5 minute read
Doe het als Neo Matloga
ALS KIND PROEFDE ze de sfeer in de hotels en het restaurant die haar ouders bestierden. De koffers in de entreehal en de cadans van arriverende en vertrekkende gasten, de smetteloze tafellakens en het tafelzilver, het was ‘kosmopolitisch’. Ze is gevoelig voor de geest van een plek, een onzichtbare meerwaarde die zich niet laat meten maar er wel degelijk is. En dat is de sleutel tot haar gedroomde museum.
Maya Meijer-Bergmans krijgt soms het etiket ‘vastgoedvrouw’ of ‘projectontwikkelaar’ opgeplakt. Toch haalde ze haar master in de kunstgeschiedenis met een onderzoek naar de Duitse kunstverzamelaar en chocolademagnaat Peter Ludwig. Haar man trok haar al op jonge leeftijd in het vastgoedwezen. Op haar beurt leidde ze hem en de projectontwikkeling richting kunst en cultuur. Het duo richtte MeyerBergman Erfgoed Ontwikkeling op, dat historische locaties een nieuwe bestemming geeft. Hun eerste project was de Westergasfabriek in Amsterdam, waar het wegkwijnende terrein nieuw leven werd ingeblazen. Ook kochten ze Paleis Soestdijk. Daar wordt gewerkt aan Made in Holland, een ervaring die laat zien waar de Nederlandse maakindustrie vandaag de dag uniek in is. In Maarssen wordt buitenplaats Doornburgh, een landgoed met een zeventiende-eeuws landhuis en een priorij van de Bossche School-architect Jan de Jong, een ‘klooster’ voor kunstenaars en wetenschappers. Ze krijgen daar de tijd, rust en ruimte om samen na te denken over relevante thema’s, uit de luwte van de politiek en de waan van de dag. Momenteel onderzoekt ze ook of de voormalige Amerikaanse ambassade in Den Haag omgekat kan worden tot een nieuwe plek voor het museum Escher in Het Paleis. ‘Maar,’ vertelt ze, ‘ik zit niet project te ontwikkelen.’ De projecten hebben een sterk inhoudelijke kant, legt ze uit. Het vastgoed is er slechts een deel van, een noodzakelijkheid om iets groters mogelijk te maken. Haar gedroomde museum is dan ook niet een locatie of gebouw. Ook is het geen luchtfietserij, maar een mogelijkheid. Daarom heeft Meijer het consequent over het gewenste en niet het gedroomde museum. Een droom is ongrijpbaar. Een wens kan leiden tot realiteit.
Advertisement
Bruggen bouwen In haar gewenste museum zwaait het onconventionele de scepter en zou de focus verlegd mogen worden naar andere kunst dan alleen maar die uit West-Europa of Amerika. Een kwestie van bruggen bouwen, vertelt ze. ‘We moeten ook eens naar de rest van de wereld kijken. Dan bedoel ik niet als kijken naar Tahiti door de ogen van Gauguin, maar kijken naar de kunst die uit de rest van de wereld komt, bijvoorbeeld Syrië. Wij zien vooral de dingen die daar misgaan, terwijl in dat land ook de meest prachtige kunst wordt gemaakt. Kijk bijvoorbeeld naar filmmaker en fotograaf Ammar Al Beik of schilder Nihad al Turk.
Ik zou een museum willen dat zich naast Europa positioneert. Door ook het maatschappijkritische werk van de Zuid-Afrikaanse Tracey Rose of de Zimbabwaanse Kudzanai Chiurai te laten zien. Om zo andere kanten te laten zien dan we gewend zijn. Tegen onze eigen arrogantie in.’
Haar museum zou ook de fantasie van de bezoekers prikkelen. ‘Door Cy Twombly kwam ik op het thema kunst en het geschrevene.’ Twombly maakt graffitiachtige afbeeldingen, waarin er soms iets geschreven staat, in een slordig handschrift. Een spannende combinatie waar je alle kanten mee op kunt. Denk aan de popart van Roy Lichtenstein, met grote tekstuele kreten. Of het brieflezend meisje bij het venster van Vermeer. Wat zou er in die brief staan? Je kunt er een spel van maken. Spelen met de verbeelding van bezoekers.’
Genius loci Het gedroomde museum is hoe dan ook geen klassiek museum. ‘Die zijn er al genoeg. Ik doe liever iets anders. Zoals in Doornburgh, met kunstenaars die zich vastbijten in maatschappelijke thema’s. In de weekenden kan het publiek komen kijken wat er gebeurt, maar het is geen traditioneel museum. We hopen er samen te werken met kunstenaars als Daan Roosegaarde. Dat is iemand die je ideeën over wat een kunstenaar is aan het wankelen brengt. Hij ontwikkelt een soort laserpincet om ruimteafval op te ruimen. Dat is wat anders dan een aquarel. Het is een nieuwe manier van denken over wat het inhoudt een kunstenaar te zijn.’ Deze grenzeloosheid in zijn denken waarin niets onmogelijk lijkt, spreekt haar aan. Dan is er nog de geest van de plek, de genius loci, misschien wel het belangrijkste onderdeel van haar gedroomde museum. Want dat hoeft niet eens een gebouw met muren te zijn. ‘Je kunt namelijk ook op een andere manier naar kunst kijken dan in een museum. Je kunt bijvoorbeeld ook een ruimte veranderen. Dat wilde ik met Den Haag Sculptuur, de jaarlijks terugkerende beeldententoonstelling op het Lange Voorhout. Toen al hadden we het idee om daar niet zomaar beelden neer te zetten of installaties te maken. We keken hoe we het gevoel van de plek konden veranderen door er dingen in te plaatsen, waardoor bezoekers de plek anders gingen beleven.’
Ze organiseerde jarenlang Den Haag Sculptuur en droomde wel eens over
het binnenhalen van de grootste, meest bekende sculpturen ter wereld. ‘Alle toppers bij elkaar. Jeff Koons, Damien Hirst, Henry Moore misschien, of moeten we het houden bij nog levende kunstenaars? Dat is misschien spannender. Puppy van Koons zou ik willen tonen. Een twaalf meter hoog beeld van een terriër, bedekt met 70.000 levende bloemen. Het staat nu in Bilbao. Als je het al kunt lenen, dan is het een enorme operatie om het hier te krijgen.’
Fluwelen handschoen Geïnspireerd door die gedachte springt ze moeiteloos naar een nieuw idee. Dat wil ze vasthouden. Ze begint aantekeningen te maken. ‘Gratis toegang, verlichting ’s avonds, restaurant erbij...’ Ze spreekt haar notities uit tijdens het schrijven. Als een boodschappenlijstje. ‘Paul McCarthy! Die moet er ook bij. En Gormley! We hebben ook een lichtkunstenaar, bijvoorbeeld Dan
Flavin nodig – het moet er spectaculair uitzien. En iets van Maurizio Cattelan! Het zijn soms kolossale beelden. Transport is een ding. In het verleden heeft het leger wel eens meegeholpen om iets te verplaatsen. Dat kaliber. Dit is geen tentoonstelling waarbij je fluwelen handschoenen aan hoeft te trekken. Dit moet met hijskranen en opleggers.’
‘Nu ik erover nadenk – een nieuw museum is natuurlijk een pop-up. Het staat niet altijd op dezelfde plek.’ Ze is zichtbaar gegrepen door het idee van een sculpturententoonstelling met de tien grootste en beroemdste werken ter wereld in het gewenste museum. Het klinkt als een organisatorische nachtmerrie om ze allemaal naar Nederland te halen – als ze überhaupt al worden uitgeleend. ‘Toch voelt dit gek genoeg als het meest haalbare idee’, mijmert ze. < - 116 - See All This - 116 - See All This
99
De tentoonstelling Een Huis voor de Geest is te zien van 17 mei t/m 1 september op Buitenplaats Doornburgh in Maarssen.
????????????????????? ALLES KAN KUNST ZIJN EN IEDEREEN NEO MATLOGA