IM
VO E I T AMBI
voorontwerp t e h n a v g in Samenvatt te Limburg im u R n la p s Beleid
O
R
L
BU
RG
Woord vooraf Onze provincie is ruim 340.000 voetbalvelden (242.000 hectare) groot. Dat lijkt best veel, maar het is minder ruim dan je zou denken. We moeten die oppervlakte verdelen tussen ruimte om te wonen, te werken, te ontspannen en te leven. Er zijn gronden nodig voor onze voedselproductie en uiteraard willen we ook zoveel mogelijk uitgestrekte natuur en bossen. Die vormen immers een basisvereiste voor de leefbaarheid. Bedrijven zorgen voor innovatie, welvaart en werkgelegenheid. Ze zoeken naar ruimte om te moderniseren en te groeien. Tegelijk moet er ruimte zijn om de woonkwaliteit en uitrustingsgraad van onze kleinere steden en dorpen te verbeteren in functie van de aantrekkelijkheid, de beleef- en leefbaarheid. Voorts zoeken we het laatste decennium extra ruimte voor de inplanting van duurzame energieprojecten zoals windmolens en zonnepaneelparken.
Ook de vereisten voor onze ruimtes veranderen continu. De afgelopen jaren worden we sterk geconfronteerd met de directe gevolgen van de klimaatverandering. Er zijn langere, hetere periodes met droogte tot gevolg. Ze worden afgewisseld met nattere periodes, hevige buien en overstromingen. Het is duidelijk dat de komende jaren extra maatregelen nodig zijn om de gevolgen van de klimaatwijziging op te vangen waarbij ruimte voor water cruciaal wordt, zowel voor waters- als waternood. De gevolgen van de pandemie zijn op ruimtelijk vlak dan weer eerder paradoxaal: enerzijds zochten we voor onze staycation de mooiste, meest ongerepte plekjes en wilden we in onze directe omgeving extra natuur en open ruimte. Anderzijds kwamen velen tot de conclusie dat het eigen appartement of de eigen woning best iets ruimer mocht zijn, met meer private binnen- of buitenruimte. Niet voor niets lijkt een woning op het platteland vandaag weer aan aantrekkelijkheid te winnen.
Het is duidelijk, beste Limburger, dat we veel van onze ruimte vragen terwijl onze ruimtelijke mogelijkheden begrensd zijn. Een plek waar we vandaag met meer dan 880.000 Limburgers samenwonen, heeft dan ook nood aan duidelijke regels en een beheersbare structuur. Een ruimtelijk beleid vergt een continue afweging van, en verzoening tussen, verschillende en vaak tegenstrijdige belangen. De afgelopen decennia werd onze ruimtelijke ontwikkeling vooral gestuurd door structuurplannen. Om flexibeler en beter in te spelen op belangrijke ruimtelijke uitdagingen, schakelen we nu over naar beleidsplannen. We duiden daarbij onze concrete prioriteiten aan.
waardoor onze landbouwers, fauna en flora zekerheid krijgen. En we versterken de ruimte voor wateropvang en waterinfiltratie. Beste Limburger, we hebben er alle belang bij om de komende jaren een krachtdadig ruimtelijk beleid te voeren en moed aan de dag te leggen. Alleen door duidelijke keuzes te maken, kunnen we tegelijk de dynamiek, de kwaliteit en het niveau van onze Limburgse stedelijkheid verhogen en onze streekidentiteit - met onze typische landschappen en de resterende open ruimte - vrijwaren en versterken. Onze ruimtelijk regionale eigenheid bepaalt in grote mate de identiteit, de aantrekkelijkheid en het onderscheidend vermogen van onze provincie als leefomgeving, investeringsgebied en vakantiebestemming.
IM
Het is onze gezamenlijke verantwoordelijkheid om zorg te dragen voor deze sterkste Limburgse troef, hem te versterken en uit te spelen.
AMBITIE
VO
O
R
BU
RG
L
Onder de koepel Ruimtepact 2040 werkt de provincie een beleidsvisie uit met doelstellingen en concrete acties. We kiezen voor een ruimteshift en zijn ambitieus: slecht gelegen gronden die vandaag ontwikkelbaar zijn, ruilen we om voor ontwikkelingskansen op goede locaties. We duiden (groei)grenzen aan voor onze woonkernen en geven in ruil kansen aan kernversterkende ontwikkelingen, maar alleen op voorwaarde dat ze ook de ruimtelijke kwaliteit en (be)leefbaarheid verbeteren. De bebouwing in onze open ruimte roepen we een halt toe
Inge Moors gedeputeerde van ruimtelijke ordening en wonen
Welkom in 2040
Met het Beleidsplan Ruimte Limburg sluit de provincie een ruimtepact met alle Limburgers. De essentie: we willen de open ruimte maximaal vrijwaren en de beschikbare ruimte in onze provincie beter benutten, met een goed evenwicht tussen kwaliteitsvol wonen en ondernemen. Zo kunnen we meer leefkwaliteit en welvaart creëren. Die ambitie sluit aan bij de strategische visie van het Beleidsplan Ruimte Vlaanderen. Het Ruimtepact richt zich op 2040. Ook dan is Limburg nog steeds een aantrekkelijke, dynamische regio met karaktervolle steden en dorpen en een kwalitatieve open ruimte met diverse landschappen. De economie is lokaal en internationaal, competitief en duurzaam. Ontwikkeling en hergebruik binnen het bestaande ruimtebeslag is het nieuwe normaal. Nieuwe ontwikkelingen verhogen de klimaatrobuustheid. Een goed evenwicht tussen kwaliteitsvol kernversterkend wonen, duurzaam ondernemen en bescherming van de open ruimte leidt tot meer leefkwaliteit en welvaart. Limburg is in 2040 een internationaal georiënteerde en geconnecteerde provincie binnen de Euregio Maas-Rijn en tussen de Vlaamse Ruit, de Randstad, het Ruhrgebied en de Luikse regio, met een goede ontsluiting via auto-, water-, spoor- en fietswegen over de provinciegrens heen. Samenwerkingsverbanden rond ruimtelijke structuren, gebieden en projecten versterken Limburg binnen een ruimere regio.
NIEUWE UITDAGINGEN
BOVENLOKALE DIMENSIE
Hoe leggen we vandaag de fundamenten voor dat toekomstbeeld? Dat legt de provincie vast in een aantal strategische doelstellingen, met de bijbehorende acties. Het nieuwe Ruimtepact vervangt het Ruimtelijk Structuurplan Limburg, dat intussen bijna twintig jaar dienst heeft gedaan. Het Ruimtepact 2040 bouwt er uiteraard op voort maar legt ook nieuwe accenten, omdat ook de uitdagingen sinds het begin van de eeuw zijn geëvolueerd.
Het is duidelijk dat dergelijke uitdagingen de gemeentegrenzen overschrijden. De Vlaamse overheid staat soms te ver af van de plaatselijke realiteit. Als schakel tussen Vlaanderen en de gemeenten is de provincie goed geplaatst om ruimtelijke doelstellingen mee te realiseren en ze door te vertalen naar Limburg. De provincie focust op de bovenlokale uitdagingen en engageert zich om de ruimtelijke ontwikkeling op een gebiedsgerichte, geïntegreerde wijze aan te pakken.
Om te beginnen zijn de woonbehoeften anders omdat ook de samenstelling van de bevolking verandert. De open ruimte staat onder druk, terwijl de natuur-, bos- en landbouwgebieden essentieel zijn voor onze voedselproductie, biodiversiteit, luchtzuivering, wateropvang, houtvoorraad, ontspanning in het groen en de strijd tegen de klimaatverandering. Een snel evoluerende en internationaliserende economie vraagt een passende aanpak. En ook de mobiliteit evolueert op het vlak van bereikbaarheid, ontsluiting en verduurzaming. Al die uitdagingen hebben hun impact op het ruimtegebruik.
Met andere woorden: het Ruimtepact 2040 is niet alleen een actieplan voor het ruimtelijk beleid van het provinciebestuur, maar ook een richtinggevend referentiekader voor de gemeenten, de Vlaamse overheid en alle andere actoren die mee de Limburgse ruimte vorm geven.
FOCUS OP SAMENWERKING Het Ruimtepact respecteert uiteraard de gemeentelijke autonomie. Sterker nog: beleidsplanning gaat resoluut uit van een samenwerking tussen de verschillende overheden. Dat is een duidelijk verschil met structuurplanning, dat een meer hiërarchische aanpak had. Binnen de ruimtelijke beleidsplanning krijgt ieder niveau de kans en de verantwoordelijkheid om een beleid op maat uit te werken met eigen accenten en strategische keuzes.
van de toekomst waar te maken. Het is ook een oproep tot samenwerking, om te blijven werken aan Limburg als sterke regio waar het goed is om te leven. Samen staan we sterker om kansen te creëren en te benutten.
FONDS Om het gewenste ruimtelijk beleid waar te maken, moet elk beleidsniveau de nodige financiële middelen inzetten. De provincie voorziet hiervoor een fonds. Ook de Vlaamse Overheid zal hier haar cruciale rol en verantwoordelijkheid moeten opnemen.
Partnerschappen die elkaar versterken zijn het uitgangspunt. Het Ruimtepact 2040 is een uitgestoken hand naar de Limburgse gemeenten om samen met de provincie het ruimtelijk beleid
TERMINOLOGIE Met ruimtebeslag bedoelen we de ruimte die wordt ingenomen door onze nederzettingen: huisvesting, industriële en commerciële doeleinden, transportinfrastructuur, recreatieve doeleinden, serres, enzovoort. Parken en tuinen maken er ook deel van uit. De open ruimte is het hoofdzakelijk niet-bebouwde landschap: het geheel van grote aaneengesloten natuur-, landbouw- en bosgebieden met daartussen verbindingen, zoals rivier- en beekvalleien, kleinere natuur- en landbouwgebieden, kleine landschapselementen brongebiedjes en overstromingszones.
Fase: voorontwerp
Na heel wat overleg en voorbereidend onderzoek, is er nu een voorontwerp van beleidsplan klaar. Dat tekent de eerste krijtlijnen uit voor het ruimtelijk beleid van de provincie. Voor het plan definitief wordt, zijn er nog een aantal stappen te nemen.
• Najaar 2021: De provincie gaat in overleg met onder meer de gemeenten en de Vlaamse overheid over het voorontwerp. • Eerste helft 2022: Het ontwerp van beleidsplan wordt voorgelegd aan de provincieraad. • Najaar 2022: Start van het openbaar onderzoek over het ontwerp met inspraak en participatie van de brede bevolking. • Midden 2023: De provincieraad buigt zich over de goedkeuring van het nieuwe Ruimtepact 2040. Het nieuwe plan is klaar en vervangt het Ruimtelijk Structuurplan Limburg. Een parallel plan-milieu-effectonderzoek (plan-MER) onderzoekt ook nog de mogelijke milieu-impact van het beleidsplan.
Open ruimte versus ruimtebeslag percentage t.o.v. totale oppervlakte
open ruimte
Limburg
ruimtebeslag
69,8
30,2
66,9
33,0
Vlaams Gewest
0
20
40
60
80
100
Categorieën van ruimtebeslag percentage t.o.v. totale oppervlakte
Bebouwde oppervlakte percentage t.o.v. totale oppervlakte
Limburg
5,8
11,2
5,5
5,4
3,7 3,1 2,3 1,9
5,0 4,6
Vlaams Gewest 12,8 0
4
8
6,0 12
16
4,2
3,6 3,4 2,6 2,1 20
24
28
3,8 32
36
huizen en tuinen diensten transportinfrastructuur landbouwgebouwen overige onbebouwde terreinen en -infrastructuur overige bebouwde terreinen commerciële doeleinden industriële doeleinden groeves recreatieve doeleinden luchthavens
3,4
2014
2015
Limburg
2016
2017
2018
2019
2020
Vlaams Gewest Bron: provincies.incijfers.be
7 strategische doelstellingen, 3 beleidskaders
Het Ruimtepact 2040 schetst een perspectief voor de toekomst van Limburg. Die ruimtelijke visie wordt uitgewerkt in zeven strategische doelstellingen. Om de doelstellingen waar te maken, legt het plan operationele doelstellingen en acties vast. De provincie gaat voor thema’s en acties waar ze het verschil maakt. Voor de thema’s wonen, economie en open ruimte worden die doelstellingen en acties verder uitgewerkt in uitgebreidere beleidskaders.
Steden en dorpen gericht versterken
Beleidskader Wonen in stads- en dorpskernen
Competitief en duurzaam ondernemen faciliteren op de juiste plaatsen
Beleidskader Economische Ruimte
Het open ruimtesysteem versterken
Beleidskader Open Ruimteschakels
De ruimtelijke regionale eigenheid valoriseren Duurzame energie integreren in het ruimtelijk beleid Ruimtelijke ontwikkelingen en mobiliteit op elkaar afstemmen Meer ruimte geven aan de fietser
Strategische doelstelling
Steden en dorpen gericht versterken AMBITIE: • Meer stedelijke beleving
Perspectief 2040
• Vitalere dorpskernen • Minder ruimtelijke versnippering
Het blijft aangenaam wonen in Limburg, met levendige steden en vitale dorpskernen. Het voorzieningenniveau en de bereikbaarheid zijn in balans met de eigenheid van de kern. De open ruimte is overal dichtbij. De verweving tussen stad, dorp en landschap zorgt voor een uitgesproken woon- en leefkwaliteit die ons onderscheidt van andere regio’s. Het is goed wonen in Limburg, maar onze woonbehoeften nemen wel steeds meer ruimte in. Door de historische lintbebouwing is de ruimte versnipperd geraakt en die trend blijft zich doorzetten. Dat is jammer voor de open ruimte die langzaam dichtslibt, maar ook voor de vitaliteit van stadsen dorpskernen zelf. Uit onderzoek blijkt dat 57% van de kernen beperkt tot slecht uitgerust is, terwijl een minimum aan voorzieningen in zorg, onderwijs, sport, recreatie en winkels toch noodzakelijk is voor een goede woonkwaliteit. Ruimtelijke versnippering neemt de dynamiek van steden en dorpen weg, tast leefgebieden voor fauna en flora aan, vermindert de ruimte voor landbouw en zorgt voor meer autoverplaatsingen en CO2-uitstoot.
Kernversterking Als we de woonkwaliteit willen verbeteren, moeten we keuzes maken. De provincie wil de bestaande stads- en dorpskernen doordacht versterken op maat van de Limburgse eigenheid. Goede locatiekeuzes voor nieuwe ontwikkelingen versterken de regio’s en de provincie als geheel. Aangename steden
waar veel te beleven is, verbeteren de positie van Limburg ten opzichte van de omliggende regio’s. Ze zijn aantrekkingspolen om talentvolle jongeren te doen kiezen voor Limburg. De concentratie en ruimtelijke nabijheid van mensen, voorzieningen en werklocaties komt ook de dynamiek en leefbaarheid van dorpskernen ten goede. Alleen al voor een performant openbaar vervoer is het goed dat de bewoning wordt geconcentreerd in stadsen dorpskernen. Doordat de ruimte minder versnipperd is, blijft ook het vele groen in onze provincie bewaard.
Bovenlokale aanpak De ruimtelijke invloed van wonen stopt niet bij de gemeentegrenzen. Keuzes in de ene gemeente beïnvloeden de andere. Vanuit een overkoepelende visie ondersteunt de provincie de gemeenten om de omgevingskwaliteit, het voorzieningenniveau, de leefbaarheid en de bereikbaarheid te verbeteren. Ze doet dat onder meer door de woonbehoeften te analyseren op het niveau van regionale woningmarkten.
Beleidskader Wonen in stadsen dorpskernen Het beleidskader Wonen in stads- en dorpskernen brengt de strategische doelstelling voor gerichte kernversterking in de praktijk. Het beleidskader wil steden en dorpen duurzaam, kwalitatief en op maat versterken door een strategisch locatie- en kernenbeleid.
Woningmarkten Wie de verhuisbewegingen en woonbehoeften louter per gemeente bekijkt, mist het grotere plaatje. Daarom werkt de provincie met het concept van de regionale woningmarkt. Een woningmarkt is een gebied waarin mensen naar een nieuwe woning zoeken. Wie bijvoorbeeld in Noord-Limburg woont, zal eerder daar op zoek gaan naar een woning dan in Zuidoost-Limburg. Binnen elke woningmarkt is er een zekere verwevenheid en eigen dynamiek. Er zijn 10 woningmarkten in Limburg.
Woonkernen In totaal heeft de provincie Limburg 281 woonkernen – wat dus veel meer is dan de 42 Limburgse gemeenten. Binnen elke woningmarkt duidt de provincie een aantal kernen aan waar ze wonen en werken wil aanmoedigen. Het gaat dan om kernen die al goede voorzieningen hebben of het potentieel hebben om die voorzieningen te ontwikkelen.
Bovenlokale kernen overstijgen het lokale
niveau en hebben een stedelijke of strategische positie. Woonontwikkelingen moeten vooral plaatsvinden in die centra en de kernen die erbij aansluiten. Naast het regionaalstedelijk gebied Hasselt-Genk zijn er bij de
bovenlokale kernen ook ondersteunende regionaalstedelijke kernen, provinciaalstedelijke kernen en strategische kernen op woningmarktniveau, elk met hun eigen typering en mogelijkheden. De bovenlokale kernen vangen minstens 65% van de groeibehoefte van de woningmarkt op.
Lokale kernen zijn kernen op gemeentelijk
niveau. Ook hier varieert het uitrustingsniveau: hoofdkernen zijn het best uitgerust. Specifieke kernen hebben een goed voorzieningenniveau, duurzame bereikbaarheid en werkgelegenheid. Andere kernen hebben die voorzieningen soms nog niet maar hebben potenties om ze te ontwikkelen. De andere kernen worden beschouwd als lokale woonkernen.
WEST-LIMBURG
NOORD-LIMBURG
MIDDEN-LIMBURG OOST
OMGEVING . juni 2021 . 20110_PL_kerntypering
NOORDOOST-LIMBURG
OOST-LIMBURG
WEST-LIMBURG
ZU
MIDDEN-LIMBURG WEST
ZUIDWEST-LIMBURG
MIDDEN-LIMBURG OOST
OOST-LIMBURG MIDDEN-LIMBURG WEST
NOORDWEST-LIMBURG
ZUIDOOST-LIMBURG
kaart 1 kerntyperi
NOORD-LIMBURG
ZUIDWEST-LIMBURG
Bovenlokaal
NOORDOOST-LIMBURG
VOEREN
WEST-LIMBURG
ZUIDOOST-LIMBURG
MIDDEN-LIMBURG OOST
regionaal stedelijke kern
ho
ondersteunende regionaal stedelijke kern
sp
provinciaal stedelijke kern
sp (m w
OOST-LIMBURG
ZUIDWEST-LIMBURG MIDDEN-LIMBURG WEST
VOEREN
strategische kaart 1 kerntypering
ZUIDWEST-LIMBURG
Bovenlokaal
regionaal stedelijke kern
kern op woningmarktniveau
Bovenlokaal
Lokaal
regionaal stedelijke kern
hoofdkern
provinciegrens
kaart 1 kerntypering ondersteunende regionaal stedelijke kern
specifieke kern
afbakening woningmar
provinciaal stedelijkeLokaal kern
specifieke kern (met randvoorwaarden) provinciegrens woonkern
gemeentegrens
ZUIDOOST-LIMBURG
VOEREN
hoofdkern strategische kern op woningmarktniveau
0
ondersteunende regionaal stedelijke kern
specifieke kern
afbakening woningmarkt
provinciaal stedelijke kern
specifieke kern (met randvoorwaarden) woonkern
gemeentegrens
kaart 1 kerntypering
Bovenlokaal
Lo
strategische kern op woningmarktniveau Lokaal
0
regionaalkwalitatief stedelijke kern Kernen versterkenhoofdkern en openondersteunende ruimte vrijwaren regionaal stedelijke kern specifieke kern
5
10
15 km
provinciegrens afbakening woningmarkt
provinciaal stedelijke kern specifieke kern De provincie wil de ruimtelijke ontwikkelingen (met randvoorwaarden) strategische kern op woningmarktniveau woonkern maximaal begeleiden naar de goed bereikbare en uitgeruste kernen met respect voor de gemeentelijke autonomie, want de lokale besturen hebben hier een belangrijke rol. Het principe is steeds hetzelfde. Op basis van onder meer de demografische evoluties bekijkt de provincie hoe groot de woonbehoefte in de woningmarkt is en verdeelt het merendeel van de huishoudens over de beter uitgeruste kernen. Zo wordt voor elke gemeente een theoretisch totaal aantal bijkomende woningen berekend en voorgesteld. Die doorrekening wordt jaarlijks geactualiseerd.
0
5
gemeentegrens In gemeenten waar alleen beperkt uitgeruste kernen aanwezig zijn, stelt de provincie voor om minstens één kern te ondersteunen, zodat de omgeving toch over een zeker voorzieningenaanbod kan beschikken. Slecht bereikbare of slecht uitgeruste kernen verder laten uitbreiden, is ruimtelijk niet gewenst. 10
15 km
Ook buiten de kernen zijn woninggroepen aanwezig in linten, kleine gehuchten en geïsoleerde groepjes. Daar worden de woonontwikkelingen ontmoedigd.
5
10
15 km
Nog veel woonreserve Rekening houdend met de bevolkingsgroei en andere parameters wordt de totale Limburgse woonbehoefte tot 2030 begroot op 26.484 bijkomende woningen. Die behoefte kan theoretisch perfect worden opgevangen binnen de huidige zones die als woongebied zijn ingekleurd. Uit het register van onbebouwde percelen blijkt dat er nog 9.115 hectare beschikbaar aanbod aan bouwgrond is.
Om de stedelijkheid in Limburg en de provincie als geheel te versterken, voorziet de provincie een bijkomende strategische woonreserve van 10% boven op de prognoses. Die woonreserve zal worden ingezet voor ruimtelijke kwaliteitsverhogende projecten van de woon- en leefomgeving in de kernen.
ACTIES
Samenwerken met gemeenten Om nieuwe woonontwikkelingen te sturen, de woon- en omgevingskwaliteit te verhogen en bovenlokale kernen te versterken, zet de provincie onder meer stedenbouwkundige verordeningen en ruimtelijke uitvoeringsplannen in. De provincie volgt de woonbehoefte op en actualiseert jaarlijks de verdeling ervan over de regionale woningmarkten en de gemeenten.
Naar meer woonkwaliteit
De focus van dit beleidskader ligt op een kwalitatieve woonomgeving. Naast kernversterking neemt de provincie ook andere maatregelen om de woonkwaliteit in Limburg te verhogen. We bereiden onder meer een voorbeeldverordening Woonkwaliteit voor en bouwen een expertisecentrum Wonen en Ruimte uit dat de gemeenten kan ondersteunen met goede praktijken en beleidsinstrumenten.
Het is duidelijk dat het ruimtelijk woonbeleid alleen een succes kan worden in samenwerking met Vlaanderen en de gemeenten. Voor de lokale kernen zijn in de eerste plaats de gemeenten zelf aan zet. De provincie bepaalt het type kern en stelt een eerste ruwe afbakening voor, maar het zijn de lokale besturen die de kern concreet afbakenen en instaan voor de verdeling van het woningobjectief (rekening houdend met het kerntype). Zij staan er ook voor in dat de ruimtelijke ontwikkeling op hun grondgebied maximaal aansluit bij die kerntypering.
Strategische doelstelling
Competitief en duurzaam ondernemen faciliteren op de juiste plaatsen AMBITIE: • Duurzame economische groei
Perspectief 2040
• Een aantrekkelijk vestigingsklimaat • Betere bereikbaarheid • Meer rechtszekerheid • Minder ruimtelijke versnippering
De Limburgse economie is gedifferentieerd, competitief en duurzaam. Limburg heeft een aantrekkelijk vestigingsklimaat voor innovatief, lokaal en internationaal ondernemerschap. Het ruimtegebruik is geoptimaliseerd door een economische ruimteshift. Er zijn voldoende ruimtelijke mogelijkheden voor ondernemers op goed bereikbare werklocaties of in verweving met andere activiteiten in de stads- en dorpskernen. Wil Limburg economisch groeien, dan moet ze voldoende ruimte bieden aan de economie. De provincie stimuleert gedifferentieerde economische groei op goed bereikbare en ruimtelijk kwalitatieve locaties, of in verweving met andere activiteiten in de kernen.
verschuiven waar nodig het aanbod aan gronden voor bedrijventerreinen zonder dat het totale aanbod wijzigt. Limburg doet dus meer voor de economie met minder ruimte, op de juiste plaats in de provincie. Dat komt ook de open ruimte ten goede.
Minder versnippering
Selectie
Ook hier kiest de provincie voor minder versnippering. Voor bedrijventerreinen, de landbouwsector en de vrijetijdseconomie organiseert ze een ruimteshift. Plaatsen die ideaal zijn voor economische bedrijvigheid worden versterkt en uitgebreid, op andere plaatsen wordt uitbreiding ontmoedigd. We
Zowel voor bedrijventerreinen, vrijetijdseconomie als de landbouw heeft de provincie een weloverwogen selectie gemaakt van de economische dragers die ze wil versterken. De criteria daarvoor zijn in de eerste plaats het bovenlokale belang en de impact die de provincie zelf kan realiseren.
Beleidskader Economische Ruimte
Het beleidskader Economische Ruimte brengt de strategische doelstelling voor competitief en duurzaam ondernemen en de bijbehorende ruimteshift in de praktijk. Dat gebeurt in samenwerking met andere overheden en actoren die samen de regionale economische strategie uittekenen.
BEDRIJVEN De selectie van economische dragers in het Ruimtepact 2040, ligt voor de hand. Het zijn de economische elementen die vandaag al belangrijk zijn, maar ook aanknopingspunten vormen voor nieuwe strategische ontwikkelingen. De provincie selecteert de volgende elementen.
Stedelijke gebieden De stedelijke gebieden zijn economisch belangrijk omdat ze diverse economische activiteiten clusteren en verbindingen met het ommeland maken via de vervoersinfrastructuren. 70% van alle bedrijfsactiviteiten bevindt zich in het woonweefsel. De stedelijke gebieden en grotere dorpskernen blijven daarom erg belangrijk in de economische structuur. De verweving als woon-werkmilieu is een sterke troef.
Regionale bedrijventerreinen Hier willen we vooral de goed gelegen en ontsloten bedrijventerreinen ondersteunen en intensiveren.
Incubatoren en bedrijfscampussen In Limburg is een netwerk van incubatoren ontwikkeld om nieuwe economische campussen uit te bouwen: Bikeville, Greenville, Corda INCubator, IncubaThor en C-mine Crib, Bioville, Agropolis en Droneport. De innovatieve startups vergroten de economische kracht van de provincie en de internationale positionering. Ze zijn bovendien een aantrekkingspool voor talentvolle jongeren.
Economisch Netwerk Albertkanaal (ENA) Het Economisch Netwerk Albertkanaal doorkruist Limburg en loopt verder tot in Antwerpen en Luik. De chemische en logistieke bedrijvigheid in West-Limburg en de logistieke poort Genk zijn zwaartepunten. Ze zet Limburg internationaal op de kaart door de overslagmogelijkheden en de concentratie aan bedrijventerreinen.
HASSELT
PELT
OMGEVING . augustus 2021 . 20110_PL_strategische visie
LEOPOLDSBURG BREE
SINT-TRUIDEN BERINGEN
TO
Cluster Lommel-Pelt
Innovatieregio Hasselt-Genk
In het noorden van Limburg ligt een grensoverschrijdende, economische cluster rond Lommel-Pelt.
De concentratie van incubatoren en innovatieve bedrijven in en rond Hasselt en Genk maken van dit gebied een innovatieregio.
LOMMEL
OMGEVING . augustus 2021 . 20110_PL_strategische visie
GENK
MAASMECHEL
HASSELT
PELT
LEOPOLDSBURG
BILZEN
MAASEIK
kaart 4 Bepalende elementen voor een du
BREE
Economische dragers
Toeristisch-recreatieve dragers
SINT-TRUIDEN BERINGEN
stedelijke gebieden TONGEREN
LOMMEL
specifiek vrijetijdsdom van provinciaal nivea
andere provinciale do logistieke Poort Genk GENK
PELT
toeristisch fietsrouten regionale bedrijventerreinen
MAASMECHELEN
Strategische landbouwgebieden
strategische landbou gebieden
HASSELT
incubatoren en bedrijfsLEOPOLDSBURG
campussen
MAASEIK BREE BILZEN
Te schrappen terreinen
te schrappen bedrijve
ruimtelijk-economisch systeem
te schrappen kaart 4 Bepalende elementen voor een duurzame economische ontwikkelingrecreatie BERINGEN SINT-TRUIDEN
Economische dragers
Toeristisch-recreatieve dragers
stedelijke gebieden TONGEREN
GENK
regionale bedrijventerreinen
HASSELT
incubatoren en bedrijfscampussen
BILZEN
goederen
Te schrappen terreinen te schrappen bedrijventerrein
Toeristisch-recreatieve dragers
te schrappen recreatiegebied
Vervoersinfrastructuren
specifiek vrijetijdsdomein van provinciaal niveau andere provinciale domeinen
autosnelwegen
toeristisch fietsroutenetwerk
goederenspoorlijn
provinciegrens
kanaal
logistieke Poort Genk regionale bedrijventerreinen
Strategische landbouwgebieden strategische landbouw
incubatoren en bedrijfscampussen
Ruimteshift
gebieden
bovenlokale wegen 0
5
10
15 km
Te schrappen terreinen te schrappen bedrijventerrein
bestemming. In totaal wil de provincie 466 te schrappen recreatiegebied Economische dragers Toeristisch-recreatieve dragers Vervoersinfrastructuren hectare slecht gelegen en moeilijk ontwikkelbare Vandaag is er in Limburg een aanbod van stedelijke gebieden specifiek vrijetijdsdomein autosnelwegen provinciegrens bedrijventerreinen schrappen. De omvang van van provinciaal niveau 11.500 hectare bedrijventerreinen. Ongeveer andere provinciale domeinen kanaal het huidige aanbod aan bedrijventerreinen blijft logistieke Poort Genk daarvan is niet ingevuld. Het 3.300 hectare toeristisch fietsroutenetwerk goederenspoorlijn dus behouden, maar wordt efficiënter benut of overgrote deel is Strategische reservegrond of kan niet regionale bedrijventerlandbouwgebieden planologisch geruild. reinen bovenlokale wegen worden gebruikt door structurele procedurele strategische of landbouw 0 5 10 15 km incubatoren en bedrijfsgebieden knelpunten, of eigendomsbeperkingen. campussen Te schrappen terreinen Voorts wil de provincie zoveel mogelijk niette schrappen bedrijventerrein ruimtelijk-economisch belastende bedrijven verweven in stads- en Desysteem provincie wil het aanbod van recreatiegebied te schrappen dorpscentra, zodat vooral belastende activiteiten bedrijventerreinen optimaliseren. Goed gelegen op de industrieterreinen hun plaats vinden. en ontsloten bedrijventerreinen worden waar De provincie wil tegen 2040 het Limburgse mogelijk versterkt door de bestaande ruimte verwevingspercentage opdrijven van 70% naar efficiënter te benutten via meer verdichting het Vlaamse gemiddelde van 75%. en verweving. In ruil daarvoor krijgen de bedrijventerreinen die niet of nauwelijks (kunnen) worden gebruikt, een andere ruimtelijk-economisch kaart 4 Bepalende elementen voor een duurzame economische ontwikkeling systeem
kanaal
bovenlok
strategische landbouw gebieden
kaart 4 Bepalende elementen voor een duurzame economische ontwikkeling
stedelijke gebieden
toeristisch fietsroutenetwerk Strategische landbouwgebieden
ruimtelijk-economisch systeem
Economische dragers TONGEREN
autosnel
logistieke Poort Genk
MAASMECHELEN
SINT-TRUIDEN
Vervoersinfras
specifiek vrijetijdsdomein van provinciaal niveau andere provinciale domeinen
0
ACTIES
Instrumenten Om economische verweving en kernversterking te stimuleren, plant de provincie een aantal inspiratie- en begeleidingstrajecten. Bedrijventerreinen zullen worden gescreend op hun mogelijkheden tot meer ruimtelijk rendement en duurzaamheid. Om de ruimteshift in de praktijk te brengen, worden provinciale ruimtelijke uitvoeringsplannen opgemaakt. De studie Rubelim, (Ruimte voor bedrijventerreinen in Limburg) zal worden geactualiseerd om nieuwe strategische plaatsen te identificeren voor economische bedrijvigheid.
Duurzaam is beter De mogelijkheid tot duurzame mobiliteit speelt een grote rol in de locatiekeuze voor bedrijvigheid. Het is altijd beter als medewerkers met de fiets of het openbaar vervoer naar hun werk kunnen komen. Voor veel bedrijven kan het vrachtvervoer over het water of met de trein een milieuvriendelijk alternatief zijn. De provincie wil ook een omslag bewerkstelligen naar een milieuvriendelijker inrichting van bedrijventerreinen. Regenwater kan maximaal worden ingezet voor gebruik en infiltratie, of om vertraagd af te voeren. Bedrijventerreinen zijn ook ideaal voor energieproductie met windturbines of zonnepanelen. Zo kunnen ze worden uitgebouwd als draaischijf voor energieverdeling in hun omgeving.
Verharding
Groene (of onbebouwde) ruimte
percentage t.o.v. totale oppervlakte
11 0
percentage t.o.v. totale oppervlakte
13 100
Limburg
0
83,0
81,3
Limburg
Vlaams Gewest
100
Vlaams Gewest
Bron: provincies.incijfers.be
VRIJETIJDSECONOMIE De vrijetijdseconomie is ruimtelijk sterk verspreid. Cultuurhistorische steden en domeinen, divers erfgoed, natuurgebieden, groendomeinen en parken, waterplassen, musea, shoppingcentra, vakantieparken, speeltuinen en pretparken of congresinfrastructuur zijn aantrekkingselementen die worden ondersteund door de aanwezigheid van horeca en logies.
gemeentegrensoverschrijdende ligging of die eigendom zijn van de provincie. Dat geeft een aanpak op provinciaal niveau echt meerwaarde. Concreet gaat het om: • Het volledige toeristisch fietsroutenetwerk, met de belevingselementen van bovenlokaal niveau die er rechtstreeks aan gekoppeld zijn. Ook toekomstige projecten, infrastructuren of terreinen die deel uitmaken van provinciale strategische projecten rond het fietsroutenetwerk maken er deel van uit.
Ruimtelijke planning speelt een belangrijke ondersteunende rol voor de vrijetijdseconomie door ruimte te voorzien voor toeristischrecreatieve voorzieningen. Die bevoegdheid behoort voornamelijk tot de autonomie van de gemeenten.
• Specifieke vrijetijdsdomeinen op provinciaal niveau: - Domein Bokrijk - Terhills, als hoofdtoegangspoort tot het Nationaal Park Hoge Kempen
Het beleidsplan selecteert een beperkt aantal provinciale toeristisch-recreatieve dragers. Dat zijn toeristisch-recreatieve domeinen of voorzieningen met een uitgesproken belang voor de toeristische uitstraling van Limburg, een
Nieuwe locaties kunnen worden toegevoegd als ze aan de selectiecriteria voldoen.
• De provinciale domeinen Nieuwenhoven en Dommelhof
ACTIES
Ruimteshift De provincie voert ook voor de recreatiegebieden een ruimteshift door. In Limburg zijn er heel wat zones die als recreatiegebied zijn ingekleurd maar niet worden benut of niet geschikt zijn, bijvoorbeeld door natuurwaarden, een slechte ontsluiting of een ligging in overstromingsgevoelig gebied. Een herbestemming naar een open ruimtefunctie versterkt de landbouw-, natuur- of bosstructuur, wat een van de belangrijkste aantrekkingselementen is voor de vrijetijdseconomie. De provincie heeft 539 hectare mogelijk te schrappen recreatiegebieden aangeduid. Die zones kunnen gedeeltelijk worden gecompenseerd door toeristische ontwikkeling op meer gewenste plaatsen. Via ruiloperaties blijft groei mogelijk. Anderzijds is het gezien de grote hoeveelheid onbenut recreatiegebied wel het doel om uiteindelijk minder (ingekleurd) recreatiegebied te hebben dan vandaag het geval is, ten voordele van open ruimtefuncties. Dat zal de economische groeikansen en potenties voor toekomstige ontwikkelingen niet belemmeren, integendeel. Een aangename omgeving draagt bij aan de aantrekkingskracht van een regio. Dergelijke algemene winst voor de open ruimte moet in rekening worden gebracht bij de beoordeling van nieuwe toeristische projecten. Een integrale benadering is nodig voor de wederzijdse versterking van de open ruimte én het toerisme.
Categorieën van open ruimte percentage t.o.v. totale oppervlakte
Ruimtebestemmingen percentage t.o.v. totale oppervlakte bestemmingen
Limburg
Limburg
26,4
16,9
18,1
6,0
46,1
Vlaams Gewest 30,4 0
20
16,7
18,8
6,9
Vlaams Gewest 21,1 40
akker grasland bos water
10,3 60
57,7 80
100
struikgewas braakliggend en duinen moeras
0
20
16,7 40
60
landbouw wonen natuur en reservaat industrie bos
9,4 80
100
overig groen recreatie industrie binnen poorten overig Bron: provincies.incijfers.be
LANDBOUW Het landbouwbeleid wordt sterk bepaald door de regelgeving op Europees en Vlaams niveau. Voor de ruimtelijke planning van de land- en tuinbouw neemt de provincie een aanvullende rol op. Ze optimaliseert in een aantal gebieden de planologisch-juridische situatie, met aandacht voor het waardevolle landschap en de natuur.
Het beleidsplan selecteert twee provinciale strategische landbouwgebieden: • Noordoost Limburg • Haspengouw en Voeren Die gebieden zijn op landbouweconomisch vlak veruit het belangrijkst voor Limburg. Landbouw is er een belangrijke ruimtelijke drager en beeldbepaler. In deze gebieden onderneemt de provincie acties om de economische functie van de land- en tuinbouw te ondersteunen.
ACTIES
Ruimteshift voor rechtszekerheid Ongeveer 10% van de landbouwgrond die vandaag effectief wordt gebruikt, is ingekleurd als natuur- of bosgebied. Omgekeerd wordt 24% van zones die bestemd zijn voor landbouw, in de praktijk niet voor landbouw gebruikt. Een groot deel daarvan is natuur of bos. Dergelijke zonevreemde situaties zijn nadelig voor de rechtszekerheid van de landbouwbedrijven. Daarom wil de provincie een ruimteshift doorvoeren door de plannen aan de bestaande situatie aan te passen. Dat geeft driedubbele winst: de landbouw krijgt rechtszekerheid, de landbouwstructuur wordt versterkt en ook de natuur- en bosstructuur vaart er wel bij.
KLEINHANDEL Om de mobiliteit te beperken en stadsen dorpscentra levendig te houden, blijft het belangrijk om de verdere verspreiding van kleinhandel langs steenwegen buiten woonkernen en stedelijke gebieden tegen te gaan. De provincie kiest resoluut voor een kernversterkend handelsbeleid. Volgens het Integraal Handelsvestigingsbeleid zijn het de gemeenten die een visie voor kleinhandel
moeten ontwikkelen, binnen de algemene Vlaamse krachtlijnen. De gemeenten zijn aan zet om kernwinkelgebieden af te bakenen en winkelarme zones aan te duiden. Toch is ook een bovenlokale benadering aangewezen. De provincie biedt de gemeenten data en cijfers om het gemeentelijk handelsbeleid te ondersteunen.
Strategische doelstelling
Het open ruimtesysteem versterken AMBITIE: • Een robuust, veerkrachtig en klimaatbestendig
Perspectief 2040
open ruimtesysteem • Meer ruimte voor natuur, landbouw en bos
Limburg blijft een topregio op het vlak van open ruimte, zowel in omvang als in kwaliteit. Sterke verbindingen garanderen de samenhang tussen de grote natuur-, landbouw en bosgebieden. Die ontsnippering maakt het open ruimtesysteem functioneel, robuust en veerkrachtig. De landschappen worden er nog mooier door. Dat biedt tal van voordelen voor de biodiversiteit, de voedselproductie, een goede waterbalans, een aangename leef- en ontspanningsomgeving, de toeristische aantrekkelijkheid van de streek en het vermogen om de gevolgen van de klimaatverandering op te vangen. Limburgse troef Limburg heeft meer waardevolle en beschermde natuur dan het Vlaamse gemiddelde. Meer dan een derde van de oppervlakte aan Vlaamse natuur- en bosreservaten ligt in Limburg. De Maasvallei, de bos- en heidegordels op het Kempens Plateau, de Demervallei, de Vallei van de Zwarte Beek, en de natuur in Voeren en rond de beekvalleien in Haspengouw zijn biologisch erg waardevolle onderdelen van de natuurlijke structuur, met ook een betekenis op internationaal niveau.
Versnippering De gemiddelde grootte van de aaneengesloten open ruimtegebieden is in Limburg afgenomen van 420 hectare in 1976 tot 100 hectare in 2013. Door toenemende bebouwing zijn de grenzen tussen bebouwde en open ruimte
vervaagd. Het resultaat is een mengelmoes van woningen, natuurgebieden, boszones, landen tuinbouwbedrijven. Fragmentatie van de open ruimtegebieden zet druk op de natuurlijke soortenrijkdom en verkleint de leefomgeving van fauna en flora. De provincie wil de open ruimte daarom ontsnipperen en vrijwaren waar het kan.
Strategische selectie Veel natuurgebied in Limburg is sowieso al goed beschermd door Vlaanderen of Europa. De provincie concentreert zich dus op die gebieden en corridors waar ze het verschil kan maken. Ze doet dat in de eerste plaats door verbindingen tussen de bestaande natuurgebieden te selecteren en ze te vrijwaren. Die sterke schakels verbeteren het ecologisch netwerk, verhogen de ruimtelijke kwaliteit van de leefomgeving en daardoor ook het welzijn van de Limburgers.
Beleidskader Open ruimteschakels Het beleidskader Open Ruimteschakels brengt de doelstelling van een robuuster open ruimtesysteem in de praktijk. Het beleidskader versterkt de open ruimte door ze meer samenhang te geven via groenblauwe aders en open ruimtecorridors.
GROENBLAUWE ADERS Groenblauwe dooradering is het netwerk van groene ruimtes, verbindingen en waterlopen door open en bebouwde ruimte. De aders bestaan uit open rivier- en beekvalleien, parken en bossen, bomenrijen, houtkanten of bermen, wateroppervlakken, groene en blauwe ecologische infrastructuur doorheen bedrijventerreinen en landbouwgebieden. Ze vormen een samenhangend netwerk dat vanuit de open ruimte doordringt in bebouwd gebied. De provincie is gericht op zoek gegaan naar groenblauwe aders die natuurgebieden beter kunnen verbinden. Dergelijke groenblauwe aders hebben vooral een ecologische of hydrologische waarde. Ze vergemakkelijken de migratie van dieren en planten, kunnen overtollig water bufferen en verdroging tegengaan en ze hebben een rol als onbebouwde of groene plek. Uiteindelijk heeft de provincie 40 provinciale groenblauwe aders geselecteerd: een multifunctioneel, uitgebreid en fijnmazig netwerk van 333 kilometer dat natuurgebieden met elkaar verbindt. De provincie zal die aders versterken. Ze worden ingedeeld in 3 categorieën.
BLAUWE ADERS zijn beekvalleien die een belangrijke functie hebben om waterschaarste en de sterke achteruitgang van de droogtegevoelige natuur tegen te gaan. De provincie selecteert ze op basis van hun typerende waterafhankelijke habitats en de potentie om water te bufferen en te bergen. GROENE ADERS hebben een functie als belangrijke ecologische migratieassen voor Europees beschermde soorten of Limburgse prioritaire soorten. De groene aders zijn beekvalleien die naast een waterbeheerfunctie ook een prominente ecologische functie hebben. LIJNINFRASTRUCTUREN zijn bermen, taluds of begeleidende vegetaties bij kanalen, (oude) spoorverbindingen, wegen en fietssnelwegen. Dergelijke infrastructuren zijn niet alleen functioneel maar kunnen ook heel waardevolle natuur herbergen. De provincie wil beide functies versterken en uitbouwen, zodat ze als migratieroute tussen natuurgebieden kunnen fungeren.
21 22
37
1037
9
7
8
10 9
OMGEVING . augustus 2021 . 20110_PL_open ruimte schakels
39
37 25
24
23
MAASMECHELEN HASSELT
36
17
28 29 30
34
32
18
18
40 33
37 LEOPOLDSBURG
33
37 21 22 13
37
3
19
6
14
13
16 40
BREE
15
38
14
37 10
9
25
23 36
25 38 GENK 26
39 25
HASSELT
12
Categorie 1
28
39
36
29
31
29
40
33
Categorie 2
33 13
14
15
16
38
14
13 38
15
kaart
kaart 1
prov
lijninfrastructuren - provinciaal niveau
gem
groene aders - provinciaal niveau lijninfrastructuren - provinciaal niveau fietssnelweg
35
provinciegrens
wate
gemeentegrens
natu 0
waterlopen natuur- en bosgebieden 0
5
10
15 km
kaart 1 Provinciale groenblauwe aders
Categorie 1 provinciegrens
lijninfrastructuren - provinciaal niveau
OPEN RUIMTECORRIDORS
Categorie 2
33
15
fietssnelweg
groene aders - provinciaal niveau
blauwe aders - provinciaal niveau
14
groene aders - provinciaal niveau
27
blauwe aders - provinciaal niveau
TONGEREN
33
TONGEREN
kaart 1 Provinciale groenblauwe aders
40 15
16
Categorie 2 BILZEN
30
blauwe adersSINT-TRUIDEN - provinciaal niveau 34 32
MAASMECHELEN
Categorie 1
BILZEN
13
34
33
Categorie 2 gemeentegrens Categorie 2 kaart 1 Provinciale groenblauwe aders groene aders - provinciaal niveau
11
37
24
40
34
Categorie 1 open ruimtecorridor Categorie 1 blauwe aders - provinciaal niveau 35 provinciegrens blauwe aders - provinciaal niveau
MAASEIK
TONGEREN 37
8
27
29 30 SINT-TRUIDEN 6 30 40 32
kaart 1 20
4
BERINGEN
7
29
29 28
40
33
2
36
36
33
33
BILZEN
31
SINT-TRUIDEN 5
39
34
40
SINT-TRUIDEN
32
36
1229
SINT-TRUIDEN
31
SINT-TRUIDEN
32
25
27
29 30
39
1
36
29
36
29 PELT
LOMMEL
28
25
HASSELT
12
12
25 38 GENK 26
39
25 38 GENK 26
11
HASSELT
MAASMECHELEN
28
36
37
12
25
24
23
BERINGEN
11
37
gemeentegrens
fietssnelweg
groene aders - provinciaal niveau
waterlopen natuur- en bosgebieden
Een open ruimtecorridor is een open en nog grotendeels onbebouwde ruimte in een verstedelijkte omgeving, zoals het Economisch Netwerk Albertkanaal, het regionaalstedelijk gebied Hasselt-Genk of een kleinstedelijk gebied. Die openheid voegt een ruimtelijke kwaliteit toe aan het overwegend bebouwde gebied. Maar juist doordat open ruimtecorridors in de buurt van stedelijk gebied liggen, is het risico reëel dat de open ruimte dreigt te verdwijnen.
0
5
10
15 km
De provincie heeft 8 provinciale open ruimtecorridors van in totaal 950 hectare geselecteerd waarvan ze het open karakter wil bewaren. De bestaande bebouwing wordt landschappelijk beter ingepast en de landschapskwaliteiten worden versterkt. Zo houden we het landschap in deze gebieden open.
5
ACTIES
Gebiedsvisies en actieplannen De provincie neemt maatregelen voor de geselecteerde groenblauwe aders en open ruimtecorridors. Ze werkt gebiedsvisies en actieplannen uit voor de inrichting en het beheer van die open ruimteschakels. Daarnaast geeft ze ook suggesties voor groenblauwe aders op Vlaams en gemeentelijk niveau om het ecologische en natuurlijke netwerk nog sterker aan elkaar te rijgen. Bij de opmaak van gemeentelijke RUPs, verordeningen, beleidsplannen of andere planningsinstrumenten, toetst de provincie als adviesinstantie af op welke manier gemeenten een bijdrage kunnen leveren aan de realisatie of verbetering van de open ruimteschakels.
Meer open ruimte
In haar eigen ruimtelijke planningsprocessen werkt de provincie aan een ruimtebalans met een globaal positief saldo voor de open ruimte. Dat betekent dat er tegen 2040 meer gronden zullen ingekleurd zijn als natuur-, landbouw- en bosgebieden dan vandaag.
Strategische doelstelling
De ruimtelijke regionale eigenheid valoriseren AMBITIE: • Vrijwaren en versterken wat ons uniek maakt
Perspectief 2040
• De ruimtelijke kwaliteit verbeteren • Het bewustzijn van onze regionale diversiteit verhogen
De variëteit aan landschappen in Limburg blijft een sterke troef. Limburg koestert de kernkwaliteiten én verschillen van de diverse streken. Dat ruimtelijk DNA bepaalt mee LANDSCHAPSEENHEDEN bij de uitwerking van het de identiteit van Limburg en wordt als basis meegenomen Beleidsplan Ruimte Limburg.
DEEL 1 GEBIEDSINDELING - SYNTHESE
Limburg is landschappelijk bijzonder gevarieerd met onder meer Haspengouw, de Maasvallei, de Hoge Kempen, de Voerstreek, Kempen-Broek, de Noord-Limburgse bossen en de Wijers. Elke regio heeft zijn eigen karakter dankzij kenmerkende landschapselementen, historische dorpen en steden, samen met recentere economische ontwikkelingen.
Dommel- en Warmbeekvallei Noord-Limburgse Bossen Kempen-Broek
West-Limburgse Beekvalleien
KEMPEN Maasvallei
De Wijers
Hoge Kempen
MAASLAND
Ruimtelijke kwaliteit Het is belangrijk dat die regionale variatie aan kenmerkende landschappen een sterke troef blijft. Zo’n landschap schept de ruimtelijke context voor ontwikkelingen. Daar bewust rekening mee houden, verhoogt de kwaliteit van plannen, projecten, de regio en het landschap zelf.
Vochtig Haspengouw
HASPENGOUW Droog Haspengouw
Voeren
ACTIES
Referentiekader als basis De provincie wil de ruimtelijke regionale eigenheid vrijwaren en versterken. In het referentiekader ruimtelijke regionale eigenheid, zijn de landschappelijke kernkwaliteiten van elke streek beschreven. De provincie zal het referentiekader gebruiken als leidraad bij haar eigen planningsprocessen en bij de advisering van andere plannen. Ze wil de regionale landschappelijke kwaliteiten behouden en versterken via geïntegreerde gebiedsvisies, actieplannen en ruimtelijke uitvoeringsplannen.
Referentiekader Ruimtelijke Regionale Eigenheid | 79
Strategische doelstelling
Duurzame energie integreren in het ruimtelijk beleid AMBITIE: • Energie-efficiëntie verhogen door concentratie
Perspectief 2040
van wonen en werken • Verantwoord ruimte geven aan hernieuwbare energie • Met respect voor landschappelijke kwaliteit en ruimtelijke eigenheid
Limburg heeft de omslag gerealiseerd naar meer hernieuwbare, koolstofarme energiebronnen. De energie-efficiëntie is verhoogd door zuinig ruimtegebruik in woonkernen en op bedrijventerreinen. Energie wordt grotendeels duurzaam en lokaal geproduceerd, opgeslagen en gebruikt. Dat gebeurt op een ruimtelijk verantwoorde wijze om de landschappelijke kernkwaliteiten van Limburg en het maatschappelijk draagvlak voor de energietransitie te behouden.
ACTIES Het is duidelijk dat er een omslag moet komen naar meer hernieuwbare energie. Maar de inplanting van bijvoorbeeld windmolens mag niet ten koste gaan van de landschappelijke kernkwaliteiten. De provincie wil daarom, aanvullend aan de Vlaamse regelgeving, een afwegingskader opmaken om de inplanting van grootschalige energie-infrastructuren voor zonen windenergie af te stemmen op de ruimtelijke en landschappelijke kwaliteiten van Limburg.
Het kader duidt zones aan voor landschappelijk en ruimtelijk kwalitatief ingepaste, grootschalige infrastructuren voor zon- en windenergie, bij voorkeur op bedrijventerreinen en langs lijninfrastructuren zoals autosnelwegen. Het
voorziet ook ruimte voor kleinere collectieve duurzame energieoplossingen. Op die manier kunnen we groene energie opwekken zonder de grote open ruimteclusters en de landschappelijke kwaliteit te schaden.
Strategische doelstelling
Ruimtelijke ontwikkelingen en mobiliteit op elkaar afstemmen AMBITIE: • Duurzame modi ondersteunen in ruimtelijke plannen
Perspectief 2040
• Fysieke ruimte voor wandelen, fietsen en openbaar vervoer • Mobipunten op strategische plaatsen
Limburg is duurzamer ontsloten en beter bereikbaar. Dat is nodig voor de leefbaarheid, economische ontwikkeling en klimaatbestendigheid van de provincie, en om toenemende files te vermijden. Multimodaal
Regionaal Mobiliteitsplan Limburg
Het ruimtelijk beleid van de provincie is erop gericht om het aantal autokilometers te doen afnemen. Door de verweving van wonen en werken in kernen met goede fiets- en openbaar vervoersverbindingen, komt die doelstelling een stapje dichter.
Een geïntegreerde aanpak en afstemming van mobiliteit en ruimtelijke ontwikkeling is nodig. De provincie stemt de opmaak van het Beleidsplan Ruimte Limburg af op het Regionaal Mobiliteitsplan Limburg 2030-2050, in overleg en samenwerking met de vervoerregio Limburg.
Alternatieven voor de auto krijgen meer plaats. De ambitie is om te gaan naar een modal shift met maximaal 60% autoverplaatsingen en 40% duurzame verplaatsingen.
Strategische doelstelling
Meer ruimte geven aan de fietser AMBITIE: • Meer en prominentere plaats voor fietsers
Perspectief 2040
• Limburg als een nog betere fietsomgeving • Bovenlokale fietsnetwerken optimaliseren
Limburg is een nog betere fietsomgeving geworden. In onze provincie wordt veel gefietst en dat zorgt voor minder files, een gezondere leefomgeving, een beter klimaat en een bloeiende vrijetijdseconomie. De fiets is een waardig mobiliteitsalternatief voor de auto en realiseert mee de duurzame modal shift in Limburg. Meer ruimte voor de fietser stimuleert meer fietsgebruik. Limburg fietsparadijs
Twee netwerken
Om van de fiets een waardig mobiliteitsalternatief te maken, moet hij een prominentere plaats krijgen in de publieke ruimte en onze woon- en werkomgeving. De provincie stimuleert meer fietsgebruik door bij alle ruimtelijke ingrepen, plannen en projecten meer ruimte en aandacht te geven aan de fiets. De fietser krijgt een centrale en duidelijk zichtbare rol.
Het Beleidsplan Ruimte Limburg verankert de twee bovenlokale fietsnetwerken, die elk ongeveer 2000 kilometer beslaan: het Bovenlokaal Functioneel Fietsnetwerk (waaronder 440 kilometer fietssnelwegen) en het Toeristisch Fietsroutenetwerk. Zo kunnen ze expliciet worden meegenomen bij de beoordeling en ontwikkeling van ruimtelijke plannen en projecten. Via ruimtelijke plannen kan de provincie ook kansen tot verbetering van routenetwerken detecteren en benutten, zoals veiliger en kortere tracés of belevingsvollere alternatieven.
ACTIES
Fietstoets De provincie introduceert een ‘fietstoets’ die alle toekomstige planologische en ruimtelijke beslissingen bekijkt door een fietsbril. Zo wordt beoordeeld of een voorziene ontwikkeling ‘fietswaardig of fietsvriendelijk’ is, of welke voorwaarden eraan worden gekoppeld.
Het Beleidsplan Ruimte Limburg is een richtinggevend en verbindend Ruimtepact voor alle Limburgers. Het is een uitgestoken hand om met alle betrokkenen samen te werken aan onze ruimtelijke toekomst. We hopen dat zo veel mogelijk actoren vrijwillig, maar niet vrijblijvend, het engagement opnemen om dit pact als richtlijn te hanteren voor de uitvoering van hun eigen visies, doelstellingen, acties en projecten.
IM
Tot slot
VO AMBITIE
O
R
BU
RG
L
Samenwerking is zowel een kans als een noodzaak. De provincie wil zich opstellen als partner van de Limburgse gemeenten, Vlaanderen en andere actoren en organisaties. Door duidelijke beleidskeuzes op het vlak van ruimtelijke ordening en vooral door samenwerking kunnen we Limburg blijven profileren als een sterke regio waar het goed is om te leven. We willen de gemeenten ondersteunen in hun ruimtelijk beleid om mee die ambitie voor Limburg te realiseren. Dat doen we onder andere door constructieve adviezen te geven op gemeentelijke ruimtelijke plannen, projecten en verordeningen. Zo kan het ideeëngoed van het Ruimtepact 2040 doorstromen naar het lokale niveau.
Colofon
Uitgave: De deputatie van de provincieraad van Limburg • Jos Lantmeeters, gouverneur-voorzitter Inge Moors • Bert Lambrechts • Igor Philtjens • Tom Vandeput • gedeputeerden en Wim Schoepen • provinciegriffier Tekst:
Directie Omgeving • afdeling ruimtelijke planning • Blue Lines • www.bluelines.be
Kaarten: Omgeving bv Vormgeving: 4XL advies- en communicatiebureau Fotografie: Robin Reynders - provincie Limburg • Paul Delaet - Fotografisch Atelier • Bart Tilmans • Guy van Grinsven • Levi Lenaerts • Koen De Langhe Drukwerk: Printkamer • directie Facilitair Beheer • provincie Limburg Wettelijk depotnummer: D/2021/5.857/27 Verantwoordelijke uitgever: Vera Boesmans • Universiteitslaan 1 • B-3500 Hasselt
IM
VO AMBITIE
O
R
BU
RG
L
MEER INFO? Alle informatie over de inhoud en het proces van het Ruimtepact 2040 vindt u op www.ruimtepact2040.be
provincie Limburg Universiteitslaan 1 BE-3500 Hasselt
limburg.be