België - Belgique P.B. - P.P. 3500 HASSELT 1 BC 2630
LIMBURGS ERFGOED
—
Begijnhof Sint-Truiden
afgiftekantoor 3500 Hasselt 1 JULI—SEPTEMBER 2008 jaargang 13 N° 3 — 3-maandelijks tijdschrift erkenningsnummer P 509 339
Cultureel Erfgoed
Woord Vooraf gedeputeerde van cultuur
Infosessies erfgoeddag 2009 “Uit vriendschap!?”
In dit herfstnummer van de nieuwsbrief “Limburgs Erfgoed”
Door Gilbert van Baelen,
Op zondag 26 april 2009 vindt de negende editie van de Erfgoeddag
besteden we aandacht aan “750 jaar begijnhof Sint-Truiden”.
plaats met als thema “Uit vriendschap!?” Vriendschap: wat is het, hoe
Naar aanleiding van deze verjaardag heeft de Provincie Limburg
werd (en wordt) het beleefd en welke sporen uit het verleden getuigen
een gloednieuwe bezoekersgids “Het hof van Sint-Agnes” gepu-
erover? Kunnen we met kennis van het verleden reflecteren over het
bliceerd. Bovendien zal in de tweede helft van oktober in samen-
heden? Dat is het verhaal dat Erfgoeddag 2009 wil brengen, maar hoe
werking met het Vlaams Instituut voor Onroerend Erfgoed een
begin je aan de voorbereidingen van jouw Erfgoeddagactiviteit? Om
wetenschappelijke publicatie over het begijnhof van Sint-Truiden
je op weg te zetten organiseert de Coördinatie Erfgoeddag een inspi-
verschijnen.
ratiedag en een infosessie per provincie. Op woensdag 1 oktober wordt
In het kader van ErfgoedLimburg.be plant het Provinciaal Cen-
in aanwezigheid van Vlaams minister van Cultuur Bert Anciaux de of-
trum voor Cultureel Erfgoed dit najaar een zestal vormingssessies
ficiële aftrap voor de voorbereiding van de Erfgoeddag gegeven. De in-
voor alle Limburgse kerkfabrieken. Deze sessies zijn in de eerste
fosessie voor Limburg vindt plaats op 10 oktober in Beringen en biedt
plaats bedoeld voor de inventarisverantwoordelijken binnen de
antwoorden op zowel inhoudelijke als praktische vragen. Deze sessie
kerkfabrieken.
licht het thema diepgaand toe en biedt inspiratie en materiaal om mee
Mondelinge geschiedenis is vandaag meer dan ooit een rele-
aan de slag te gaan. Ook de praktische kant komt uitgebreid aan bod,
vante methode om het recente verleden te documenteren. Deze
zoals: “Welke mogelijkheden zijn er tot samenwerking?”, “Hoe schrijf
methode is voor erfgoedorganisaties erg toegankelijk geworden.
je in?” en “Hoe kom je aan promotiemateriaal?”. De infosessie is be-
Daarom stelt het Provinciaal Centrum voor Cultureel Erfgoed dan
doeld voor alle (erfgoed)organisaties en lokale coördinatoren die meer
ook gratis materiaal voor het registreren van interviews en andere
willen weten over het thema “Uit vriendschap!?” en over de organi-
geluidsopnames ter beschikking van erfgoedorganisaties.
satie van de Erfgoeddag.
Jaarlijks nomineert Open Monumentendag Vlaanderen per
Inspiratiedag: woensdag 1 oktober 2008, Auditorium van FARO.
provincie één monument voor de monumentenprijs. Voor Lim-
Vlaams steunpunt voor cultureel erfgoed vzw, Priemstraat 51, 1000
burg werd de recente restauratie van de Sint-Trudokerk in Peer
Brussel.
genomineerd. Wij stellen dit project even aan u voor. Daarnaast
Infosessie Limburg vrijdag 10 oktober 2008, van 13.30 uur tot 16.30
laten we u kennismaken met het nieuwe thema voor de erfgoed-
uur in het Mijnstadion FC Beringen, Koolmijnlaan, 3582 Beringen.
dag 2009 “Uit vriendschap”.
—
Tot slot nog even aandacht voor een artikel in het Vlaams-
Meer info en inschrijven: surf naar www.erfgoeddag.be . Inschrijven
Nederlands tijdschrift voor industriecultuur over “Vlaserfgoed”.
uiterlijk vóór 24 september 2008 bij de Coördinatie Erfgoeddag,
De geschiedenis en het erfgoed van de vlasvezelbereiding blijken
p/a FARO, Vlaams steunpunt voor cultureel erfgoed vzw, Priem-
bijzonder rijk en fascinerend te zijn, maar in dit artikel wordt
straat 51, 1000 Brussel, fax 02 213 10 99, tel. 02 213 10 81/82,
vooral een oproep gedaan om de hiaten in de kennis van deze eeu-
e-mail: info@erfgoeddag.be.
wenoude nijverheid op termijn aan te vullen. COLOFON
De deputatie van de provincie Limburg Steve Stevaert, gouverneur-voorzitter Marc Vandeput, Sylvain Sleypen, Gilbert Van Baelen, Frank Smeets, Hilde Claes en Erika Thijs, gedeputeerden en Renata Camps, provinciegriffier Redactie Provinciaal Centrum voor Cultureel Erfgoed
Willekensmolenstraat 140, 3500 Hasselt tel. 011 23 75 75, fax 011 23 75 85, e-mail: pcce@limburg.be Tekst Anne Milkers, Raf Schepers, Betty Simon en Bert Van Doorslaer Fotografie & tekeningen Eddy Daniels, Anne Milkers, Willy Pee,
Tonny Schouteden, Heemkundige Kring Pelta Inferior, Neerpelt en Monumentenwacht Limburg Lay-out Geoffrey Brusatto Drukwerk drukkerij Paesen, Opglabbeek Verantwoordelijke uitgever
M. Laenen, Willekensmolenstraat 140, 3500 Hasselt Website www.limburg.be
02
Cultureel Erfgoed
ErfgoedLimburg.be vormingssessies voor kerkfabrieken
In het kader van ErfgoedLimburg.be zijn er dit najaar een zestal
goedgeïnteresseerde het Limburgs erfgoed in al zijn facetten kan ontdekken. Hiervan worden de zoekmogelijkheden getoond. Verder leert men hoe men eigen digitale foto’s aan de inventaris kan toevoegen en hoe men bestaand (ouder) fotomateriaal kan inscannen en koppelen. De sessie wordt afgesloten met het overlopen van de procedure voor bruiklenen en iemand van de federale politie komt spreken over het
praktische vormingssessies gepland voor alle Limburgse kerkfabrie-
belang van een publiek toegankelijke inventaris in geval van diefstal.
ken, ongeacht hoe ver ze staan met hun inventaris. De sessies zullen
plaatsvinden in achtereenvolgens Peer (11 en 18 oktober), Genk (15 en
antwoordelijken binnen de kerkfabrieken. Ze worden georganiseerd
22 november) en Sint-Truiden (29 november en 13 december).
door het Provinciaal Centrum voor Cultureel Erfgoed, met de steun
van het Bisdom Hasselt en in samenwerking met de Limburgse erf-
Tijdens sessie 1 is er aandacht voor het benoemen, beschrijven
en opmeten van objecten. Er worden een aantal praktische tips voor het fotograferen van voorwerpen (belichting, detailopnames …) gegeven en er wordt uitgelegd welke auteursrechten er op foto’s kunnen gelden, wanneer deze via het internet publiek gemaakt worden.
Deze sessies zijn in de eerste plaats bedoeld voor de inventarisver-
goedcellen.
—
Meer info: PCCE, Raf Schepers, tel. 011 23 75 79, e-mail: rschepers@limburg.be
Tot slot wordt er gedemonstreerd hoe men inventarisnummers op de voorwerpen kan aanbrengen. Na afloop ontvangt iedere deelnemer een nummeringssetje waarmee men zelf aan de slag kan en worden nog enkele tips meegegeven omtrent het onderhoud van het kerkelijk erfgoed.
Materiaal voor geluidsopnamen te ontlenen
Mondelinge geschiedenis is vandaag meer dan ooit een relevante
methode om het recente verleden te documenteren. De methode is voor erfgoedorganisaties erg toegankelijk geworden. Deze interviews kunnen historische onderzoeken, tentoonstellingen of publicaties op een zinvolle manier documenteren. Het Provinciaal Centrum voor Cultureel Erfgoed stelt daarom ook gratis materiaal voor het registreren van interviews en andere geluidsopnames ter beschikking van erfgoedorganisaties. Dit materiaal bestaat uit een digitale recorder Marantz PMD 620, een flashcard, een externe microfoon, een handleiding en een draagtas.
—
Ontlenen (met uitleg) kan eenvoudig na aanmelding bij het Provinciaal Centrum voor Cultureel Erfgoed op tel. 011 23 75 80 of amilkers@limburg.be Vraag ook naar andere te ontlenen materialen, zoals thermohygrografen, een museumstofzuiger en een anoxiepakket om museumobjecten te behandelen tegen houtworm.
— Genummerde liturgische voorwerpen
Sessie 2 vindt in een computerlokaal plaats. Onder begeleiding
maken de kerkfabrieken kennis met de mogelijkheden van de invoermodule (hoe maak ik een nieuwe objectfiche aan, hoe sla ik mijn gegevens op …), een krachtig en gebruiksvriendelijk werkinstrument om hun inventaris in te voeren en/of te beheren. Een gedeelte van de informatie die men met de module invoert (of al ingevoerd heeft), wordt publiek gemaakt via de erfgoedwijzer, een website waarop iedere erf-
03
Cultureel Erfgoed
Sint-Truiden, het hof van Sint-Agnes Tentoonstelling en bezoekersgids “750 jaar begijnhof Sint-Truiden”
— Portret van de laatste Sint-Truidense begijn, Maria-Anna Van Odendael, geboren in 1764, geprofest in 1790 en overleden in 1860. Olieverf op doek, ca. 1845
Sinds de 13de eeuw zochten spirituele en onafhankelijke vrouwen
veiligheid door te gaan samenwonen. Ze voorzagen in hun eigen levensonderhoud en dat was voor die tijd nogal ongewoon. Ze konden ook - in tegenstelling tot kloosterzusters - het hof verlaten en hun bezittingen behouden. In Sint-Truiden was het abt Willem van Rijckel die het begijnhof in 1258 stichtte. In ruil voor de schenking van gronden kreeg hij het recht om de pastoor en de grootmeesteres van het begijnhof te benoemen. Van de 14de tot de 16de eeuw kampte het begijnhof met heel wat moeilijkheden, maar tijdens de contrareformatie herstelde de gemeenschap zich. In 1860 stierf de laatste begijn in SintTruiden: Maria-Anna Van Odendael.
De tentoonstelling biedt een inzicht in het wedervaren van deze
begijnengemeenschap doorheen de eeuwen: hoe ze zichzelf organiseerde, hun werkzaamheden uitbouwde en bezinning en devotie een
centrale plek gaf. De tentoonstelling biedt ook een unieke kans om de
— de
Muurschilderingen Begijnhofkerk Sint-Truiden, begin 16 eeuw
historische beelden, schilderijen, relieken, zilver en textiel, ooit verbonden met het begijnhof, te ontdekken. Dit roerend patrimonium
Het begijnhof van Sint-Truiden bestaat 750 jaar. Vandaag is deze
is eigendom van “De Vrienden van het Begijnhof van Sint-Truiden”
site nog altijd een unieke en intrigerende plek, gelegen net buiten de
vzw. Het is voor het eerst sinds 1972 dat deze voorwerpen worden
historische stadskern van Sint-Truiden. In 1998 werd het begijnhof
tentoongesteld. Na de tentoonstelling worden ze opnieuw veilig on-
samen met twaalf andere begijnhoven in Vlaanderen door Unesco als
dergebracht in depot. Deze objecten hadden voor de begijnen door-
verjaardag van het begijnhof is een
gaans een concrete betekenis, zoals de Christus in het graf of de piëta
gelegenheid om historische objecten terug in het begijnhof te brengen
herinnerden de begijnen aan de vergankelijkheid van het wereldse
en tegelijk actuele kunstenaars aan het woord te laten. De bezoekers-
leven en het 17de- eeuwse doek van “De jongeman en het begijntje” dat
gids, uitgegeven door het Provinciaal Centrum voor Cultureel Erfgoed,
een voorbeeld of “exempel” wilde stellen. Vormgeefster Linde Her-
wil op een toegankelijke manier inzicht geven in de betekenis van het
mans, die onlangs de Henry van de Velde Design Award 2008 voor jong
begijnhof, vanaf haar ontstaan tot vandaag.
talent kreeg, is op een verrassende manier aan de slag gegaan met dit
werelderfgoed erkend. De 750
04
ste
eeuwenoude patrimonium. Ze betrok cartoonist Kim Duchateau erbij die met spitsvondige cartoons vol “levenswijsheid” een hedendaagse toets aan deze voorwerpen geeft.
Linde Hermans gaf ook enkele hedendaagse kunstenaars een po-
dium om zich door de site en haar geschiedenis te laten inspireren. Nieuwe en bestaande werken van kunstenaars als Johan Tahon, Wien Bogaert, Sarah Pillen en Louis Decordier, Joël Robijns, Geoffrey Brusatto en Ick Reuvis zijn geïntegreerd in de kerk, de begijnhofschuur, de huizen. Hugo Duchateau presenteert centraal in het schip van de kerk het monumentale “Pinakel”, een torenhoge ladderconstructie van aluminium ladders met 750 sporten. De tentoonstelling biedt de bezoeker de gelegenheid om heel het begijnhof te ontdekken, zowel de huizen, de schuur, de ommuring als de kerk.
Voor gezinnen met kinderen is er op de tentoonstelling “Mijn Hof =
Begijnhof” een doe-boekje voor kinderen voorzien. Hiermee kunnen kinderen zelfstandig de tentoonstelling bezoeken. Door het oplossen van verschillende opdrachten leren kinderen meer over het leven van de begijnen met een link naar hun eigen leefwereld.
Wil je dieper ingaan op de bouwgeschiedenis van het begijnhof en
van de kerk en haar interieur en op het leven binnen de begijnengemeenschap van destijds, dan is er de bezoekersgids. Deze gids is gebaseerd op (nieuw) historisch onderzoek dat door verschillende auteurs is uitgevoerd. Dit onderzoek wordt nog uitgebreid gepubliceerd in een wetenschappelijke uitgave die in het late najaar van 2008 verschijnt. De bezoekersgids wil de resultaten van het onderzoek op een toegankelijke manier vertalen. De gids werpt een licht op het wedervaren van de begijnengemeenschap in Sint-Truiden, het alledaagse leven van toen, de bouwfasen van de kerk, de betekenis van de muurschilderingen in het interieur, de waarde van het Ancion-orgel en het gebruik van natuursteen voor de bouw van de kerk.
—
De tentoonstelling “Mijn hof = Begijnhof” loopt tot 9 november 2008 en is open van woensdag tot zondag van 13.30 uur tot 17.00 uur, gratis toegang. Voor het programma (concertenreeks, nocturnes, lezingen en thema-activiteiten) kan je terecht op www.mijnhof.be of info@mijnhof.be. Meer informatie: Bert Flossie, cultuurbeleidscoördinator Sint-Truiden, tel. 011 70 17 12, Bert.flossie@sint-truiden. be of de erfgoedcel Sint-Truiden, tel. 011 70 18 33, e-mail: info.
De legende van de jongeman en het begijntje van Sint-Truiden. Olieverf op doek, 1610-1631? — Staande Onze-Lieve-Vrouw met Kind, Luiks atelier, ca. 1300. Eikenhout; resten van de oorspronkelijke vergulding en polychromie, randen met kristalstenen bezet.
erfgoedcel@sint-truiden.be
—
De publicatie “Het hof van Sint-Agnes. Bezoekersgids voor het Begijnhof van Sint-Truiden en zijn kerk” is in de Begijnhofkerk te verkrijgen aan 15,00 euro of bij het Provinciaal Centrum voor Cultureel Erfgoed, tel. 011 23 75 75, pcce@limburg.be
05
Cultureel Erfgoed
Vlaserfgoed en industriecultuur
Het Vlaams-Nederlands tijdschrift voor industriecultuur “Erfgoed
van Industrie en Techniek” (inmiddels al aan zijn 17de jaargang toe) wijdde in de lente een dubbelnummer aan het thema “Vlaserfgoed” (in Europa). Het wil een overzicht geven over de kennis en toepassingen van het vlas, maar vooral ook een oproep doen om de hiaten in de kennis van deze eeuwenoude nijverheid op termijn aan te vullen … of m.a.w. wat weten we vandaag over de vlasteelt en verwerking in Limburg?
Het is precies de verdienste van dit opzet dat men de traditionele
lokale benadering overstijgt en een vergelijking mogelijk maakt van
— Pas gesleten vlasveld in Lauw (Tongeren)
deze bij uitstek en avant-la-lettre Europese nijverheidsteelt en haar
kortstondig vlasbedrijf in Neerpelt (1892-1906) van Deswarte en Lop-
verwerking.
pens vermeld. Deze konden met de toepassing van hun gepatenteerd
De betekenis van vlas voor onze Noordwestelijke samenleving
systeem van tankroten blijkbaar een gelijkwaardig vlas produceren
(vergelijkbaar met katoen uit het Zuiden) kan moeilijk overschat
als de internationaal gerenommeerde vlasvezels uit de Leiestreek.
worden. Het gebruik ervan gaat enkele duizenden jaren terug. Door-
Vervolgens wordt door Luc Soens de historiek geschetst van de be-
dat nagenoeg elk onderdeel van de vlasplant uiteenlopende toepassin-
scherming van de unieke vlaszwingelmolen “Preetjesmolen” in Heule.
gen kende, kan de teelt ook aanzien worden als een synoniem voor
Aan de hand van een interview met ereconservator en pionier Bert
ecologie en duurzame ontwikkeling. Naast uiteraard textiel vinden we
Dewilde wordt een beeld geschetst van het Nationaal Vlasmuseum van
toepassingen ervan terug in lijnolie, verven en vernissen, spaander-
Kortrijk dat als het moedermuseum beschouwd wordt door de andere
platen, isolatiemateriaal, remschijven, binnenbekleding voor auto’s,
Europese vlasmusea. Ook het Nationaal Vlasserij-Suikermuseum in
brandstof, meststoffen, dierenvoeding, geneesmiddelen, koorden,
Klundert (Nederland) wordt besproken. Tot slot is er nog een over-
papier (van dollarbiljetten tot sigarettenblaadjes).
zicht van websites i.v.m. vlas en een bibliografie.
Aanleiding van dit dubbelnummer (80 blz.) is het vertaalde rap-
In Limburg is vlas blijkbaar - met uitzondering van de kortston-
port van de archeologe Lucie Maluta over “Behoud en herwaarde-
dige vlasfabriek in Neerpelt – een lokale teelt geweest voor lokaal ge-
ring van vlaserfgoed in Europa”, dat ze tijdens haar stage bij de
bruik in de Kempense gemeenten (o.m. in Houthalen en Opoeteren).
Vlaamse Vereniging voor Industriële Archeologie realiseerde, na haar
Door de arme bodem (vlas is bovendien een nogal bodemuitputtend
masterdiploma “Mise en valeur du patrimoine” aan de universiteit
gewas) zou het aan de hand van een interview met ereconservator en
van Arras (Frankrijk) waar Adriaan Linters “industrieel, wetenschap-
pionier Bert Dewilde hier steeds om minderwaardig (kort) vlas gaan.
pelijk en technisch erfgoed” doceert. Zij stelt hierin vast dat we veel
De laatste jaren komt er in de rijke Droog-Haspengouwse leemvelden
vaker het traditionele alaam in de musea terugvinden, maar dat er
steeds vaker vlasteelt voor. Het zou gaan om zogenaamde contract-
weinig aandacht gaat naar de grotere industriële be- en verwerkings-
teelt waarbij grote vlasboeren uit West-Vlaanderen gronden afhuren
machines en het gebouwde erfgoed voor de vlasverwerking, niet in
voor een seizoen.
het minst bij gebrek aan esthetische kwaliteiten ervan. Vergelijkende studies zijn nagenoeg onbestaande, wat des te meer opvalt daar er een drukke Europese uitwisseling van technologieën plaatsvond inzake de moeizame industrialisatie van de verwerking. De West-Vlaamse vlasregio (Leiestreek) speelde hierin een té weinig bestudeerde sleutelrol! Adriaan Linters schetst precies de overgang en betekenis van de proto-industriële naar een industriële ontwikkeling in deze regio. Gerrit Herrema doet een gelijkaardige poging voor Friesland. Aan de evolutie, het roten van het vlas, het losmaken van de vlasvezels rond de houterige stengels, wijdt Adriaan een afzonderlijk artikel (Vlas roten … tussen wetenschap, techniek en milieuhygiëne), omdat dit proces de uiteindelijke kwaliteit van het vlas bepaalt. Hierin wordt o.m. een
06
— Vlasfabriek Neerpelt (1892-1906) © Heemkundige Kring Pelta Inferior, Neerpelt
Cultureel Erfgoed
Nominatie “Monumentenprijs 2008”: restauratie van de Sint-Trudokerk in Peer
Jaarlijks nomineert Open Monumentendag Vlaanderen per pro-
vincie één monument voor de Monumentenprijs. Elke laureaat krijgt een bedrag van 2 500 €. De winnaar van de Monumentenprijs krijgt daarbovenop nog eens een bedrag van 12 500 €. Uit de 95 kandidaten van 2008 werden vijf laureaten geselecteerd: de Antwerpse ruien of het riolen- en grachtenstelsel van de stad (voor de provincie Antwerpen), de sacramentstoren van de Sint-Leonarduskerk Zoutleeuw (voor Vlaams-Brabant), zaal Gillade in Aalst (voor Oost-Vlaanderen) en de villa L’Escale in De Panne (voor West-Vlaanderen). Voor Limburg werd de recente restauratie van de Sint-Trudokerk in Peer genomineerd.
De motivatie voor die nominatie is het feit dat de restauratie een
totaalproject is geworden met een aantal merkwaardige accenten. De Koninklijke Commissie voor Monumenten en Landschappen vindt het lovenswaardig dat na de restauratie élke verdieping van de toren een eigen bestemming gekregen heeft. Twee verdiepingen zijn ingericht als museum. Eén museum herbergt de kerkschatten, het andere een oude gerestaureerde klokkenstoel - de oude Mariaklok uit 1641 - en een reeks oude torenuurwerken van andere kerken uit Groot Peer. De bovenste verdieping huisvest een beiaard.
De jongste restauratie legde op de plaats van de huidige kerk de
funderingen vrij van de eerste preromaanse kerk uit de 10de-11de eeuw en de daaropvolgende kerken. De huidige kerk met haar indrukwekkende toren - de “Reus der Kempen” - is een baken in het NoordLimburgse landschap. Merkwaardig is dat de toren, waarvan de bouw vermoedelijk in 1392 begon, in eerste instantie een verdedigingstoren was voor de inwoners van Peer en omgeving, één van de tien stadjes uit het graafschap Loon. Aan de voet van de indrukwekkende toren werd de Sint-Trudokerk gebouwd.
De restauratie van de buitenzijde van kerk en toren werd aangevat
in juni 1995 en was voltooid einde 1996. De restauratie van de binnenzijde, met inbegrip van het befaamde Clerinxorgel, werd aangevat in juni 2002 en was voltooid midden december 2004. In januari 2005 werd de kerk officieel terug ingezegend door bisschop Hoogmartens.
De winnaar van de Vlaamse Monumentenprijs 2008 zijn de
Antwerpse ruien, het eeuwenoude riolen- en grachtenstelsel van de stad. De toeristische dienst van de stad nam het initiatief om een deel van dit ondergrondse erfgoed (1,6 km) voor het publiek te ontsluiten.
— Sint-Trudokerk in Peer
07
Dienst Documentatie
Nieuwe aanwinsten over het cultureel erfgoed
De onderstaande werken kunnen geraadpleegd worden in het Provinciaal Centrum voor Cultureel Erfgoed, Willekensmolenstraat 140 te Hasselt, tel. 011 23 75 83, op werkdagen van 9 tot 12 uur en van 13.30 tot 17 uur. Ze kunnen er tevens gefotokopieerd worden.
M. ORLENT, G. SCHALLEY en L. VAN DE
C. DE MAEGD, Hex een prinselijk land-
leven van Weyns, het tweede hoofdstuk
SIJPE, Sint-Ursulakerk Kleine-Brogel
goed ontsluierd, Mercatorfonds Brussel,
schetst zijn inbreng in en de betekenis
1908 – 2008. Neogotische kerkenbouw
2007, 223 p. (ISBN 978 90 6153 774 1)
voor heemkunde in Vlaanderen en het
van V. Lenertz (1864-1914) Leuven en
laatste hoofdstuk belicht hem als geestelijke
H. Martens (1847-1919) Stevoort,
Hex is bekend om de tuinen met hun indruk-
vader en conservator van Bokrijk. Dit boek
Kleine-Brogel, 2008, 332 p. (ISBN 978-
wekkende collectie oude en wilde rozen,
nodigt uit tot verder onderzoek over een
90-8127-351-0)
de uitgestrekte moestuin met traditionele
aantal opgeworpen hypothesen, tot nieuwe
groentekelder en het park met zijn eeuwen-
interpretaties, aanvulling en tegenspraak,
Uitvoerig geïllustreerde en gedocumenteerde
oude bomen en prachtige doorzichten. Dit
zeker over thema’s die ten tijde van Weyns
uitgave over de Sint-Ursulakerk in Kleine-
boek biedt u een schat aan informatie over de
al controversieel waren en vandaag nog niets
Brogel met aandacht voor de geschiedenis
ontstaansgeschiedenis van Hex, de aanleg en
aan de actualiteit ingeboet hebben.
van de parochie, de beschrijving van het
de ontwikkeling van het park en de tuinen –
monument en zijn betekenis en een overzicht
vanaf de oorsprong door de bloeiende en
K. NAUDTS, Steengoed! 40 verrassende
van personalia en werking van de religieuze
roerige tijden van de 19de en 20ste eeuw, tot de
erfgoedwandelingen door Vlaanderen,
gemeenschap. De ziekenzorg, processies
situatie van vandaag. Deze diepgaande studie
Erfgoed Vlaanderen en Davidsfonds
en missiewerking doorheen de jaren zijn
zorgt voor een beter begrip van het landgoed,
Leuven, 2008, 260 p. (ISBN 978-90-
opgenomen. Achteraan vindt u een fraai geïl-
de gebouwen, de tuinen en het park. Het is
5826-515-9)
lustreerde inventaris van het roerend patri-
een prachtig geïllustreerd naslagwerk met
monium van de kerk. Voor elk van de objec-
een uitgebreide bibliografie.
Deze praktische wandelgids wijst je de weg
—
naar en langs honderden monumenten in
ten (roerend en onroerend door bestemming) zijn naast een foto ook de basisgegevens ver-
P. DE RYNCK (red.), Achter traditie. Op
Vlaanderen: burgerlijke en religieuze gebou-
meld, met aandacht voor de restauraties van
zoek naar een levend verleden. Leven
wen, gildehuizen en stadhuizen, particuliere
de objecten (zelfs met kostprijs!). Niettemin
en werk van Jozef Weyns, Provincie-
woningen, kloosters en kapellen, industriële
het resultaat van een modelwerking door een
bestuur Antwerpen, 2008, 288 p. (ISBN
archeologie en veel meer onbekend fraais dat
lokale erfgoedgemeenschap.
9789066251106)
bouwmeesters en architecten doorheen de
eeuwen (en tot vandaag) in Vlaanderen heb-
—
K. MOTMANS, 20 jaar Open Monumen-
Deze biografische publicatie is het resultaat
ben nagelaten. Deze gids heeft niet de pre-
tendag Vlaanderen. 20 markante monu-
van enkele belangrijke voorbereidende fasen
tentie volledig te zijn, noch in zijn geografi-
menten van de 20
ste
eeuw, Davidsfonds/
in het kader van het “Weyns-project Volks-
sche spreiding, noch in het aantal behandelde
Leuven, 2008, 167 p. (ISBN 978-90-
kunde Provincie Antwerpen”. In een eerste
gebouwen per gemeente. De keuze bleef om
5826-568-5)
fase werden de archieven van het echtpaar
praktische redenen beperkt tot veertig steden
Weyns-Mijlemans geïnventariseerd. Vervol-
en gemeenten. Acht wandelingen per pro-
gens werd hun bibliotheek (ca. 9 000 volu-
vincie! De meeste wandelingen zijn vijf tot
—
Open Monumentendag Vlaanderen viert zijn verjaardag met een prachtig in kleur
mes) ontsloten. Deze bibliografie werd in dit
zes kilometer lang, enkele een paar kilome-
geïllustreerd boek dat u verrast met twintig
boek opgenomen. Ze telt drie delen: deel één
ter langer. Via een handig plannetje en langs
monumenten uit de eeuw van de vooruit-
bevat de publicaties van Weyns zelf, deel twee
historische paden word je tot bij de bekende
ste
20
eeuw heeft inderdaad tal van
vermeldt de publicaties over Weyns en deel
en onbekende monumenten geleid. Je komt
pareltjes voortgebracht. Voor de provincie
drie brengt de lijst van de recensies gewijd
steeds terug bij je vertrekpunt, op twee uit-
Limburg worden het hoofdgebouw van de
aan Weyns’ artikels en boeken. Deze rijkdom
zonderingen na. Het boek is prachtig geïllus-
mijn van Waterschei, het TIKB van Hout-
aan archief en bibliotheek gaf aanleiding tot
treerd en wordt afgesloten met een register
halen-Mijn, het bezinningscentrum in Gods-
een studie over het leven en het werk van het
waarin per gemeente of stad de bezienswaar-
heide en de Duitse militaire begraafplaats in
echtpaar Weyns-Mijlemans. Deze biografie
digheden vermeld worden. Veel wandel-
Lommel geselecteerd. Dit boek laat u even
wordt in drie delen ingedeeld: het eerste
plezier!
meekijken en vooral meegenieten achter de
hoofdstuk handelt over het persoonlijke
ste
gang. De 20
gevels van ons ontzettend rijk patrimonium. Boeiende teksten en prachtige foto’s van Stefan Dewickere!
provincie Limburg Universiteitslaan 1 B-3500 Hasselt limburg.be
V.U. M. Laenen, Willekensmolenstraat 140, 3500 Hasselt
—
—