
2 minute read
Het tweede leven van Kneppelhout
Lambert Kneppelhout is een gepensioneerde postbode. Zijn vrouw heeft hem verlaten voor een ander. Langzaam pakt de zestiger de draad weer op en zoekt hij zijn weg in de herfst van het leven.
La grande promesse
Advertisement
Achter het stuur van de vaalgrijze Renault van Marjolein Minnen rijdt Lambert Kneppelhout al uren over het asfalt. Naast hem ligt zijn anders zo beschaafde vriendin te snurken als een ver kouden zeekoe.
Vertederd kijkt de gepensioneerde postbode naar zijn lieve vriendin. Door haar heeft zijn leven weer kleur. Ze zijn op weg naar La grande promesse, een woonboerderij in Zuid-Frankrijk. Marjolein heeft het huisje met zes hec tare bouwgrond en weiland voor een prikkie gekocht van een verre neef. Ze wil er een sterk op het zenboeddhisme leunende macrobiologische, gluten- en vooroordeelvrije, zelfvoorzienende heilstaat stichten. Op de foto’s zag het uit natuursteen opgetrokken boerderijtje er geweldig uit. “We beginnen er ook een bed and breakfast”, had Marjolein gezegd. “In die streek brengen veel Hollanders hun vakan tie door, dus dat komt wel goed.”
Lambert overdenkt dat alles met zijn ogen op de autoroute gericht. Geïnspireerd door alle naamborden drijven zijn gedachten terug naar ruim zestig jaar geleden, toen hij mondeling examen Frans deed op de mulo. Twee non nen hadden hem vanonder hun kappen sissend met vragen bestookt die hij niet eens begreep. Gelukkig had hij het boekje Vacances en caravane uit het hoofd geleerd. Dat begon hij op te dreunen. Na enige minuten snoerden ze hem de mond. Op zijn eindlijst prijkte een 5,5. Sindsdien brandt hij jaarlijks op 14 juli een kaarsje voor de Heilige Bernadette. Desondanks is zijn Frans nog steeds belabberd.
Na een lange autorit rijden ze een hobbe lige oprit op. Lambert is gebroken, terwijl Marjolein fris als een hoentje uit de oude Renault springt. Ze rent naar de deur waaruit een man naar buiten stapt. “Ah, Marcel, qu’est-ce que tu m’as manqué!” roept ze kirrend terwijl ze haar armen om hem heen slaat. Na een paar minuten maakt ze zich los uit de omhelzing, draait haar hoofd naar Lambert en roept: “Als jij de koffers naar binnen brengt, drink ik vast een wijntje met Marcel.”
De volgende dagen brengt Lambert door met ploegen, maaien en zaaien. Een oud boertje leert hem omgaan met de vooroorlogse Bulgaarse tractor. Met handen en voeten legt het manneke uit hoe alles werkt. Lambert krijgt er na een paar dagen zowaar plezier in. De zon, de open velden, het gekwinkeleer van vogels in de strakblauwe lucht... de kaarsrechte voren achter de ploeg...
Lambert Kneppelhout, postbode met pensioen, ontdekt eindelijk wie hij diep van binnen is: een vrij man, een bewerker van Gods aarde.
Dat Marjolein de godganse dag met Marcel doorbrengt doet daar niets aan af. Lambertus Kneppelhout zingt luid mee met Johnny Hallyday: “Pour moi la vie va commencer...”