nederlands auschwitz comité
Secr.: E. Furth, Diemerkade 43, Diemen, tel. 020-905310 Bankrek.: AMRO Bank, bijk. Van Baerlestr., Amsterdam-Z. Gemeente Giro N 5500 N.A.C. Postgiro nr. 293087 Redaktie: E. Tas, Amsteldijk 23, Amsterdam-Z, tel. 795716 Administratie: telefoon 0 2 0 - 1 8 41 59
De zaak v. A., M. en L. Menten is gepakt. Tot in deze wintermaand toe is de zaak-Menten topnieuws geweest. Geen producer zou een plot durven bedenken, laat staan verfilmen, waar een minister zo een indrukwekkende reeks miskleunen uithaalt, waar journalisten en andere privé-personen de justitie moeten voortslepen. Hoe dan ook, de moordende multimiljonair zat. Dat hoe is er dan ook naar. Er was een daglange Kamerzitting (door minister van Agt op drie kwartier begroot) voor nodig. Bossen vol krantenartikelen, een etmaal t.v. zijn aan de zaak gewijd. Intussen is Loyen, een andere, iets minder fortuinlijke SS-er berecht. Er zijn getuigen die de bloeddorst van beiden bevestigen. De gelddorst van de oudste staat al vast. En zijn invloed, zijn ten eigen bate welbestede dorst naar macht. Onmogelijk zelfs in een dik ochtendblad een overzicht van de steeds hoger aanrollende stortvloed feiten te geven. Hier dan ook alleen maar heel enkele conclusies.
Falende berechting Een minderheidsgroep heten wij, als wij eens in een rubriek als 'meer over minder' worden gevraagd. En onder de cliënten van CRM staan wij te boek bij de slachtoffers van vervolging en verzet. Wij leven nog met de jaren '40-'45, elke dag, of er nu weer delen van een verzamelwerk over die jaren verschijnen of niet. Wij weten dat er processen worden gevoerd tegen enkele beulen. Onze lezers blijven vrij geregeld op de hoogte van berechting en al te vaak falende berechting van
nazi-misdadigers. Niet tot ons genoegen duiken op gezette tijden berechten en gestraften in ons land op: dat zijn de drie die zoveel barmhartigheid nodig hebben. De heer Wilms heeft na ruim dertig jaar zowaar nu berouw gewekt. Thans heeft de Hoge Raad nog een verzoekschrift namens Kotalla te behandelen. Barmhartigheid en vergetelheid heersen er al genoeg. Hoeveel Oostfrontstrijders en profiteurs leven er ongestraft onder ons? Hoevelen hebben zomin een politiebureau als een achterpagina gehaald? Hoevelen kunnen bij de tv-beelden uit München of Mannheim hun eigen wapenfeiten bij de Waffen-SS gedenken? Hoeveel verraders van b.v. duizenden ondergedoken en vermoorde joden zijn ooit gepakt? Dit zijn enkele gedachten die bij menigeen in de afgelopen weken of maanden wel zijn opgekomen. Nogmaals, geen film had ons het kunnen voorzetten: de kunstkoperSS-slachter wiens dossier al een kwart eeuw in een regeringsla ligt en die nu — hoopte men — wordt uitgeleverd. Bewijzen, tot de botten van de slachtoffers toe zijn gevonden in de SowjetUnie. Menten blijft zichzelf gelijk: 'rotjood!' riep hij bij zijn arrestatie de journalist Knoop toe. En zijn meer berooide SS-collega die laat uitzoeken of de Nederlandse rechter wel bevoegd is. Ook diens dossier lag allang in een la. Tegelijk wordt een zogezegd plaatselijke misdadiger, Philippa, die zich 29 jaar aan de justitie heeft weten te onttrekken en tot vier jaar was veroordeeld nu al bevoorrecht in het vooruitzicht van nog voortijdiger vrijlating. Het is geen film en geen colportageroman: wij maken het reëel mee.
Misdaad mag niet voortduren Het wil zeggen, alweer en opnieuw, dat de tragedie van de tweede wereldoorlog nog allerminst is afgewikkeld. Niet omdat wij, de slachtoffers, het nooit kunnen vergeten — en hoe zouden wij. De misdaad waarvan wij overlevenden en getuigen zijn is niet afgehandeld. Ook niet, wij zien dat duidelijker dan ooit, ook niet in Nederland. Het verleden is niet overwonnen. Dit onverwerkte verleden krijgen wij in deze dagen op onze boterham. Wij, dat is heel Nederland, ons handjevol daarbij inbegrepen uiteraard. Er zijn op beeldschermen en papier weer krokodillentranen gehuild; door het uitzoeken van de zaak-Menten en vooral door een rechtzaak worden weer oude wonden opengereten. Vragen de huilers zich wel eens af wat niet of half berechten, vrijspreken, vrijlaten of laten ontsnappen van de beulen de mensen aandoet die eens hun prooi waren? Ook onder ons zijn veel mensen die nooit kunnen spreken over wat zij hebben gezien en ondergaan. Precies zo is het gesteld met de getuigen inzake Loyen en Menten. Toch komen zij. Zij vliegen naar de gerechtshoven, zij staan rechter-commissarissen en journalisten te woord. Zij doen dat om henzelf, om hun lotgenoten. Zij doen het om de doden, die nooit meer zullen spreken. Zij doen als wij. Ook wij verlangen dat de schuldigen worden gegrepen, dat er recht wordt gedaan, omdat wij nog voelen en weten wat er misdreven is. Wij doen dat ook om ons en de anderen, om onze ouders, familie cn vrienden die vermoord zijn. Wij doen het bovenal om onze kinderen, alle kinderen. Zonder recht duurt misdaad voort en weegt leed nog zwaarder. Dat is de zaak v. A., M. en L.