegepast Onderzoek Waterbeheer
WSSTP
Water Supply and Sanitation Technology Platform
76
KWR 2009
Contact Postadres
Colofon
KWR Watercycle Research Institute Postbus 1072
Tekst en redactie
3430 BB Nieuwegein
Afdeling Communicatie,
Nederland
KWR Watercycle Research Institute: Jody Hoogendoorn
Bezoekadres
Nicoline Scholman
KWR Watercycle Research Institute
Gerda Sulmann
Groningenhaven 7
Met ondersteuning van:
3433 PE Nieuwegein
Peter Juijn Teksten (p. 12, 16, 32, 34, 38, 48, 50)
Nederland T 030 6069 511
Vormgeving
F 030 6061 165
Arthur Wentzel
E
info@kwrwater.nl
I
www.kwrwater.nl
Fotografie Ymke Bartlema
Utrecht handelsregister, 27279653
Robert Goddyn
@2010 KWR Watercycle Research Institute
Beeldbewerking
Arthur Wentzel Alle rechten voorbehouden. Teksten, lay-out,
afbeeldingen, scripts en andere artikelen
Infographic (p. 7)
mogen niet worden gekopieerd of anderszins
vof Unger-Kisman
gereproduceerd en gedistribueerd zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van KWR Watercycle Research Institute.
Druk
Xerox Nederland
Deze publicatie is gedrukt
Zwembad (p. 35)
op milieuvriendelijk papier.
Merwestein Nieuwegein