29e jaargang, nr. 12, december 1985, verschijnt 6 x per jaar
nederlands auschwitz c o m i t é
Secr E Furth, D i e m e r k a d e 4 3 , 1111 AC D i e m e n , tel 020-905310 b a n k r e k AMRO BANK, bijk v a n Baerlestr 58, 1071 BA A m s t e r d a m , s p a a r r e k 40 01 75 0 8 8 G e m giro 4 8 7 5 5 0 0 , p o s t g i r o 293087 t n v NAC Redaktie Drs Eva T a s , A m s t e l d i | k 23, tel 020-795716, 1074 HS A m sterdam A d m i n i s t r a t i e krant D v a n G e e n s , R e n k u m h o f 50, 1106 J B A m s t e r d a m (Zuid-Oost), tel 020-972869
s
Uit de woestijn 1985, we hebben het geweten, betekende veertig jaar, vier decennia na oorlog en bevrijding. Voor wie aan de vernietiging was ontkomen, zolang als de tocht door de woestijn. We hebben ook het jubileum van het driemaal zo lang, 120 jaar, het zolang als Mozes levende N.I.W. meegemaakt. Die periode overlapt deze en een derde van de vorige eeuw. Daarmee is het N.I.W. of Nieuw Israëlitisch Weekblad het oudste opinie-weekblad van Nederland, een tiental jaren ouder dan de ook eerbiedwaardige Groene (Amsterdammer). Tegen dc 200 jubileumpagina's geven een beeld van de voorouders en voorgeschiedenis van de ruim 100.000 die in 1942, '43 en '44 uit Nederland en van de aarde werden weggevaagd. Dagenlang kan men die krantenpagina's blijven lezen, heel wat langer erover nadenken. Een enkel punt hier en daar: het antisemitisme was in het keizerlijke en Weimar-Duitsland tot universiteit, kerk en rechterlijke macht doorgedrongen. Vijftien jaar na H i t Iers val was één op de vijf Bondsrechters in zijn dienst geweest. Vandaar! In een interview met Amsterdams burgemeester Ed. van Thijn wordt een passage aangehaald uit diens toespraak op de reünie van de Stichting 19401945 van 11 mei van dit jaar. 'Tot 1972 heb ik getracht mij af te sluiten voor alle emoties die met de oorlog te maken hadden. Lang niet altijd met succes, of liever gezegd vrijwel nooit met écht resultaat. Keer op keer werden, ook in de diverse politieke functies die ik na 1962 vervulde, mijn afweermechanismen op de proef gesteld. Aan affaires die met de oorlog te maken hadden heeft het ook in de jaren
zestig niet ontbroken, zoals bekend. Maar telkenmale slaagde ik erin opkomende emoties als niet ter zake doende van mij af te schudden. Begin 1972 heb ik die strijd definitief opgegeven. Het gebeurde tijdens de hoorzitting over de Drie van Breda, in de vergaderzaal van de Tweede Kamer. Het gebeurde toen op uiterst aangrijpende wijze; enkele kinderen van oorlogsslachtoffers (de tweede generatie, toen al), de gezamenlijke Joodse jeugdorganisaties vertegenwoordigend, probeerden uit te leggen dat voor hun ouders en voor hen de oorlog nog steeds niet voorbij is. En dat zij die overwogen de Drie vrij te laten er geen benul van hadden welke diepe wonden er zouden worden opengereten, al opengereten waren door de reeds opgelaaide discussie. 'Horen onze ouders, oorlogsslachtoffers, er eigenlijk wel bij?' vroegen zij in feite. Ik was verbijsterd. Moest die vraag 27 jaar na dc oorlog nog gesteld worden? Moest die vraag gesteld worden aan de volksvertegenwoordiging van Nederland? Aan mijn collega's? Aan mijzelf? In wat voor een wereld had ik al die tijd geleefd? Wie vertegenwoordigde ik eigenlijk? Wie? En vooral: hoorde ik er wel bij?" De voorzitter van de Uitkeringsraad, A.J. van der Leeuw, heeft het niet over de uitkeringen, maar over het hoge percentage Nederlandse Joden, het hoogste van West-Europa, dat ten offer viel aan de naziterreur. Hij schrijft dit toe aan het ontbreken van gunstige factoren. Zoals de uittocht in 1940 van veel Belgen naar Zuid-Frankrijk, waar veel Joden toen bleven, of de nabijheid van het neutrale Zweden voor Joden in Denemarken en Noorwegen.
Auschwitz Herdenking 1986 O p 26 januari 1986 vindt de 41ste Auschwitz-herdenking plaats. Zie de aankondiging op pagina 6. Vul de strook op pagina 6 nu in! NAC
Er rest ons één vraag. Was er op die honderd zoveel pagina's geen regel over voor het werk en wezen van het Nederlands Auschwitz Comité?
Wereldburger Behartenswaardige opmerkingen maken Vera Ebels-Dolanova en Anet Bleich in het debat over de tweede generatie. 'De invloed van de massavernietiging op het zoeken naar een passende plaats in de wereld van nu gaat ver, ook voor ons', schrijven zij. Zij wijzen op de noodzaak zich te weer te stellen tegen antisemitisme. 'Hitiers poging tot volkerenmoord heeft niet alleen de voornaamste centra van Joodse cultuur in Europa vernietigd, maar ook het geloof in de mogelijkheid om als Jood in de eerste plaats wereldburger te zijn als al te naïef ontmaskerd. . . . de poging tot genocide heeft het Joods nationaal bewustzijn wel beslissend beïnvloed. . . . Als er één element is dat ons persoonlijk aanspreekt in dc beleving van het Joods zijn, dan is het de afkeer om zich binnen welke grens ook te laten opsluiten.'