REFLECT NL#35 - Innoveren of stagneren

Page 1


Inspirerende publicatie van het Verbond van Belgische Ondernemingen

AI-REGELGEVING BOOST OF REM VOOR INNOVATIE? P 18

INTERVIEW VBO FEB

INNOVATIE IS VAN NATURE ONVOORSPELBAAR

Johan Norberg P 24

INNOVEREN OF STAGNEREN?

Factuur gestuurd voor €75.000

i.p.v. €7.500?

In je bedrijf is precisie alles.

Dankzij onze slimme bedrijfssoftware voorkom je fouten, want je verstuurt makkelijk (e)facturen en automatiseert belangrijke processen.

Vertrouw dus, net als 675.000 tevreden kmo’s, op Exact Cloud Business Software.

Ontdek jouw ideale pakket op exact.be

Met ongeveer weet je niets. Met Exact weet je alles.

BLIJVEN INNOVEREN OF STAGNEREN

De Belgische bedrijven gaan momenteel door een moeilijke periode. Sterke kostenstijgingen in 2022-2023 tastten hun internationaal concurrentievermogen aan wat, samen met intensere concurrentie uit China, hun binnenen buitenlandse marktaandelen onder druk zet. Daarbovenop enten zich een aantal structurele problemen die de al precaire situatie nog versterken: een vergrijzing die bijna haar hoogtepunt bereikt, een rigide arbeidsmarkt, sterk toegenomen administratieve lasten, geopolitieke spanningen die de internationale handel afremmen en zeldzame grondstoffen moeilijker beschikbaar maken, en last but not least de zware inspanningen die worden vereist om de doelstellingen van de Green Deal te halen.

INNOVATIE

ALS ANTWOORD

Een belangrijk deel van het antwoord op al die uitdagingen is … innovatie:

• Innovatie om kwaliteitsvolle, nieuwe producten op de markt te brengen waarvoor binnen- en buitenlandse klanten bereid zijn iets meer te betalen;

• Innovatie om de arbeidsproductiviteit te verhogen en zo de arbeidskosten per eenheid product te drukken;

• Innovatie om de energie-efficiëntie van verwarmings- en productieprocessen te verhogen en zo de energiekosten onder controle te houden;

• Innovatie in alternatieve energiebronnen

en koolstofberging om de CO2-uitstoot van diezelfde processen te verminderen en zo huidige en toekomstige kosten in het emissiehandelssysteem (ETS) te verminderen of zelfs te vermijden;

• Innovatie in nieuwe recyclage- en hergebruikstechnieken die onze economie meer en meer circulair maken en tegelijk onze afhankelijkheid van grondstoffen verminderen;

• Innovatie in digitalisering en artificiële intelligentie (AI) die zorgen voor efficiëntere interacties tussen bedrijven en overheden en bedrijven onderling wat de administratieve lasten kan drukken.

Dat innovatie een krachtige groeimotor is hadden onze bedrijven de voorbije tien jaar al goed begrepen. De investeringen in O&O in België zijn in die periode fors gestegen tot 3,5% van het bbp, waarmee we aan de Europese top staan, vóór Zweden, Duitsland en Nederland. Die toppositie was mede te danken aan een gunstig kader met lagere loonlasten voor onderzoekers en expats, lagere belastingen op patentinkomsten en een hogere belastingaftrek voor investeringen in innovatie-infrastructuur.

SAMENWERKING, DIGITALISERING EN DUURZAAMHEID

In de huidige, uitdagende omstandigheden zal het dus zaak zijn om te blijven investeren in O&O en te blijven innoveren, richting 4% van het bbp.

In deze REFLECT verdiepen we ons in drie grote hefbomen die daarbij kunnen helpen: binnen- en buitenlandse samenwerking binnen dynamische ecosystemen, digitalisering en AI, en duurzaamheid en decarbonisatie. Dat waren ook de kernthema’s op ons innovatieforum van begin december vorig jaar, met als keynotespreker de Zweedse denker Johan Norberg. Benieuwd naar zijn kijk op de rol van innovatie in de wereld? U leest het in dit nummer.

Veel leesplezier!

“IN DE HUIDIGE, UITDAGENDE WERELD IS HET ZAAK OM TE BLIJVEN INVESTEREN IN O&O”

René Branders

Voorzitter

VBO FEB

EXECUTIVE INSIGHT NATIONALE

VOOR EEN DUURZAME WERELD 04 06 10 14

EINDELIJK IS HET ZOVER …

Edward Roosens, Chief economist VBO FEB: “Sectoren die veel investeren in O&O voegen ook veel waarde toe aan onze economie.”

LAAT ONS DE PIONIERS VAN MORGEN BLIJVEN

Innovatie gaat behalve over technologie, ook over publiek-private samenwerking.

MIDDELEN ONDERBENUT

Waar kunt u terecht voor welke steun?

INNOVATIE TEN DIENSTE VAN DECARBONISATIE

Op welke manier drukt u de ecologische voetafdruk van uw bedrijf?

REFLECT APRIL 2025

Vandaag legt duurzaam ondernemen vooral de nadruk op de 'E' (milieu) van ESG. Maar weldra krijgen sociale verantwoordelijkheid ('S') en behoorlijk bestuur ('G') een evenwaardig gewicht in de ESG-prestaties van een bedrijf. Naast milieuoverwegingen en goed bestuur, groeide de sociale pijler van ESG uit tot een onmiskenbaar fundament van duurzaam ondernemen. Het is essentieel dat bedrijven de 'S' van ESG integreren in hun strategieën en bedrijfsvoering, met het oog op een duurzame en succesvolle toekomst.

AI ACT: BOOST OF REM?

18

LAVEREN TUSSEN BESCHERMEN EN INNOVATIE STIMULEREN

De potentiële voordelen van AI voor de economie zijn aanzienlijk, mits …

DISCREET, MAAR CRUCIAAL INTERVIEW

22

ONZE HIDDEN CHAMPIONS

Zeven eigenschappen van een kampioen

24

JOHAN NORBERG ‘NEW OPTIMIST’ “Innovatie is van nature onvoorspelbaar”

32

THEMA’S Een selectie van dossiers waarop onze experts vandaag actief zijn.

42

SOCIALE RECHTSPRAAK

44 VBO ONDERNEEMT

Edward Roosens, Koen De Munck en Pauline De Marcken van de competentiecentra ‘Digitaal & Innovatief Ondernemen’ en ‘Economie & Conjunctuur’ verzorgden de redactionele inhoud van dit nieuwe REFLECT-nummer.

Edward Roosens

Chief Economist

EINDELIJK IS HET ZOVER …

België is Europees kampioen … voor investeringen in onderzoek en ontwikkeling (O&O)! Het zag er lang erg spannend uit, maar in 2021 stootte ons land, met 3,43% van het bruto binnenlands product, Zweden van de Europese troon. Dat resultaat is de bekroning van een volgehouden strategie.

We komen van ver: in 2011 investeerde ons land amper meer dan 2%?1 “Dat klopt. Maar tien jaar later, in 2021, stond de teller op niet minder dan 17 miljard euro aan O&O-investeringen in België2 . Dat is ongeveer 3,43% van de grootte van onze economie (bbp). Daarmee haalt België ruimschoots zijn 3%-doelstelling. Op wereldniveau moet ons land enkel O&O-icoon Zuid-Korea (4,93% van het bbp) en de VS (3,46%) voor laten gaan. Als we de publieke investeringen buiten beschouwing laten en alleen kijken naar de bedrijfsinvesteringen, dan is België ook koploper in Europa. Wereldwijd moet België met een O&O-intensiteit van 2,56%, zijn derde plaats afstaan aan Japan (2,62%).

De sleutel tot een sterke kenniseconomie ligt in een sterke innovatiecultuur bij bedrijven. Daarom is het belangrijk om het onderscheid te maken tussen totale investeringen in O&O en investeringen door bedrijven. In de EU27 en de eurozone staan bedrijven voor 66% van de O&O-investeringen. Toppresteerders Zuid-Korea en de VS kennen een bedrijfsaandeel van resp. 79 en 77%.”

Uitgaven van onderzoek en ontwikkeling door bedrijven in % bbp (2021)

“NIET TOEVALLIG GING DE OPMARS VAN MIDDENMOTER TOT EUROPEES KAMPIOEN GEPAARD MET DE UITBOUW VAN EEN GESOFISTICEERD O&OONDERSTEUNINGSBELEID”

Hoe verklaart u de Belgische topprestatie?

“De bedrijven spelen een bepalende rol. Ongeveer 75% van de O&O-investeringen wordt gedaan en gefinancierd door bedrijven. En die bedrijven weten te volharden: tijdens de corona- en energiecrisis hielden bedrijven het hoofd koel en bleven inzetten op innovatie. Dat zien we ook in de groeicijfers: de gemiddelde toename aan O&Oinvesteringen in de totale economie bedroeg in de periode 2011-2021 ongeveer 5,8% (!). Voor bedrijfsinvesteringen was de jaarlijkse groei gemiddeld 7,2% (!!). Dat vertaalde zich in een toename van 5,6 tot 12,9 mld. euro aan bedrijfsinvesteringen in O&O3 .”

Bron: VBO FEB

Hoe versterkten de toenemende O&Oinvesteringen tewerkstelling, innovatie en competitiviteit?

“Onze economie stelt vandaag meer onderzoekers tewerk dan ooit tevoren. In 2021 waren er van elke 1.000 werkenden ongeveer 13 aan de slag als onderzoeker. In 2011 waren dat er nog maar 9. Concreet vertaald: op tien jaar tijd nam het aantal tewerkgestelde onderzoekers met meer dan de helft toe, van 63.207 in 2011 tot 97.949 in 20214 Meer investeringen hebben ook een positieve impact op het aantal patenten. In de periode 2011-2021 nam het aantal toegekende Europese patenten aan Belgische ondernemingen toe met 64%, dat zijn concreet 1.163 patenten. Het aantal aanvragen steeg met ongeveer een derde tot 2.547. Dankzij die prestatie staat ons land op de 9de plaats in de EU27 inzake aanvragen per miljoen inwoners5 . Dat toont een geleidelijke evolutie van onze economie richting meer kennis en expertise.”

En dat komt uiteindelijk de Belgische competitiviteit ten goede?

“Inderdaad. De positieve impact op onze concurrentiekracht werd ook al door de Centrale Raad voor het Bedrijfsleven opgetekend in een studie rond O&O en de valorisatie ervan in België6: Sectoren die naar Europese standaarden bovengemiddeld veel investeren in O&O voegen ook bovengemiddeld veel toegevoegde waarde toe aan onze economie. Onze sterke farma-, biotech-, financiële en voedingssectoren getuigen daarvan. Door innovatie weten die sectoren internationaal op te boksen tegen spelers die kunnen rekenen op grotere markten met goedkopere productiemiddelen.”

Zou dit succes er zijn gekomen zonder steun?

“Niet toevallig ging de opmars van middenmoter tot Europees kampioen gepaard met de uitbouw van een gesofisticeerd O&O-ondersteuningsbeleid.

In opvolging van de Lissabonstrategie die voorschrijft dat de overheid een derde van de totale O&O-uitgaven draagt, activeerden onze beleidsmakers verschillende maatregelen die bedrijven stimuleren om aan O&O te doen, complementair met het regionaal subsidiebeleid.

Vandaag bestaat het Belgische steunbeleid uit een coherent pakket aan lastenverlagingen die inspelen op de loonkosten van onderzoekers, op investeringen in infrastructuur of patenten en op de belastingdruk op innovatie-inkomsten. Maar de laatste jaren is die steun gedaald, terwijl de bedrijven hun O&O-investeringen blijven opdrijven. De nood aan ondersteuning van innovatie en kennisverspreiding blijft hoog.”

Kan nieuwe technologie, zoals AI, de dalende steun compenseren?

“AI-systemen en -oplossingen bieden inderdaad mogelijkheden om de productiviteit van bedrijven en het welzijn van werknemers te verhogen en om taken beter te verdelen tussen werknemers en machines. Maar om dat potentieel ten volle te benutten, moet Europa de juridische en administratieve muren tussen de verschillende lidstaten verlagen en de nodige middelen vrijmaken om te delen in die technologische ontwikkeling. Trouwens, strategie en innovatie staan ook centraal in de aanbevelingen van de Internationale Werkgeversorganisatie (IOE).

Zo lezen we in ‘The Impact of AI on Work and Employment’ dat bedrijven AI moeten gebruiken om concurrerend te blijven.”

HORIZONBELGIË2030

Belgiëmagdanwelindekopgroep zittenwatbetreftprestatiesin O&O,datbetekentnietdatons landopzijnlauwerenmagrusten. Hetisvanessentieelbelangdathet zijnleiderspositieinO&Obehoudt doorzijnsterktesmaximaaluit tespelenentewerkenaanzijn zwakkepunten.

Hoe?Indetoekomstvisievanhet VBO'HorizonBelgië2030'reiken weconcreteoplossingenaan.

Downloadonstoekomstplanop www.vbo-feb.be>publicaties > Horizon België 2030

1 Eurostat (2024). Research and development expenditure, by sectors of performance

2 MERI (2024). Research & Development

3 MERI (2024). Ibid.

4 OECD (2024). OECD Data Explorer (indicator Researchers and Government Researchers)

5 EPO (2022). Statistics and trends: Belgium 2020

6 CRB (2021). O&O en valorisatie van O&O in België: een eerste diagnose

LAAT ONS DE PIONIERS VAN MORGEN BLIJVEN

België blinkt uit in innovatie, en dat komt door de dynamische samenwerking tussen verschillende spelers in de publieke en de private sector. Universiteiten, onderzoeksinstituten, clusters, De Groote-centra, competitiviteitspolen, incubatoren en bedrijven vormen samen een solide expertisenetwerk. Ze stimuleren creativiteit, jagen onderzoek aan en ontwikkelen nieuwe technologieën, producten en diensten. Zo slagen ze erin om van België een ware innovatiehub in Europa te maken. Hun synergetische samenwerking zorgt ervoor dat bedrijven van alle groottes en types de middelen van die innovatie delen en benutten, en dat verrijkt de ondernemingsgeest van het land.

MOTOREN VAN INNOVATIE

Universiteiten en onderzoeksinstituten

Universiteiten en onderzoeksinstituten zijn belangrijke aanjagers van onderzoek en ontwikkeling doordat ze fundamenteel en toegepast onderzoek combineren om innovatie te stimuleren en het concurrentievermogen van het land te versterken. Sommige van die instellingen werken al nauw samen met de privésector om baanbrekende technologieën te ontwikkelen en de experts van morgen op te leiden. Andere zouden dat nog meer kunnen doen.

Clusters en incubatoren

Clusters en incubatoren zijn essentieel voor de ondersteuning van innovatie in België. Clusters brengen spelers uit eenzelfde sector samen om het industriële en technologische ecosysteem te versterken, terwijl incubatoren jonge bedrijven helpen zich te ontwikkelen door hen middelen, advies en toegang tot netwerken van experts aan te bieden.

De Groote-centra

De De Groote-centra zijn unieke collectieve onderzoeks- en informatiecentra opgezet door bedrijven in een bepaalde sector ten dienste van die sector. Ze werden opgericht door de wet van 30 januari 1947 en vormen een unieke structuur in Europa en de rest van de wereld. Het doel van die centra is het aanmoedigen van samenwerking en innovatie binnen verschillende industriële sectoren. Er zijn er zo’n twaalftal, bijvoorbeeld voor de textiel- (Centexbel), hout- (Wood.be), bouw- (Buildwise) en de technologiesector (Sirris). Die centra bieden een omgeving die de uitwisseling van kennis tussen bedrijven van alle groottes bevordert en state-of-the-artinfrastructuur biedt om de ontwikkeling en het concurrentievermogen van bedrijven te stimuleren.

“HET BELGISCHE INNOVATIE-ECOSYSTEEM, EEN PUBLIEK-PRIVATE SAMENWERKING, IS EEN MOTOR VAN INNOVATIE EN CONCURRENTIEVERMOGEN IN BELGIË”

Speerpuntclusters

Competitiviteitspolen in België zijn strategische groepen van publieke en private actoren, die gericht zijn op het stimuleren van innovatie en economische ontwikkeling in Wallonië (‘pôles de compétitivité’), Brussel en Vlaanderen. De clusters vergemakkelijken de samenwerking bij innovatieve projecten en ondersteunen het regionale concurrentievermogen.

Verdeling van clusters en ecosystemen in België

Vlaanderen Wallonië

Duurzame chemie (Catalisti - SC) Innovatieve materialen (SIM - SC)

Energie (Flux 50 - SC)

Logistiek (VIL - SC)

Voedingssector (Flanders’ FOOD - SC)

Biotech (VIB - SOC) Health technology (Flanders.Health - SC)

Flanders Make - SOC Imec - SOC VITO - SOC

Maritieme technologie (Blauwe Cluster - SC)

Groene chemie & duurzame materialen (GreenWin - PC)

Brussel-Hoofdstad (xyz.brussels)

Circlemade

Eco build

Logistiek (Logistics Wallonia - PC)

Voedingssector (Wagralim - PC)

Biotech & Health (BioWin - PC)

Machinebouw (MecaTech - PC) Lucht- en ruimtevaartindustrie (SkyWin - PC)

Bron: Horizon België 2030 – Toekomstvisie voor een beter België 2.0, VBO

UITDAGINGEN EN KANSEN

De publiek-private samenwerkingen in België bieden heel wat voordelen, maar kennen ook hun uitdagingen, zoals culturele en regelgevende barrières. De federale structuur van het land en zijn gedeelde bevoegdheden, leiden tot administratieve lasten die de introductie van nieuwe ideeën vertragen. Culturele en taalverschillen bemoeilijken de communicatie. Daarbij komen nog de risicoaversie en de strenge regelgeving. Tot slot ontmoedigen de vaak veel te lange en dure goedkeuringsprocessen investeringen in gedurfde maar potentieel revolutionaire projecten.

“SYNERGIE TUSSEN DE PUBLIEKE EN DE PRIVATE SECTOR: EEN PIJLER VAN HET BELGISCHE SUCCES IN O&O”

SAMENWERKING EN FINANCIERING

Het succes van innovatie in België is gebaseerd op de nauwe samenwerking tussen universiteiten, onderzoeksinstellingen en bedrijven, ondersteund door zowel nationale als Europese financieringsprogramma’s (zie artikel op pagina 10).

Sectorale collectieve onderzoekscentra

Centexbel (textiel)

Wood.be (hout)

CWOBKN (glas en keramiek)

WTCB (bouw)

OCW (wegenbouw) OCCN (cement)

Screen Software Sirris (technologie)

Life Tech

CRM (metaalnijverheid) BIL (lastechniek)

Laborelec (elektriciteit)

Tecnolec (elektrotechniek)

WTOCD (diamant)

Hospitality

Diverse fiscale incentives om innovatie te stimuleren vullen dat kader verder aan. Dat gaat onder andere over de aftrek voor innovatie-inkomsten (patent box) en de gedeeltelijke vrijstelling van bedrijfsvoorheffing voor onderzoekers. Daarnaast maken maatregelen zoals de aftrek voor investeringen in innovatie-infrastructuur en een specifieke fiscale regeling voor experts en onderzoekers, dat ecosysteem nog sterker.

Regionale agentschappen zoals Innoviris (Brussel), de SPW Recherche (Wallonië) en het Vlaams Agentschap Innoveren & Ondernemen (VLAIO) spelen een cruciale rol in de financiering van innovatieprojecten (via regionale subsidiemechanismen) en de internationale allures ervan.

NAAR EEN NOG INNOVERENDER BELGIË

Als België zich wil blijven positioneren als innovatiepionier, is het essentieel om administratieve procedures te vereenvoudigen en de dialoog tussen de publieke en private sector te versterken. Het behouden en versterken van bestaande fiscale stimulansen blijft noodzakelijk om bedrijven aan te moedigen om te innoveren en te investeren. Door internationale uitwisselingen te promoten en het huidige beleid te optimaliseren, kan België niet alleen zijn positie in Europa consolideren, maar ook een innovatievoortrekker op wereldschaal worden.

EEN STERKHOUDER

VAN ONZE ECONOMIE

Met 271 miljoen geloste ton goederen per jaar is de haven van Antwerpen de op een na grootste haven van Europa. Ze speelt een essentiële rol in de wereldhandel, containerbehandeling en voertuigentransport.

Haar strategische ligging is goed voor 4,8% van het Belgische bbp en huisvest 1.400 bedrijven op een oppervlakte van 129 km². De haven is ook de thuisbasis van Europa’s grootste geïntegreerde chemische cluster.

Sinds 2018 heeft de haven van Antwerpen een duidelijke missie: een hefboom worden voor een duurzame toekomst door te focussen op drie strategische assen: de circulaire economie, decarbonisatie en digitalisering. Die visionaire positionering kadert in een baanbrekende aanpak, vooral op het vlak van energietransitie, een domein waarin de haven van Antwerpen zich wil onderscheiden.

De haven draagt actief bij tot decarbonisatie door waterstof als nieuwe energiebron te integreren in haar chemische cluster. Een voorbeeld van dat initiatief is de bouw van ‘s werelds eerste waterstofsleepboot, in samenwerking met ABC, een Belgisch bedrijf gespecialiseerd in scheepsmotoren dat 112 jaar geleden werd opgericht. Dankzij de ontwikkeling van de waterstofmotor, mag ABC zich een innovatievoorloper noemen.

Dergelijke projecten zijn mogelijk dankzij een innovatie-ecosysteem en de samenwerking tussen verschillende Belgische partners. De samenwerking tussen publieke en private spelers draagt ertoe bij dat de haven haar missie kan vervullen, haar efficiëntie verhogen en de ontwikkeling van dergelijke innovaties stimuleren. Ook de Universiteit Antwerpen is een belangrijke partner met haar initiatieven ‘Blue Chem’ en ‘Blue App’, twee incubatoren en onderzoeksgroepen die zich toeleggen op de ontwikkeling van de nieuwe chemie.

België, draaischijf voor waterstof

De haven van Antwerpen is voorzitter van de Belgian Hydrogen Council, een hub die België wil positioneren als dé draaischijf voor waterstof. De raad speelt een coördinerende rol bij de bevordering van waterstof. Geleid door WaterstofNet en Cluster Tweed, brengt hij bedrijven, onderzoekscentra (zoals Catalisti) en openbare instellingen samen met als doel de invoering van waterstof in België en daarbuiten te versnellen.

De Belgian Hydrogen Council fungeert als een katalysator om het Belgische waterstofecosysteem in de voorhoede van duurzame energieoplossingen te positioneren.

Innovatie gaat niet enkel over technologie, het is ook het resultaat van een voorbeeldige samenwerking tussen een groot aantal spelers. Dat maakt duidelijk dat de toekomst van de haven afhangt van een collectieve aanpak op nationale én op internationale schaal. De Belgian Hydrogen Council werkt samen met partners zoals de havens van Cotonou en Doha om haar innovaties over te dragen.

De haven is een mooi voorbeeld van samenwerking om groene of digitale innovatieprojecten vooruit te helpen. Het laat zien hoe gebundelde krachten bijdragen aan innovatie.

AFVALSORTERING:

WIJ HELPEN U GRAAG!

De Facilitator Bedrijfsafval van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest en het portaal Recycle BXL Pro ziin er om u als professional te helpen om snel alle informatie te vinden die u nodig hebt om uw afval in Brussel nog beter te beheren, met respect voor de natuur en de wet.

Of u nu een winkel, een restaurant of een kantoor beheert ... net zoals thuis, is het sorteren van afval in uw bedrijf verplicht. Met de invoering van nieuwe verplichtingen in 2023 (zoals bijvoorbeeld voedselafval en piepschuim), en de verplichting die er in 2025 aankomt voor textielafval, kan het al eens gebeuren dat u door de bomen het bos niet meer ziet. Dit is een geheugensteuntje om wat overzicht te krijgen en boetes te voorkomen.

BASISVERPLICHTINGEN

1. Sorteer uw afval correct: Sorteer het per afvalcategorie en zorg voor sorteerfaciliteiten zoals aparte vuilnisbakken voor elke afvalsoort.

2. Zorg voor een adequaat beheer van uw bedrijfsafval: Meng het afval van uw bedrijfsactiviteit nooit met huishoudelijk afval. Ofwel sluit u een contract af met een geregistreerde inzamelaar om uw gesorteerd afval op te halen en maakt u gebruik van zijn zakken

3. Bewaar het bewijs van goed beheer minstens 5 jaar: Als u uw afval correct beheert, ontvangt u een bewijs van dit goede beheer (ophaalcontract of bewijs van inzameling of verwerking).

Laat u bij twijfel of onzekerheden helpen door de Facilitator Bedrijfsafval. Zo vermijdt u ook boetes. Deze gratis dienst is bedoeld voor alle professionals en producenten van niet-huishoudelijk afval in Brussel, ongeacht of het gaat om bedrijven, winkels of overheidsinstanties.

Een beter afvalbeheer binnen uw organisatie, minder afval, beter sorteren –iedereen wint erbij!

Volgende hulpmiddelen zijn beschikbaar:

k een helpdesk om al uw afval-vragen te beantwoorden, k opleidingen om de sorteerverplichtingen beter te begrijpen en goede praktijken bij andere bedrijven te ontdekken,

k afvaldiagnoses om concrete voorstellen te krijgen om afval te verminderen en het beheer ervan te optimaliseren.

CONTACT EN INFORMATIE: recyclepro@leefmilieu.brussels

Meer info:

leefmilieu brussel .brussels

EUROPESE FINANCIËLE HEFBOMEN VOOR INNOVATIE

Wie als ondernemer op zoek gaat naar financiering voor zijn innovatieprojecten in Europa dreigt al snel z’n weg te verliezen. Er bestaat immers heel veel, en het is niet altijd even duidelijk wie waar terecht kan voor welke steun. We wijzen in dit artikel alvast de weg.

Er is Horizon Europe (zie verder); er zijn de European Structural and Investment Funds voor regionale ontwikkeling (waarbij het stimuleren van O&O een belangrijke rol kan spelen als bron van regionale vooruitgang); er is het Euratom Research and Training Programme voor nucleair onderzoek; er is InvestEU dat inzet op maatschappelijke uitdagingen en de promotie van innovatie; er is het Digital Europe Programme dat de opbouw van digitale capaciteit en infrastructuur in Europa voor digitale innovaties financiert (denk aan supercomputing, artificiële intelligentie en cyberveiligheid) … en ga zo maar door.

De doelstellingen van die steunprogramma’s overlappen met steunmaatregelen van andere overheden. Al te vaak vertaalt dit gebrek aan duidelijkheid zich in een lage absorptiegraad van beschikbare middelen.

HORIZON WIE?

Het belangrijkste Europese financieringsprogramma voor onderzoek, ontwikkeling én innovatie is Horizon Europe met een budget van 95,5 miljard EUR gespreid over de periode 2021-2027. Grosso modo is het programma opgebouwd uit drie pijlers:

1. Excellent science (25 mia EUR) – Gericht op de ondersteuning van toponderzoeksteams in fundamenteel wetenschappelijk onderzoek.

2. Global challenges & European industrial competitiveness (53,5 mia EUR) – Gericht op de ondersteuning van multidisciplinaire en -sectorale onderzoeks-, ontwikkelings-, en innovatieprojecten die het EU-beleid op vlak van duurzaamheid en competitiviteit moeten ondersteunen. De projecten worden onderverdeeld in verschillende clusters waaronder gezondheid, cultuur, veiligheid, (digitale) industrie, mobiliteit, voeding en landbouw.

“EUROPESE STEUN AANVRAGEN IS ADMINISTRATIEF ZWAAR EN COMPLEX”

3. Innovative Europe (13,6 mia EUR) – Gericht op de ondersteuning van baanbrekende en marktcreërende innovatie en innovatieecosystemen.

ONDERNEMINGEN VS. ONDERWIJSINSTELLINGEN

Het gros van de ‘Horizon Europe’-middelen zijn weggelegd voor pijler 2. De twee belangrijkste, ondernemingsgedreven clusters binnen die pijler zijn ‘Digital, Industry & Space’ (15,3 mia EUR) en ‘Climate, Energy & Mobility’ (15,1 mia EUR). Daarnaast zou ‘Innovative Europe’ (pijler 3) 70% van zijn middelen wijden aan start-ups en kmo’s. Gegeven de sterke rol van bedrijven in onderzoek en ontwikkeling (lees ook de Executive Insight, p. 4) zou je verwachten dat de bedrijfssector de grootste begunstigde is van die Europese middelen.

1 Europese Commissie (2024). R&I Country Profiles, via https:// dashboard.tech.ec.europa.eu/ qs_digit_dashboard_mt/public/ sense/app/1213b8cd-3ebe-4730b0f5-fa4e326df2e2/ sheet/0c8af38b-b73c-4da2ba41-73ea34ab7ac4/state/ analysis

2 Op EU-niveau konden hogere onderwijsinstellingen en onderzoeksinstellingen op ongeveer 60% rekenen van de nettosteun. Terwijl de bedrijfssector ongeveer 29% van de steun ontving.

3 Draghi, M. (2024). The future of European competitiveness: A competitiveness strategy for Europe. p. 25

Niet dus. In België konden in de eerste plaats de Vlaamse universiteiten en onderzoeksinstituten rekenen op steun, goed voor ongeveer 51% van de totaal ontvangen steun (1,24 mia EUR nettosteun). De bedrijfssector ontving 17,6% (0,43 mia EUR 1-2). De verklaring hiervoor is dat de onderzoeks- en onderwijsinstellingen meer betrokken zijn bij fundamenteel en experimenteel onderzoek. Dat blijft de voornaamste focus van het programma. Bovendien zijn die instellingen beter vertrouwd met het aanbod en de procedures en beschikken ze over voldoende administratieve capaciteit en expertise.

In zijn rapport over de toekomst van het Europese concurrentievermogen wijst ook Mario Draghi, voormalig voorzitter van de Europese Centrale Bank, op dit pijnpunt, naast het feit dat de beschikbare middelen ondermaats zijn in vergelijking met budgetten die de VS vrijmaken: “... [Horizon Europe] is spread across too many fields and access is excessively complex and bureaucratic. It is also insufficiently focused on disruptive innovation. The EU’s key instrument to support radically new technologies at low readiness levels – the European Innovation Council’s (EIC) Pathfinder instrument – has a budget of EUR 256 million for 2024, compared with USD 4.1 billion for US Defence Advanced Research Projects Agency (DARPA) and USD 2 billion for the other ‘ARPA’ [(Advanced Research Projects)] agencies. It is also mostly led by EU officials rather than top scientists and innovation experts.” 3

WAAR MOET U ZIJN?

1.EU Funding & Tenders Portal

Een onderneming die een beroep wil doen op financiering binnen één van de clusters in pijler 2 van Horizon Europe moet een voorstel indienen op één van de projectoproepen die het beste bij zijn activiteiten en project past. Alvorens zich kandidaat te stellen is het essentieel om een solide dossier voor te bereiden, inbegrepen een gedetailleerde beschrijving van het project, een duidelijk financieel plan en steunbrieven van partners.

Meer info op https://ec.europa.eu/info/fundingtenders/opportunities/portal/screen/home

Bron: Europese Commissie (2021): The EU Research & Innovation Programme 2021 – 27

2. European Innovation Council (EIC)

De EIC werd in het leven geroepen om de financiering meer in te zetten op effectieve innovatieprojecten 4

Het EIC moet een one-stop-shop zijn waarbij financiering onder de vorm van subsidies en directe investeringen wordt aangevuld met diensten zoals aangeboden bij een businessaccelerator (coaches, mentors en netwerken).

De EIC biedt drie trajecten, afhankelijk van de fase waarin het project zich bevindt (technology readiness level (TRL)):

• EIC Pathfinder – Early stage, fundamenteel onderzoek

• EIC Transition – Mature stage, ontwikkeling en toepassing

• EIC Accelerator – Late stage, vermarkten en opschalen

Meer info op https://eic.ec.europa.eu/eic-funding-opportunities_en

Praktische info en begeleiding

Op zoek naar een aanspreekpunt voor praktische informatie en begeleiding bij uw aanvraag bij Horizon Europe?

U vindt een gepast ‘National Contact Point’ via https://eic.ec.europa.eu/eic-funding-opportunities_en

BELGISCHE FARMA ACTIEF IN INNOVATIVE HEALTH INITIATIVE

Sinds 2008 werkt het Belgische biofarmaceutisch bedrijf UCB samen met de Europese Commissie en tientallen andere Europese sectorgenoten onder het ‘Innovative Health Initiative’. Dit publiekprivate initiatief is een verzameling van meerjarenprojecten rond diverse topics in samenwerking met onder meer academici, ziekenhuizen, beleidsmakers en regulatoren. Het totale budget zou tegen 2027 iets meer dan 7 miljard EUR bedragen.

“Bij de start heette deze ‘joint undertaking’ of gemeenschappelijke onderneming nog het ‘Innovative Medicines Initiative’. Met de transitie naar ‘Innovative Health Initiative’ in 2021 kunnen we in ons ecosysteem meer transversale thema’s aanpakken en zodoende Onderzoek & Innovatie, vooral op vlak van gezondheid, op een holistische manier benaderen”, legt Jiri Keirsse uit. Hij is Hd Public-Private Partnerships & Innovation Strategy van UCB. “In lijn met Europese strategische richtlijnen, laat dat ons toe om op projectniveau heel diverse opportuniteiten en problemen te behandelen over de volledige waardeketen. Denk aan initiatieven rond innovatieve methodes om het gebruik van proefdieren te minimaliseren, de optimalisering van de klinische ontwikkeling van geneesmiddelen voor zeldzame ziektes, alsook de verduurzaming van productieprocessen.”

'Matched-funding'-principe

Dat soort partnerschappen is uniek in de wereld dankzij haar 'Matchedfunding'-principe. Bij de start van ieder project verbindt een bedrijf zich ertoe een zekere ‘waarde’ bij het project in te brengen. Bijvoorbeeld onder de vorm van het delen van expertise, data of resultaten van afgelopen

4

onderzoeken …, gekoppeld aan een financiële ondersteuning. In ruil geeft Horizon Europe de publieke partners een een-op-eenvergoeding om hun acties binnen het project uit te rollen. Deze indirecte publieke financiering creëert de juiste incentives voor bedrijven om mee te werken aan gezamenlijke oplossingen die het bedrijfsniveau overstijgen.

“INDIRECTE PUBLIEKE FINANCIERING CREËERT DE JUISTE INCENTIVES VOOR BEDRIJVEN”

Jiri Keirsse: “Dankzij dat soort ‘joint undertakings’ kunnen we enerzijds onze ervaring en kennis delen en worden we anderzijds gevoed met de expertise in het ecosysteem. Tegelijk kunnen we op een transparante manier in contact treden met beleidsmakers en regulatoren. Zo kan worden meegedacht aan oplossingen voor industriespecifieke problemen. Een mooi voorbeeld is de praktische implementatie van de nieuwe PFAS-regulering.”

Meer succesverhalen van het Innovative Health Initiative leest u op www.ihi.europa.eu/about-ihi/impact

Niet te verwarren met de ‘European Council of Innovation and Research’ die in de eerste plaats de Europese Commissie met advies bijstaat.

Have more impact with our webcast solutions

The Federation of Enterprises in Belgium (FEB)  has set up a state-of-the-art webcast and video studio in the heart of Europe. We offer a cost-effective way to create impactful video content and increase your communication reach.

How we can make all the difference for you

• Webinars, live streams and webcasts from our professional studio in Brussels with full technical, audiovisual and content support

• Personalised coaching to help you prepare and present your live webinar, keynote video or vlog recording

• Time-efficient video productions and live webinars with a clear return on investment

• Facilitating hybrid events in collaboration with BeVenue, the FEB conference center in central Brussels

• Professionals ready to design your slides, visuals, graphical videos and animations if you don’t have the time

• Client-focused approach

• Fair and affordable rates

• GDPR-compliant streaming platforms

Interested?

We would be delighted to tell you more about our customised and integrated solutions!

Pierre Seghers bevenue@vbo-feb.be

BeVenue

Rue Ravensteinstraat 4 - 1000 Brussels

Tel. 00 32 2 515 09 64

Brought to you by:

INNOVATIE TEN DIENSTE VAN DE DECARBONISATIE

De strijd tegen klimaatverandering en de transitie naar een duurzame economie stonden centraal in de prioriteiten van de laatste Europese legislatuur. De Europese Unie (EU) ondernam ongeziene stappen om die doelstellingen te bereiken, onder meer door middel van de Green Deal en diverse klimaatbeleidsmaatregelen voor de vermindering van de uitstoot van koolstofdioxide (decarbonisatie).

Die nieuwe maatregelen bevatten zuiver kwantitatieve doelstellingen, zoals een vermindering van de uitstoot met 55% tegen 2030 en klimaatneutraliteit tegen 2050, maar evengoed trachtte Europa de bedrijven ook in de juiste richting te sturen.

Innovatie is de weg die het daarvoor voor ogen had. Het is een van de weinige manieren om aanzienlijke vooruitgang te boeken in het bereiken van onze doelstellingen voor een koolstofarme economie. Of het nu gaat om proces- of productinnovatie, de meeste grote bedrijven die door de maatregelen worden getroffen, zijn begonnen met hun impact op de omgeving en de wereld grondig onder de loep te nemen.

DE GREEN DEAL IN DE VOORHOEDE VAN INNOVATIE

In 2015 verbonden de Europese landen zich ertoe de doelstellingen van het akkoord van Parijs te halen. De EU hoopt die doelstellingen te bereiken via haar globale strategie voor een duurzame economische transitie: de Green Deal.

Die strategische roadmap, aangenomen in 2019, heeft tot doel de EU tegen 2050 klimaatneutraal te maken. De Green Deal omvat in het bijzonder een reeks beleidslijnen en maatregelen om het gebruik van hernieuwbare energie te stimuleren, de energie-efficiëntie te verbeteren en de uitstoot van broeikasgassen terug te dringen. Dat heeft geleid tot de goedkeuring van de Europese klimaatwet die de doelstelling van klimaatneutraliteit tegen 2050 vastlegt en een vermindering nastreeft van de uitstoot van broeikasgassen met 55% tegen 2030. Een bekend onderdeel van dat pakket is het emissiehandelssysteem (ETS I). Dat is een mechanisme dat werkt op basis van een ‘markt in emissierechten’. Het heeft tot doel de uitstoot van broeikasgassen te drukken door kosten toe te wijzen aan de emissies (of ‘emissierechten’) die worden gegenereerd door de activiteiten van bepaalde bedrijven in de energiesector, de energie-intensieve industrieën, de luchtvaart en de maritieme sector.

Dat kader speelt dus een cruciale rol in de klimaatinspanningen van de EU en stimuleert innovatie in de betrokken sectoren. Aan de ene kant dwingen de opgelegde doelstellingen bedrijven om zichzelf opnieuw uit te vinden en hun processen en producten te transformeren. Onder ETS I worden bedrijven bijvoorbeeld aangemoedigd om geavanceerde technologische oplossingen te ontwikkelen waarmee ze hun koolstofvoetafdruk kunnen verkleinen, waardoor ze minder emissierechten moeten betalen.

Aan de andere kant ondersteunen financiële incentives en subsidies die deel uitmaken van verschillende EUprogramma’s, zoals Horizon Europe (lees ook ‘Europese financiële hefbomen voor innovatie', p. 10), onderzoek en ontwikkeling op het vlak van (groene) technologie.

Bovendien stimuleert ook de circulaire economie, gepromoot door het EU-actieplan voor een circulaire

economie 1, innovatie door het aanmoedigen van hergebruik, reparatie en recyclage van materialen. Op die manier neemt niet alleen de hoeveelheid afval af, maar ook de vraag naar grondstoffen, wat bijdraagt aan een algehele vermindering van de uitstoot.

Kortom, innovatie is cruciaal om onze doelstellingen voor de decarbonisatie van onze economie te bereiken.

“DE MEESTE GROTE BEDRIJVEN ZIJN BEGONNEN MET HUN IMPACT

OP DE OMGEVING EN DE WERELD GRONDIG ONDER DE LOEP TE NEMEN”

Het is ook essentieel om de verschillende manieren waarop we kunnen innoveren te begrijpen. Hoewel we bij innovatie meteen denken aan productinnovatie, zoals de ontwikkeling van zonnepanelen, windmolens, nieuwe technologieën voor energieopslag en groene waterstof, kan innovatie nog vele andere vormen aannemen.

• Procesinnovatie: De elektrificatie van proceswarmte door middel van warmtepompen en het gebruik van HVO als alternatieve brandstof 2 zijn allebei goede voorbeelden van innovaties die hetzelfde resultaat bereiken en tegelijkertijd de uitstoot verminderen.

• Financiële innovatie: De introductie van groene premies, evenals de prijs van het product en steunfondsen zoals het EU-innovatiefonds en het Just Transition Fund, zijn innovatieve benaderingen om de ecologische transitie aan te moedigen.

• Systeeminnovatie: Bij deze benadering gaat het niet alleen om het verbeteren van een product, maar om het transformeren van het hele systeem eromheen. Ontwrichtende regelgeving zoals het ‘Fit for 55’-pakket en de bijbehorende mechanismen zoals ETS I, zijn daar goede voorbeelden van, net als de installatie van nieuwe transmissie- en distributie-infrastructuren om de elektrificatie van bedrijven te vergemakkelijken.

Innovatie, in al haar vormen, is dus een essentiële hefboom voor een geslaagde transitie richting een koolstofarme toekomst. De keuze voor een holistische benadering en het aanmoedigen van verschillende dimensies van innovatie laat niet alleen toe om onze klimaatdoelstellingen te bereiken, maar stimuleert ook een duurzame, inclusieve groei.

1 Een nieuw actieplan voor een circulaire economie - Bureau voor publicaties van de Europese Unie (europa.eu).

2 HVO is een synthetische brandstof gemaakt van plantaardige oliën of afval.

HOLCIM: “DE BOUW ZAL EEN SLEUTELROL SPELEN IN DE TRANSITIE NAAR EEN KOOLSTOFARME ECONOMIE.”

Bedrijven spelen een centrale rol in de groene transitie. Neem het voorbeeld van Holcim, wereldleider op het gebied van bouwmaterialen. Holcim heeft ambitieuze decarbonisatiestrategieën aangenomen door te investeren in innovatieve technologieën om de CO2uitstoot in zijn productieprocessen te verminderen.

Stany Vaes, Director Sustainability & Corporate Affairs, vertelt ons meer over de ambities en uitdagingen die zijn sector te wachten staan bij deze belangrijke verschuiving.

Hoe integreert Holcim duurzaamheid en decarbonisatie in zijn wereldwijde strategie?

“Duurzaamheid zit in ons DNA en vormt de kern van onze bedrijfsstrategie. We hebben een duidelijke roadmap ontwikkeld op weg naar klimaatneutraliteit in 2050, in lijn met de wereldwijde doelstelling van +1,5°C. We werken intensief aan het koolstofarm maken van de bouwsector, van de productie tot het beheer van de volledige levenscyclus van gebouwen.”

Wat doet Holcim specifiek in België?

“Een van onze grootste projecten in België is GO4ZERO. Dat is een cementfabriek met een nieuw droog procedé voor het maken van een nieuwe generatie klinkers, aan de hand van oxyfueltechnologie 3 . Daarmee winnen we meer dan 40% aan energie-efficiëntie, waardoor we met de nieuwe oven de CO2-uitstoot met 30% terugdringen. Door restwarmte in onze productiegassen te gebruiken, kunnen we tot 50 GWh koolstofvrije elektriciteit produceren.

De GO4ZERO-fabriek streeft ernaar koolstofneutraliteit te bereiken in 2030 en zo een operationele bijdrage te leveren aan de doelstellingen van de Europese Green Deal. De CO2 zal worden opgevangen, vervoerd en opgeslagen in zoutwatervoerende grondlagen of lege gasbellen onder de Noordzee.”

Wat zijn de grootste uitdagingen voor het terugdringen van de CO2-uitstoot in uw sector?

“De grootste uitdaging ligt in de adoptie van nieuwe technologieën, die behalve technische risico’s, ook dure en risicovolle servicecontracten met zich meebrengen, onder meer voor CO2-opvang en -opslag. Die oplossingen bevinden zich nog in een vroeg stadium en vereisen aanzienlijke investeringen. Voor cementproducenten zoals Holcim België zijn de investeringskosten bijzonder hoog door de omvang van hun productieactiviteiten. In België is bijvoorbeeld de infrastructuur voor het vervoeren van CO2 nog niet volledig ontwikkeld. Dat vraagt tijd en samenwerking

met de overheid en andere industrieën. Grote infrastructuurprojecten, zoals CO2-pijpleidingen, vergen tijd en investeringen.

Holcim België moet op die uitdagingen inspelen door actief deel te nemen aan de ontwikkeling van CCS-projecten (carbon capture and storage) in België en Europa. Dat betekent dat het waarschijnlijk zal moeten samenwerken met de overheid en andere industriële partners om te pleiten voor meer investeringen in CCS-infrastructuur.”

Hoe beïnvloedt Europees beleid, zoals de Green Deal en het ETS, uw initiatieven?

“De Green Deal en het ETS hebben een enorme impact. Ze moedigen ons aan om te investeren in processen met een lage CO2-uitstoot, de circulaire economie en duurzame energie. De regelgeving stimuleert innovatie en spoort ons aan om snel in te spelen op strengere duurzaamheidsvereisten. Dat zal de duurzame ontwikkelingen in de bouwmaterialenindustrie versnellen.

Tegelijkertijd hebben we rechtszekerheid nodig, vooral met betrekking tot het nastreven van een ambitieus milieubeleid en de correcte uitvoering van het CBAM (mechanisme voor koolstofcorrectie aan de grens).”

Hoe ziet u de toekomst van de bouwmaterialenindustrie in het huidige duurzaamheidskader?

“De bouwsector zal een sleutelrol spelen in de transitie naar een koolstofarme economie. De strengere regelgeving en een groeiende vraag naar duurzame oplossingen zullen de sector grondig veranderen. Innovatie op het vlak van materialen, digitalisering, hergebruik en energie-efficiëntie zullen steeds belangrijker worden. In de bouwsector zal elke schakel in de waardeketen steeds meer moeten samenwerken om de uitdagingen die voor ons liggen aan te gaan. Bedrijven die nu al investeren in duurzame technologieën zullen het best geplaatst zijn om deze transitie door te maken en de klimaatdoelstellingen van Europa en België in het bijzonder te halen.”

3 Verbranding door zuivere zuurstof in plaats van lucht

ONZE PRAKTISCHE GIDSEN

ONMISBAAR VOOR SECTORFEDERATIES EN BEDRIJVEN

ONDERSTAANDE RECENTE GIDSEN BIEDEN U ALVAST HEEL WAT INFORMATIE, ADVIEZEN EN RICHTSNOEREN, WAARMEE U MORGEN AL AAN DE SLAG KUNT.

HET UBO-REGISTER

ESG-RAPPORTAGE

TWEE E-GUIDES HELPEN GROTE ONDERNEMINGEN EN KMO'S OP WEG

Ontdek de nieuwste updates van onze twee succesvolle e-guides over ESG-rapportage en de praktische uitwerking ervan.

vbo.be > publicatie > esg-rapportage

FAIR PLAY WINT

FEDERATIES EN MEDEDINGINGSREGELS 2024

Ook sectorfederaties staan nu onder strenger toezicht van mededingingsautoriteiten. Voorkom juridische risico's en inbreuken op het mededingingsrecht met deze up-to-date gids, boordevol praktische inzichten voor uw organisatie.

vbo.be > publicatie > Fair play wint

IN 5 STAPPEN NAAR EEN CORRECTE REGISTRATIE

Met deze praktische publicatie gaat u direct aan de slag om uw UBO-gegevens correct en volledig te registreren, in slechts vijf eenvoudige stappen. Uitgegeven in samenwerking met de Algemene Administratie van de Thesaurie.

vbo.be > publicatie > UBO-register

15 VOORSTELLEN VOOR MINDER ADMINISTRATIEVE LASTEN

Het VBO presenteert 15 concrete vereenvoudigingsvoorstellen die na uitvoerige bevragingen en gesprekken met bedrijven en sectorfederaties zijn ontwikkeld. Door deze voorstellen in de praktijk te brengen, kan de administratieve belasting voor bedrijven met wel 50% afnemen.

vbo.be > publicatie > 15 voorstellen

AI-REGELGEVING BOOST OF REM VOOR INNOVATIE?

Met ‘industrie 4.0’ zitten we volop in de vierde technologische revolutie, waar AI een centrale plaats inneemt. Het is immers de drijvende kracht achter de digitale transformatie. De ontwikkeling van AI biedt oplossingen voor wereldwijde noodsituaties zoals het beheersen van de bevolkingsgroei en het bestrijden van klimaatverandering. De technologie werpt ook ethische, juridische en maatschappelijke vragen op. Geconfronteerd met die uitdagingen, introduceerde de EU de AI Act, een wettelijk kader om de regels voor AI te harmoniseren. Maar is die wetgeving nu een katalysator of een rem voor O&O en innovatie in Europa?

De AI Act die de EU goedkeurde, volgt een risicogebaseerde aanpak: hoe risicovoller de AI-toepassingen, hoe strenger de regels. Die benadering probeert een evenwicht te vinden tussen de vooruitgang die AI biedt en de noodzakelijke bescherming van burgers tegen inbreuken op hun privéleven.

Europa onderscheidt vier risiconiveaus: minimaal risico, specifiek transparantierisico, hoog risico en onaanvaardbaar risico. Met dat kader wil de EU verantwoorde en ethische innovatie bevorderen.

AI IN DE WERELD VAN WERK

De potentiële voordelen van AI voor de economie zijn aanzienlijk en kunnen tot een ingrijpende transformatie leiden. Het is essentieel dat bedrijven een duidelijke strategie hanteren. Net zo belangrijk is het om werknemers te ondersteunen en op te leiden in het gebruik van die tools, door ze een veilige omgeving te bieden waarin ze vol vertrouwen kunnen experimenteren met AI-technologieën en ze zich helemaal eigen kunnen maken.

“DE POTENTIËLE VOORDELEN

VAN AI VOOR DE ECONOMIE

ZIJN AANZIENLIJK EN KUNNEN

TOT EEN INGRIJPENDE

TRANSFORMATIE LEIDEN”

De belangrijkste voordelen zijn:

1. Verbeterde productiviteit: Ongeveer 80% van de AI-gebruikers meldt betere prestaties dankzij beter geïnformeerde besluitvorming.

2. Positief effect op het welzijn van werknemers: Door repetitieve taken te automatiseren, maakt AI tijd vrij voor meer verrijkende activiteiten, zoals opleiding of verlof.

3. Ontwikkeling van vaardigheden: Bedrijven investeren in opleiding om andere vaardigheden te ontwikkelen.

4. Behoud van jobs: In tegenstelling tot de angst voor massale vernietiging van jobs, wordt AI gebruikt om werknemers aan te vullen in plaats van te vervangen. Bedrijven verbeteren liever de vaardigheden van hun werknemers dan ze te vervangen.

Al die voorbeelden tonen aan dat AI, indien correct ingezet, een krachtige hefboom kan zijn voor positieve transformatie, zowel voor de productiviteit als voor het welzijn van werknemers.

DE JUISTE BALANS TUSSEN REGULERING EN INNOVATIE

AI kan ook worden ingezet om innovatie tot het uiterste te drijven. Het stimuleert bedrijven om hun processen te herbekijken en meer te innoveren. Al te rigide regelgeving zou dat momentum echter kunnen afremmen en Europese bedrijven benadelen ten opzichte van hun concurrenten in regio’s waar de regels flexibeler zijn. Precies daarom is het essentieel om een evenwicht te vinden tussen regelgeving en concurrentievermogen.

Er zijn verschillende manieren om innovatie aan te moedigen en tegelijkertijd de regelgeving na te leven:

1. Steun voor kmo’s: Kmo’s spelen een sleutelrol in innovatie. De EU zou haar steun kunnen opdrijven door middel van subsidies, belastingkredieten of eenvoudigere toegang tot AI-technologieën.

2. Sandboxes voor regelgeving: Die gecontroleerde omgevingen stellen bedrijven in staat om AI-oplossingen te testen in overeenstemming met de regelgeving zonder zware boetes te moeten vrezen. Dat stimuleert experiment en innovatie in een beveiligde omgeving.

3. Administratieve vereenvoudiging: Door de administratieve procedures voor de invoering van AI minder ingewikkeld te maken, kunnen bedrijven zich bezighouden met innovatie in plaats van met bureaucratie.

4. Samenwerking tussen lidstaten: Het delen van middelen en kennis tussen Europese landen zou innovatie op continentale schaal kunnen versnellen.

AI heeft het potentieel om grote economische sectoren te transformeren en biedt ongekende mogelijkheden. Om het volledige potentieel ervan te benutten, moet België zorgvuldig laveren tussen de regelgeving die nodig is om burgers te beschermen, en de vrijheid om te innoveren. De AI Act is een eerste stap in de richting van harmonisatie van de regels, maar het valt nog te bezien hoe dat wettelijk kader in de praktijk zal worden omgezet.

“BELGIË MOET ZORGVULDIG

LAVEREN

TUSSEN REGELGEVING

OM TE BESCHERMEN EN VRIJHEID

OM TE INNOVEREN”

Door kmo’s te ondersteunen, administratieve procedures te vereenvoudigen en samenwerking bij het gebruik van AI aan te moedigen, kan de Europese Unie met de AI Act O&O en innovatie een enorme boost geven. Precies in dat evenwicht ligt de sleutel tot succes voor de toekomst van AI in Europa.

Bozar Membership

Listen to Your Art

Great art needs great people

Join our community of patrons and enjoy exceptional concerts, exhibitions, films, talks, performances and other premium events.

Make your choice between our 5 exclusive memberships

You wish to join?

For more information, contact: maecenasrelations@bozar.be www.bozar.be

Bozar Experience A SmArt Choice

Let art be part of your event

Art is an inexhaustible source of inspiration and emotion. Share a unique and magical experience with your clients or colleagues at a concert or a private visit to one of our exhibitions.

Discover our Corporate Hospitality programme

For more information, contact: helene.fraipont@bozar.be or 0494 573 578 www.bozar.be

DISCREET, MAAR CRUCIAAL

WIE KENT DE ‘HIDDEN CHAMPIONS’?

Hebt u al gehoord van ‘hidden champions’?

Het zijn zeer succesvolle ondernemingen, echte kampioenen, die opereren ergens verborgen in de kloof tussen opkomende start-ups en grote multinationals. Daarom zijn het vaak onbekende ondernemingen, die niettemin schitterende resultaten kunnen voorleggen, zonder daarover veel ophef te maken. En daar bestaat dus een term voor: hidden champions. Het begrip definieert een groep middelgrote ondernemingen die op internationaal niveau hun nichemarkt domineren, en tegelijk relatief anoniem blijven.

Toch spelen ze een cruciale rol in onze economieën.

HOE HERKEN JE EEN HIDDEN CHAMPION?

• Marktleiderschap: Het gaat om ondernemingen die internationaal doorgaans op nummer één, twee of drie staan in hun vakgebied.

• Specialisatie: Ze richten zich op specifieke sectoren, waardoor ze een bijzondere expertise kunnen ontwikkelen en producten of diensten van uitzonderlijke kwaliteit kunnen aanbieden.

• Discretie: Omdat ze actief zijn in nichemarkten en vaak industriële klanten bedienen (b2b en niet b2c), investeren ze weinig in massamarketing, waardoor ze minder zichtbaar zijn.

• Innovatie: Innovatie staat centraal in hun strategie, ze investeren bijzonder veel in nieuwe technologieën.

• Klantgerichtheid: Ze onderhouden een bevoorrechte relatie met hun klanten, begrijpen hun behoeften uitzonderlijk goed en spelen er zeer efficiënt op in.

• Bedrijfscultuur: Ze zetten in op een sterke bedrijfscultuur, gebaseerd op bijscholing, loyaliteit en langetermijnmanagement.

• Bedrijfsgrootte: Het zijn ‘grote kmo’s’ met ten minste 50 werknemers.

INNOVATIE CENTRAAL

Innovatie is een van de belangrijkste stuwende krachten van hidden champions. In tegenstelling tot grote multinationals, die de mogelijkheid hebben om in verschillende sectoren te diversifiëren, kiezen zij ervoor om hun inspanningen te concentreren op de voortdurende verbetering van hun producten en diensten. Ze beschikken over een bijzonder robuuste O&O-afdeling en investeren er veel in. Die aanpak stelt hen in staat om experts in hun vakgebied en leiders in hun sector te worden.

België telt heel wat hidden champions die dat model van discreet succes perfect illustreren:

1. Gymnova staat bekend om zijn turntoestellen en is een onmisbare speler in de sportwereld. Hun producten staan synoniem voor kwaliteit en innovatie en worden wereldwijd gebruikt in internationale wedstrijden, zoals de Olympische Spelen van Parijs. Gymnova is een toonaangevende leider in zijn sector.

2. ABC is gespecialiseerd in het ontwerp van hoogwaardige diesel- en gasmotoren en wist zich te onderscheiden door betrouwbare oplossingen te bieden voor industriële en maritieme toepassingen. ABC exporteert het grootste deel van zijn productie.

3. Pranarom richtte zich in eerste instantie op essentiële oliën en aromatherapeutische producten, maar wist zich door de ontwikkeling van een uitgebreid assortiment natuurlijke gezondheids- en welzijnsoplossingen te diversifiëren. De onderneming groeide uit tot een referentie in de sector.

4. Ecosteryl specialiseerde aanvankelijk in de productie van mijnbouwmachines, maar vond zichzelf opnieuw uit door te focussen op de verwerking van medisch afval. Ecosteryl exporteert vandaag 100% van zijn productie en draagt bij aan de circulaire economie.

5. Cartamundi, wereldleider in de productie van speelkaarten en bordspellen, combineert traditioneel vakmanschap met innovatieve technologieën en kan daardoor kwalitatief hoogwaardige producten aanbieden. De onderneming is aanwezig in meer dan veertig landen en breidt zijn activiteiten uit met digitale speloplossingen.

6. EVS pioniert met livevideoproducties en is een wereldwijde referentie voor televisie-uitzendingen van sport- en entertainmentevenementen zoals de Olympische Spelen of het WK voetbal. De onderneming specialiseert in systemen voor realtime-uitzendingen.

7. Thermote & Vanhalst specialiseerde zich in de levering van onderdelen voor industriële, bouw- en landbouwmachines, en werd zo een reus in de logistieke en onderhoudssector.

8. Nats Rawline legt zich toe op natuurlijke voedingsproducten en wist naam te maken op de markt voor gezonde en innovatieve voeding. Door bewust te kiezen voor kwaliteitsvolle ingrediënten en ethische productiewijzen bouwde de onderneming, zowel in België als in het buitenland, een trouw klantenbestand op.

EEN DISCRETE MAAR CRUCIALE ROL IN DE BELGISCHE ECONOMIE

Deze Belgische hidden champions kunnen allemaal indrukwekkende prestaties voorleggen. Hun vermogen om te innoveren, hun niet-aflatende zoektocht naar kwaliteit en hun uitgekiende strategieën om concurrerend te blijven, maken van hen belangrijke economische spelers. Ze bewijzen dat het mogelijk is om nichemarkten te domineren zonder deel uit te maken van grote wereldwijde multinationals. Ze tonen aan dat hun succesverhalen worden geschreven door trouw te blijven aan waarden als specialisatie, innovatie en kwaliteit.

Maar los van deze successen, is het vooral belangrijk om te benadrukken dat België over heel wat uitzonderlijke capaciteiten en een opmerkelijk potentieel beschikt. Ons land is een bron van talentvolle en innovatieve ondernemingen, die met de allerbesten kunnen concurreren.

Hidden champions tonen perfect hoe ondernemingen, dankzij innovatie en specialisatie, geduchte concurrenten kunnen worden. Het zijn uitblinkers die België over de hele wereld doen schitteren.

“NICHELEIDERS DIE DE BELGISCHE EN MONDIALE ECONOMIE VORMGEVEN”

“DISCRETE INNOVATIE, WERELDWIJD SUCCES: DE VERBORGEN KAMPIOENEN VAN BELGIË”

INNOVATIE IS VAN NATURE ONVOORSPELBAAR

De Zweedse historicus, innovatiedenker en zelfverklaarde ‘New Optimist’ Johan Norberg ziet de toekomst niet zwart. “Failure is not failureit’s data to do better. Plan wisely, but be ready to adapt, and always remain optimistic.” Toch wordt zijn optimistische kijk op heden en verleden en de onmiskenbare rol van innovatie daarin, niet altijd even enthousiast gedeeld. Oordeel vooral zelf.

U beschouwt het kapitalisme van de vrije markt als de beste hoop voor de mensheid. Want het laat toe dat miljoenen ondernemers, investeerders en werknemers vrij kunnen experimenteren. Legt u dat even uit.

“Voor mij is het vrijemarktkapitalisme inderdaad de beste manier om oplossingen voor de problemen van de mensheid te crowdsourcen omdat het meer mensen de mogelijkheid biedt om te experimenteren met vreemde, nieuwe ideeën en om samen iets te creëren dat ons allemaal vooruithelpt. Bekijk de geschiedenis: we hebben recent 25 vreselijke jaren achter de rug, met de diepgaande financiële crises, de pandemie, de geopolitieke spanningen, Poetins invasie van Oekraïne. En toch waren die 25 afschuwelijke jaren tegelijk de 25 beste jaren in de geschiedenis van de mensheid. Zo is de levensstandaard, het bbp per hoofd van de wereldbevolking, met ongeveer een derde gestegen. Meer dan 130.000 mensen werden elke dag uit extreme armoede gehaald en de kindersterfte halveerde. Die objectieve indicatoren bewijzen dat we, ondanks alle problemen, iets goed doen. Problemen en spanningen zetten ondernemers en innovators aan om (technologische) oplossingen te bedenken, businessmodellen bij te sturen. Ondanks alle tegenwind creëren ze vooruitgang. Dat is voor mij de fundamentele waarde van het vrijemarktkapitalisme.”

WIE IS JOHAN NORBERG?

De waarde van economische vrijheid staat vandaag nochtans onder druk en de steun voor degrowth1 neemt toe. Moeten we economische groei niet in een meer eigentijds perspectief definiëren, weg van het bbp als alleenzaligmakende graadmeter? “Het bbp brengt niet alles in rekening, maar biedt tenminste een maatstaf die aanwijst tot wat we in staat zijn. In mensentaal: het meet of we vandaag competenter zijn dan gisteren. Maar, hoe meer verschillende maatstaven en data we kunnen hanteren, hoe beter. Het blijft wishful thinking dat we ooit met één overkoepelend evaluatie-instrument zullen kunnen aantonen of we alles goed of minder goed doen. Het bbp blijft een dominante graadmeter, maar misschien moeten we het op een betere manier interpreteren. Economische groei staat immers niet gelijk met overconsumptie of met productie die meer beslag legt op eindige natuurlijke hulpbronnen. Groei betekent niet ‘nog meer ingrediënten in de pot stoppen om grotere hoeveelheden voedsel te maken’, om de metafoor van de Amerikaanse econoom en Nobelprijswinnaar Paul Romer2 te gebruiken, maar wel ‘slimmere recepten bedenken om voedsel smaakvoller, gezonder en beter te maken’. Sommige van die slimme recepten vereisen zelfs minder ingrediënten dan voorheen. Voortdurend nadenken over hoe je slim en efficiënt met hulpbronnen omgaat, is een manier om meer groei te creëren en tegelijk de druk op het milieu te verminderen.”

1973 geboren in Stockholm, Zweden 1994 voelt zich als jongere aangetrokken tot anarchisme en linkse ideologieën. Later studeert hij geschiedenis aan de Universiteit van Stockholm 2001 breekt door met zijn boek, In Defense of Global Capitalism, waarin hij de voordelen van globalisering benadrukt 2003 sluit zich aan bij het Cato Institute, een vooraanstaand liberaal onderzoeksinstituut in de Verenigde Staten, als Senior Fellow 2007 publiceert Progress: Ten Reasons to Look Forward to the Future, waarin hij optimistisch is over de vooruitgang van de mensheid dankzij kapitalisme, wetenschap en technologie 2023 publiceert The Capitalist Manifesto: Why the Global Free Market Will Save the World, waarin hij opnieuw een pleidooi houdt voor de vrije markt en waarschuwt voor de gevaren van toenemende overheidsbemoeienis

1 Degrowth is een bewust veroorzaakte economische krimp in reactie op milieuproblemen en klimaatverandering.

2 Paul Michael Romer is de grondlegger van de endogene groeitheorie, waarin hij het spanningsveld beschrijft tussen schaarste aan hulpbronnen en mogelijk schadelijke bijeffecten van ontdekkingen en innovaties. Romer doet een beroep op de vindingrijkheid van de mens, want hoe meer duurzame ideeën, des te groter de kans op daadwerkelijke vooruitgang.

“DEGROWTH IS HET DOMSTE IDEE OOIT DOOR SLIMME MENSEN OP ONZE PLANEET VERDEDIGD”

Bloomberg-journalist Akshat Rathi stelt dat het kapitalisme een uitweg uit de klimaatcrisis kan bieden. Hij breekt een lans voor wat hij ‘klimaatkapitalisme’ noemt. Volgens hem is het “vandaag goedkoper om de aarde te redden dan om haar te vernietigen”. Volgt u zijn denken?

“Helemaal. Niet vanuit een metafysisch optimisme, maar omdat ik zie wat er gebeurt bij bedrijven en in welvarende landen. Niet toevallig konden de 40 meest innovatieve en rijkste landen op de planeet hun koolstofuitstoot in absolute termen verminderen. Ze wijzen anderen de weg. De enige manier om iedereen op aarde aan boord te krijgen van de klimaattransitie is de technologie zo betaalbaar maken dat minder klimaatvriendelijke alternatieven geen kans meer krijgen. In dat geval zijn politieke klimaatakkoorden die een beleid ‘pushen’ niet langer nodig. Elk land zal uit eigenbelang de juiste – lees goedkoopste –keuze maken. Aan de bedrijven om die innovatie te sturen, te voeden, efficiënt en op voldoende grote schaal te produceren en betaalbaar te maken.”

DE WEG VOORUIT

Als ik het goed begrijp, beschouwt u degrowth als een van de gevaarlijkste ideeën van onze tijd. En allerminst een duurzame oplossing. Waarom?

“Degrowth is het domste idee ooit door slimme mensen op onze planeet verdedigd. Gevaarlijk bovendien want au fond betekent het dat we op lange termijn

“RECHTSONZEKERHEID IS EEN GOEDE REDEN OM NOOIT DE VEILIGE GROT TE VERLATEN”

ons vermogen om te creëren, om nieuwe oplossingen te bedenken, afbouwen. En de economie herleiden tot een nulsomspel. Want de enige manier die dan nog rest om onze levensstandaard te verhogen of om nieuwe maatschappelijke problemen op te lossen (een pandemie, een milieugevaar …) is door de levensstandaard van anderen te verlagen. Zo creëer je tribalisme, een oorlog tussen belangengroepen. Dat zal onze milieuproblemen niet oplossen. Neem de coronapandemie. De hele wereld viel stil, vluchten bleven aan de grond, de handelsstromen versteenden … en toch daalde de wereldwijde koolstofuitstoot met amper 6% in 2020. Een peulschil om de doelstelling van het klimaatakkoord van Parijs te halen. Aan die snelheid zouden we elk jaar tot 2030 een pandemie nodig hebben, met alle negatieve gevolgen van dien voor de levensstandaard, de gezondheid en de sociale kansen van alle mensen op de planeet. Is dat de weg vooruit?”

Wat zet vandaag de grootste rem op de economische groei? Overmatige regelgeving? Tekort aan talent?

Boomende vergrijzing?

“Aan remmen geen tekort, laat staan dat we ze allemaal kunnen remediëren. Een belangrijk obstakel lijkt mij het tekort aan vrijheid om te innoveren. We hebben de neiging om door de regelgeving steeds risico-averser te worden. Innoveren gebeurt met vallen en opstaan. Af en toe zullen daarbij dingen ‘ontploffen’. Dan is het zaak te leren uit onze fouten. Vooral Europa is ziek in het bedje van overregulering. Economie-journalist

Alan Beattie, schreef ooit in de Financial Times: ‘Like the Tyrannosaurus rex in Jurassic Park, EU officials hunt by movement. If part of the economy is growing fast, they’re rapidly on its tail.’ Uiteraard zijn regels en voorschriften nodig, maar ze mogen experiment en trial-and-error niet blokkeren. Daarnaast maak ik me zorgen over het feit dat Europa te weinig werk maakte van zijn interne markt, en in het bijzonder van een geïntegreerde kapitaalmarkt. Het goede nieuws is dat er geen gebrek is aan inspirerende Europese ondernemers. Het slechte nieuws is dat velen aan de slag zijn in de Verenigde Staten. Want daar vinden ze durfkapitaal en veel meer marktmogelijkheden.”

Net zo stimulerend voor de innovatie-appetijt is rechtszekerheid en vertrouwen in de instellingen die de westerse democratie vormgeven. Politieke versplintering maakt dat steeds minder evident. Bereiken we de limiet?

“Het is al risicovol genoeg om iets helemaal nieuw te creëren. Voeg daar de complexiteit van onvoorspelbare regels aan toe en je verstikt de innovatiehonger. Rechtsonzekerheid is een goede reden om nooit de veilige grot te verlaten. Veel beleggers of investeerders verkiezen slechte, maar stabiele regels boven onvoorspelbaar, wispelturig beleid. Dat is iets waar politici en beleidsmakers volgens mij geen of onvoldoende rekening mee houden. Ze proberen elke eventualiteit in de toekomst te voorspellen en in regels te gieten. Fout, want innovatie is van nature

onvoorspelbaar. Veel regelgevers denken dat als de wereld complexer wordt, de regelgeving moet volgen. Het is net andersom. Hoe complexer het wordt, hoe belangrijker het is om basisregels te hebben die niet met elke eventualiteit rekening proberen te houden.”

U gelooft in zelfregulering? In bedrijven die zichzelf wel bijsturen als het de verkeerde richting uitgaat? “Zelfregulering is deel van de oplossing. Uiteraard heb je handhaving nodig om simultaan zelfregulering aan te moedigen en onbedoelde negatieve externe effecten te vermijden. Hoe je dat doet, op welke manier je ingrijpt in het ondernemingsproces, dat behoort tot de expertise van de bedrijven, niet van de beleidsmakers.”

(AB)NORMALE ORDE

De Amerikaanse verkiezingsstrijd, het groeiend politiek populisme, het tanende gevoel van burgerschap, het toenemend beleid op basis van de waan van de dag, … “Wat we vandaag als chaos beschouwen, is eigenlijk de normale toestand der dingen”, schreef de Amerikaanse conservatieve commentator David Brooks in 2019. Het lijkt alsof we nu terugkeren naar de normale orde van de 15de, 16e, 17e eeuw. Toen werden landen geleid door autocratische leiders met heel veel macht. Dat was heel gewoon.

We lijken vandaag terug gekatapulteerd naar die tijd. Chaos is de normale gang van zaken in de menselijke geschiedenis, maar we zijn dat vergeten geraakt. Volgt u die visie?

“HOE COMPLEXER DE WERELD WORDT, HOE GROTER DE NOOD

AAN MINDER REGULERING”

“Brooks heeft een punt voor wat betreft het grootste deel van de menselijke geschiedenis. Het leven was smerig, wreed en kort voor het gros van de bevolking. Tot 200 jaar geleden leefde bijna 90% van de wereldbevolking in extreme armoede. Terugkeren naar die autoritaire tijden zou betekenen dat we veel van ons maatschappelijk en technologisch vernuft zouden verliezen. Dat zie ik niet op een globale schaal gebeuren. Bovendien zou zo’n evolutie op grote weerstand botsen bij de goed opgeleide middenklasse. Die wil inspraak in het beleid en een minimum aan vrijheid in denken en doen. Het beste wat autocratie ons heeft geleerd is dat het niet werkt. Autocratische regimes beloven ‘de wereld’, maar als het aankomt op bekwaam regeren en het creëren van oplossingen voor de problemen van de mensen, zien we dat ze (gemiddeld over de hele wereld door de decennia heen) meestal falen.”

Is de democratie in gevaar?

“Ze wordt op zijn minst bedreigd. De wereldwijde indicatoren, graadmeters voor de liberale democratie, gaan achteruit. Kijk naar het groeiend populisme van zowel links als rechts in Hongarije, Turkije, Mexico, de Verenigde Staten … De afkalvende rechtsstaat, minder voorspelbare regels, ‘brandjes blussen’-

beleid maken het voor bedrijven niet makkelijker. Tegelijk zie ik dat in de VS de ‘checks and balances’ tot nu toe hebben standgehouden als vangrails, onder meer dankzij het geavanceerde regeringsmodel dat de founding fathers hebben uitgewerkt. Laat dat een les zijn voor die landen die vandaag over minder sterke gatekeepers beschikken om de instellingen, en dus de democratie, in evenwicht te houden. Alleen houd ik mijn hart vast voor de toekomst van het Amerikaanse democratisch bestel.”

Hoeveel tijd geeft u het Westen/Europa nog vooraleer het wordt gedomineerd door de oprukkende innovatiekracht van China (en bij uitbreiding de nieuwe economische hegemonie van de BRICS-landen)? Of herkent u in die evolutie een positief verhaal?

“Alles hangt af van onze reactie op de uitdaging. Opgeven is zeker geen optie. Het is niet omdat China een economische grootmacht is dat het op lange termijn productiever en innovatiever zal worden dan wij. Zelfs als klein land kun je ambitieus zijn en dingen laten gebeuren. Ik ben momenteel trouwens niet erg optimistisch over China. Het land kampt met een sterk vertragende inhaalgroei. Bovendien verliest het de komende decennia 200 miljoen arbeidsgeschikte inwoners, kijkt het tegen een enorme vastgoedcrisis aan en wordt een berg rommelschulden niet afgelost. Hoe de Chinezen die uitdagingen te boven zullen komen, hangt grotendeels af van hun innovatievermogen.”

En dat van Europa?

“Klopt. Ons economisch gewicht hangt af van het succes van onze innovatiestrategie. Op een aantal domeinen – denk aan elektrische voertuigen, batterijtechnologie – neemt China het voortouw. Daar kunnen wij uit leren. Laten we kansen creëren op basis van joint ventures en de Chinese investeringen in Europa. Laat ons verder bouwen op oplossingen die zij hebben bedacht door ze niet als bedreigingen maar als opportuniteiten te beschouwen.”

U pleit dus voor wereldwijde samenwerking in innovatie?

“Absoluut, op voorwaarde dat we terdege rekening houden met de veiligheidsagenda. We willen (en mogen) niet te afhankelijk worden van één speler. Een screeningmechanisme, zoals Europa3 en België dat uitrollen is zeker op zijn plaats. Maar ik blijf ervan overtuigd dat hoe meer innovators wereldwijd slimme oplossingen ontwikkelen, hoe beter voor de mensheid. Zaak is om er als land en bedrijf even slim – en snel –op in te spelen en er economisch voordeel uit halen.”

ER IS HOOP

Nog te veel O&O-afdelingen binnen bedrijven lijden aan het ‘not invented here’-syndroom en pikken baanbrekende ideeën of kennis uit de buitenwereld moeilijker op. Fout? Want innovatie en internationale en interdisciplinaire samenwerking gaan hand in hand.

“Die weerstand is een ongelukkige neiging in de menselijke natuur. We willen beschermen wat we met eigen middelen en liefde realiseren met het bedrijf. Alles wat van buiten komt, aanvaarden we moeilijker, vooral als het de eigen business en -cultuur kan verstoren. Het is een constante tweestrijd, maar wel een strijd die we nodig hebben. Je mag dan wel de slimste mensen in de kamer verzamelen, de kamer blijft klein en het meeste talent, de meeste ideeën bevinden zich buiten, in andere bedrijven, in andere landen, in andere mensen. We moeten dus constant vechten om die barrières te overbruggen. Kleine landen als België en Zweden moeten onthouden dat we in het grote geheel van de dingen vrij klein zijn en gemakkelijk uit de boot kunnen vallen. Daarom is het ongelooflijk belangrijk voor ons, als bedrijven en als naties en zelfs als individuen, om de buitenlandse netwerken van talent en uitwisseling aan te boren.”

En om fundamenteel en toegepast onderzoek nog beter op elkaar af te stemmen?

De O&O-spreidstand tussen beide is te breed en te risicovol geworden om nog op eigen kracht te kunnen overspannen. Akkoord?

“Veel Europese landen zijn sterk in fundamenteel onderzoek en het bedenken van nieuwe ideeën en

patenten, maar het ontbreekt hen aan inzet om die innovaties internationaal te vermarkten, op te schalen en te verzilveren. De ‘homo universalis’ Leonardo da Vinci (1452-1519) vond de helikopter uit, ontwierp een duikpak compleet met luchttank … maar niemand deed er iets mee. Stel je de technologische revolutie voor als hij toegang had gekregen tot productiecapaciteit, risicokapitaal …”

… en technologisch talent. Een land schiet zichzelf in de voet door (opnieuw) de grenzen te sluiten voor buitenlands talent. Zonder slimme economische migratie riskeert België een braindrain, toch?

“DOOR MIGRATIE UITSLUITEND ALS EEN BEDREIGING TE BESCHOUWEN, TORPEDEREN WE ONZE EIGEN ECONOMIE”

pakweg China op het vlak van AI. Dat is ook een

“Ik bracht recent veel tijd door in de VS en zag de geweldige vooruitgang die ze daar bereiken met AI. Maar als je goed kijkt met welk toptalent, dan zie je dat meer dan een kwart daarvan in China is geboren en meer dan 40% van elders in het buitenland komt. Het feit dat de VS openstaan voor het beste talent zorgt ervoor dat ze sneller vooruitgaan dan pakweg China op het vlak van AI. Dat is ook een les voor Europa. 90% van alle pas afgestudeerden, nieuw talent en nieuw management, bevindt zich buiten Europa. We moeten openstaan voor hun ideeën en dat talent aantrekken in onze bedrijven. Door migratie uitsluitend als een bedreiging te beschouwen, torpederen we onze eigen economie.”

Door migratie uitsluitend als een bedreiging

Kunnen we afsluiten met een boodschap voor ondernemend België?

achterophinkt en faalt in vergelijking met Op wereldvlak horen we nog altijd bij

EU-lidstaten uit Centraal- en Oost-Europa

Maar de resultaten verschillen van land

vrijheid en steun het bedrijfsleven in België is uitermate gunstig voor

Nu moeten jullie die voorsprong van de hele Europese markt als

“Europa meet zichzelf een soort masochistische houding aan door te denken dat het altijd achterophinkt en faalt in vergelijking met de VS en China. Niets is minder waar. Op wereldvlak horen we nog altijd bij de top. Tel de groeicijfers van de nieuwe EU-lidstaten uit Centraal- en Oost-Europa mee en je ziet dat Europa sinds 1990 bijna net zo snel groeide als Amerika. Maar de resultaten verschillen van land tot land en zijn afhankelijk van hoeveel vrijheid en steun het bedrijfsleven krijgt. Het bestaande fiscale kader in België is uitermate gunstig voor bedrijven en stimuleert innovatie. Jullie Belgen zijn koplopers in Europa op het gebied van onderzoek en ontwikkeling. Nu moeten jullie die voorsprong nog opschalen en gebruikmaken van de hele Europese markt als springplank naar de rest van de wereld. Er is dus zeker hoop.”

Innovatie gaat veel verder dan een nieuw product of technologie toepassen. Het is het vermogen om alles wat je doet te verbeteren en onafl atend voeling te houden met de wereldwijde trends en evoluties binnen jouw domein en daarbuiten. “Zonder je te laten misleiden door hypes die op lange termijn geen toegevoegde waarde bieden”, dixit Bart Van Den Daele, CEO van de audiovisuele integrator Auvicom.

INNOVATIE BETEKENT OOK OP JE HOEDE BLIJVEN

Drie pijlers vormen vandaag het bedrijfsmodel van Auvicom. Naast de verkoop en verhuur van audiovisuele apparatuur, neemt de AV-integrator het volledige serviceverhaal (van onderhoud tot herstellingen) van de oplossingen voor zijn rekening. “We integreren zowel vaste installaties als ad hoc oplossingen voor events”, gaat Bart Van Den Daele verder. “Noem ons gerust een one-stop-shop met als grote voordeel dat een klant één aanspreekpunt heeft en wij de volle verantwoordelijkheid nemen voor een project en dus 100% betrokken zijn. Weg met vingerwijzing.”

De wisselwerking en kruisbestuiving tussen de drie pijlers zorgen bovendien voor een extra troef. “Zo sturen we installaties voortdurend bij in functie van wat we leren uit een service-onderhoud of verhuur. Of kunnen we tijdig anticiperen op de veranderende of groeiende behoeften van de klant.”

Expertise aanscherpen

De verkoop van muziekinstallaties aan particulieren, 50 jaar geleden nog een uit de hand gelopen hobby van Barts vader, groeide uit van een eenmanszaak tot een van de grootste audiovisuele bedrijven van België. Dankzij onder meer een breed innovatievermogen. Daarmee bedoelt Van Den Daele dat Auvicom innovatie heel ruim invult. “Vooreerst worden we om de haverklap door onze klanten gechallenged om oplossingen te vinden voor hun soms wel heel wilde ideeën. Kunnen we de oplossing niet zelf bedenken dan triggeren we onze producenten. Tegelijk staan ook onze producenten-leveranciers niet stil en zetten ze voortdurend innovatieve snufjes en vooruitstrevende toepassingen in de markt. Ten slotte laten we ons inspireren door de (r)evoluties en trends binnen ons wereldwijde vakgebied. Dat alles komt samen in de kennis en expertise van onze technici die zich continu bijscholen en certificeren om de integratie van al die innovaties mogelijk te maken.”

Daarbij is het zaak het kaf van het koren te scheiden. Niet innoveren om te innoveren dus? “Je laten verleiden door de snelheid van verandering of een hype die op lange termijn geen toegevoegde waarde levert voor de klant, of die hem opzadelt met onnodige kosten, breekt later sowieso zuur op.”

Het gros van onze klanten is uitermate trouw net omdat we onszelf niet voorbijlopen.

En oplossing moet uiterst gebruiksvriendelijk zijn. Aanvoelen als de lucht die de gebruiker inademt, vanzelfsprekend.

De knowhow van eigen technici, het inhouse herstellings- en onderhoudsatelier en de grote voorraad reservetoestellen zijn een succesvolle mix.

“Geslaagde innovatie is een winverhaal voor de klant, de integrator – wij dus – en de producent.”

“Innovatie betekent dus ook op je hoede blijven. Het gros van onze klanten is uitermate trouw net omdat we onszelf niet voorbijlopen en innovatie samen met de producenten grondig doordenken. Kortom, geslaagde innovatie is een winverhaal voor de klant, de integrator – wij dus – en de producent.”

Vanzelfsprekend gebruiksvriendelijk

In de hoogtechnologische AV-sector staat innovatie gelijk met gebruiksvriendelijkheid. “De gebruiker beseft niet altijd welke technologische complexiteit achter een oplossing schuilt. En dat moet ook niet. Een toepassing moet aanvoelen zoals de lucht die hij inademt, vanzelfsprekend. Ze moet altijd beschikbaar zijn, zonder onderbreking en het mag geen moeite kosten om ze te gebruiken.” Voor de klant komt daarbovenop de kostenefficiëntie. “En sinds kort ook de duurzaamheid van de oplossing”, beklemtoont Bart Van Den Daele. “In onze offertes willen we bijvoorbeeld naast de prijs van de hardware ook het energieverbruik ervan meegeven.”

Gaat artificiële intelligentie de AV-sector door elkaar schudden? Auvicom vermijdt alvast het avontuur. “Versta me niet verkeerd. We staan open voor de nieuwe mogelijkheden, op voorwaarde dat ze echte waarde creëren, kostenefficiënt zijn en toekomstveilig. Van die principes wijken we niet af want ze zijn cruciaal voor structurele langetermijnpartnership met onze klanten én onze leveranciers/ producenten.”

50 jaar Auvicom

• Audiovisuele integrator met zetel in Halle

• Corebusiness: verkoop, verhuur en service van audiovisuele apparatuur

• Diepgeworteld in de familietraditie

• 50 jaar vakkennis en ervaring

• Faciliteert tot 3.000 b2b& b2g-events per jaar

• Om en bij 70 medewerkers (vast en freelance)

• Omzet (2024) +/- 15 miljoen EUR

• Om en bij 1.000 trouwe b2ben b2g-klanten, waaronder veel uit de top 500 in België auvicom.be

©Danny Wagemans for KBC

THEMA'S

Beste lezer,

Graag houden we voor u in REFLECT ook de vinger aan de pols van de actualiteit. In elke uitgave krijgt u een overzicht van voor het bedrijfsleven belangrijke thema’s die onze experts nauw en secuur aansturen, onderhandelen en opvolgen op zowel economische, sociale, juridische als fiscale domeinen.

In de nu volgende bladzijden van REFLECT vindt u een selectie van dossiers waarop onze experts vandaag actief zijn om de belangen van onze lidfederaties en de aangesloten bedrijven maximaal te behartigen, dit zowel op federaal, Europees als internationaal niveau.

Per thema krijgt u een status van het dossier, de positionering van het VBO en lichten we ook de ‘next steps’ toe. Op die manier hebt u een 360°-kijk op dossiers met een mogelijke belangrijke impact op uw business.

Een totaaloverzicht van alle dossiers en thema’s die onze experts opvolgen, vindt u op www.vbo.be.

34

JOBS & SKILLS OF THE FUTURE

Het 'Bridging The Future'onderzoek van het VBO

35

COMPETITIVITEIT

Verzwakt concurrentievermogen leidt tot stagnatie

INNOVATIEVE AANBESTEDINGEN

Europa en België lopen achter

ENERGIETRANSITIE

Waar blijft die (geïntegreerde) energievisie? 36

E-BOX ENTERPRISE

Naar een vereenvoudigde administratieve communicatie

DUURZAME VERPAKKINGEN

België moet zijn leiderspositie actief verdedigen 38

INTERFEDERAAL SCREENINGSMECHANISME BUITENLANDSE INVESTERINGEN

Eerste jaarverslag

40 41

ONDERZOEK & ONTWIKKELING

Een overzicht van zes fiscale duwtjes

HET 'BRIDGING THE FUTURE' - ONDERZOEK VAN HET VBO

Sinds 2019 bevraagt het VBO met het ‘Bridging the Future’-onderzoek jongeren en werkgevers over een rist arbeidsmarktgerelateerde topics. Enkele markante vaststellingen … en aanbevelingen.

Een resultaat dat steeds opnieuw opduikt en ons zorgen baart, is de vaststelling dat zowel jongeren (35%) als in grotere mate de werkgevers (72%) vinden dat jongeren de schoolbanken onvoldoende gewapend verlaten om tegemoet te komen aan de eisen van de professionele wereld. Dat roept vragen op over hoe doeltreffend het onderwijssysteem jongeren klaarstoomt voor de arbeidsmarkt.

Onvoorstelbaar in een arbeidsmarkt waar de ‘war for talent’ nog altijd woedt en een economische omgeving die de concurrentiekracht van veel bedrijven onder druk zet. Ondernemingen nemen daarom noodgedwongen almaar vaker zelf een belangrijke vormingsrol op zich. Uit noodzaak, maar ook omwille van de elkaar steeds snellere opvolgende technologische evoluties. Tijdig anticiperen op welke skills precies nodig zijn en hoe we daar naartoe kunnen werken is in deze essentieel. Eind 2024 verschenen twee VBO-publicaties waar we op de bovenstaande uitdagingen antwoorden formuleren.

1. Skills of the Future - Sectorrapport

Onze experten gingen in gesprek met elf sectoren en distilleerden zes tendensen die binnen alle sectoren een significante impact zullen hebben:

1. Digitalisering en technologische innovatie;

2. Duurzaamheid;

3. Skills & vorming;

4. Regelgeving en compliance;

5. Samenwerking en interdisciplinaire teams;

6. Marktgerichtheid en klantbeleving.

Om die tendensen en de daaraan gepaarde uitdagingen aan te pakken, is een doorgedreven samenwerking nodig tussen ondernemingen, onderwijs, overheid en maatschappij. Dan pas kunnen we ons efficiënter en sneller aanpassen aan de meest recente evoluties en tegelijk nieuwe opportuniteiten creëren voor groei en duurzaamheid.

Hiervoor is een flexibele en dynamische aanpak nodig van ‘skills development’ en ‘job redesign’ en is het zaak een echte leercultuur te cultiveren. Zo kan worden

vermeden dat mensen uit de boot vallen door ze tijdig en gepast om te scholen. Ons land kan het zich immers niet veroorloven om niet alle talent maximaal aan te boren en in te zetten. Kennis en talent zijn onze enige grondstof.

2. Jobs of the future – Aanpak mismatch onderwijs-arbeidsmarkt

Voor deze white paper bracht het VBO experten uit academische en bedrijfswereld samen rond de tafel om een antwoord te zoeken op de centrale vraag: hoe pakken we de vaststelling uit het ‘Bridging the Future’-onderzoek aan? Waar ligt de kern van de mismatch tussen vraag en aanbod en wat zijn potentiële oplossingen?

De rondetafel leverde een aantal concrete aanbevelingen voor zowel de bedrijfs- als de onderwijswereld. Zoals:

Opleidingsinfrastructuur lokaal maar centraal ter beschikking stellen, stage integraal deel laten uitmaken van de businessactiviteiten, stimuleren van levenslang leren … zijn onder andere aanbevelingen voor de werkgevers.

Voor de onderwijswereld wezen de experten onder meer op:

• Het voorzien van een vervaldatum op een diploma;

• Het sneller en efficiënter actualiseren van de opleidingen;

• Het actualiseren van het financieringsmodel;

Contact Joris Vandersteene

Competentiecentrum

Werk & Sociale Zekerheid jv@vbo-feb.be

ZOEKEN OP VBO.BE

The Future of work Strategieën voor de digitale transitie

Jobs of the future

Aanpak mismatch onderwijs arbeidsmarkt

Skills of the Future

Sectorraport

Enquête ‘Bridging

The Future’ 2024

• Het uitwerken van een geïntegreerd STEM-leerplan.

Geen toekomstveilige arbeidsmarkt zonder ‘skills development’, ‘job redesign’ en een echte leercultuur.

VERZWAKT CONCURRENTIEVERMOGEN LEIDT TOT STAGNATIE

Het thema van deze REFLECT – ‘innoveren of stagneren?’ – is op dit moment bijzonder pertinent voor onze industriële en handelssectoren. De economische situatie en het concurrentievermogen zijn er sinds 2022 immers erg ongunstig geëvolueerd.

Aan de basis van die ontwikkelingen ligt een verzwakking van de competitiviteit. In de industrie kwamen exploderende energieprijzen en daaropvolgende loonkostenstijgingen samen met een daling van de vraag naar industriële goederen. De ideale mix voor een perfecte storm. Het resultaat? De industrie zit in een recessie die al zeven(!) kwartalen aansleept, waardoor de toegevoegde waarde onder het niveau van vijf jaar geleden blijft liggen. De bestaande productiecapaciteit wordt er slechts voor 75% benut, een niveau dat in de afgelopen decennia enkel in zware recessies werd bereikt. Tegelijk lijkt het banenverlies in de industrie door herstructureringen op weg naar een recordniveau in de recente geschiedenis.

Niet alleen de Belgische industrie heeft het moeilijk, ook de Europese industrie deelt in de malaise. Het Draghi-rapport over competitiviteit, besteld door de Europese Commissie, legde de vinger op de wonde. De problemen zijn niet mals: een onzekere energiebevoorrading en grote afhankelijkheid, gebrekkige harmonisering van de eengemaakte markt, een mismatch tussen vraag en aanbod wat betreft vaardigheden op de arbeidsmarkt en een groot tekort aan investeringen. Die precaire situatie komt nog meer onder druk door de groeiende achterstand op vlak van innovatie en technologie. Innovatie is nochtans cruciaal voor de veerkracht van de Europese economie en haar wereldwijde concurrentievermogen.

Nood aan inhaalbeweging

Ook de handelssector bleef niet gespaard. De kleinhandel zag het verkoopvolume met 15% dalen sinds 2021, terwijl het verkoopvolume in de retail in onze buurlanden grotendeels stabiel bleef. Als gevolg van een loonkostenhandicap, de rigidere arbeidswetgeving en een achterstand in e-commerce (de meest disruptieve innovatie in handel in decennia) vloeien elk jaar miljarden euro’s omzet naar het buitenland. Daarmee lopen we ook tewerkstelling mis. Het is duidelijk dat er een inhaalbeweging nodig is.

Ook op lange termijn is een productiviteitsgroei voor de gehele economie essentieel. Door de vergrijzing valt de demografische groeimotor van de economie immers weg. De reële groei wordt dan quasi volledig afhankelijk van de productiviteitsgroei. Zonder innovatie om de productiviteit aan te drijven, riskeert onze economie te stagneren en onze welvaartstaat achteruit te gaan.

Toegevoegde waarde Belgische industrie

Contact Dries Vantomme

Competentiecentrum

Economie & Conjunctuur dv@vbo-feb.be

ZOEKEN OP VBO.BE

Concurrentievermogen

2019Q1 2020Q1 2021Q1 2022Q1 2023Q1 2024Q1

Bron: Nationale Bank van België

Een productiviteitsgroei voor de gehele economie is essentieel.

INNOVATIEVE AANBESTEDINGEN

EUROPA EN BELGIË LOPEN ACHTER

Europa besteedt slechts 10% van de overheidsopdrachten aan de ontwikkeling en toepassing van innovatieve oplossingen, terwijl de VS en Azië (bijv. Zuid-Korea) minstens het dubbele besteden.

Op de koop toe brengt het Europees waarnemingscentrum voor innovatiegericht aanbesteden in een benchmark van 2024 (over de nationale beleidskaders en de nationale investeringen in innovatiegericht aanbesteden in de 27 EU-lidstaten, het Verenigd Koninkrijk, Zwitserland en Noorwegen), een hele reeks knelpunten aan het licht.

Weg te werken hinderpalen

Wil men van innovatief aanbesteden een succesverhaal maken in België en Europa, dan moeten concrete acties worden ondernomen om onder meer de volgende hinderpalen weg te nemen:

• Overspecificatie. Dat verhindert de toepassing van innovatieve oplossingen. Om daaraan te verhelpen kan het zeker nuttig zijn om meer aan voorafgaande marktverkenning te doen bij ondernemingen, uiteraard mits naleving van de vertrouwelijkheid van meegedeelde informaties die onder het bedrijfsgeheim vallen. Het is belangrijk dat aanbestedende overheden meer inzicht kunnen verwerven in de wijze hoe specificaties breder kunnen geformuleerd worden, zodat ondernemingen met innovatieve oplossingen kunnen inschrijven en men zich zodoende beperkt tot de omschrijving van de functionele eisen.

• Termijnen. Ondernemingen worden te vaak geconfronteerd met zeer korte termijnen om een offerte in te dienen terwijl de aanbestedende overheden eerst zelf veel tijd nemen alvorens een opdracht uit te schrijven en nadien vaak te lange termijnen nemen om offertes te evalueren en de opdracht te gunnen. De verschillende periodes moeten allen een redelijke duur hebben zodat het sluiten van kwalitatieve contracten kan versneld worden.

• Intellectuele eigendomsrechten (IPR – intellectual property rights). Er wordt te vaak vereist in de opdrachtdocumenten dat de IPR wordt overgedragen, hetgeen niet alleen commercialisering en innovatie belemmert, maar ook ondernemingen ervan weerhoudt om deel te nemen aan overheidsopdrachten. Enkel in de uitzonderlijke gevallen waar gemotiveerd kan worden waarom IPR niet bij de onderneming kan gelaten worden, zou de mogelijkheid moeten kunnen bestaan.

• De prijs als enig gunningscriterium. Het gebruik van gunningscriteria die alleen op de prijs zijn gebaseerd, moet beperkt worden, zodat gunningscriteria op basis van prijs-kwaliteitverhouding in de praktijk de norm kunnen worden en innovatieve aanbestedingen gestimuleerd kunnen worden.

• Onredelijke eisen. Verduidelijken dat het niet verplicht is om een minimale financiële draagkracht te eisen, vermits de contractwaarde zelf vaak betaalt voor de geleverde innovatieve diensten en producten. Daarnaast ook grenzen stellen aan onevenredige en eenzijdig opgelegde bedingen, zoals schadeloosstellingsgaranties.

• Geen continue verbetering mogelijk. Het is belangrijk om, zoals in de VS met de zogenaamde 'value engineering', tijdens de uitvoering van contracten van lange duur, de ondernemingen de mogelijkheid te geven om de verhouding kwaliteit/rendement van de geleverde oplossingen nog te kunnen verbeteren.

Op die manier worden ondernemingen gestimuleerd om door te gaan met innovatie.

Contact

Executive Manager

Competentiecentrum

Recht & Onderneming evo@vbo-feb.be

ZOEKEN OP VBO.BE

herzien. Er is nood aan een doeltreffend innovatief

van de Belgische en Europese ondernemingen ten

De Europese Commissie zal in het kader van de volgende Europese Richtlijn een publieke consultatieronde lanceren. Het VBO doet nu al een warme oproep naar alle ondernemingen om hieraan deel te nemen en input te geven zodat de toekomstige richtlijnen met een grote meerwaarde kunnen worden herzien. Er is nood aan een doeltreffend innovatief aanbestedingsbeleid dat het concurrentievermogen van de Belgische en Europese ondernemingen ten goede komt!

Innovatie > Benchmarking of innovation procurement investments and policy frameworks across Europe Link naar de publieke consultatieronde: https:// ec.europa.eu/info/law/ better-regulation/haveyour-say/initiatives/14427Public-procurementdirectives-evaluation_en

Het VBO roept alle ondernemingen op deel te nemen aan de publieke consultatieronde.

WAAR BLIJFT DIE (GEÏNTEGREERDE)

ENERGIEVISIE?

Een geïntegreerde energievisie is een samenhangende langetermijnvisie die bepaalt waar we als land naartoe willen met onze energiemix, en welke beleidsmaatregelen er daarvoor moeten worden genomen. Helaas is deze visie in België vandaag nog onbestaand.

Toch blijft zo’n visie, met de Belgische en Europese klimaatdoelstellingen in het vooruitzicht, essentieel. Bij het opstellen ervan moeten beleidsmakers een evenwicht verzekeren tussen drie elementen:

1. De energiebevoorradingszekerheid;

2. Een competitieve, verantwoorde en inclusieve energieprijs;

3. De Belgische en Europese klimaatambities.

Om die bevoorradings-, prijs- en klimaatuitdagingen aan te gaan, moet een technologisch neutrale aanpak worden gevolgd. Dat betekent dat we alle beschikbare opties, zoals kernenergie (zowel door verlenging van bestaande reactoren als via nieuwe, kleinere kernreactoren – SMR’s), biobrandstoffen, waterstof en afgeleiden en CO2-afvang, in overweging moeten nemen. Elke oplossing moet worden beoordeeld op basis van de voor- en nadelen in verhouding tot de doelen.

Kansen en uitdagingen

Met zo’n evenwichtige en geïntegreerde visie kan elke sector de energietransitie op een eigen manier vormgeven. Elke sector beschikt immers over unieke kansen, maar staat evengoed voor de nodige uitdagingen. Dat werd duidelijk op de conferentie die het VBO samen met Boston Consulting Group (BCG) organiseerde rond de uitdagingen en opportuniteiten van het Belgische energiesysteem. Voorbeelden van sectorale uitdagingen en opportuniteiten die toen aan bod kwamen zijn:

• Industrie – Carbon Capture Storage1 is al lang geen sprookje meer. Maar er moet een oplossing worden gevonden voor het gebrek aan CO2-opslagsites en een CO2-markt om de technologie te kunnen schalen.

• Gebouwen – We bezitten de nodige decarbonisatietechnologieën (isolatie, warmtepompen …). Maar hoe krijg je de consument mee in dit verhaal ondanks de hoge investering?

• Maritiem transport – Hoe kan Europa zijn concurrentiepositie behouden in de internationale markt en tegelijkertijd ambitieuze decarbonisatiedoelstellingen realiseren?

Het Belgisch energiebeleid biedt vandaag nog geen oplossing voor die afzonderlijke vraagstukken, laat staan een visie die de sectoren overstijgt. Want, naast specifieke obstakels zijn er ook uitdagingen die door iedereen – overheid, bedrijven en burgers – worden gevoeld. De energietransitie vraagt immers enorme investeringen. Zo moeten elektriciteits- en moleculenetwerken moeten worden opgeschaald, moeten bedrijven hun industriële processen vergroenen en moeten gebouwen energie-efficiënter worden.

Stabiele langetermijnvisie Strategisch vooruitdenken en een duidelijke richting bepalen is dus essentieel. Om de financiering te kunnen mobiliseren, hebben bedrijven behoefte aan een stabiele en samenhangende langetermijnvisie op de energiemix van het land.

Twee fundamentele vragen moeten daarbij beantwoord worden: Naar welke gewenste toestand willen wij streven in een nettonulwereld? En welke langetermijnbeleidsmaatregelen en -keuzes zijn nodig om die geïntegreerde visie voor ons energiesysteem te realiseren? Alleen door betere samenwerking en langetermijnverbintenissen tussen industrie en beleid kunnen we pragmatische oplossingen vinden voor de uitdagingen die ons energiemodel op de proef stellen.

Contact

Jill Koch

Competentiecentrum

Energie, Klimaat & Mobiliteit jk@vbo-feb.be

ZOEKEN OP VBO.BE Energievisie

1 Het opvangen en opslaan/ gebruiken van CO2

Ons energiemodel heeft nood aan betere samenwerking en Langetermijnverbintenissen tussen industrie en beleid.

NAAR EEN VEREENVOUDIGDE ADMINISTRATIEVE COMMUNICATIE

De 'e-Box Enterprise' is een gecentraliseerde elektronische brievenbus waarmee ondernemingen snel, gemakkelijk en veilig berichten kunnen ontvangen van socialezekerheidsinstellingen en andere overheidsdiensten. De e-Box moet het mogelijk maken om alle administratieve communicatie op één plaats te verzamelen. Op termijn moet de tool synoniem worden voor eenvoud, veiligheid en efficiëntie doordat het aantal administratieve uitwisselingen met e-Boxen van verschillende platforms wordt beperkt en de uitwisselingen veiliger worden gemaakt.

Dat nationale project vereist een ononderbroken samenwerking tussen overheidsdiensten en de bedrijfswereld. En de ontwikkeling van technische standaarden om tot een oplossing te komen die gemakkelijk kan worden geïmplementeerd en een hoog niveau van gegevensbeveiliging garandeert.

Bepaalde aspecten moeten echter nog worden verduidelijkt:

Zeggen ‘routing’ en metadata u iets?

Een goede routing, of het automatisch verzenden van berichten naar de juiste contactpersonen binnen ondernemingen, is cruciaal om bij het verwerken van gegevens fouten te voorkomen. We stellen vast dat berichten momenteel niet altijd de nodige metadata bevatten om ervoor te zorgen dat ze bij de juiste ontvangers terechtkomen. Om de e-Box Enterprise volledig operationeel te maken, is het essentieel om die routing te verbeteren door preciezere metadata toe te voegen, zodat gegevens snel en op de juiste manier worden verstuurd.

e-Box Enterprise en My eBox: twee verschillende toepassingen Er moet een onderscheid worden gemaakt tussen de e-Box Enterprise en de eBox voor burgers (My eBox). Het VBO is van mening dat het samenvoegen van die twee toepassingen contraproductief zou zijn, omdat ze verschillende functies hebben. Bovendien verwerkt de e-Box Enterprise administratieve gegevens van en naar meerdere ontvangers, wat de structuur van de gegevensstroom complexer maakt. Door beide e-boxen samen te voegen, dreigt het gebruik ingewikkelder te worden.

Geleidelijk en gecoördineerd naar een verplicht gebruik

Er is groeiende belangstelling voor het idee om het gebruik van de e-Box Enterprise te verplichten. Voor het VBO moet de volledige implementatie echter gebeuren in overeenstemming met het Digilex-project van de FOD Financiën. Dat project, dat erop gericht is het concept ‘digital by default’ toe te passen voor administratieve uitwisselingen met de FOD Financiën, is uitgesteld tot 2028. Om een coherente digitale transitie te garanderen, is het volgens het VBO verstandiger om beide initiatieven op elkaar af te stemmen.

In de e-Box Enterprise-wetgeving wordt bepaald dat het gebruik van de e-Box niet verplicht kan worden voor 1 januari 2026, maar de laatste versie van de 'supernota' (de basis voor de federale regeringsonderhandelingen) lijkt erop te wijzen dat die datum nu als begindatum van de verplichting zou worden genomen. Dat lijkt ons overhaast. Er moet nog wat meer tijd worden gelaten om de e-Box verder te ontwikkelen (metadata, routing) zodat ondernemingen de tool tegen 2028 (in lijn met Digilex) eenvoudig en efficiënt kunnen integreren in hun dagelijkse werking.

Stap voor stap graag

Contact

Pauline de Marcken

Competentiecentrum

Digitaal & Innovatief ondernemen

pdm@vbo-feb.be

ZOEKEN OP VBO.BE

Digitale economie

de overheid op om te kiezen voor een geleidelijke

eigen kunnen maken en de digitalisering van de

De e-Box Enterprise is een waardevolle tool voor het centraliseren van uitwisselingen tussen de overheid en ondernemingen. Om de doeltreffendheid ervan te waarborgen, is het belangrijk om bepaalde functies te wijzigen en een systeem te ontwikkelen in lijn met andere digitale projecten, zoals Digilex. Het VBO roept de overheid op om te kiezen voor een geleidelijke invoering, zodat ondernemingen zich de tool eigen kunnen maken en de digitalisering van de administratie in België kunnen bevorderen. te wijzigen en een systeem te ontwikkelen in lijn met

Ga voor een geleidelijke uitrol, zodat ondernemingen zich de e-Box Enterprise eigen kunnen maken.

BELGIË MOET ZIJN

LEIDERSPOSITIE ACTIEF

VERDEDIGEN

De laatste officiële cijfers van Eurostat tonen het zwart op wit: België is een absolute koploper op vlak van het duurzaam beheer van verpakkingen en verpakkingsafval. De nieuwe verpakkingsverordening, de zogenaamde Packaging and Packaging Waste Regulation (PPWR) biedt de nodige aanpassingen om de Europese Green Deal-doelen na te streven, maar ze riskeert ook de Belgische leiderspositie te doen wankelen.

België = koploper

Cijfer 1: België is de absolute top op vlak van recyclage, met als resultaat voor 2022: een recyclagegraad van 80%. Dit ligt veel hoger dan het Europees gemiddelde (65,4%).

Cijfer 2: Ook op vlak van waardevolle terugwinning van verpakkingsafval (energie en anderen) neemt België de leiding met 99,1%.

Cijfer 3: Ten opzichte van het Europees gemiddelde, zette België in 2022 bijna 20 kg verpakkingen per inwoner minder op de markt. Hierin scoort België systematisch beter dan het Europees gemiddelde1

Deze cijfers weerspiegelen de vele inspanningen die de Belgische industrie de laatste jaren gedaan heeft. Ons uniek beheer van verpakkingen met een onderscheid tussen bedrijfsmatige (Valipac) en huishoudelijke verpakkingen (Fost Plus) is efficiënt. De sectorale preventieplannen, die verpakkingsafval proberen te voorkomen of te verminderen, werken. De laatste jaren kwamen er ook state-of-the-art-sorteer- en recyclagecentra bij.

De PPWR: tal van nieuwe verpakkingsregels

De herziening van de verpakkingsrichtlijn resulteerde in de PPWR met de nodige extra maatregelen die oververpakking moet tegengaan en het verpakkingsafval moet verminderen. Vanaf de ontwerpfase van de verpakkingen wordt bekeken hoe de verpakkingen herbruikbaar of recycleerbaar kunnen zijn. Er moet meer gerecycleerde inhoud (recycled content) in verpakkingen komen, gepaard met hogere doelstellingen voor hergebruik en recyclage. Men verwacht een officiële publicatie eind 2024. Dat betekent dat de PPWR in werking zal treden rond juli 2026.

Specifieke Belgische situatie

Waarom dreigen enkele van deze nieuwe regels nu om onze koppositie te bedreigen? Omdat de Europese wetgeving onvoldoende rekening houdt met de specifieke Belgische situatie. Ten eerste door geen consistent en duidelijk onderscheid te maken tussen huishoudelijke en bedrijfsmatige verpakkingen. Ten tweede door mogelijks bepaalde verpakkingen te verbieden (die de 'recycling at scale' tegen 2035 niet halen) waarvoor in België wel al innovatieve recyclageoplossingen bestaan. Ten derde door enkele onrealistische, technisch onhaalbare hergebruikdoelstellingen voor transportverpakkingen. En tot slot door ons te benadelen in de preventiedoelstellingen door geen rekening houden met de inspanningen uit het verleden (waaronder de sectorale preventieplannen).

De vele technische aspecten zullen bepaald worden via uitvoeringsbesluiten en gedelegeerde handelingen. Dat toont het toenemend belang van secundaire wetgeving aan. Het VBO is alvast jullie partner om die actief op te volgen en om er de Belgische leiderspositie inzake duurzame verpakkingen te verdedigen. Tot slot helpen we jullie doorheen alle nieuwe verpakkingsregels te gidsen. Jullie kunnen de volledige webinar van het VBO via de hiernaast vermelde URL herbekijken (alsook de presentaties).

Contact Stephan Vandermolen

Competentiecentrum

Sustainability & Circulaire economie svm@vbo-feb.be

Het VBO is jullie partner om de vele nieuwe verpakkingsregels actief op te volgen.

ZOEKEN OP VBO.BE www.vbo-feb.be/ nl/nieuws/webinargidst-door-alle-nieuweverpakkingsregels/ Webinar 'Verpakkingen: nieuwe regels in België en Europa'

1 Cijfers op basis van Eurostat (november 2024): env_waspac

EERSTE JAARVERSLAG

Sinds juli 2023 heeft België een interfederaal screeningsmechanisme voor buitenlandse investeringen. De FOD Economie, die het secretariaat van dit mechanisme huisvest, publiceerde in september het eerste jaarverslag.

Nood aan duidelijkheid en voorspelbaarheid Bij de creatie van het nieuwe mechanisme formuleerde het VBO enkele aandachtspunten inzake het screenen van buitenlandse investeringen in ons land.

1. Ten eerste is het essentieel dat België open blijft voor buitenlandse investeringen. Ze spelen immers een cruciale rol in de economische ontwikkeling van het land.

2. Ten tweede, gezien de technische en geopolitieke ontwikkelingen, mogen we niet langer naïef zijn en is het normaal om in bepaalde gevallen de identiteit van de investeerder en de aard van de investering te verifiëren. Zoals bepaald in de Europese verordening waaruit het Belgische mechanisme voortvloeit, mag die controle (screening) echter alleen betrekking hebben op mogelijke risico’s voor de interne veiligheid, de openbare orde of strategische belangen. En mag ze niet gebeuren op basis van economische of protectionistische overwegingen.

3. Ten derde is het van belang om maximale rechtszekerheid te garanderen voor Belgische ondernemingen en buitenlandse investeerders. Dit betekent dat de procedures en de reikwijdte van het screeningsmechanisme voorspelbaar moeten zijn en dat de vertrouwelijkheid van de uitgewisselde gegevens gegarandeerd moet worden.

investeerders zijn de Verenigde Staten, het Verenigd Koninkrijk en Zwitserland. Volgens het rapport werd in de eerdergenoemde periode een geschat totaalbedrag van ongeveer 2,06 miljard euro in België geïnvesteerd1

Aanpassen waar nodig en ondernemingen informeren Het VBO roept de overheden op lessen te trekken uit het eerste verslag en om het screeningsmechanisme te verbeteren waar nodig, in het licht van de hierboven vermelde aandachtspunten en de feedback van het bedrijfsleven. Het moedigt de overheden daarnaast aan om de richtsnoeren voor het Belgische mechanisme te blijven actualiseren en om antwoorden te bieden op de vele vragen van ondernemingen. Met name over het toepassingsgebied van het mechanisme.

Zodra het zover is, zal het Belgische mechanisme in overeenstemming moeten worden gebracht met het Europese niveau. In die context volgt het VBO nauwlettend de huidige besprekingen binnen de EU over de herziening van de verordening die de verschillende bestaande nationale mechanismes omkadert.

Contact Olivier Joris

Executive Manager

Competentiecentrum

Europa & Internationaal oj@vbo-feb.be

ZOEKEN OP VBO.BE

Screening Buitenlandse investeringen

1 Screening Buitenlandse

Directe Investeringen –Jaarverslag 2023-2024 | FOD Economie (fgov.be)

4. Tot slot moeten we ervoor zorgen dat ons land aantrekkelijk blijft ten opzichte van onze Europese partners – en concurrenten – aangezien bijna alle lidstaten soortgelijke screeningsmechanismen hebben (alleen Griekenland, Cyprus en Kroatië ontbreken nog).

Enkele cijfers uit het verslag

Het eerste verslag, dat de periode van 1 juli 2023 tot 30 juni 2024 beslaat, behandelt 68 dossiers. Op het moment van publicatie waren 53 van die dossiers goedgekeurd en was nog geen enkel dossier geblokkeerd. De overige 15 dossiers zijn nog in behandeling.

De meeste dossiers, in termen van het aantal transacties, situeren zich in de volgende sectoren: data, gezondheid, digitale infrastructuur, transport en elektronische communicatie. De top drie

Over het toepassingsgebied van het screeningsmechanisme bestaat nog veel onduidelijkheid.

EEN OVERZICHT VAN ZES FISCALE DUWTJES

Met hun gezamenlijke jaarlijkse investeringen van meer dan 12,7 miljard euro zijn de Belgische ondernemingen Europees innovatiekampioen. De fiscaliteit geeft daarbij enkele duwtjes in de rug.

Waarom fiscale stimulansen voor O&O?

Het voeren van onderzoek en ontwikkeling wordt inherent gekenmerkt door lange periodes van grote investeringen, waarbij de – onzekere – opbrengsten pas lang na de oorspronkelijke kosten kunnen worden gerealiseerd. De 'cost of capital' is bijgevolg bijzonder hoog. België lijdt bovendien aan de gekende structurele problemen – in het bijzonder de hoge loonkosten. Fiscale stimulansen om ruimte te geven aan vitale investeringen zijn daarom meer dan welkom. Dat loont: in geen enkel Europees land doen de ondernemingen meer O&Oinvesteringen; en dat in alle sectoren van de economie. Bovendien steeg het aantal onderzoekers in België tussen 2011 en 2021 met maar liefst 55%. De voordelen van de stimulansen overstijgen op (middel)lange termijn dus de directe kosten die ze met zich meebrengen.

Overzicht van de regimes

In wat volgt bespreken we de zes fiscale regimes die de innovatie in ons land aanmoedigen.

De innovatieaftrek (1) is hierbij waarschijnlijk het paradepaardje. De netto-inkomsten uit bepaalde intellectuele eigendomsrechten worden namelijk voor 85% vrijgesteld van vennootschapsbelasting. Het gaat onder andere om industriële octrooien, intellectueel beschermde geneesmiddelen en auteursrechtelijk beschermde software. Voor dergelijke inkomsten ligt het werkelijke belastingtarief dus onder de 4%.

De technologieaftrek (2) is het onderdeel van de investeringsaftrek dat voorziet in een aftrek voor investeringen in octrooien en vaste actieva ter ondersteuning van onderzoek en ontwikkeling ten belope van 13,5% van het geïnvesteerde bedrag. Ondernemingen die de technologieaftrek niet toepassen, kunnen een beroep doen op de gelijkaardige regeling van het belastingkrediet O&O (3). Dat voorziet in een vermindering van de verschuldigde belasting met een deel van de investering in octrooien en O&O.

Ook het investeren in menselijk kapitaal wordt aangemoedigd: werkgevers worden namelijk

– onder bepaalde voorwaarden – vrijgesteld van de doorstorting van de bedrijfsvoorheffing (4) op de lonen van hun onderzoekers ten belope van 80%.

Tot die categorie van stimulansen voor investeringen in menselijk kapitaal behoren ook de innovatiepremie (5) en het expatregime voor onderzoekers (6) (BBIO): via de innovatiepremie kunnen werkgevers een onbelaste bonus toekennen aan een werknemer die een innovatie voorstelt met een reële waardetoevoeging aan het bedrijf. En via het het expatregime kunnen in België tewerkgestelde onderzoekers die in het buitenland zijn aangeworven volledig onbelast tot 30% bovenop hun brutoloon ontvangen via de zogenaamde 'kosten eigen aan de werkgever'.

Het moge duidelijk zijn dat België haar innovatie – terecht – een warm hart toedraagt. De uitdagingen die zich stellen versterken alleen maar de noodzaak om te innoveren en zichzelf heruit te vinden.

Contact

Robbe Reyns

Competentiecentrum

Fiscaliteit & Investeringen rr@vbo-feb.be

ZOEKEN OP VBO.BE Fiscaal beleid

het moeilijk hebben en marges verkleinen, hebben

Investeren in vertrouwen Naast het creëren van een gunstig kader, blijft de nood aan de voorspelbaarheid ervan vaak onderbelicht. Onder meer duidelijke regels en efficiënte procedures daartoe zijn essentieel. De duidelijke langetermijnvisie die wezenlijk is voor gezonde ondernemingen staat echter al te vaak haaks op de 'begrotingsfiscaliteit' – het sleutelen aan het fiscale kader in functie van de conjuncturele begrotingsnoden. In een context waarin ondernemingen het moeilijk hebben en marges verkleinen, hebben dergelijke aanpassingen een des te grotere impact.

Fiscale stimulansen zijn meer dan welkom. Het is een manier om expertise en knowhow hier te ontplooien en te houden.

SELECTIE VAN UITGEGEVEN

EN NIET-UITGEGEVEN RECHTSPRAAK

VAN ARBEIDSGERECHTEN

EN -HOVEN

GELIJKE BEHANDELING EN NIET-DISCRIMINATIE

Verbod op dragen van een hoofddoek

Om een klimaat van volledige neutraliteit bij de overheid te garanderen, kan een overheidsadministratie verbieden dat op de arbeidsplaats enig uiterlijk symbool zichtbaar gedragen wordt dat iemands filosofische of religieuze overtuiging veruitwendigt.

Een dergelijke regel is niet discriminatoir wanneer zij in het algemeen en zonder onderscheid op al het personeel van die administratie van toepassing is, met inbegrip van werknemers die geen contact hebben met de burgers, en voor zover zij beperkt is tot wat strikt noodzakelijk is. Elke lidstaat evenals elke binnenstatelijke entiteit binnen haar bevoegdheden, beschikt over een beoordelingsmarge inzake het neutraliteitsconcept van de overheidsdiensten dat zij voorstaan op de werkplek.

Wat eveneens gerechtvaardigd zou kunnen worden is een keuze van een andere overheidsadministratie voor een ander neutraliteitsbeleid, zoals een algemene toelating, zonder onderscheid, van alle zichtbare tekens van filosofische of religieuze overtuigingen, ook voor wie contact heeft met de burgers, of een verbod op dergelijke tekens dat beperkt is tot die situaties waarin er een dergelijk contact met de burgers is.

Europese Hof van Justitie, 28 november 2023, J TT, 2024, 193

STAKINGSRECHT

Openbaar vervoer – De Lijn – Minimum dienstverlening

Het stakingsrecht is niet absoluut en kan aan bepaalde voorwaarden worden onderworpen en het voorwerp van bepaalde beperkingen uitmaken. Het decreet van 28 mei 2021, dat onder meer voorziet in een verplichte stakingsaanzeggingtermijn van acht werkdagen en een verplichte intentieverklaring voor personeelseden van essentiële beroepscategorieën uiterlijk 72 uur voor het begin van de stakingsdag of zij al

dan niet aan de stakingsdag deelnemen, is verenigbaar met de syndicale vrijheid, het recht op overtuiging en vrije meningsuiting en het recht op collectieve actie, aangezien het een legitiem doel nastreeft, zijnde het waarborgen van de vrijheid van verkeer en het recht op mobiliteit van de gebruikers van De Lijn, en aangezien de getroffen maatregelen gerechtvaardigd en pertinent zijn in het licht van die doelstelling.

Grondwettelijk Hof, 17 mei 2023, JTT, 2024, 274

WELZIJN OP HET WERK

Gebrek aan gepaste maatregelen tegen ongewenst seksueel gedrag – Bevel tot staking - Dwangsom Het Instituut voor de gelijkheid van vrouwen en mannen (IGVM) kan een vordering tot staking instellen wanneer het vaststelt dat een werkgever geen gepast preventieen beschermingsbeleid heeft inzake de bescherming van slachtoffers van seksueel ongepast gedrag.

Deze vordering vindt haar grondslag niet in de wet van 4 augustus 1996 inzake het welzijn van de werknemers op het werk maar in de wet van 10 mei 2007 ter bescherming van discriminatie tussen vrouwen en mannen. Het IGVM is bevoegd om deze vordering op grond van het algemeen belang in te stellen conform artikel 34 van de wet van 10 mei 2007.

De werkgever die geen preventie-en beschermingsmaatregelen, zoals bepaald bij de Welzijnswet, treft om zijn werknemers en werkneemsters die het slachtoffer worden van seksueel ongewenst gedrag te beschermen, begaat een indirecte discriminatie op grond van geslacht, wanneer is aangetoond dat op de werkplaats in het algemeen en bij de werkgever in het bijzonder, vrouwen vaker dan mannen het slachtoffer zijn van seksueel ongewenst gedrag.

Wanneer het risico op voortzetting of recidive van het discriminatoire gedrag niet op objectieve wijze kan worden uitgesloten, kunnen de rechterlijke instanties de werkgever die in gebreke blijft dwangmaatregelen opleggen, zoals de verplichting om een risicoanalyse door te voeren, om beschermingsmaatregelen te

treffen, om aan het personeel een gedragscode en de gegevens van de vertrouwenspersoon mee te delen, om zich te onthouden van het nemen van represaillemaatregelen jegens of intimidatie van de klagers.

Arbeidshof Brussel, 4 september 2023, JTT, 2024, 149

ONTSLAG

Dringende reden – Aangetekende zending –Geen ontvangstbewijs

De werkgever die voorhoudt dat hij in het kader van een ontslag wegens dringende reden een brief aangetekend heeft verstuurd maar die het ontvangstbewijs hiervan niet kan voorleggen, kan het bewijs hiervan leveren op basis van andere gegevens, zoals de vermelding ‘aangetekend‘ op de brief of het feit dat de werknemer laattijdig de aangetekende verzending in twijfel heeft getrokken.

Arbeidshof Luik, afdeling Namen, 20 juni 2023, JTT, 2024, 165

ONTSLAG

Beschermde werknemer – Vraag tot re-integratie

De re-integratie van een beschermde werknemer die ontslagen werd zonder naleving van één van de procedures bepaald bij de wet van 19 maart 1991 moet gevraagd worden door de werknemer of door de vakbondsorganisatie die zijn kandidatuur heeft voorgedragen bij de sociale verkiezingen. Het mandaat dat de vakbond aan de vakbondscentrale heeft gegeven voor het indienen van kiezerslijsten is beperkt tot deze daad, maar strekt zich niet uit tot de mogelijkheid om de herinschakeling van een beschermd werknemer te vragen overeenkomstig artikel 14 van de wet van 19 maart 1991.

Wanneer de re-integratie niet rechtsgeldig werd gevraagd, is de variabele beschermingsvergoeding niet verschuldigd.

Arbeidshof Brussel, 13 februari 2024, JTT, 2024, 255

ONTSLAG

Kennelijk onredelijk – Beoordeling schadevergoeding

De rechter beoordeelt vrij de bewijswaarde van de getuigenverklaringen die de werkgever voorlegt om het bewijs te leveren van de ontslagredenen en het causaal verband tussen die reden en het ontslag.

Een feit dat verband houdt met het gedrag van de werknemer maar dateert van ongeveer vijf maanden voor de ontslagbeslissing, kan niet de ontslagreden uitmaken.

Bij de beoordeling van de omvang van de schadevergoeding wegens kennelijk onredelijk ontslag (in casu de minimumvergoeding van drie weken) houdt de rechter rekening met alle concrete omstandigheden eigen aan de zaak, waaronder in dit geval de omstandigheden dat (i) de werkgever zich beroept op toegelaten redenen, (ii) het bewijs van een feit dat verband houdt met het gedrag van de werknemer geleverd werd en (iii) dat de ontslagbeslissing niet lijkt te zijn ingegeven door kwade trouw, noch door enig verwerpelijk opzet in hoofde van de werkgever.

Arbeidshof Brussel, 25 juli 2023, JTT, 2024, 270

ONTSLAG

Veelvoud van paritaire comités – Misbruik van recht

Een werkgever kan onder het bevoegdheidsgebied van meerdere paritaire comités vallen wanneer meerdere activiteiten binnen de onderneming worden uitgevoerd, voor zover die activiteiten worden uitgevoerd door personeel dat exclusief aan elk van die activiteiten is toegewezen.

De werkgever maakt misbruik van zijn ontslagrecht wanneer hij een werknemer ontslaat omwille van diens legitieme vraag om te ressorteren onder een specifiek paritair comité en dienvolgens maaltijdcheques te ontvangen.

Arbeidshof Luik, afdeling Luik, 14 november 2023, JTT, 2024, 197

SOCIALE ZEKERHEID VAN DE WERKNEMERS

Voertuig ter beschikking van de werknemer –Solidariteitsbijdrage

De werkgever die zijn werknemer een voertuig ter beschikking stelt, dat ook voor “andere dan beroepsdoeleinden” wordt gebruikt, moet een solidariteitsbijdrage betalen.

De wet stelt een vermoeden in dat het voertuig “niet enkel voor beroepsdoeleinden” wordt gebruikt, dat door de werkgever weerlegd kan worden als hij aantoont dat het voertuig enkel voor beroepsdoeleinden wordt gebruikt.

Arbeidshof Bergen, 20 april 2022, JTT, 2024, 202

Contact Antoine Vanden Abeele

Geassocieerd advocaat, IUXTA Legal avandenabeele@iuxta.legal www.iuxta.legal

2 DECEMBER 2024

VBO-FORUM ‘INNOVEREN OF STAGNEREN?'

INNOVATIE:

BRANDSTOF VAN DE ECONOMIE EN WERELDWIJDE TROEF

Op maandag 2 december 2024 vond in Brussel het grootschalige VBO-Forum ‘innoveren of stagneren?’ plaats. Het evenement bracht meer dan 600 experts uit het bedrijfsleven, de politiek en de academische wereld samen om de toekomst van innovatie en internationalisering in België te bespreken. Dat gebeurde onder de enthousiaste leiding van Katrina Sichel, journaliste en voormalig producente van nieuwsprogramma's voor de BBC, Sky News, Channel 4, ITV en Reuters.

‘Naar een meer collaboratief R&D- & innovatiemodel?’ over nationale samenwerking, met v.l.n.r. Bart Ingelaere (Buildwise), Tom Willemen (Willemen Groep), Adwin Martens (WaterstofNet/Belgian Hydrogen Council) en Cristelle Noirhomme (GSK).

Edward Roosens (Chief Economist van het VBO) presenteerde de feiten en cijfers over O&O en innovatie in België in een technologische en internationale context.

Internationale samenwerking, door de ogen van v.l.n.r. Carole Mancel- Blanchard (Europese Commissie), Xavier Hormaechea (UCB België), Gilles Jourquin (Newpharma), Jérôme Van Biervliet (VIB) en Gert Bergen (Imec).

“Ons land beschikt niet over cruciale grondstoffen, maar heeft ongelooflijk sterke onderzoekers en creatieve ondernemers. We vragen dan ook met aandrang aan de toekomstige regering om ambitieus te zijn en te mikken op 4% van het bbp aan investeringen in O&O”, aldus Pieter Timmermans (CEO van het VBO) in zijn welkomstwoord.

‘Digitalisering & AI, de ultieme hefbomen voor innovatie?’, besproken door v.l.n.r. Davio Larnout (Superlinear), Sigrid De Wever (KBC Bank & Verzekering), Johan De Geyter (Sirris) en Erwin Verstraelen (Port of Antwerp - Bruges).

V.l.n.r. debatteren Franz Hörzenberger (ArcelorMittal), Stany Vaes (Holcim), Hanne Talboom (Antwerp@C) en Eric Vander Vorst (John Cockerill) over ‘de rush naar net zero’.

Monica De Jonghe (bestuurderdirecteur-generaal en Executive Manager van het competentiecentrum Werk & Sociale zekerheid, VBO) met Tom Willemen (Willemen Groep) en Kris De Meester (VBO) en Mark De Zutter (Public Affairs Consultant).

Vanessa Biebel (COO en Executive Manager van het competentiecentrum

Sustainability & Circulaire Economie van het VBO), met v.l.n.r. Patrick Van Impe (Instituut van de Bedrijfsrevisoren), Isabelle Chaput (IFIEC Europe), Roland Moreau (gastdocent ULB/SBSEM en WWF België).

Johan Norberg, Zweeds innovatiedenker, was de keynotespreker op dit buitengewone forum. Zijn conclusie: “We gaan door veel transities in tal van domeinen: milieu, geopolitiek, demografisch en digitaal. Als we willen vermijden dat die transities niet voor meer problemen zorgen of bijzonder veel geld zullen kosten, hebben we slimme manieren nodig om die uitdagingen aan te pakken. Dan is innovatie een belangrijk deel van het antwoord.”

Deelnemers aan het politieke debat: v.l.n.r. Benoît Gailly (UCLouvain), Lieve Bos (Europese Commissie), Karl Neyrinck (EEG Group), Julie Lietaer (European Spinning Group), Herman Derache (Sirris) en Mark Andries (Vlaio).

VBO-voorzitter René Branders tijdens de slotsessie: “De voorbije tien jaar vermarktte België zijn kenniseconomie met succes. We plukken daar nu de vruchten van. Maar aan de kop van het peloton blijven meedraaien vereist inspanningen. En daar begint net het schoentje te wringen.”

Bekijk de aftermovie, de fotoreportage en de opnames van de verschillende debatten en keynotes op onze webpagina ‘Wat de vraag ook is, innovatie is het antwoord!’. www.vbo-feb.be/nl/nieuws/wat-devraag-ook-is-innovatie-is-het-antwoord/

16 OKTOBER 2024

FEDERATIES EN MEDEDINGINGSREGELS

Het VBO en advocatenkantoor Faros presenteerden hun gids over de nieuwe Europese mededingingsregels tijdens een studienamiddag.

Bijzonder complexe regelgeving waaraan niet alleen ondernemingen, maar ook sectorfederaties moeten voldoen.

11

OKTOBER 2024

40 JAAR PRINS ALBERTFONDS

FEB NEXTGEN LEADERSHIP AWARD

Het Prins Albertfonds vierde zijn 40e verjaardag met een uitzonderlijk evenement bijgewoond door meer dan 800 voormalige winnaars, partnerbedrijven en prestigieuze gasten. Om die mijlpaal kracht bij te zetten lanceert het VBO een gloednieuwe ‘VBO NextGen Leadership Award’.

2 OKTOBER 2024

ZONDER

SAMENSPEL

GEEN

ENERGIEMODEL

Het Belgische energiesysteem van de toekomst, hoe ziet dat eruit? Het VBO zocht het uit en organiseerde in samenwerking met Boston Consulting Group (BCG) een energieconferentie met als titel ‘Zonder samenspel, geen energiemodel’.

De bedrijven die deelnamen aan het CEO-debat. V.l.n.r.: Carmeuse, TotalEnergies, NMBS-SNCB, Fluxys, Engie, Elia, Luminus, ExxonMobil, BCG (moderator).

© Stijn Vanderdeelen
Héloïse de Villenfagne mocht als eerste laureaat de ‘VBO NextGen Leadership Award’ in ontvangst nemen uit handen van Pieter Timmermans, CEO van het VBO.
Axel Desmedt (voorzitter van de Belgische Mededingingsautoriteit - BMA) presenteert de brochure 'Fair play wint', gecoördineerd door Elke Van Overwaele (VBO) en Margo Osier (VBO).

8 NOVEMBER 2024

BEZOEK AAN BRUSSELS AIRPORT

Het VBO was, samen met de leden van het Platform International en het Platform Mobiliteit, te gast bij Brussels Airport Company in Zaventem. Een waardevolle kans om inzicht te krijgen in hoe het luchthavenbedrijf de internationale ambities van onze ondernemingen ondersteunt.

13 NOVEMBER 2024

VERTROUWELIJKHEID IN EEN CONCURRERENDE WERELD

Het VBO en de Vereniging voor de Studie van het Mededingingsrecht (VSMR) organiseerden een conferentie over de grote strategische uitdaging voor bedrijven om vertrouwelijkheid en bedrijfsgeheimen te beschermen.

OKTOBER

– DECEMBER 2024

EEN DUIDELIJKE STRATEGIE VOOR ESG-RAPPORTAGE

Het VBO organiseert informatiesessies om bedrijven vertrouwd te maken met de vele aspecten van ESG-rapportage en om hen in staat te stellen ervaringen en best practices uit te wisselen.

11 DECEMBER 2024

BUITENLANDSE INVESTERINGEN ONDER DE LOEP

Het VBO organiseerde, samen met Voka, AKT, Beci, Agoria en de FOD Economie, een infosessie om het nieuwe interfederale screeningsmechanisme voor buitenlandse investeringen in België toe te lichten. Tijdens de sessie werd ook het eerste jaarverslag van de FOD Economie en het vierde rapport van de Europese Commissie voorgesteld, gevolgd door een paneldiscussie met experts en overheidsvertegenwoordigers.

V.l.n.r.: Simon Vander Putten (secretaris-generaal Instituut voor bedrijfsjuristen - IBJ), Vincent Cassiers (docent UCLouvain–CRIDES), Valentin Hanquet (advocaat Sotra HR Lawyers).

UW EVENEMENT, VERGADERING OF CONFERENTIE IN HARTJE BRUSSEL

Studio webcast Greenkey van 10 meter

CONTACT bevenue@vbo-feb.be | +32 2 515 09 90

REFLECT Trimestriële uitgave van het Verbond van Belgische Ondernemingen

9 ZALEN AFGESTEMD OP UW BEHOEFTEN

(Video)conferentie, webinar, vergadering, webcast, raad van bestuur of businesscocktail

BEGELEIDING OP MAAT

Uw eventcoach begeleidt u van a tot z

CATERING OP MAAT

Verschillende cateringformules voor alle soorten evenementen

UNIEKE EN GEMAKKELIJK BEREIKBARE LOCATIE

Bereikbaar met de trein (op 200 m van het station Brussel-Centraal), metro (Centraal Station) en auto (parking in de buurt)

INFORMATIE EN PRIJZEN bevenue.be

Redactie Pauline De Marcken, Koen De Munck, Edward Roosens, Johan Van Praet Redactie thema’s Pauline de Marcken, Olivier Joris, Jill Koch, Robbe Reyns, Stephan Vandermolen, Joris Vandersteene, Elke Van Overwaele, Dries Vantomme Redactie Sociale Rechtspraak Antoine Vanden Abeele Eindredactie Hilde De Brandt, Anne Michiels Vertaling Vertaaldienst VBO FEB Publicatieverantwoordelijke Stefan Maes Opmaak Landmarks Fotografie Toon Coussement, Jacques De Neyer (Triptyque), Holcim, Stijn Vanderdeelen Illustraties Peter Willems (Vec-star) Druk Graphius Verantwoordelijke uitgever Stefan Maes, Ravensteinstraat 4, 1000 Brussel Reclameregie ADeMar, Graaf de Fienneslaan 21, 2650 Edegem (Antwerpen), Contact: Nele Brauers, Tel. + 32 495 29 01 74, nele.brauers@ademaronline.com Publicatiedatum januari 2025

Cette publication est également disponible en français | Deze publicatie kunt u ook lezen op www.vbo.be > Publicaties > REFLECT ISSN: 2684-1851

Vraag over uw abonnement, (adres)wijzigingen doorgeven, nummer niet ontvangen? Stuur een mail naar reflect@vbo-feb.be

Wie wordt de Sustainability Professional 2025?

De meest prestigieuze titel in duurzaamheid wordt binnenkort voor de 10de keer uitgereikt! Op donderdag 20 februari 2025 ontdekt u wie zich een jaar lang dé toonaangevende koploper in duurzaamheid mag noemen.

Deze spectaculaire avond van dichtbij meemaken? Reserveer nu uw plaats(en) en verzeker u van een plek op de eerste rij om mee te beleven wie geschiedenis schrijft.

Uw stem telt! Tijdens de finale stemronde bepaalt u mee wie de winnaar wordt. Laat u inspireren door de finalisten en boeiende professionals.

Afspraak op 20 februari bij VBO-FEB in Brussel!

Mis deze onvergetelijke avond niet en maak deel uit van hét duurzaamheidsevenement van het jaar. Meer weten of inschrijven? Surf snel naar

www.sustainabilityprofessional.be

Jakoba Van der Linden, Sustainability Officer, Jan De Nul
Sustainability Professional 2024

THEY HYPE THE HIGHTECHWe

Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
Issuu converts static files into: digital portfolios, online yearbooks, online catalogs, digital photo albums and more. Sign up and create your flipbook.