VIEF
Angela is moeder van twee studerende kinderen (21 en 22), partner van Wilko en eindre-
dacteur annex coördinator bij Springlevend024. Als columnist schrijft ze hier over haar belevenissen als vijftigplusser. Ze voelt zich helemaal niet oud, juist Springlevend of Vief, om
maar een lekker ouderwets woord te gebruiken. Bovendien: ‘The best is yet to come’. Toch?
B
eeldbellen? Dat was iets voor dr. Spock in Star
Trek. Aan boord van starship Enterprise kon hij op een tv-schermpje zien wie er aan de
andere kant van de telefoon aan lijn was. Wauw, dat was me wat. Eind jaren zestig werd de serie opge-
nomen en voor het eerst uitgezonden. Als kind keek ik er graag naar, evenals naar Black Beauty, Tita
Tovenaar (‘dan doe ik dít: - klapt in zijn handen - en alles staat stil’) en vooruit, ook Swiebertje herinner ik me natuurlijk. Tsja, vijftigplus hè.
Heel vaak keek ik op woensdagmiddag of vroeg in de avond, bij mijn opa en oma naar de televisie.
Toen oma jaren later niet meer wist in welk jaar we leefden en hoe oud ze was, zei ze vaak: ‘ik ben van
drie’. Geboren in 1903 dus. Regelmatig dacht ik dan: ‘wat moet het vreemd voor haar zijn, al die veran-
deringen die ze mee heeft gemaakt. Twee oorlogen, de opkomst van de auto, verkeerslichten, televisie,
Ideaal! Heel hip en handig, dat had echt niet ieder-
een. Voor achtergrondinformatie voor mijn studie ging ik naar de bibliotheek. Telefoonnummers
zochten we, als journalisten in spe niet alleen op in een telefoonboek, nee, wij gebruikten de Pyttersen Almanak, een handboek waarin álle organisaties stonden vermeld.
Er ontstonden vriendschappen voor het leven. Na
onze studententijd gingen we met acht oud-studiegenoten jaarlijks een weekendje weg. Het ene jaar
had iemand voor het eerst – heel interessant - ‘een
pieper’ voor zijn werk bij zich. (Als ie af ging, moest
je een telefooncel gaan zoeken om te bellen, dat dan weer wel.) Daarna kwamen de antwoordapparaten,
homecomputers, mobiele telefoons. Het werd steeds gekker: eind jaren negentig kregen we voor het eerst internet en e-mail!
stereo, telefoon, Chinese restaurants. Onvoorstel-
De weekendjes weg werden een dagje, de dagen een
ze heeft er waarschijnlijk amper bij stilgestaan, je
dertig jaar na dato nog steeds stand. Na gesprekson-
baar. Inmiddels kan ik uit eigen ervaring vertellen, groeit er in mee.
Als een heuse dr. Spock zit ik tegenwoordig zelf
urenlang te beeldbellen. Gewoon onzichtbaar ouderwets telefoneren komt nog nauwelijks voor. Team-
avond, maar ons oud-studentenclubje houdt dik
derwerpen als leaseauto, hypotheek, zwangerschap en studiekeuzes van de kinderen, praten we inmiddels over zaken als mantelzorg en pensioen. De tijd vliegt, net als voor mijn oma, ongemerkt.
smeeting hier, Zoomvergadering daar, Facetime,
Gelukkig wordt in ons Tilburgse stamcafé van
ik er toch echt niet mee ben opgegroeid.
gewonnen schijnt te hebben, nog steeds hetzelfde
Skype, you name it. Ik vind het heel normaal terwijl
Toen ik eind jaren tachtig (slik, voor mijn gevoel nog niet zo lang geleden…) naar de Academie voor de
Journalistiek (AvdJ) ging, was ik de trotse bezitter
van een elektrische typemachine met correctielint.
weleer, waar Barney ooit zijn eerste dartswedstrijd broodje AvdJ geserveerd als destijds. Dat ontdekten we tijdens onze laatste reünie. Sommige dingen
veranderen blijkbaar nooit, dat is mooi. Evenals de enorme lol die we nog steeds samen hebben. Wij worden gewoon niet ouder, net als dr. Spock.
Broodje AvdJ Springlevend024
9