
9 minute read
De vier pijlers van een circulaire economie
Een circulaire economie is een gesloten economisch systeem dat duurzaam gebruik van grondstoffen vooropstelt. Energie uit hernieuwbare bronnen wordt zo volledig mogelijk opnieuw opgenomen in het productieproces. Hiermee onderscheidt het zich van een lineaire economie waarbij opgebruikte bronnen als afval achterblijven. De circulaire economie is een na te streven doel, ook al is complete circulariteit niet altijd even gemakkelijk te bereiken.
Hernieuwbare energie.
Advertisement

De circulaire economie ziet in dat fossiele brandstoffen eindig zijn. Daarom zet ze in op hernieuwbare energiebronnen zoals de zon, wind en water. In tegenstelling tot fossiele brandstoffen zijn deze bronnen altijd beschikbaar. Zolang de zon immers schijnt, de wind waait en het water stroomt, is er energie voorhanden.
Bovendien is hernieuwbare energie intussen uitgegroeid tot een van de goedkoopste manieren om elektriciteit op te wekken. Volgens Mijnenergie.be komt dit doordat ze niet afhankelijk is van olieprijzen en nog steeds voor een groot deel wordt gesubsidieerd. Daarnaast groeien de investeringen in hernieuwbare energie elke dag, wat resulteert in een groter aanbod. De wet van vraag en aanbod is simpel: hoe groter het aanbod, hoe lager de prijzen.
Een van de meest bekende leveranciers van hernieuwbare energie zijn zonnepanelen. Door zonnestralen in energie om te zetten, voorzien zij tal van huishoudens en bedrijven van elektriciteit. De overtollige energie kan bovendien worden opgeslagen voor later gebruik. Van afvalstoffen is geen sprake. Het materiaal waaruit de panelen vervaardigd worden is echter ook van belang. De oudste zonnepanelen zullen namelijk binnen enkele jaren aan vervanging toe zijn. Het spreekt voor zich dat die recycleerbaar moeten zijn, maar momenteel bestaan ze veelal uit toxische grondstoffen.
Ketensamenwerking en natuurlijk kapitaal.
Binnen een circulaire economie hangen alle onderdelen samen. De afvalstoffen van het ene product worden de energiebronnen voor het volgende en ook bedrijven zelf geraken in hetzelfde proces verwikkeld door gebruik te maken van elkaars middelen. Dit is het idee van een closed loop. Een circulaire economie kent geen losse eindjes, want alle ‘eindes’, of het nu afvalstoffen of finale producten zijn, worden opnieuw in het systeem opgenomen.
Dit cyclisch systeemdenken verschilt radicaal van de lineaire economie, het systeem waar we vandaag de dag nog veelal gebruik van maken, maar waar we met het oog op het klimaat best zo snel mogelijk vanaf stappen. Bij een lineair productieproces denkt men immers rechtlijnig van grondstof tot eindproduct waarbij afvalstoffen buiten het systeem vallen. Dit resulteert in afval en vervuiling. Door circulair alle aspecten van het productieproces in rekening te brengen, voorkom je dat.
Op die manier houdt een circulaire economie ook het natuurlijk kapitaal in stand. Dit is de verzameling van alle stoffen die de natuur te bieden heeft en die mensen kunnen gebruiken om in hun eigen onderhoud te voorzien. Binnen de natuur hangen al deze ‘diensten’ in een nauwkeurig evenwicht. Overtollig gebruik door mensen verstoort dit evenwicht, met kwalijke gevolgen voor het milieu. Door in een kringloopsysteem ook aan de natuur terug te geven, blijft het natuurlijk kapitaal in staat ook zichzelf in evenwicht te houden.

Nieuwe verdienmodellen.

Overschakelen naar een nieuw economisch systeem brengt heel wat veranderingen met zich mee. Niet enkel de denkwijze van bedrijven en overheden moet worden aangepast om ze mee aan boord te krijgen. Ook businessmodellen en de daarmee gepaarde inkomsten zullen grondig veranderen binnen een circulaire economie. Het mediabedrijf Greenbizz Group onderzocht dit.
Door bijvoorbeeld hernieuwbare bronnen in een circulair systeem te hergebruiken verhoog je voorspelbaarheid en controle. Tegelijkertijd verlaag je dus risico’s, wat de levering van producten enkel efficiënter maakt. Dit verlaagt de kosten voor bedrijven, leveranciers en klanten aanzienlijk. Bovendien bespaart het heel wat geld om afvalstoffen opnieuw in het productieproces op te nemen. Bronnen die anders zouden worden weggegooid, krijgen een nieuwe waarde en hoeven niet opnieuw te worden aangekocht.
Een ander nieuw idee binnen het circulair systeem is het delen en huren van middelen. In plaats van eigen stoffen aan te kopen, waarbij je rekening moet houden met zowel overcapaciteit als onderbenutting, huur je het nodige van andere bedrijven. Overschot kun je dan weer teruggeven, opnieuw investeren of verder verhuren aan andere instanties. Dit model is extra winstgevend voor bedrijven die middelen genereren met hoge productiekosten, aldus Greenbizz Group. In plaats van voor veel geld producten te blijven verkopen, verhuur je je producten waarna je ze weer terugkrijgt. Zo moet je heel wat minder produceren, wat resulteert in minder kosten en minder milieuvervuiling.
Productontwikkeling.
Ook productontwikkeling speelt een cruciale rol in een circulaire economie. Je gebruikt je producten immers liefst meer dan één keer, en als ze dan toch in de vuilbak belanden, dan na enkele herstellingen en met de mogelijkheid tot recyclage. Vlaanderen Circulair, het knooppunt en de inspiratie voor circulaire economie in Vlaanderen, ziet twee effecten van circulaire economie op de productontwikkeling.
Enerzijds moet een ontwikkelaar oog hebben voor ecodesign of de levenscyclus van het product. Je kijkt niet enkel naar de betaalbaarheid, maar ook naar de nodige grondstoffen en de impact ervan. De hele levenscyclus wordt geanalyseerd in een zogenaamde ‘life cycle analysis’. Een product dat herstelbaar, modulair, upgradable en robuust is, gaat langer mee. Ook is het belangrijk doorheen die lange levensduur de impact van het gebruik op de omgeving in de gaten te houden, net als wat er achteraf met het product gebeurt. Idealiter worden producten of onderdelen ervan hergebruikt of gerecycleerd: tweedehands of terug bij de ontwikkelaar.
Anderzijds is er het systeemdenken. De ontwikkelaar gaat het hele systeem en alle onderlinge verbanden in vraag stellen. In plaats van een nieuwe auto te designen, herdenk je ‘mobiliteit’, verbonden met energie, materialen, verantwoorde productie doorheen de keten, welzijn en omgeving. Zo kom je dan tot elektrische wagens, netwerken van laadpunten en deelsystemen. Trek je dat door, dan verleg je de focus van het product naar een product-as-a-service, waarbij vooral de dienstverlening centraal staat. Doorheen dit denkproces is regeneratief design de heilige graal. In plaats van dat het product zo weinig mogelijk uitstoot, draagt het systeem actief bij tot hernieuwing en versterking van de planeet.
Futureproof zonnepanelen komen met een aantrekkelijk rendement

Zonneenergie is een onmisbare schakel binnen de energietransitie waar ons land – en de rest van de wereld – voor staat. Hoe meer zonnepanelen, hoe sneller we de ambities van de Green Deal kunnen waarmaken.
Niet alleen bij particulieren, maar zeker ook bij bedrijven is er nog enorm veel ruimte om bijkomende zonnepanelen te leggen. Met zonnepanelen produceer je niet alleen je eigen groene energie, maar behaal je ook een mooi rendement voor je investering.
De grote zonnepanelen-boom bij particulieren is de laatste maanden stevig afgekoeld, omwille van de grote onzekerheid over terugdraaiende tellers, digitale meters en injectievergoedingen. “Het moet gezegd zijn: de markt voor professionele zoninstallaties is een stuk stabieler dan bij de particulieren”, zegt Jan Pollaris, CEO van zonnepanelenspecialist Insaver. “Het systeem van de groenestroomcertificaten bleef behouden en ook bijvoorbeeld injectietarieven zijn al jaren gangbaar. Sinds kort voorziet de overheid in een vaste investeringspremie, maar ook zonder subsidies behalen de meeste PV-installaties een zeer mooi financieel rendement.”
Insaver plaatst bij ongeveer zestig bedrijven per jaar zonnepanelen, van een paar honderd tot tienduizend zonnepanelen, wat overeenkomt met installaties van 100 kilowatt tot 4 megawatt. “Zestig per jaar is vrij veel, maar het verbaast me dat er niet nog meer bedrijfsleiders op springen”, zegt Pollaris. “Puur financieel is een investering in zonnepanelen, zeker in deze tijden van nulrente, een zeer interessante zaak. Een installatie verdien je terug op slechts zes tot acht jaar, afhankelijk van de complexiteit, de staat van het dak en de staat van de bestaande elektrische installatie. Reken op een ROI van ongeveer 10 procent. Er is geen enkele bank ter wereld die dat rendement aanbiedt op je geld. Dat er niet nog meer bedrijven de stap zetten heeft volgens mij met onwetendheid te maken. Ik snap het wel, zonnepanelen zijn voor de meeste ondernemingen allicht niet hun corebusiness. Wij leggen dan ook graag uit waarom deze duurzame investering de moeite waard is.”
Voor ondernemingen die de centen niet meteen hebben liggen, dokterde Insaver een eigen financieringssysteem uit. “Het komt erop neer dat je de installatie op tien jaar afbetaalt in plaats van dat je de elektriciteitsmaatschappij betaalt”, legt Pollaris uit. “Daarna heb je nog vijftien jaar gratis elektriciteit, want zo’n installatie gaat gemakkelijk vijfentwintig jaar mee. Indien nodig kunnen we dat zelfs combineren met een complete dakrenovatie.”
Naast de puur financiële opbrengst zijn er meer en meer klanten waar het zonnepanelenverhaal past in hun duurzaamheidsambities, een punt waar steeds meer bedrijven belang aan hechten in hun strategie voor maatschappelijk verantwoord ondernemen. Dankzij zonnepanelen produceren bedrijven hun eigen groene energie en vermijden ze heel wat CO2-uitstoot. Groene energie opwekken en het vermijden van CO2-uitstoot is de enige weg vooruit in de strijd tegen de klimaatverandering. Voor onszelf en voor de generaties na ons, legt Pollaris uit. “We ondersteunen bedrijven bovendien graag met hun externe communicatie of evenementen om hun inspanningen wereldkundig te maken. Of we organiseren groepsaankopen voor het personeel. Zo wordt het zelfs een schakel in de personeelsbinding van een onderneming.”
Als we de komende jaren onze energiedoelstellingen willen halen, zullen we enkele stevige tandjes hoger mogen schakelen, stelt Pollaris. De laatste jaren is de markt voor particuliere installaties sterk gegroeid. Bedrijven hebben het potentieel om in de komende jaren een nog belangrijkere rol te spelen. “Eenvoudig gesteld kan één groot bedrijfsdak evenveel bijdragen aan het behalen van de energiedoelstellingen als 1000 woningen”, zegt hij. “Bovendien is het potentieel naar bedrijven toe, relatief gezien, minstens even groot.” Wanneer bedrijven een installatie willen leggen, volgt er altijd eerst een audit. “Hoe hoog is het jaarlijks verbruik en wanneer wordt het meest verbruikt: dat zijn twee belangrijke vragen”, legt Pollaris uit. “Die cijfers zullen we afzetten tegen de grootte van de installatie om zo het beste rendement te verkrijgen. Opgewekte stroom die je zelf verbruikt brengt tenslotte zes tot tien keer meer op dan energie die je weer op het net injecteert. Natuurlijk moeten we ook rekening houden met zaken die in de toekomst gaan veranderen. Is het bedrijf van plan om naar elektrische bedrijfswagens over te schakelen? Of om het bedrijfspand vol ledlampen te hangen? Of heeft de productie nieuwe machines op het oog? Dergelijke zaken moeten we weten om de installatie futureproof te maken.”
Naast de staat van het dak – dat stevig genoeg moet zijn om de panelen te kunnen dragen – is ook de staat van de bestaande elektriciteitsinstallatie belangrijk. “Zijn alle transformatoren nog in orde? Is er een eigen cabine? Zijn de verdeelborden nog deugdelijk? Meestal is dat wel zo, maar als dat niet zo is, zullen we dat zeker in orde maken. Dankzij de expertise van bedrijven zoals ATS en andere partners binnen de Luminus Groep, waar Insaver deel van uitmaakt, kan dat snel in orde worden gebracht”, aldus Pollaris. Als er over de installatie een akkoord wordt bereikt, is het aanstellen van een veiligheidscoördinator bij de werken het enige wat er nog moet gebeuren en het bedrijf kan gedurende jaren genieten van (quasi) gratis stroom.
Insaver is in 2012 ontstaan uit een oprechte interesse in de verbetering van de energiebesparing van gebouwen en werkt dagelijks aan het verkleinen van de ecologische voetafdruk van gezinnen en bedrijven. Het bedrijf is gespecialiseerd in zonnepanelen, batterijsystemen, dakrenovatie en isolatie en laadpunten. In 2017 trad Insaver toe tot de Luminus Groep. Insaver is actief in heel Vlaanderen en Brussel en stelt zo’n vijftig mensen tewerk. De hoofdzetel bevindt zich in het Limburgse HouthalenHelchteren. In totaal bediende Insaver al meer dan 7500 klanten.